Het heilsplan van God - 11
De vindplaats van materiaal voor Bijbelstudie,
geloofstudie, catechese, school, kring, persoonlijk geloof, studie
thuis, kerk, club, nieuws, godsdienstonderwijs, zingeving en vooral
heel veel mogelijkheden om je Bijbelkennis te vergroten. Blijf niet afhankelijk van anderen maar lees
zelf de Bijbel. Investeer in geestelijke rijkdom.
Heeft God een plan met mijn leven?
Gods
heilsplan omspant de eeuwen, het reikt in feite van eeuwigheid tot
eeuwigheid. Het wordt in een notendop in een paar verzen samengevat in
Romeinen 8:28-30.
Maar dit heilsplan geldt niet aleen mensen zonder meer, het heeft
betrekking op degenen 'die God liefhebben'. Wie zijn dat? Dat zijn
degenen die God toebehoren, Zijn eigen kinderen, die geboren zijn uit
water en Geest. Voor het geldt de gewelidge belofte, de Goddelijke
zekerheid, dat 'hun die God liefhebben, alle dingen meewerken te goede;
hun die naar Zijn voornemen geroepen zijn' (Rom. 8:28).
Onze zekerheid als christenen berust op de onwrikbaarheid van het
eeuwige heilsplan, zoals dat in de volgende verzen van Romeinen 8 wordt
uiteengezet (Rom. 8:29-30).
| 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | 11 | 12 |
Heeft God een plan met mijn leven?
Talloze schriftplaatsen spreken op verschillende manieren over het Plan van God.
Woorden die in dit verband ook gebruikt worden zijn: de Raad van God,
Zijn voornemen, e.d. Paulus zegt in Efeze 1:11, dat God in alles werkt
"naar de Raad van Zijn wil". M.a.w.: God wil iets, Hij heeft Zich iets
voorgenomen, Hij heeft een Plan bedacht en zal dat tot uitvoering
brengen in de loop van de tijd.
De bedeling van de genade
Wat het plan van God betreft leven wij in deze
tijd (tussen de hemelvaart van Christus en Zijn wederkomst) in de
"bedeling der genade" (zie Efe.3:2, Kol.1:25).
Het woord ‘bedeling’ is de weergave van het Griekse ‘oikonomia’, hetgeen betekent:huishouding.
Onder de wet golden de regels die God via Zijn
knecht Mozes bekendgemaakt had aan het volk Israël. Als in de
toekomst het Koninkrijk op aarde geopenbaard wordt, zullen de regels
gelden die door de Koning worden voorgeschreven. Zo lezen wij het in
Jesaja 2:3 e.a. Nu leven wij dus in de ‘bedeling der
genade’. Daarin heeft God een bijzonder geheimenis bekendgemaakt,
dat betrekking heeft op Zijn werk in deze tijd.
De Here God is nu bezig met de uitroeping van de
Gemeente, het Lichaam van Christus. Dat gebeurt door de prediking van
het Evangelie der genade.
Paulus
Het is vooral de persoon van Paulus, die hierin
een belangrijke rol speelt. Hij was een vooraanstaand man in zijn
dagen. Opgevoed aan de voeten van Gamaliël heeft hij het verder
gebracht dan vele van zijn tijdgenoten onder Israël, als
hartstochtelijk ijveraar voor zijn voorvaderlijke overleveringen (zie
Galaten 1:15). Maar God heeft hem op een bijzondere wijze geroepen (zie
Hand. 9 en 26) tot een speciale dienst. Zijn ogen gingen open voor de
heerlijkheid van de Messias, Wiens volgelingen hij tot dan toe
vervolgde! De verhoogde Heer gaf hem de opdracht Zijn Naam te
verkondigen aan alle mensen.
Aan Paulus openbaarde God Zijn bedoelingen voor de ‘tussen-tijd’, waarin wij nu nog steeds leven
Over zijn roeping en bediening spreekt Paulus uitvoerig in zijn brieven.
Wij ontdekken daarin wat Gods plan is voor deze tijd en wat Hij ons door genade geschonken heeft in Christus Jezus, onze Heer.
Zoals God eertijds Mozes gebruikte om Zijn woorden
aan Israël bekend te maken in het kader van de Wet, zo gebruikte
Hij later de apostel Paulus om hetzelfde te doen in verband met de
Genade, die heilbrengend verschenen is voor alle mensen.
In deze bedeling openbaart God Zijn uitnemende
genade. Zonder enige voorwaarde worden mensen verlost als zij geloven
in het volbrachte werk van de Here Jezus Christus. De gerechtigheid die
Hij tot stand gebracht heeft door Zijn leven en sterven, wordt om niet
toegerekend aan hen die geloven. Elke gelovige staat in Christus
rechtvaardig voor God en mag Hem aanroepen als Abba, Vader! Zij die tot
geloof in de Heiland komen ontvangen de Heilige Geest, waardoor zij
deel krijgen aan het volle heil, dat God heeft bereid.
Dat betekent:
•een volkomen verzoening door het volmaakte offer van de Here Jezus, Wiens kostbare bloed reinigt van alle zonde;
•nieuw leven door Zijn opstanding uit de dood, d.i. eeuwig leven;
•een nieuwe toekomst, niet van oordeel, maar van heerlijkheid;
•een verheerlijkt lichaam, dat geopenbaard wordt in de opstanding;
•een rijke erfenis, samen met Christus, Die de Erfgenaam van alle dingen is.
Bedeling van het geheimenis
Deze bedeling der genade wordt ook aangeduid met de naam
‘bedeling van het geheimenis’ (zie Efe.3:9). Dit ziet
vooral op het bijzondere werk van God in deze tijd: de uitroeping van
de Gemeente, het Lichaam van Christus.
Dit werk van God werd in het Oude Testament niet
geopenbaard. Het is "...van eeuwen her verborgen gebleven in God, de
Schepper van alle dingen." (Efe.3 :9) Eerst door de bediening van
Paulus heeft God bekendgemaakt wat Zijn plan is voor deze
‘tussen-tijd’, waarin het volk van Israël terzijde
gesteld is.
In zijn brieven, die het grootste deel van het
Nieuwe Testament beslaan, wordt duidelijk, dat Christus "...als Hoofd
boven al wat is, gegeven is aan de Gemeente, de Zijn lichaam is,
vervuld met Hem, Die alles in allen volmaakt." (Efe.1:22,23)
Dat betekent dus, dat de Gemeente onlosmakelijk verbonden is met
Hem, die het Hoofd is boven alle dingen, en daarin met Hem deelt. In de
Kolossenzenbrief lezen wij, dat Christus het Beeld is van de
onzichtbare God en dat de ganse volheid der godheid lichamelijk woont
in Hem (hs.1:15 en 2:9). En dan voegt Paulus er aan toe: "en gij hebt
de volheid verkregen in Hem, Die het Hoofd is van alle overheid en
macht." (2:10)
Dit is de onnaspeurlijke rijkdom van de Christus,
die het deel geworden is van de gelovigen in deze bedeling der
genade/geheimenis. Dit plan van God lag reeds opgesloten in Zijn
heilige Raad vóór de grondlegging der wereld en is op
Zijn tijd geopenbaard en verkondigd (vgl. Efe. 3:4,5 en Titus 1:1-4).
Het heeft God behaagd een groep mensen te
formeren, die in de meest intieme relatie met Hem staan. Die
gelijkvormig zouden zijn aan het beeld Zijns Zoons (Rom. 8:29) en
terecht zouden komen in de allerhoogsten positie, met Christus gezeten
‘ter rechterhand Gods’. Die groep is de Gemeente, het
Lichaam van Christus, een volk "tot lof Zijner heerlijkheid" (Efe.1).
De gehele Raad Gods
Als wij als kinderen van God de hele Bijbel
bestuderen (d.i. het Oude en het Nieuwe Testament) dan leren wij
daardoor het wonderbare plan van God kennen. Dan zullen wij gaan
ontdekken wat Gods bijzondere plan is in deze tijd. Wij zullen gaan
zien watvoor een heerlijke positie gelovigen nu, in deze bedeling,
hebben als leden van het Lichaam van Christus. Ze zijn met Christus
erfgenamen van God! Zij hebben een geweldige bestemming in het
wonderbare plan van God, zoals Paulus ook schrijft in Kolossenzen 3:
"...uw leven is verborgen met Christus in God. Wanneer Christus
verschijnt, Die ons leven is, zult ook gij met Hem verschijnen in
heerlijkheid."
Als God klaar is met Zijn plan voor deze tijd, dan zal de Gemeente
geopenbaard worden in Zijn hemelse heerlijkheid. De Here zal verder
gaan met de uitvoering van Zijn plan: het herstel van land en volk van
Israël en de (zichtbare) oprichting van Zijn Koninkrijk op aarde.
Hij neemt eigenlijk de draad van de geschiedenis der volkeren weer op,
waar die bijna 2000 jaar (oftewel: twee dagen!) geleden is blijven
liggen. Als het zover is, zullen ook Israël en de volkeren de Here
God roemen om Zijn grote daden: “O HERE, Gij zijt mijn God, U zal
ik verheffen, uw naam loven, want Gij hebt wonderen gedaan,
raadsbesluiten uit een ver verleden in waarheid en trouw
volvoerd.” (Jes. 25:1)


















