VOORBEELDIG GELOOF EN FELLE DAADKRACHT
Johannes Paulus II laat veertien encyclieken na
Een encycliek (Littera encyclica) is een gewichtig pauselijk document
van leerstellige aard. Het woord komt uit het Grieks en betekent
letterlijk rondzendbrief.
De inhoud van een encycliek
is niet per se onfeilbare leer - als onfeilbaar gedefinieerd wordt
alleen die leer inzake geloof of zeden (of inzake de natuurwet)
beschouwd, die bij definitieve act als bindend is afgekondigd en
waarvan uitdrukkelijk vaststaat dat die onfeilbaar is gedefinieerd
(Codex Iuris Canonici 1983, c. 749 §§ 1 en 3) -, maar de
inhoud behoort wel grotendeels tot de katholieke leer in wijdere zin.
Het is daarom een uitdrukking van het gewone leergezag van de paus.
Encyclieken zijn (gewoonlijk) geen wetgevende teksten en zij worden
tegenwoordig geadresseerd aan heel de Kerk en alle mensen van goede wil.

Karol Wojtyla
Herinnering aan de Paus, die sinds 1978 een symboolfiguur voor de
kracht van het geloof was. Toen Karol Wojtyla 16 oktober 1978 tot
Paus werd
verkozen was de wereld nog verdeeld in West en Oost. Zijn engagement en
geestdrift hebben er aan bijgedragen dat historische veranderingen
zoals de overwinning op het communisme, de hereniging van Duitsland en
vrijheid in Oost-Europa mogelijk werden.
De
politieke opstelling, de symbolische daden, de ethische overtuigingen
en de kerkpolitieke beslissingen van Johannes Paulus II waren
gemotiveerd door zijn geloof. In zijn veertien encyclieken wordt
duidelijk hoe hij dat geloof begreep. Een overzicht.
| Titel (Latijn) |
Onderwerp |
Omschrijving |
| 1. |
Redemptor
Hominis |
over de betekenis van Christus als Verlosser |
4 maart 1979 |
| 2. |
Dives in
Misericordia |
over de barmhartigheid |
30 november 1980 |
| 3. |
Laborem
Exercens |
over de arbeid |
14 september 1981 |
| 4. |
Slavorum
Apostoli |
over Cyrillus en Methodius, de Apostelen van de Slavische landen |
2 juni 1985 |
| 5. |
Dominum et Vivificantem |
over de Heilige
Geest |
18 mei 1986 |
| 6. |
Redemptoris
Mater |
over Maria, Moeder van de Verlosser |
25 maart 1987 |
| 7. |
Sollicitudo Rei Socialis |
over sociale ethiek |
30 december 1987 |
| 8. |
Redemptoris
Missio |
over de missie en de evangelisering |
7 december 1990 |
| 9. |
Centesimus
Annus |
100 jaar na Rerum
Novarum |
1 mei 1991 |
| 10. |
Veritatis
Splendor |
over kerkelijke moraalleer |
6 augustus 1993 |
| 11. |
Evangelium
Vitae |
over de waarde en de onaantastbaarheid van het menselijk leven |
25 maart 1995 |
| 12. |
Ut Unum Sint |
over de oecumene |
25 maart 1995 |
| 13. |
Fides et
Ratio |
over de verhouding van geloof en rede |
14 september 1998 |
| 14. |
Ecclesia de Eucharistia |
over de Eucharistie |
17 april 2003 |
Uit
de encyclieken van Johannes Paulus II rijst het beeld op van een
mystiek bevlogen auteur die zijn sterke overtuiging consequent en op
alle fronten in de praktijk bracht. Het theologische denken van Karol
Wojtyla rustte op de grote traditie van de bijbelse overlevering, de
kerkvaders, de grote theologen van de Middeleeuwen en de moderne tijd
en niet het minst op ‘felle’ mystici als Johannes van het
Kruis en Teresa van Avila.
Zijn
kerkbeeld is sterk sacramenteel georiënteerd: in de zichtbare kerk
openbaart God zich in werkdadige tekens. Dat verklaart zijn
onwrikbaarheid in het behoud van de klassieke ambtsvorm, zijn
nadrukkelijke aandacht voor de sacramenten van eucharistie en
verzoening en zijn verlangen naar volledige eenheid met de orthodoxe
kerken die een verwante sacramentele kerkopvatting huldigen.
Een
sterke katholieke identiteit, gekoppeld aan een diep geloof dat God
reëel met deze wereld is begaan, blijkt ook uit zijn morele en
filosofische positie. Een ethiek die de scheppende God veronachtzaamt
en een naar waarheid zoekende rede die niet met de openbaring
dialogeert, tollen volgens hem doelloos in het rond en vallen ten prooi
aan subjectivisme en relativisme.
Die
sterke identiteitsbeleving leidt tegelijk tot een opvallende sociale
bewogenheid. Als de kerk een daadwerkelijk teken is van Gods liefde
voor de wereld, dan moet ze ook een profetische stem voor gerechtigheid
en vrede laten klinken.
1- REDEMPTOR HOMINIS - De Verlosser van de mensen
Redemptor Hominis (Latijn voor: De Verlosser van de Mensen) is de eerste encycliek van Paus Johannes Paulus II en verscheen op 4 maart 1979.
Deze encycliek gaat nader in op Christus als centrum van de Kerk en
uitgangspunt van de theologie en is tevens het eerste deel van een
trilogie over de Heilige Drie-eenheid : Redemptor Hominis werd immers
later gevolgd door Dives in Misericordiae (1980, over de vergevende
liefde van God de Vader) en Dominum et Vivificantem (1986, over de rol
van de Heilige Geest).
In
zijn eerste encycliek, Redemptor Hominis (4 maart 1979) – de
verlosser van de mens –, vijf maanden na zijn verkiezing
geschreven, schetst de paus de belangrijkste pijlers van zijn
pontificaat: de inspanning om alle mensen tot Christus te trekken, de
oecumene, de noodzaak om de morele dimensie van de vooruitgang te
verstevigen en de verdediging van de mensenrechten.
Die
uitdagingen waar de kerk voor staat bij de overgang naar het nieuwe
millennium – de paus refereerde daar toen al aan – benadert
hij vanuit één grondovertuiging: ,,De verlosser van de
mens, Jezus Christus, is het centrum van het universum en van de
geschiedenis.’’ Hier klinkt al een oproep tot solidariteit,
met name een meer directe herverdeling van de rijkdom. Maar, merkt de
auteur op, de noodzakelijke transformatie van economische structuren
moet gepaard gaan met een waarachtige bekering van geest, wil en hart.
Hij legt sterk de klemtoon op respect voor de mensenrechten en schenkt
speciale aandacht aan gewetensvrijheid en religieuze vrijheid.
Eeuwig
leven, beloofd door de Vader in Jezus Christus, ,,is de uiteindelijke
vervulling van de roeping van de mens’’, schrijft de paus.
Meewerken met de genade die Christus voor ons heeft gewonnen, kunnen we
door ten volle gebruik te maken van de vrijheid die de Schepper ons
heeft gegeven. ,,En Christus leert ons dat de beste toepassing van
vrijheid de liefde is, die concreet vorm krijgt in zelfgave en
dienstbaarheid.’’
Hij
pleit voor een goede overdracht van de goddelijke waarheid en roept
daarom de theologen op nauw samen te werken met het kerkelijk leergezag.
2- DIVES IN MISERICORDIA - Rijk aan Barmhartigheid
Dives
in Misericordia (in het Nederlands Rijk aan barmhartigheid) is de
tweede encycliek van Paus Johannes Paulus II en werd gepubliceerd op 2 december 1980.
Het is een diepgaande theologische beschouwing over God de Vader en
meer speciaal over zijn oneindige barmhartigheid. Volgens de paus is
het essentieel dat men de vergevingsgezindheid erkent ten behoeve van
een rechtvaardige maatschappij op aarde. De mens kan zichzelf alleen
als broeder en zuster herkennen in het licht van hun Hemelse Vader. In
deze encycliek is een sterke invloed van zuster Faustina herkenbaar,
een Poolse zuster die devotie tot de Goddelijke Barmhartigheid populair
maakte. De paus verklaarde zuster Faustina later tijdens zijn
pontificaat heilig.
Dit is het tweede deel van een trilogie over de Heilige Drie-eenheid :
Redemptor Hominis (1979, over Christus) ging eraan vooraf en ze werd
gevolgd door Dominum et Vivificantem (1986, over de rol van de Heilige
Geest).
De
encycliek – ‘Rijk aan barmhartigheid’ – handelt
over de goddelijke genade. De paus noemt zijn brief van 30 november
1980 ,,een innige oproep vanwege de kerk tot barmhartigheid, waar de
mensheid en de moderne wereld zo’n behoefte aan
hebben’’. Wat is barmhartigheid? ,,De manier waarop en de
sfeer waarin de liefde zich openbaart, noemen we in bijbelse taal
barmhartigheid.’’ In Jezus is Gods erbarmen vlees en bloed
geworden. ,,Door de incarnatie te worden van liefde die speciaal is
gericht op mensen die lijden, ongeluk hebben en zondigen, brengt
Christus de Vader aanwezig en openbaart hij Hem voller dan
ooit.’’ Het gaat, in het Oude Testament al, om een genade
die krachtiger is dan strenge gerechtigheid.
De
belangrijkste leidraad voor de pauselijke meditatie over barmhartigheid
is de parabel van de verloren zoon. Die parabel leert dat ,,de
Goddelijke barmhartigheid goedheid weet te bevorderen te midden van de
vele vormen van kwaad die de wereld en de mens bedreigen’’.
Dat komt ultiem tot uiting in de zelfgave van de Zoon op het kruis.
,,In de gekruisigde Zoon geloven, betekent geloven dat de liefde in de
wereld werkelijk bestaat en dat ze sterker is dan elke vorm van kwaad
waarin individuen, de mensheid en de wereld zijn
verwikkeld.’’
Rechtvaardigheid
alleen volstaat niet en kan tot de ontkenning en afbraak van zichzelf
leiden – de paus verwijst hier naar de klassenrechtvaardigheid.
,,Ze heeft die diepere kracht van de liefde nodig, die in staat is het
leven van de mens in al zijn dimensies vorm te geven.’’
3- LABOREM EXERCENS - De menselijke arbeid
Laborem
Exercens (in het Nederlands : Over de Menselijke Arbeid) is de derde
encycliek van Paus Johannes Paulus II en verscheen op 14 april 1981.
In deze encycliek over de arbeid, werkt Johannes Paulus II de sociale
leer van de Kerk verder uit, voortbouwend op de encycliek van Paus Leo
XIII, Rerum Novarum. Hij breekt eens te meer een lans voor de tussenweg
tussen de communistische geleide economie en het zuivere
kapitalistische marktmodel.
Met deze encycliek gaf hij de in opstand gekomen Poolse arbeiders een steun in de rug.
In 1987 werd de kerkelijke sociale leer verder uitgewerkt in
Sollicitudo Rei Socialis en later, na de val van de Muur, in Centesimus
Annus (1991).
Laborem
exercens (14 september 1981) is de eerste sociale encycliek van de
Poolse paus. Hij zal er in tien jaar tijd drie schrijven.
,,De
interpretatiesleutel tot de sociale leer van Johannes Paulus II is de
encycliek Redemptor hominis (1979),’’ schreef Johan
Verstraeten in Tertio nr. 192. ,,Daarin werkt hij een theologische
onderbouw uit: de kerk moet de mens en zijn waardigheid dienen en die
waardigheid kun je maar ten volle begrijpen en realiseren in het
perspectief van de verlossing in en door Christus.’’ Tal
van nieuwe omstandigheden noodzaken een nieuwe kijk op de sociale inzet
van de christen. Grootschalige werkloosheid in het Westen; de val van
het communisme en de veralgemening van de vrije markteconomie; de
verscherping van de ongelijkheid in een geglobaliseerde economie; de
opkomst van de informatie- en telecommunicatietechnologie. Met concrete
oplossingen of programma’s komt Johannes Paulus II niet op de
proppen. Maar hij benadrukt hoe belangrijk het is dat christenen hun
sociale inzet door hun geloof laten inspireren en ook echt een
persoonlijk engagement opnemen.
In
Laborem exercens beschouwt hij werk als een fundamentele uitdrukking
van het leven van de menselijke persoon en van zijn deelname aan het
scheppingswerk.
De
paus analyseert het conflict tussen arbeid en kapitaal, waarbij hij
duidelijk voorrang verleent aan de arbeid. Daarom pleit hij ook voor
meer participatie in de ondernemingen. De arbeiders zijn niet alleen
door hun werk mede-eigenaars in het grote werkveld waarin zij zich
engageren, maar mede-eigenaarschap moet zich ook uiten in
mede-eigendom, de deelname aan het beheer en het medeaandeelhouderschap.
4- SLAVORUM APOSTOLI - Slavische Apostelen
(op dit moment alleen engelse versie beschikbaar)
Slavorum
Apostoli (Latijn voor: Over de Apostelen van de Slavische landen) is de
vierde encycliek van Paus Johannes Paulus II en verscheen op 2 juni 1985.
Deze encycliek werd geschreven naar aanleiding van de herdenking dat de
Heilige Cyrillus van Saloniki en Methodius 11 eeuwen geleden hun
evangelisatiewerk begonnen onder de Slavische volkeren. De diepe
verbondenheid van de Paus met de oosterse christelijke traditie komt
erin tot uiting en hij drukt er zijn wens uit dat het herstel van de
eenheid tussen de Katholieke en Orthodoxe Kerken er ooit zou komen.
De encycliek is zo geschreven dat zij ook in Midden- en Oost-Europa
gelezen kon worden. De kern van de encycliek is de stelling dat
zendingswerk zich moet aansluiten bij het goede, het ware en het schone
dat in elke cultuur aanwezig is.
Naast deze encycliek schreef Paus Johannes Paulus II in 1995 nog een
tweede encycliek waar het thema van de oecumene aan bod komt (Ut Unum
Sint).
5- DOMINUM ET VIVIFICANTEM - Over de Heilige Geest in het leven van de Kerk en de wereld
Dominum
et Vivificantem, (in het Nederlands: Die Heer is en het leven geeft),
is de vijfde encycliek van Paus Johannes Paulus II gepubliceerd op 30 mei 1986.
Deze encycliek completeerde de trilogie van Johannes Paulus II over de
Heilige Drie-eenheid. Het is de Heilige Geest, schreef de paus, die de
mens het verschil doet zien tussen het goede en het kwade. De Heilige
Geest inspireert ons om God’s vergeving te verkrijgen voor onze
zonden. Nalatigheid om hierop te reageren is een “zonde tegen de
Heilige Geest”. Het is de taak van de Kerk om de wereld bewust te
maken van de roep van de Heilige Geest.
Het derde deel van een trilogie over de Heilige Drie-eenheid :
Redemptor Hominis (1979, over Christus) werd gevolgd door Dives in
Misericordiae (1980, over de vergevende liefde van God de Vader).
Die
encycliek van 18 mei 1986 vervolledigt de trilogie over de
Drie-eenheid. De heilige Geest is ,,een Goddelijke persoon, die in het
centrum van het christelijk geloof staat en de bron is van een
dynamische vernieuwing van de kerk’’.
Eigenlijk
is de zending van de Heilige Geest niet de eerste in haar soort, ze is
veeleer een nieuw begin dat verwijst naar Gods verlossende zelfgave bij
de schepping. Maar de zonde verduisterde die. Met Christus, die door
die zonde aan het kruis terechtkwam en daar doorheen redding bracht,
openbaart zich de heilige Geest. Vanaf Pinksteren blijft Hij bij de
apostelen om bij de kerk en via de kerk in de wereld te blijven. De
Geest is voor de paus een kracht die tegen de zonde in werkt. Hij ligt
aan de basis van het geweten en van het sacrament van de verzoening.
Onze
cultuur biedt nog altijd verzet tegen die levengevende Geest: in het
materialisme, in de wapenwedloop, in armoede en honger, in abortus en
in euthanasie. Die realiteiten hoeven evenwel niet het laatste woord te
hebben. Het gebed en het sacramentele leven grijpen vooruit op
‘de nieuwe komst’ van Christus in de kracht van de Geest.
,,De heilige Geest blijft de wachter van de hoop in het menselijk
hart,’’ besluit hij.
6- REDEMPTORIS MATER - Moeder van de Verlosser
Redemptoris Mater (Latijn voor Moeder van de Verlosser) is de zesde encycliek van Paus Johannes Paulus II gepubliceerd op 25 maart 1987
en handelt over de rol van de Maagd Maria als de “eerste
discipel” en het perfecte voorbeeld van christelijke
getuigenis.Johannes
Paulus’ mariale encycliek Redemptoris mater (25 maart 1987) is
een soort vervolgcatechese op zijn drie grote encyclieken over de
Vader, de Zoon en de Geest. Het document is veel meer een theologisch
onderricht dan een aansporing tot mariale devotie. Hij put daarbij
allereerst uit bijbelse bron, maar laat zich ook inspireren door het
achtste hoofdstuk van het conciliedocument Lumen gentium: ,,Alleen in
het mysterie van Christus wordt het mysterie van Maria ten volle
helder.’’ En door Maria te contempleren in het mysterie van
Christus kun je ook ,,de kennis van het mysterie van de kerk
verdiepen’’.
7- SOLLICITUDO REI SOCIALIS - Over de Sociale Zorg
Sollicitudo
Rei Socialis (Latijn voor: Over de sociale zorg) is de zevende
encycliek van Paus Johannes Paulus II en werd gepubliceerd op 30 december 1987
Ze handelt over de ontwikkeling van de mens en de samenleving, twintig jaar na Populorum Progressio van Paus Paulus VI.
Wat
de paus onder solidariteit verstond, werkte hij uit in de encycliek
Sollicitudo rei socialis (30 december 1987). De sociale mechanismen die
de ontwikkeling belemmeren, interpreteert hij daar theologisch als
‘zondige structuren’ die de mens door een radicaal
engagement voor solidariteit kan overwinnen. Solidariteit omvat drie
dimensies: de feitelijke wederzijdse afhankelijkheid op wereldschaal,
het ethisch antwoord daarop – ,,Wij zijn allen verantwoordelijk
voor allen’’ – en die de specifiek christelijke
solidariteit van
mensen die getuigen van de menselijke waardigheid en bereid zijn daarvoor desnoods hun leven te geven.
In
diezelfde encycliek aarzelt Johannes Paulus II niet te stellen dat de
voorkeursoptie voor de armen een engagement is waarvan heel de traditie
van de kerk getuigt. Dat illustreert dat hij helemaal niet zo’n
tegenstander van de bevrijdingstheologie was als soms werd beweerd.
8- REDEMPTORIS MISSIO - Over de Zending van de verlosser
Redemptoris
Missio (Latijn voor: De zending van de verlosser) is de achtste
encycliek van Paus Johannes Paulus II en verscheen op 7 december 1990. Ze draagt als ondertitel : "Over de blijvende geldigheid van de missie-opdracht".
Deze encycliek gaat nader in op missie en evangelisatie.
Is
missie nog actueel? Moet je het niet bij interreligieuze dialoog laten?
Zijn respect voor het geweten en de vrijheid van de ander verzoenbaar
met bekering? Het antwoord van de paus in Redemptoris missio (7
december 1990) luidt overtuigd: het heil kan alleen van Jezus Christus
komen. Neen, hem verkondigen is geen inbreuk op de vrijheid, want
geloof in hem vergt een vrije instemming. Meer nog: echte bevrijding
bestaat in het open komen voor de liefde van Christus.
Het Rijk Gods kun je trouwens niet los denken van de persoon van Christus.
De
paus onderscheidt drie soorten missie: die bij volkeren die Christus
niet kennen; die van vurige christelijke gemeenschappen naar hun
omgeving en de nieuwe evangelisatie van gemeenschappen van gedoopten
die het levende geloof kwijt zijn. Voor al die vormen geldt dat de
getuigenis de belangrijkste gestalte van de evangelisatie is.
De
paus vraagt aandacht voor nieuwe sociale fenomenen als de vlucht naar
de steden, migratie, nieuwe armoede en voor nieuwe culturele
verschijnselen als de massacommunicatie, de inzet voor de vrede, de
ontwikkeling en bevrijding van volkeren, mensenrechten, de emancipatie
van vrouwen en kinderen en de ecologische gevoeligheid.
9- CENTESIMUS ANNUS - Over de Sociale leer van de Kerk
Centesimus
Annus is de negende encycliek van Paus Johannes Paulus II en verscheen
op 1 mei 1991 naar aanleiding van het eeuwfeest van de encycliek Rerum
Novarum van Paus Leo XIII.
Deze encycliek gaat nader in op de sociale leer van de Kerk.
In
Centesimus Annus van 1 mei 1991 sprak de paus voor het eerst zeer
positieve taal over de vrije markt en over de winst als graadmeter voor
het goed functioneren van ondernemingen. Maar, zo merkte Johan
Verstraeten in het bovenvermelde Tertio-artikel op, hij voegde er wel
kritische opmerkingen aan toe. Ten eerste is de markt alleen
efficiënt voor wie koopkracht heeft, en bovendien kan niet alles
op de markt worden verhandeld. Ten tweede zijn er noden die op grond
van rechtvaardigheid en niet door marktmechanismen moeten worden
gelenigd. Ten derde heeft de markt uit zichzelf geen criteria om een
onderscheid te maken tussen authentieke en niet-authentieke behoeften.
Ten vierde moet je de visie op de markt inpassen in een ethiek van de
eigendom die vertrekt van de universele bestemming van de goederen:
eigendom van productiemiddelen – zoals aandelenbezit – is
alleen geoorloofd als het leidt tot de schepping van ‘nuttige
arbeid’. Je mag geen winst maken ten koste van arbeid.
10- VERITATIS SPLENDOR - Pracht van de Waarheid
Veritatis
Splendor (De Pracht van de Waarheid) is de tiende encycliek van Paus
Johannes Paulus II en verscheen op het feest van de Gedaanteverandering
van de Heer op 6 augustus 1993.
Deze encycliek handelt over de kerkelijke moraalleer.
Veritatis
splendor (6 augustus 1993) gaat in op de kerkelijke leer over de
grondslagen van de moraal. De encycliek heeft vooral tot doel actuele
twijfels en bezwaren daartegen te weerleggen.
De
vraag ‘Hoe kan ik het goede doen?’ is niet in de eerste
plaats een vraag naar regeltjes, maar een vraag naar werkelijk zinvol
leven, stelt de paus. Als de mens de evangelische moraal kan vatten,
dan is dat omdat die alleen maar de uitdrukking is van de natuurwet,
die sinds de schepping in het hart van de mens is ingeschreven en die
iedereen goed en kwaad leert kennen. ,,Christus helpt de mens de ware
vrijheid te ontdekken die haar volheid bereikt in de
liefde.’’
Onder
de kop Stem je niet op de wereld van vandaag af behandelt de paus
vervolgens onomwonden enkele actuele dwalingen over morele principes.
In de eerste plaats zet hij zich af tegen het uiteenhalen van vrijheid
en waarheid. ,,De vrijheid weet zich verplicht aan de waarheid, die ze
kent dankzij de natuurwet. De natuurwet richt de mens naar het doel dat
hem eigen is.’’ Anders verval je in relativisme en
subjectivisme.
Vervolgens:
het geweten is niet zomaar een creatieve wilsdaad vanuit een soort
persoonlijke verantwoording tegenover God. ,,Het geweten is niet zozeer
creatief, maar is een getuige van de natuurwet.’’
De
paus zet zich ook sterk af tegen het uiteenhalen van de bouwstenen van
de morele act: de intentie, de handeling zelf en de omstandigheden en
gevolgen. Hij benadrukt dat de moraliteit van de daad vooral van de
handeling zelf afhangt. Daarom kun je een in zichzelf slechte daad
nooit goedpraten.
De
encycliek heeft van begin tot einde een ferme toon. De paus ontkent
niet dat het psychologisch moeilijk is de wet te onderhouden en dat
veel pedagogische vaardigheid nodig is om de zwakken niet te
ontmoedigen. Hij benadrukt ook dat er vergeving mogelijk is voor wie
zijn fout erkent. Maar het is wel nodig de wet te blijven voorhouden:
,,Je mag psychologie en moraaltheologie niet verwarren.’’
11- EVANGELIUM VITAE - Evangelie van het Leven
Evangelium
Vitae (in het Nederlands : Het Evangelie van het Leven) is de elfde
encycliek van Paus Johannes Paulus II en verscheen op 25 maart 1995.
Deze encycliek behandelt de waarde en de onaantastbaarheid van het menselijk leven.
Paus Johannes-Paulus II presenteert de schepping, de heilsgeschiedenis
en het leven, sterven en verrijzen van Christus als Evangelie van het
Leven. Hij spoort aan om te strijden voor de "cultuur van het leven",
tegen de "cultuur van de dood".
De
verdediging van het leven is onmiskenbaar een van de krachtlijnen van
het pontificaat van Johannes Paulus II. Ondanks de roep, ook binnen de
kerk, om meer begrip, kantte hij zich onverzettelijk tegen abortus en
euthanasie. ,,Twee misdaden die geen enkele menselijke wet kan
goedpraten,’’ schrijft hij in zijn encycliek Evangelium
Vitae (25 maart 1995) die precies over de onaantastbare waarde van het
leven handelt, van het allereerste begin tot het einde. Laksheid in die
materie noemt hij zonder aarzelen het gevolg van ,,een cultuur van de
dood’’, van ,,een oorlog van de sterken tegen de
zwakken’’. In dezelfde encycliek blijft hij ook kunstmatige
contraceptie streng – voor velen al te ongenuanceerd –
veroordelen.
Op
hoeveel tegenstand Johannes Paulus II in zijn radicale strijd voor een
,,cultuur van het leven’’ ook stuitte, een gebrek aan
consequentie kon je hem niet aanwrijven. Het is zijn persoonlijke
verdienste dat de doodstraf in het katholieke ethische denken nog amper
verdedigbaar is. ,,Straffen mogen niet zo extreem zijn dat ze tot de
executie van de misdadiger leiden, behalve in gevallen van absolute
noodzaak. Die gevallen zijn zeer zeldzaam, zoniet praktisch
onbestaand,’’ klinkt het in Evangelium Vitae.
12- UT UNUM SINT - Opdat zij één zijn
Ut
Unum Sint (Latijn voor Opdat zij één zijn) is de twaalfde
encycliek van Paus Johannes Paulus II en verscheen op 25 mei 1995.
Deze encycliek handelt over de oecumene.
In
Ut unum sint van 25 mei 1995 reflecteert Johannes Paulus II over de
oecumene. Hij doet dat tien jaar na de kleine encycliek Slavorum
apostoli (2 juni 1985), die ook een oecumenische betekenis had. Daarin
riep hij naar aanleiding van de elfhonderdste verjaardag van het
missioneringswerk van de apostelen Cyrillus en Methodius, beide
missionarissen uit tot patroons van Europa. Zo plaatst hij hen op
hetzelfde niveau als de westerse monnikenvader Benedictus.
In
Ut unum sint geeft Johannes Paulus II aan dat de weg naar de eenheid
het verst is gevorderd met de orthodoxe kerken, vanwege eenzelfde visie
op de sacramentele structuur van de kerk. Ook met de protestantse
kerken zijn belangrijke stappen gedaan. Maar, zo luidt de eindbalans:
we kunnen niet tevreden zijn voor een volledige en zichtbare eenheid is
bereikt in geloofsbelijdenis, sacramenten en kerkelijk ambt. De paus
definieert het Petrusambt, dat de bisschop van Rome bekleedt, als een
dienst aan die eenheid. En – dat is opmerkelijk – hij
nodigt kerkleiders en theologen uit hem te helpen zoeken hoe dat ambt
het best kan worden uitgeoefend in het licht van de recente
oecumenische ontwikkelingen.
13- FIDES ET RATIO - Geloof en Rede
Fides et Ratio is de dertiende encycliek van Paus Johannes Paulus II en verscheen op het feest van de Kruisverheffing op 14 september 1998.
Deze encycliek handelt over de verhouding van geloof en rede.
Fides
et ratio (14 september 1998) is een fundamentele reflectie over de
verhouding tussen geloof en rede, tussen filosofie en theologie. De
kernboodschap van het document luidt: een rede die zich losmaakt van
het geloof, leidt tot niets, maar wanneer beide vermogens samengaan, is
kennis van de waarheid mogelijk.
De encycliek vormt een kritiek op filosofieën die zich van de theologie en haar bron –
de
Openbaring – afkeren en soms zelfs elke principiële openheid
op waarheid ontkennen. Fides et ratio geeft daarentegen blijk van een
groot vertrouwen in de kenkracht van de rede, wanneer die zich met het
geloof verbindt en zo een bredere zinhorizon ontsluit.
De
paus denkt de relatie tussen rede en geloof als een cirkel: ,,De bron
en het beginpunt van de theologie moet altijd het Woord van God zijn
dat in de geschiedenis is geopenbaard, terwijl het einddoel het begrip
van dat Woord moet zijn dat met iedere generatie
toeneemt.’’ Dat is voor de auteur een tegengif tegen
‘de wanhoop’ die onze cultuur bedreigt.
Houdt
zo’n visie niet een beknotting in van de vrijheid van rede en
filosofie? Het antwoord van de paus luidt resoluut: ,,Waarheid en
vrijheid gaan ofwel hand in hand ofwel gaan ze samen in ellende ten
onder.’’
14- ECCLESIA DE EUCHARISTIA - De Kerk leeft uit de Eucharistie
Ecclesia
de Eucharistia (in het Nederlands : De Kerk leeft uit de Eucharistie)
is de veertiende en laatste encycliek van Paus Johannes Paulus II en
verscheen op 17 april 2003. Ze
handelt over de Eucharistie en verscheen daarom niet toevallig op Witte
Donderdag, de dag waarop de Kerk de instelling van de Eucharistie viert.
In de lijn van de encycliek Mysterium Fidei (1965) van zijn voorganger
Paulus VI zet Johannes Paulus II erin uiteen wat de Kerk gelooft
wanneer zij spreekt over de Eucharistie: het sacramenteel tegenwoordig
stellen van het kruisoffer, gegeven aan de Kerk als middel om aan dat
offer deel te nemen.
In deze encycliek schreef Paus Johannes Paulus II : "Men moet betreuren
dat er, vooral in de jaren die volgden op de postconciliaire
liturgische hervorming, als gevolg van een misleid gevoel van
creativiteit en aanpassing, een aantal misbruiken zijn geweest die voor
velen een bron van verdriet zijn geweest. Een zekere reactie tegen
'formalisme' heeft sommigen, vooral in bepaalde streken, ertoe gebracht
om de 'vormen' die de grote liturgische traditie van de Kerk en haar
Leergezag had gekozen, als niet-bindend te beschouwen en om
niet-goedgekeurde vernieuwingen in te voeren die soms volkomen
misplaatst zijn." (EdE 52) Hij kondigde dan ook aan dat er aan een
Vaticaanse instructie gewerkt werd die een verduidelijking zou brengen
over de liturgie van de Eucharistie. Deze instructie (Redemptionis
Sacramentum, Het sacrament van de verlossing) is tenslotte verschenen
op 25 maart 2004, op het hoogfeest van de Aankondiging van de Heer.
De
kerk leeft van de eucharistie. Dat is de kernintuïtie van de
laatste encycliek van Johannes-Paulus II, Ecclesia de eucharistia (17
april 2003). De eucharistie brengt het paasmysterie van Christus
geconcentreerd aanwezig en realiseert een mysterievolle
gelijktijdigheid tussen het sterven en verrijzen van de Heer en zijn
kerk. Daardoor is een werkelijke wederzijdse inwoning van Christus in
de gelovigen en van de gelovigen in Christus mogelijk. Elk kerkelijk
handelen vindt daar haar bron en het hoogtepunt waarnaar dat handelen
streeft.
Eerst
beschouwt de paus de eucharistie als mysterie van geloof. Dan handelt
hij over de eucharistie die de kerk opbouwt. De net vermelde
wederzijdse inwoning – een verdieping en voltooiing van wat in
het doopsel gebeurt – bewerkt de ‘inlijving’ van de
vierenden in het lichaam van Christus en sticht zo eenheid. Die eenheid
is nauw verbonden met de zending van de kerk om ‘sacrament’
voor heel de mensheid te zijn.
Na
een beschouwing over het apostolische karakter van de eucharistie en
– daarom – de noodzaak van het gewijde ambt, bespreekt de
auteur de gemeenschapsdimensie van de eucharistie. De eucharistie
schept gemeenschap, voedt ertoe op, maar veronderstelt ze ook. Terwijl
de paus zijn verlangen naar de ene eucharistie voor de verschillende
kerken uitspreekt, wijst hij erop dat de concelebratie van de kerken
vooralsnog veeleer een hindernis dan een hulp is voor het bereiken van
de volle gemeenschap.
De
brief wijst ook op de gevaren van onaanvaardbare vormen van
creativiteit. De eucharistie is van niemand het privé-bezit,
noch van de celebrant noch van de gemeente. Zij is toevertrouwd aan de
hele kerk en dient daarom conform de officiële liturgische normen
te worden gevierd.
Biografie Johannes Paulus II
Karol Józef Wojtyla (1920-2005), vanaf 1964 aartsbisschop van
het Poolse Krakau, werd in 1978 tot paus verkozen; hij nam toen de naam
Johannes Paulus II aan.
Familie
Karol Józef Wojtyla,
die vanaf zijn verkiezing tot paus in 1978 bekend stond als Johannes
Paulus II, werd op 18 mei 1920 geboren in Wadowice, een stadje op 50
kilometer van Krakau, Polen. Karol was de jongste van twee zonen die
uit het huwelijk van Karol Wojtyla en Emilia Kaczorowska werden
geboren. Zijn moeder overleed in 1929; zijn oudere broer, de arts
Edmund, stierf in 1932 en zijn vader, een legerofficier, in 1941.
Oorlogstijd
Na het afronden van zijn
middelbare schoolopleiding in Wadowice, ging Karol in 1938 Poolse taal-
en letterkunde studeren in Krakau. De Duitse bezettingsmacht sloot de
universiteit een jaar later, in 1939. De jonge Karol moest gaan werken
in een steengroeve (1940-1944) en later in de chemische fabriek Solvay.
Alleen zo kon hij in zijn levensonderhoud voorzien en deportatie naar
Duitsland voorkomen.
Ondergronds
Ondanks het zware werk in de
steengroeve zag Wojtyla nog kans om te studeren. In 1942 gaf hij gehoor
aan zijn priesterroeping, en begon hij lessen te volgen aan het
Seminarie van Krakau, dat ondergronds was gegaan. Wojtyla gaf blijk van
grote energie door mede aan de wieg te staan van het ‘Rhapsodie
Theater’, ook een ondergrondse aangelegenheid.
Priesterwijding
Na de Tweede Wereldoorlog
vervolgde Karol zijn studies aan het officieel heropende grootseminarie
van Krakau. Daarnaast werd hij student aan de theologische faculteit.
Wojtyla werd Priester gewijd in Krakau op 1 november 1946.
Studies in Rome
Van 1946 tot 1948 verbleef
Wojtyla in Rome, waar hij theologie en filosofie studeerde. Hij
promoveerde in de theologie op een dissertatie over het geloof in de
werken van Johannes van het Kruis.
Wojtyla in Nederland
In de jaren van zijn studie
in Rome verzorgde Wojtyla tijdens zijn vakanties het pastoraat onder
Poolse immigranten in Frankrijk, België en Nederland. Wojtyla
beschreef zijn indrukken van deze landen in een document, beschikbaar
in een Nederlandse vertaling in Word.
Professor
In 1948 keerde Wojtyla terug
naar Polen waar hij in 1953 promoveerde in de filosofie. Daarna werd
hij professor in de moraaltheologie en sociale ethiek aan het
grootseminarie van Krakau en aan de theologische faculteit van Lublin.
Aartsbisschop van Krakau
Paus Pius XII benoemde Karol
Wojtyla op 4 juni 1958 tot hulpbisschop van Krakau. De wijding vond
plaats op 28 september 1958. Op 13 januari 1964 benoemde paus Paulus VI
hem tot Aartsbisschop van Krakau. Dezelfde paus creëerde hem op 26
juni 1967 tot Kardinaal.
Gaudium et Spes
Wojtyla nam deel aan het
Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) en had een belangrijke bijdrage
aan de totstandkoming van de pastorale constitutie Gaudium et spes,
‘over de kerk in de wereld van deze tijd’.
Tot paus gekozen
Op 16 oktober 1978
aanvaardde kardinaal Wojtyla zijn verkiezing tot paus. Onder de naam
Johannes Paulus II werd hij de 263ste opvolger van Petrus. Wojtyla was
de eerste niet-Italiaanse Paus in ruim 450 jaar, en tevens de eerste
uit Polen afkomstige paus ooit. De plechtige inauguratie van Johannes
Paulus II vond plaats op 22 oktober op het Sint-Pietersplein.
Reizen
In januari 1979 ondernam
Johannes Paulus II zijn eerste buitenlandse pastorale reis, naar
Mexico. In juni datzelfde jaar bezocht hij zijn vaderland Polen en
Ierland. In oktober 1979 reisde hij naar de Verenigde Staten. Weinigen
konden toen bevroeden hoe ver en vaak Johannes Paulus II nog zou reizen.
Aanslag
Op 13 mei 1981 schoot de
23-jarige Turk Mehmet Ali Ağca de paus neer op het plein voor de
Sint-Pietersbasiliek. Johannes Paulus II overleefde de aanslag, schonk
de dader, die tot levenslang veroordeeld werd, later vergiffenis en
bezocht hem ook in de gevangenis.
Bezoek aan Nederland in mei 1985

Vooral: een mens die luisterde....
In 1985 deed Johannes Paulus
II Nederland aan. Het bezoek vormde het hoogtepunt van de grote
verdeeldheid die de Nederlandse kerkprovincie dreigde te verscheuren,
de zogeheten Polarisatie. Johannes Paulus II heeft zich persoonlijk
zeer ingespannen om aan die verdeeldheid een einde te helpen maken.
Het werd een dramatische bezoek aan Nederland; een bezoek dat een van
de meest dramatische uit zijn loopbaan zal worden. Al vanaf het moment
dat in 1983 bekend wordt gemaakt dat hij naast België en Luxemburg
ook Nederland zal aandoen, ontstaat er onrust. Veel protest tegen zijn
conservatieve ideeën. Nederland liet zich wederom eens op z'n
kleinst zien.
Het was al met al 'de koelste ontvangst die een paus ooit is bereid in
een christelijk land', noteerde een Italiaanse krant verbijsterd. Maar
de paus heeft er nooit een verwijt over gemaakt, zei kardinaal Simonis
later. Sterker, toen de Nederlandse bisschoppen in 1988 in Rome waren,
roemde de paus de inzet van leken in de Nederlandse kerk. En hij zei in
1985 iets te hebben mogen ,,proeven van de werklust en ondernemingszin
van de Nederlanders, van hun eeuwenlange traditie van vrijheid en
tolerantie''.
Oecumene en interreligieuze dialoog
Johannes Paulus II is sterk
gevormd door de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog, die hij
deels zelf aan den lijve heeft ervaren. Hij heeeft altijd groot belang
gehecht aan verzoening en vrede. Dat is onder meer tot uiting gekomen
in de grote inspanningen die hij zich getroostte op het vlak van
Oecumene en in de zogenaamde ‘Interreligieuze dialoog’:
gesprekken met niet-christelijke godsdiensten.
Wereldjongerendagen
Miljoenen kennen Johannes
Paulus II als de paus die jongeren over de hele wereld vanaf 1985 met
een nieuw geloofselan wist te bezielen middels de zogenaamde
‘Wereldjongerendagen’.
Documenten
Johannes Paulus II heeft
veertien encyclieken het licht laten zien (zie begin van deze pagina).
In deze documenten waarin de kerkelijke leer wordt uiteengezet, heeft
hij volgens een duidelijk patroon gewerkt aan de beschrijving van het
geloof op wezenlijke punten. Ook in apostolische brieven, exhortaties
en andere documenten heeft paus Johannes Paulus II talrijke kwesties
aan de orde gesteld. In Mulieris dignitatem bijvoorbeeld belicht hij de
waardigheid van de vrouw. In Ordinatio sacerdotalis onderstreept hij
dat de priesterwijding is voorbehouden aan mannen. In Familiaris
consortio benadrukt de paus de centrale plaats van de christelijke
familie in de moderne wereld. Reconciliatio et paenitentia bevat een
pleidooi voor het sacrament van boete en verzoening. Van groot belang
zijn verder het Wetboek van Canoniek Recht voor de Latijnse ritus
(1983) en de Katechismus van de Katholieke Kerk, die in 1993
verscheen.

Zalving van het altaar in de Kerk der Friezen te Rome
Val van het communisme
Johannes Paulus II heeft
zich vanaf het begin van zijn pontificaat vasthoudend ingezet voor de
mensenrechten en vrede tussen de volkeren. Een van de opvallendste
successen die hij tot stand hielp brengen was de opkomst van de
Solidariteitbeweging in Polen. Johannes Paulus heeft hierdoor, en door
werkzame ‘stille’ diplomatie achter de schermen,
uiteindelijk sterk kunnen bijdragen aan de ineenstorting van het
communisme in zijn geboorteland en de rest van het Oostblok.
Onze Lieve Vrouw van Fatima
Johannes Paulus II gaf de
eer voor zijn diplomatieke succesen aan de Heilige Maagd Maria, onder
de titel Onze Lieve Vrouw van Fatima. Zij speelt een cruciale rol in
zijn leven. In 1981 ontsnapte hij op wonderbaarlijke wijze aan de dood
bij een moordaanslag, gepleegd op de verjaardag van de eerste
Mariaverschijning in Fatima (13 mei 1917). Hij toonde Maria zijn
dankbaarheid door op 13 mei 1982 naar Fatima te gaan en de wereld en
Rusland toe te wijden aan het Onbevlekte Hart van Maria, precies zoals
de Heilige Maagd in 1917 had gevraagd.
Paus tot het einde
Johannes Paulus II heeft een
hoge leeftijd bereikt, waarbij zijn gezondheidstoestand in zijn laatste
levensjaren steeds verder verslechterde. Regelmatig werd er dan ook
over gespeculeerd of hij vrijwillig zijn ambt zou neerleggen. Hij heeft
dit niet gedaan. Mogelijk speelde de hieraan inherente praktische
problemen een rol. Om te beginnen kan in principe nooit onomstotelijk
worden vastgesteld dat een paus volledig zonder externe druk afstand
doet van het pausschap, terwijl dit toch een conditio sine qua non is
voor een geldige gang van zaken. Daarnaast brengt een teruggetreden
paus een vrije keuze van zijn opvolger in gevaar. De kardinalen kunnen
namelijk niet in alle vrijheid voor een eventuele
‘tegenhanger’ kiezen, wanneer de vorige paus zijn invloed,
bewust of onbewust, nog doet gelden. En wat te denken van uitspraken,
die een teruggetreden paus zou kunnen doen om zijn opvolger te
bekritiseren of in verlegenheid te brengen? Waarschijnlijker is echter
dat Johannes Paulus II is aangebleven omdat hij zich persoonlijk
geroepen voelde om God, de Heilige Maagd Maria en de gelovigen tot aan
zijn stervensuur te dienen, geheel overeenkomstig zijn lijfspreuk:
'Totus Tuus'.
Miljoenen bewezen de laatste eer
Johannes Paulus II overleed
in de avond van 2 april 2005. In de dagen na zijn dood verzamelden zich
in Rome miljoenen pelgrims, die de laatste eer wilden betonen aan hun
geliefde paus. Op 8 april 2005 vond op het Sint-Pietersplein de
uitvaart plaats in aanwezigheid van een ongekend groot aantal
staatshoofden en andere regeringsvertegenwoordigers uit de hele wereld.
Toen zijn kist de basiliek in werd gedragen riep de menigte op tot een
spoedige zaligverklaring. Johannes Paulus II is begraven in de crypte
van de Sint-Pieter, onder de plek waar voorheen de tombe van de Z.
Johannes XXIII stond.
|