Het heilsplan van God - 5

Lees de BijbelDe vindplaats van materiaal voor Bijbelstudie, geloofstudie, catechese, school, kring, persoonlijk geloof, studie thuis, kerk, club, nieuws, godsdienstonderwijs, zingeving en vooral heel veel mogelijkheden om je Bijbelkennis te vergroten. Blijf niet afhankelijk van anderen maar lees zelf de Bijbel. Investeer in geestelijke rijkdom.

Heeft God een plan met mijn leven?

Gods heilsplan omspant de eeuwen, het reikt in feite van eeuwigheid tot eeuwigheid. Het wordt in een notendop in een paar verzen samengevat in Romeinen 8:28-30.
Maar dit heilsplan geldt niet aleen mensen zonder meer, het heeft betrekking op degenen 'die God liefhebben'. Wie zijn dat? Dat zijn degenen die God toebehoren, Zijn eigen kinderen, die geboren zijn uit water en Geest. Voor het geldt de gewelidge belofte, de Goddelijke zekerheid, dat 'hun die God liefhebben, alle dingen meewerken te goede; hun die naar Zijn voornemen geroepen zijn' (Rom. 8:28).
Onze zekerheid als christenen berust op de onwrikbaarheid van het eeuwige heilsplan, zoals dat in de volgende verzen van Romeinen 8 wordt uiteengezet (Rom. 8:29-30).

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12

Heeft God een plan met mijn leven?

Talloze schriftplaatsen spreken op verschillende manieren over het Plan van God. 
Woorden die in dit verband ook gebruikt worden zijn: de Raad van God, Zijn voornemen, e.d. Paulus zegt in Efeze 1:11, dat God in alles werkt "naar de Raad van Zijn wil". M.a.w.: God wil iets, Hij heeft Zich iets voorgenomen, Hij heeft een Plan bedacht en zal dat tot uitvoering brengen in de loop van de tijd.
Geschiedenis waarin God handelt met de mens

Het boek Handelingen beschrijft de geschiedenis van hoe het verder ging na de hemelvaart van Christus

Het is eigenlijk de beschrijving van een overgangsfase. In het eerste deel staat Petrus op de voorgrond als voorman van de Twaalven. Hun opdracht lag geheel in het kader van het Evangelie van het Koninkrijk, dat aanvankelijk nog steeds aan Israël werd aangeboden, zoals Petrus ook zegt in zijn toespraak tot de "mannen van Israël", zijn broeders naar het vlees: "Komt dan tot berouw en bekering, opdat uw zonden worden uitgedelgd, opdat er tijden van verademing mogen komen van het aangezicht des Heren, en Hij de Christus, die voor u tevoren bestemd was, Jezus, zende..." (Hand.3:19,20). 

Als... maar goed, dat is een veronderstelling... als Israël als volk (in z'n geheel dus) in die tijd de Messias aanvaard had, zou de Here dus teruggekomen zijn om als Koning der Joden over hen te regeren, etc...Dan zouden de beloften der profeten vervuld worden... Als, als..., want zo is het niet gegaan! Israël (als volk) kwam niet tot bekering en dat is juist de voorwaarde voor de (weder)komst van de Heer voor Zijn volk (vgl. ook Jer.4:1 en Zach.1:3).

Er kwamen wel mensen tot geloof, veel zelfs, maar niet het gehele volk. Korte tijd later blijken ook in Israël woonachtige heidenen tot geloof te komen (zie Hand.10 - Cornelius).

De woorden van de Heiland uit Hand.1:8 werden bevestigd... getuigen te Jeruzalem, Judea, Samaria... tot het uiterste der aarde. Alleen dat laatste... het uiterste der aarde... daar is het wat de Twaalven betreft nooit van gekomen. Hun werkterrein was volgens de Bijbelse geschiedschrijving (Handelingen dus) het land van Israël!
God riep een man

Om buiten het land te gaan, daar had God iemand anders voor op het oog. Terwijl al gauw bleek, dat Israël ook door het getuigenis van de apostelen de Messias niet zou aanvaarden, riep God een man om door hem en met hem een nieuwe fase in Zijn Heilsplan te beginnen.

De openbaring van het Koninkrijk op aarde werd uitgesteld naar een later tijdstip.
 Het zou nu eerst met de Koning verborgen blijven in de hemel. Uiteraard zou daarmee ook de prediking van het Evangelie van het Koninkrijk verdwijnen... uitgesteld worden, met alle elementen die daarbij horen. Naar later zal blijken zou de "grote opdracht" van de Twaalven om alle volken tot Zijn discipelen te maken, hen te dopen, en te leren onderhouden "al wat Ik (d.i. de Here Jezus in Zijn bediening op aarde, waarvan de Twaalven getuige geweest zijn!) u geboden heb" op een later tijdstip vervuld worden, nl. bij de wederkomst van Christus. En de belofte luidt dan: "En zie, Ik ben met u tot aan de voleinding der wereld". 

Letterlijk: tot aan de voleinding der eeuw (Gr. aioon).
Deze uitdrukking bepaalt ons bij de tijd van de wederkomst van Christus op aarde. Dan wordt "deze tegenwoordige boze eeuw" voleindigd en komt er een nieuwe wereld(eeuw) onder heerschappij van de Messias. Dan wordt het Koninkrijk, na een tijd van verborgenheid, alsnog geopenbaard. In die tijd wordt dus ook weer het Evangelie van het Koninkrijk verkondigd: "Bekeert u, want het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomen...". De geschiedenis, die feitelijk in de Evangeliën begon, met de bediening van Christus, is in de Handelingentijd afgebroken, en wordt in de toekomst weer opgepakt en voleindigd.

En in die 'tussen-tijd', die nu al bijna 2000 jaar duurt volvoert God een geheime fase van Zijn Plan. Dat wil zeggen: dat was in het Oude Testament nog niet geopenbaard. Om dat verborgen deel van Zijn raadsbesluit bekend te maken en de gang van zaken hieromtrent aan de betrokkenen (dat zijn de gelovigen in deze tijd) door te geven, riep de Here dus een man, die van Hem een bijzondere opdracht kreeg voor de tijd waarin het Koninkrijk verborgen zou zijn:
Paulus.

De bijzondere opdracht die God aan deze bijzondere apostel gaf (hij wordt een "uitverkoren werktuig" genoemd Hand.9:15), richt zich op Gods bedoelingen in deze 'tussen-tijd', tussen (grofweg) Zijn hemelvaart en afwijzing van Israël én Zijn wederkomst.

Gods bedoeling in deze tijd, zoals dat zou blijken uit de brieven later, is niet (meer): alle volken tot Zijn discipelen maken (d.w.z. tot onderwerping brengen)... maar: om, "naar de openbaring van het geheimenis... gehoorzaamheid des geloofs te bewerken onder alle volken", zoals Paulus dat omschrijft in Romeinen 16:26.

Het gaat de Here in deze 'tussen-tijd', die zoals wij later nog zullen zien, de "bedeling der genade" genoemd wordt in de Bijbel, om de uitroeping van de Gemeente, het Lichaam van Christus. Die Gemeente van Christus bestaat uit mensen, die uit Israël en de heidenen tot geloof gekomen zijn: gelovige Joden en gelovige heidenen, samen één nieuwe Mens: Christus!

Het feit, dat Paulus buiten het land geroepen werd, nabij Damascus in Syrië, en daarna in het buitenland bleef, is veelzeggend. Later omschrijft hij zichzelf als apostel der heidenen, terwijl Petrus de apostel der besnedenen (= Israël) genoemd wordt (zie Galaten 2:7ev.).

Het mag duidelijk zijn, dat deze verandering in de voortgang van het Plan van God, gevolgen heeft voor de bedoelingen van God in deze tijd.
De volgende vragen zijn dan ook uitermate belangrijk: Welk Evangelie verkondigen wij nu? Welke voorwaarden (of niet) zijn daaraan verbonden? Wat zijn Gods voorschriften voor deze tijd? Wat is de Gemeente, haar plaats in het Plan van God, haar wezen, positie en toekomst? Wat betekent dat voor mij als gelovige?

Wat is het doel van God in deze tussen-tijd?

Om daar achter te komen is het belangrijk om met name de brieven van Paulus te lezen, omdat hij daarvoor juist geroepen is en aangesteld door de opgestane en verhoogde Christus in de hemel!
Het onderwijs van Paulus is dan ook feitelijk het onderwijs van de verhoogde Christus ten behoeve van de Gemeente, die Zijn Lichaam is, onlosmakelijk verbonden met het Hoofd.

Daarover werd niets gezegd in het Oude Testament..., ook niet in de Evangeliën..., het bleef geheim, totdat duidelijk werd dat Israël de Messias verworpen heeft. Dit is zonneklaar verwoord door Paulus in Handelingen 28:2-8! Aan Paulus "een geroepen apostel van Christus Jezus" werd dit geheim geopenbaard en hij heeft het vervolgens in zijn geschriften (ook aan ons) bekendgemaakt.

Wij zien dus, dat God in deze 'tussen-tijd' bezig is een bijzondere fase van Zijn Plan te volvoeren: de uitroeping van de Gemeente, het Lichaam van Christus. 'Bijzonder', omdat dit in het Oude Testament niet is geopenbaard. Het bleef van eeuwen her verborgen in God, de Schepper van alle dingen (Efe.3: 9).
De Bijbel laat ons eigenlijk 2 belangrijke aspecten in de heilsopenbaring van God zien: De profetie én Het geheimenis. In de profetie gaat het om het geopenbaarde Plan van God met betrekking tot Israël en de volkeren; wij vinden in het profetische Woord de 'na te speuren rijkdom van Christus'. In het geheimenis gaat het om het verborgen Plan van God met het oog op de Gemeente van Christus; wij vinden daarin de "onnaspeurlijke rijkdom van Christus" (Efe.3:8).

Schema:

 

Profetie

Geheimenis

Een zichtbaar volk (Israël)

Een onzichtbaar volk (Gemeente)

Israël op de eerste plaats

Alle volkeren gelijk

Een zichtbaar heiligdom

Onzichtbaar heiligdom

Koninkrijk (wordt) openbaar

Koninkrijk (is) verborgen

Zichtbare komst van Christus

Verborgen komst van Christus

Verwachting Dag des HEREN

Verwachting Dag van Christus

Aards volk

Hemels volk

Aardse bestemming

Hemelse bestemming

Israël als vrouw

Gemeente als Lichaam

Aardse hoop

Hemelse hoop

De Twaalf discipelen

Paulus en andere getuigen.

Kies nu studie 6 over dit onderwerp

DE WEG - DE WAARHEID - HET LEVEN

naar top van deze pagina

mail holyhome