Mijmeren onder de terebint - 31

Laten wij elkander lief hebben

Lees de BijbelDe Bijbel is niet een boek wat je zomaar even van kaft tot kaft leest. Het kan lastig zijn om je weg door de Bijbel te vinden, als je niet weet wat zich wanneer heeft afgespeeld. Deze site kan je helpen om de Bijbel beter te leren kennen. Ontdek de bron van vrede, het Woord van God.

SchargravenHier vind je alle pagina’s van de ontspannende Terebint studie-serie : 1  2  3  4  5  6  7  8  9  10  11  12  

13  14  15  16  17  18  19  20  21  22  23  

24  25  26  27  28  29  30  31  32  33  34  

35  36  37  38  39  40  41  42  43  44  45  46  47  48  49  50  51 

52  53  (naar begin van deze serie)


Mijmeren - ontsnappen aan de waan van de dag

Oplaadstation voor onze geestelijke accu. (Luister hier)

Even mijmeren onder de Terebint, ontsnappen aan de waan van de dag. Oplaadstation voor onze geestelijke accu. Deze week onder het motto:

Laten wij elkander lief hebben

I Joh.4:7
 
In Galaten 5:22 lezen we over de vruchten van de Geest. De eerste is de Liefde. Over deze Liefde nu eens nagedacht: Vrienden, laten wij elkander lief hebben, want de liefde komt van God. Ieder die liefheeft is een kind van God, en kent God. - I Joh.4:7

Liefde brengt samen. Liefde slaat bruggen. Liefde maakt grenzen en afbakeningen zacht. Liefde maakt één.

Liefde in het Hebreeuws, de Bijbelse grondtaal, is "ahawa". De Hebreeuwse letters, die tevens getallen zijn, schrijven 1-5-2-5.
Samen is dit 13.
13 is ook het totaal der letters van het het woord "echad" 1-8-4. "Echad" betekent "één" of "éénheid".

Liefde is éénheid.

We kennen het Loflied van de Liefde uit de eerste brief aan de Korintiers (hfst 13). Liefde is de kern van het menszijn. Want de Liefde stelt ons in staat om een daad te stellen waarbij we ons bewust (en niet onder invloed van bijvoorbeeld onbewuste neurotische storingen) geven aan de ander. Dit geven kan een deel van onze tijd zijn, het kan iets materieels zijn, maar het is een geven waar we geen persoonlijk profijt bij hebben, maar waar we ons zelf voor een stuk "op-offeren" ten gunste van de ander. Natuurlijk ondervinden we op een dieper niveau dan wel een "mystiek" profijt, een gelukzaligheid.

Denk maar aan moederliefde

We hoeven als tastbaarste voorbeeld slechts de moederliefde te bekijken.
Een moeder is een echte gever voor haar kind. Ze kan hierin heel ver gaan. Ze heeft er geen persoonlijke baat bij, maar toch heeft ze de diepe bevrediging dat ze dit kan doen voor haar kind.
Het is juist deze Liefde die het kenmerk van het "om niet" draagt, die ons verheft boven de wetmatige, fysieke natuur. Het is deze Liefde die één maakt.

Zij maakt ons leeg van egoïsme en eigengerichtheid, toch zonder verlies van zelfrespect, daar het zelf zich vermengt met zijn Hogere Zelf, Bron van de Ene.

Dit is de mystiek van het geven: het vuur van de Liefde brandend houden.
Wie geeft verbindt werelden.

Woorden van Jezus

Wanneer Jezus zei dat wat we ook aan onze naaste deden, we dit voor Hem deden (Mat. 25:35-40), dan herinnert Hij ons aan het feit dat de hele Schepping van zijn Schepper doordrongen is. Wanneer we in onze naaste Jezus zien, wanneer we zelfs elke daad met God verbinden, brengen we het leven in éénheid tegenover God.

Durf en verantwoodelijkheid

Ziehier de verantwoordelijkheid van de mens, zijn door God gegeven grootheid en zijn uitdaging. Durf jij de Liefde aan?

Hoor Israel, de heer is onze God, de Heer is één. Gij zult de Heer, uw God, liefhebben met geheel uw hart, en met geheel uw ziel en met al uw kracht. (Deut 6:4,5) Dit is het grote en eerste gebod. Het tweede, daaraan gelijk is: Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf. (Lev.19:18/ Mat.22:38,39)

Vreugde

Als vrucht van de Geest, wordt er in Galaten 5,22 de Vreugde genoemd. Gij hebt meer vreugde in mijn hart gegeven dan toen hun koren en most overvloedig waren. - Psalm 4:8

Wanneer we er de Bijbel op nalezen, komen we de "vreugde" vaak tegen. We zien er een onbestendige vreugde, opgewekt door de mensenharten die zich verheugen in vergankelijke dingen. En we zien er een genadevolle Vreugde, dor God in het hart gestort van hen die zich voor Hem openstellen.

De eerste waarvan expliciet de afwezigheid van de Vreugde wordt genoemd, is Kaïn. "In Genesis 4:6 zegt de Heer tot Kaïn: "Waarom zijt ge toornig en waarom is uw gelaat betrokken? Moogt gij het niet opheffen, indien gij goed handelt? Doch indien gij niet goed handelt, ligt de zonde als een belager aan de deur, wiens begeerte naar u uitgaat, doch over wie gij moet heersen."

Goed handelen brengt vreugde.

Indien we goed handelen kunnen we het hoofd opheffen en is de vreugde ons ten deel, zoals we ook bij de Spreuken (21:15), "Recht doen is een vreugde der rechtvaardigen" Maar wat is dit "recht" doen? Wat is dit "goed handelen"?
 God sloeg geen acht op Kaïns offer. En Kaïn laat het hoofd hangen. Kaïn is boos omdat God zijn offer niet aanvaardt. Maar God zet hem in het daaropvolgende gesprek aan om de reden bij Kaïn zelf te zoeken. "Moogt gij het niet opheffen als gij goed handelt?" We kunnen dan misschien de vraag stellen wat Kaïn dan juist niet goed heeft gedaan. De Hebreeuwse grondtekst geeft enkele antwoorden.

Kaïn, de landbouwer.

In Genesis 4:2 lezen we dat Kaïn "landbouwer" werd. In de grondtekst staat daar "obed adama", dat hij dus in dienst (obed) van de aarde (adama) staat, de aarde die kort daarvoor door God werd vervloekt omwille van het nemen van de vrucht van de Boom der Kennis van Goed en Kwaad. Deze vervloeking hield in dat de mens nu in het zweet zijns aanschijns de grond zou bewerken. De mens zou denken dat het van zijn handenarbeid afhangt, van zijn eigen "zweet", dat zijn bestaan afhangt van hoe hij het nu zelf organiseert, plant en bewerkt. Het denk- en doe- bereik van de mens is beperkt tot de zichtbare wereld, tot de wereld van oorzaak en gevolg. Eén van die gevolgen is een houding als: "Ik moet zien dat ik hier overleef, mijn werk komt op de eerste plaats, want slechts van mijn eigen handen hangt mijn inkomsten af. Wanneer ik dit veilig weet kan ik ook aandacht schenken aan God." Dit is de "vrucht", het resultaat, dat Kaïn als offer voor God brengt.

Abel, de herder.

Abel werd een herder. "Herder" in de Hebreeuwse grondtekst is "reeh" of "roieeh". De herder is degene die de kudde bewaakt. Het Hebreeuwse woord voor "kudde" is "eeder". Dit is geschreven met een ajin, een daleth en een resh. De ajin en de daleth zijn de letters met de waarden 70 en 4. Dit zijn de letters die de veelheid en verscheidenheid aanduiden (zie artikel "een open deur" in de rubriek Besneden Hart). De diertjes van de kudde zijn er in veelheid, en ze hebben de neiging om weg te lopen. Dit is een voorname rol van de herder. Hij zorgt ervoor dat de kudde één blijft.

In de Hebreeuwse grondtekst wordt het vers 4 van Deut. hoofdstuk 6 (hét vers over de éénheid) op een merkwaardige manier geschreven. "Hoor Israel, de Heer is onze God, de Heer is één." Dit vers begint met het woord "shema", "hoor", waarvan de laatste letter hier heel groot wordt geschreven. Deze letter is de ajin, de 70. De laatste letter van het laatste woord van dit vers, het woord "echad", "één", is de daleth, de 4. Deze wordt in dit vers eveneens heel groot geschreven. In dit uitgesproken vers over de éénheid worden de letters voor 70 en 4 juist heel groot geschreven. Juist, om de éénheid in de veelheid te brengen.

Oorzaak en gevolg.

Als we Kaïns straf bekijken het "zwervend en dolend" (Gen. 4:12), dan staat daar in de grondtekst "na wenad", geschreven als noen-ajin, wav-noen-daleth". De wav staat daar als het woordje "en". Bij "zwervend" en "dolend", hebben we dus respectievelijk de noen en de ajin, de 70. End de noen en de daleth, de 4. Opnieuw die 70 en 4, dus. Toch bergt deze woordverbinding een terugkeer naar de éénheid, maar dan een weg langs de lange tocht van zwerven en dolen, zonder juist zicht, dus. Het woord "zwervend" heeft als totaal waarde 50+70=120. "en dolend" heeft als totaal waarde 6+50+4=60. De 120 van het eerste deel verhoudt izch tot de 60 van het tweede als 2 tegenover 1. Van dualiteit naar éénheid. God is één, en een mens die voor Gods aanschijn wil wandelen behoort naar die één te leven. We mogen niet zoals Kaïn deze dagdagelijkse tastbare wereld van oorzaak en gevolg als de éne zien. Wie is de ware Beweger van oorzaak en gevolg? Wat is bijvoorbeeld de werkelijke betekenis van "toeval"?

De materie en de wetten van oorzaak en gevolg bergen ook het Andere, de Hogere Wereld. Zij bergen God. God die de kern van dit alles is en de uiteindelijke Beweger. Ons leven als een leven van samenbrengen, van éénheid, houdt rekening met die Aanwezigheid van God in alles.
 Het gaat er dus vooral om, om in ons leven verder te gaan dan de grenzen van deze materiele wereld.

Het is zoals Jezus ons zei, "Indien gij liefhebt, die u liefhebben, wat voor loon hebt gij? Doen ook de tollenaars niet hetzelfde? (...) wees volmaakt, zoals jullie Vader in de hemel volmaakt is." (Matheus 5:46-48, zie ook het gehele hoofdstuk 5).

Dit is dan ook de bron van de Vreugde. Het gevoel te leven uit én in éénheid. Want ook wanneer het naar uiterlijke omstandigheden slecht gaat, kan men deze Vreugde beleven, omdat men zich door God laat leiden en niet door de eigen zinnen. Omdat de werken van de mens het grootst zijn in daden van barmhartigheid. En wat is barmhartigheid anders dan het overstijgen van de materiele wetten van oorzaak en gevolg. Daarom ook het woord: "Recht doen is een vreugde voor de rechtvaardige" (Spreuken 21:15). De Vreugde is werkelijk een gave, geen eigen verdienste zoals door de "eigen bewerking van de aardbodem", want dit is slechts aardse vreugde. Zo wordt de genade steeds gegeven van boven, zodat zij ontluikt in de werkelijke Vreugde.
"Gij hebt meer vreugde in mijn hart gegeven dan toen hun koren en most overvloedig waren." Psalm 4:8

naar top van deze pagina  

mail holyhome