Bijbelse namen en begrippen - U
De Bijbel is niet een
boek
wat je zomaar even van kaft tot kaft leest. Het kan lastig zijn om je
weg door de Bijbel te vinden, als je niet weet wat zich wanneer heeft
afgespeeld. Deze site kan je helpen om de Bijbel beter te leren kennen.
Ontdek de bron van vrede, het Woord van God.
Betekenis Bijbelse woorden en namen (pdf)
Uchal,ik vermag het; ik heb de overhand. Sp.30:1
Uel,wil van God. Ezr.10:34
Ufaz,eiland van goud.
Ulai,drabbig water.
Ulam,de eerste van allen [eerstgeborene].
Ulla,juk. 1Kr.7:39
Umma,vereniging [gemeente van inwoners]. Joz.19:30
Unni,bedroefd door Jehova.
Upharsin,en zij verdelen.
Ur,licht, vuur.
Urbanus,stads, stedeling
Uri,licht van Jehova.
Uria,licht van Jehova.
Uriel,licht van God.
Urim,lichten.
Urim en Thummim,lichten en volmaaktheden.
Usal,verdwijnen. Gen.10:27
Uthai,Jehova gelegen [een zoon gegeven op 's Heeren tijd].
Uz,raadgever, of ook zacht en vruchtbaar land.
Uza,sterkte, kracht.
Uzai,snelheid van Jehova. Neh.3:25
Uzal,heen en weder gaande [zwerver, landverhuizer]. 1Kr.1:21
Uzia,Jehova is (mijn) kracht. Ezr.10:21
Uzza,sterkte, kracht.
Uzzen-Seera,oor van Seëra.
Uzzi,kracht of sterkte van Jehova ook mijn kracht.
Uzzia,kracht of sterkte van Jehova ook mijn kracht.
Uzziel,kracht en sterkte van God.



















