De teervlekkenziekte is een schimmelaandoening die vooral esdoorns treft. In het voorjaar verschijnen er kleine, lichtgroene vlekjes op de bladeren. Naarmate de zomer vordert, worden die vlekken groter, dikker en verkleuren ze naar zwart. Ze lijken dan op druppels teer of pek. De vlekken kunnen variëren van enkele millimeters tot meer dan een centimeter in doorsnee. Meestal zie je ze het eerst op de onderste bladeren van de boom.
Welke bomen lopen het grootste risico?
Niet elke boom krijgt even snel te maken met teervlekken. De schimmel Rhytisma acerinum richt zich voornamelijk op esdoornsoorten. Vooral de gewone esdoorn (Acer pseudoplatanus) en de Noorse esdoorn (Acer platanoides) zijn gevoelig. Japanse esdoorns en veldesdoorns worden minder vaak getroffen. De schimmel heeft een vochtig en mild voorjaar nodig om zich te verspreiden. Als het in mei en juni veel regent, neemt de kans op infectie flink toe.
Wat gebeurt er precies in het blad?
De schimmel overwintert in afgevallen bladeren. In het voorjaar komen daar sporen uit vrij. Die sporen worden door de wind of opspattend regenwater op jonge bladeren geblazen. Eenmaal op het blad dringt de schimmel binnen via de huidmondjes. Het weefsel reageert door een dikke, zwarte laag aan te maken. Die laag is eigenlijk een schimmelvruchtlichaam, geen teer. De boom probeert de infectie af te schermen, maar de schimmel groeit er dwars doorheen.
Waarom worden de vlekken pas laat zichtbaar?
De eerste symptomen zijn moeilijk te zien. De vlekken zijn eerst geelgroen en vallen nauwelijks op tegen het bladgroen. Pas na weken wordt de zwarte laag dik genoeg om op te vallen. In droge zomers kan de ontwikkeling zelfs stagneren. Dan blijven de vlekken klein en vallen ze minder op. Pas bij herfstregens worden ze vaak pas echt zwart.
Hoeveel schade richt de teervlekkenziekte aan?
Voor de meeste bomen is de ziekte niet dodelijk. De schimmel tast alleen het blad aan, niet de takken of de stam. Een volwassen, gezonde boom kan een flink deel van zijn bladeren verliezen zonder blijvende schade. Toch zijn er situaties waarin de impact groter is:
- Bij jonge bomen of bomen die al verzwakt zijn door droogte of andere ziektes, kan vroegtijdige bladval de groei afremmen.
- Als de infectie meerdere jaren op rij hevig is, wordt de boom steeds minder vitaal. De bladeren zijn dan al in de zomer bruin en vallen voortijdig af.
- In stedelijke omgevingen, waar bomen al onder stress staan door verharding en luchtvervuiling, kan de schimmel een extra belasting vormen.
Een zware infectie leidt zelden tot de dood van de boom, maar vermindert wel de sierwaarde en de fotosynthesecapaciteit. Dat merk je aan een minder dichte kroon en kleinere bladeren in het volgende seizoen.
Wat kun je doen tegen teervlekken?
Bestrijden met chemische middelen is meestal niet nodig. De schimmel is lastig te raken met fungiciden omdat hij diep in het bladweefsel zit. Bovendien is de schade vooral cosmetisch. De meest effectieve aanpak is preventie door hygiëne. Hier zijn de belangrijkste maatregelen:
- Hark in de herfst alle afgevallen bladeren bij elkaar en voer ze af. Daarmee verwijder je de belangrijkste bron van nieuwe sporen.
- Zet het bladafval niet op de composthoop, tenzij die heet genoeg wordt om schimmels te doden. In een koude composthoop overleven de sporen.
- Snoei de boom niet onnodig. Een dichte kroon houdt vocht vast, maar dat is voor een volwassen boom minder problematisch dan snoeiwonden die andere schimmels binnenlaten.
- Zorg voor voldoende afstand tussen bomen bij aanplant. Een open structuur laat bladeren sneller drogen, wat de sporenkans verkleint.
Wanneer is ingrijpen toch nodig?
Als een jonge aanplant of een kwetsbare solitaire boom jaar na jaar meer dan de helft van zijn bladeren verliest, kun je overwegen om in het voorjaar een preventieve bespuiting uit te voeren. Gebruik dan een fungicide op basis van koper. Let op: dat middel werkt alleen als je het spuit vóórdat de sporen kiemen, dus net voor de bladuitloop. Na de eerste vlekken heeft het geen zin meer. Vraag bij twijfel advies aan een boomverzorger.
Vergelijking met andere bladziekten
| Ziekte | Gastheer | Uiterlijk | Schade |
|---|---|---|---|
| Teervlekkenziekte | Esdoorn | Zwarte, dikke, ronde vlekken | Vooral cosmetisch, zelden dodelijk |
| Echte meeldauw | Veel loofbomen | Witte, poederachtige laag | Kan groeiachterstand geven |
| Roest | Populier, wilg | Oranje of bruine puistjes | Vroegtijdige bladval, verzwakking |
| Bladvlekkenziekte | Plataan, kastanje | Bruine, onregelmatige vlekken | Kan bij herhaling bomen verzwakken |
Wat betekent dit voor jouw tuin of straatboom?
Als je een esdoorn in de tuin hebt staan, hoef je niet in paniek te raken bij het zien van zwarte vlekken. De boom gaat er niet aan dood. Wel is het verstandig om de bladeren in de herfst grondig te verwijderen en te verbranden of via het groenafval af te voeren. Herhaal dat een paar jaar, en de infectiedruk neemt vanzelf af. Bij bomen in het openbaar groen is het vaak niet rendabel om individueel te behandelen. Daar volstaat het om de bladeren machinaal op te zuigen. De teervlekkenziekte is een signaal van een vochtig voorjaar, niet van een zieke boom. Reageer erop met goed beheer, niet met gif.

