Afbeelding Missale Romanum - 100                                        overzicht

Lees de Bijbel  De houtsnedes zijn gepubliceerd in 1593under onder de titel Adnotationes et Meditationes in Evangelia ("Notes and Meditations on the Gospels")
153 Afbeeldingen 1593 edition, in chronologische volgorde van Jezus' leven
klik op de afbeelding voor aanvullende informatie

HET LAATSTE AVONDMAAL



BIJBELTEKST Mattheüs 26  Markus 14  Lukas 22  Johannes 13

Uit het evangelie volgens Lukas:

1 Het feest van het Ongedesemde brood, dat Pesach genoemd wordt, was bijna aangebroken. 2 De hogepriesters en de schriftgeleerden zochten naar een mogelijkheid om hem uit de weg te ruimen, maar dan heimelijk, bang als ze waren voor de reactie van het volk. 3 Toen nam Satan bezit van Judas, bijgenaamd Iskariot, een van de twaalf. 4 Hij ging naar de hogepriesters en tempelwachters en besprak met hen hoe hij Jezus aan hen zou kunnen uitleveren. 5 Ze waren opgetogen en spraken af dat ze hem voor zijn diensten zouden betalen. 6 Judas nam hun aanbod aan en zocht een gunstige gelegenheid om Jezus aan hen uit te leveren, zonder dat het volk het zou merken.

7 De dag van het Ongedesemde brood waarop het pesachlam geslacht moest worden, brak aan. 8 Jezus stuurde Petrus en Johannes op pad met de woorden: ‘Ga voor ons het pesachmaal bereiden, zodat we het kunnen eten.’ 9 Ze vroegen hem: ‘Waar wilt u dat we het bereiden?’ 10 Hij antwoordde: ‘Let op, wanneer jullie de stad in gegaan zijn, zal jullie een man tegemoet komen die een kruik water draagt. Volg hem naar het huis waar hij binnengaat, 11 en zeg tegen de heer van dat huis: “De meester vraagt u: ‘Waar is het gastenvertrek waar ik met mijn leerlingen het pesachmaal kan eten?’” 12 Hij zal jullie een grote bovenzaal wijzen die al is ingericht; maak het daar klaar.’ 13 Ze gingen op weg, en alles gebeurde zoals hij gezegd had, en ze bereidden het pesachmaal.

14 Toen het zover was, ging hij samen met de apostelen aanliggen voor de maaltijd. 15 Hij zei tegen hen: ‘Ik heb er hevig naar verlangd dit pesachmaal met jullie te eten voor de tijd van mijn lijden aanbreekt. 16 Want ik zeg jullie: ik zal geen pesachmaal meer eten voordat het zijn vervulling heeft gevonden in het koninkrijk van God.’ 17 Hij nam een beker, sprak het dankgebed uit en zei: ‘Neem deze beker en geef hem aan elkaar door. 18 Want ik zeg jullie: vanaf nu zal ik niet meer drinken van de vrucht van de wijnstok tot het koninkrijk van God gekomen is.’ 19 En hij nam een brood, sprak het dankgebed uit, brak het brood, deelde het uit en zei: ‘Dit is mijn lichaam dat voor jullie gegeven wordt. Doe dit, telkens opnieuw, om mij te gedenken.’ 20 Zo nam hij na de maaltijd ook de beker, en zei: ‘Deze beker, die voor jullie wordt uitgegoten, is het nieuwe verbond dat door mijn bloed gesloten wordt.
21 Maar weet wel dat degene die mij zal uitleveren samen met mij aan deze tafel aanligt. 22 Want de Mensenzoon moet heengaan zoals het voor hem bepaald is, maar wee de mens die hem zal uitleveren.’ 23 Ze vroegen zich onder elkaar af wie van hen zoiets zou kunnen doen.

24 Toen ontstond er onder hen onenigheid over de vraag wie van hen de belangrijkste was. 25 Jezus zei tegen hen: ‘Vorsten oefenen heerschappij uit over de aan hen onderworpen volken, en wie macht heeft laat zich weldoener noemen. 26 Laat dat bij jullie niet zo zijn! De belangrijkste van jullie moet de minste worden en de leider de dienaar. 27 Want wie is belangrijker, degene die aanligt om te eten of degene die bedient? Is het niet degene die aanligt? Maar ik ben in jullie midden als iemand die dient.

28 Jullie zijn in al mijn beproevingen steeds bij mij gebleven. 29 Ik bestem jullie voor het koningschap zoals mijn Vader mij voor het koningschap bestemd heeft: 30 jullie zullen in mijn koninkrijk eten en drinken aan mijn tafel, en zetelen op een troon om recht te spreken over de twaalf stammen van Israël.

31 Simon, Simon, weet dat Satan jullie voor zich heeft opgeëist om jullie als graan te mogen zeven. 32 Maar ik heb voor je gebeden opdat je geloof niet zou bezwijken. En als jij eenmaal tot inkeer bent gekomen, moet jij je broeders sterken.’ 33 Simon antwoordde: ‘Heer, ik ben zelfs bereid om met u de gevangenis in te gaan en te sterven.’ 34 Maar Jezus zei: ‘Ik zeg je, Petrus, deze nacht zal de haan niet kraaien voordat je driemaal geloochend hebt dat je mij kent.’
35 Daarna zei hij tegen hen: ‘Toen ik jullie uitzond zonder geldbuidel, reistas en sandalen, kwamen jullie toen iets tekort?’ ‘Niets!’ antwoordden ze. 36 Hij zei: ‘Maar wie nu een geldbuidel heeft, moet die meenemen, evenals zijn reistas, en wie er geen heeft moet zijn mantel verkopen en zich een zwaard aanschaffen. 37 Want ik zeg jullie: wat geschreven staat, moet in mij tot vervulling komen, namelijk: “Hij werd gerekend tot de wettelozen.” Inderdaad, nu wordt voltrokken wat over mij gezegd is.’ 38 Ze zeiden: ‘Kijk Heer, hier zijn twee zwaarden.’ Maar hij zei tegen hen: ‘Genoeg hierover!’

oVER DE instelling van het avondmaal

De discipelen maakten het Pascha gereed en toen het avond geworden was,
lagen allen aan. Mat 26:20; Marc 14:17 Aan de Joodse Pascha-viering worden vier bekers wijn     gedronken, die overeenkomen met de vier weldaden die God op grond van Exodus 6:6,7 aan     Israël beloofd heeft: uitleiding, redding, verlossing en aanneming als volk van God. De     Paschamaaltijd had vier onderdelen:
-     Voorgerecht. Nadat de zegen is uitgesproken door de heer des huizes drinkt men de eerste     beker met wijn en gebruikt men het voorgerecht, dat bestaat uit kruiden en     vruchtenmoes, gemaakt van dadels, rozijnen en azijn.
-     De huisdienst. Het hoofd van de familie vertelt over de verlossing uit Egypte en uit     dankbaarheid zingen allen het eerste gedeelte van het Hallel; de tweede beker wordt     gedronken.Psalm 113-115
-     Het hoofd van de familie spreekt de zegen uit over het ongezuurde brood. Het brood wordt     gegeten met het lam, de bittere kruiden en de moes; de derde beker wordt gedronken.
-     Het laatste gedeelte van het Hallel wordt gezongen.Psalm 116-118 Het met elkaar indopen van     groenten, vlees of brood Joh 13:26 drukt een eenheid uit die Judas nu schendt. Hier wordt de     vierde beker gedronken. 

15 We hebben kunnen lezen van Jezus’ intens verlangen om dit Pascha met Zijn discipelen te     eten.vs. 15-18 Jezus zegt dat Hij het vieren van dit Pascha (d.i. het Pascha van dit jaar) met zijn     discipelen vurig begeerd heeft. In deze beladen woorden staat de vurige begeerte voorop.     Niet alleen zal het Pascha voor Hem een bemoediging geweest zijn, zoals het dat was voor     elke gelovige Jood, maar vooral wilde Hij met deze maaltijd aan Zijn discipelen de betekenis     van Zijn dood duidelijk maken. Eer Ik lijd wil dan ook vooral zeggen: Eer Ik sterf. Het gaat     met name om Zijn lijden in de vorm van sterven, al heeft Jezus hierbij mogelijk ook aan de     strijd die nog volgen zal in Getsemane gedacht.

16 Nadrukkelijk zegt Jezus dat dit de laatste keer is dat Hij deze Paschamaaltijd eet totdat deze     haar vervulling vindt in het grote bruiloftsmaal dat gevierd wordt in het Koninkrijk van God.     Jezus gebruikt het beeld van de maaltijd om de ontmoeting tussen Hem en de Zijnen in     heerlijkheid aan te duiden.vgl. 13:29; Jes 25:6; Openb 19:9 Hier wordt bedoeld de tijd die aanbreekt     wanneer Christus gekomen is in heerlijkheid.

17 De beker waarover hier wordt gesproken was de eerste of tweede beker die men     dronk voordat men van het Pascha at. Zeer waarschijnlijk heeft Jezus uit de eerste en tweede     beker meegedronken. Hij wilde dit Pascha immers graag met Zijn discipelen delen vs. 15 Jezus     trad ongetwijfeld als gastheer op en deze dronk het eerst uit de beker, waarna Hij die aan     Zijn tafelgenoten gaf. Vandaar dat Hij zegt: ‘Laat hem bij u rondgaan’.

18 In vers 16 sprak Jezus van het eten van de Paschamaaltijd, hier spreekt Hij van het drinken     van de wijn van druiven gemaakt, ‘de vrucht van de wijnstok’.
    Met de komst van het Koninkrijk van God wordt hier bedoeld de tijd waarin God volledig     Koning zal zijn op aarde, waarin Zijn vijanden overwonnen zijn en Hij Zijn volk zal doen     delen in Zijn heerlijkheid. In 1 Cor 11:26, waar Paulus schrijft over de maaltijd des Heren,     wordt in plaats van over de komst van het Koninkrijk van God gesproken over Jezus’     wederkomst, met de woorden ‘totdat Hij komt’.
    Jezus bedoelt met dit drinken van de vrucht van de wijnstok de nieuwe gemeenschap tussen     Hem en Zijn volk in heerlijkheid.vgl. 13:29; Openb 19:9 Het samengebruiken van een maaltijd is een     beeld voor deze gemeenschap,vgl. Openb 3:20 omdat de maaltijd bij uitstek een gelegenheid is van     samenzijn, delen en genieten. Komt u dit bekent voor?

19 In dit vers lezen we de woorden waarmee de Here Jezus een nieuwe betekenis gaf aan de     Paschamaaltijd en het Avondmaal instelde als een herinnering aan Hemzelf.
    Eerst nam Jezus brood en sprak met het brood in z’n handen een dankgebed erover uit. Bij     een Joodse Paschamaaltijd stemden de tafelgenoten met de dankzegging in door ‘Amen’ te     zeggen. Daarna werd het ongezuurde brood gebroken. vgl. 24:5; Hand 2:42; 20:7,11 De brokken     moesten doorgegeven worden aan de verder weg zittende tafelgenoten. Terwijl het     gewoonlijk stil was bij het uitdelen van het brood, sprak Jezus bij deze gelegenheid de     inzettingswoorden van het Avondmaal uit. Jezus zei bij het brood: ‘Dit is Mijn lichaam’.     Hier bedoelde Hij te zeggen: Dit ben Ik Zelf; in dit brood dat gebroken is, geef Ik Mijzelf.     Het brood dat de discipelen met elkaar deelden vertegenwoordigden dus Zijn lichaam. Dat     lichaam wordt voor jullie gegeven: Jezus gaf Zijn lichaam over om gekruisigd te worden     voor hen. Met andere woorden: Hij gaf Zijn leven als een losprijs voor velen.Mat 20:28; Marc 10: 45
    Daarna zei Jezus dat Zijn discipelen hetzelfde moesten doen (het danken, breken en uitdelen     van het brood) en wel tot Zijn gedachtenis. Gedenken was belangrijk in Israël.vgl. bv. Ex 20:8 Het     Pascha is een feest om de uittocht uit Egypte te gedenken.Ex 12:14; 13:8vv Nu stelt Jezus daarvoor     in de plaats een maaltijd om de verlossing die Hij gebracht heeft te gedenken, namelijk de     maaltijd des Heren. 

20 Na de maaltijd laat Jezus de drinkbeker (d.i. de derde beker) met rode wijn gemengd met     water rondgaan. Het is deze beker, waarvan de inhoud - wijn -  het teken is voor het nieuwe     verbond. De discipelen drinken uit dezelfde beker. Hier kunnen we misschien aannemen dat     Jezus Zelf niet meedrinkt, want deze beker is voor Zijn discipelen bedoeld als het nieuwe     verbond in Zijn bloed.
    Door te spreken van ‘verbond in Mijn bloed’ brengt Jezus Zijn dood in verband met de     verbondssluiting bij de Sinaï, waar Mozes het bloed van offerdieren sprengde en zei: ’zie het     bloed van het verbond dat de Here met u sluit. Door te spreken van het nieuwe verbond laat     Jezus zien dat Hij de belofte van Jeremia 31:31vv. vervult.
    Jezus is hier het toekomstige Pascha-lam. 1 Cor 5:7 Zijn dood zet het nieuwe verbond in     werking. Als Jezus het brood dat Hij breekt in verbinding brengt met zijn eigen lichaam dat     straks gedood zal worden en de rode wijn met Zijn bloed dat straks vergoten zal worden,     dan duidt Hij zijn naderende dood aan als een plaatsvervangend sterven.
   
Jezus stelt hier een grondige verandering voor: het zou niet langer gaan om een gedenken van Gods bevrijding uit de slavernij van Egypte, maar van Jezus zelf! Was deze Jezus, deze vriend van hen, werkelijk zo belangrijk?

Jezus’ sterven was niet een tragische gebeurtenis of pech, maar een vervulling van datgene dat de Israëlieten bij het eten van het Pascha vierden: Gods redding in nood en het vooruitzicht om met Hem het Pascha/avondmaal te vieren.

Zijn wij bereidt om samen op reis te gaan? Zullen we dan allemaal instappen! De bus stopt alleen op de eindbestemming. Wie eerder uitstapt valt op z’n snufferd! Samen op reis. Samen aan de tafel, gemeenschap met z’n allen. We zullen het met z’n allen moeten doen! We moeten oud worden met elkaar, niet door elkaar. In Lucas 22:24 kunnen we lezen dat er al onenigheid was over de vraag wie als eerste moest gelden. Zo moet het dus niet. Waar moeten we dan aan voldoen om deel te mogen nemen aan het avondmaal?

1 Cor 11:17-34. Ook hier wordt Avondmaal gehouden!

Maar wat is maaltijd houden? Het is in ieder geval veel meer dan het doorslikken van eten en drinken. Het is een tijd van samenzijn. Als we zeggen: Kom eens bij ons eten, dan bedoelen we: kom eens langs om te praten, te lachen en vriendschap rond de tafel te beleven. Het sociale element is essentieel. De moeite die we aan de maaltijd besteden, komt overeen met de waarde die we hechten aan onze vriendschap met de gasten.

17 Paulus zegt hier dat de samenkomsten meer kwaad dan goed doen. Het is vanzelfsprekend     dat dit in strijd is met het eigenlijke doel van het samenkomen. Dat is immers de opbouw van     de gemeente, van haar eenheid, haar geloven, hopen en liefhebben. In Corinthe doet men     echter dingen waardoor de kwaliteit van de gemeente achteruit gaat.

18 Het eerste (vooreerst) daarvan is verdeeldheid. Op een vooreerst zou een ten tweede moeten     volgen. Hier komt Paulus niet eens aan toe. Belangrijk punt is in ieder geval het     samenkomen. Als vele leden gaan we dan op in het ene geheel van het lichaam,12:12 de     gemeente Gods. Daarom gebeurt er iets als men in gemeenschap bijeen is. Niemand is er om     en voor zichzelf, maar ieder is er om en voor de ander, en allen zijn er om en voor God.     Men speelt er het boeiende, meeslepende spel van de nieuwe vredesrelatie tussen God en     mens, en tussen mens en medemens. In dit spel kan men zijn wat men door Gods genade is:     een     zoon van God en een broeder van de ander. Hiervoor hoeven we ons niet te schamen!     Niemand hoeft het als een te grote pretentie te ervaren als je je als zoon van God gedraagt,     als je juichend Abba of Vader durft te roepen. Dit is een voorspel waar je je alvast kunt     oefenen voor de heerlijkheid waarin we straks terecht zullen komen. Met diepe aandacht     luister je naar het verhaal van de spelregels, want hoe kun je meedoen als je die niet kent?

Paulus zegt hier tot de Corintiërs dat er iets aan de hand is. Maar wat dan? Er ontbreekt iets aan het samenspel; men laat niet allen met alles meedoen. In de verzen 20-22 zien we dat er mensen zijn die hun eigen weg gaan. Men eet en vreet, men drinkt en zuipt zondere rekening te houden met een ander. Dus geen gemeenschap! Als we ons niet kunnen beheersen met het brood of de wijn hebben wij geen deel aan de maaltijd des Heren. Ook al zouden we samen eten en drinken.

Vers 21 grijpt vooruit naar vers 33. Blijkbaar zijn er laatkomers, die de hond in de pot vinden als zij in de gemeentelijke samenkomst verschijnen. Blijkbaar ook hebben de reeds aanwezigen alles wat zij meebrachten verslonden zonder iets over te laten voor de dan nog afwezigen. Met het kwade gevolg, dat na afloop van de maaltijd de een hongerig is omdat voor hem niet is overgebleven, en de ander dronken. Hier had dus een ieder zijn eigen maaltijd.
De maaltijd des Heren dient niet tot vervulling van je maag, maar hij wordt gehouden terwille van de  behoeftigen. Hij is er om de ander. Niet hun eigen lichaam, maar het lichaam des Heren, de gemeente in haar geheel, moet door deze maaltijd gevoed worden.

De verzen 23-26  beschrijven opnieuw wat we in Lucas hebben gelezen.

27 Wie mag deelnemen aan het Avondmaal? Geen enkele vreemdeling mag van het Pascha     eten.Ex 12:43 De maaltijd was aleen voor het verbondsvolk, voor hen die bescherming zochten     achter het bloed van het Paaslam. Er werd een scherpe scheiding gemaakt tussen ingewijden     en buitenstaanders, want het was een maaltijd waarbij de Here scheiding maakt tussen     Egyptenaren en Israëlieten.Ex 11:7  Dus alleen zij die persoonlijk betrokken zijn bij het vergoten     bloed van Gods Lam, maken deel uit van het verbondsvolk en kunnen daarom in     aanmerking komen om deel te nemen aan het Avondmaal.
 
    Onwaardige wijze deelneemt: Men at om te eten en dronk om te drinken, en niet om de     werkelijkheid van het nieuwe verbond te vieren. Daar kwam nog bij dat men de arme     broeders en zusters bij lege schalen en bekers welkom heette. Dit was geheel in strijd met     wat er met deze maaltijd bedoeld werd. Dit brood en deze beker dienen niet tot bevrediging     van de behoeften van het eigen lichaam, maar tot het vierend gedenken van wat de Heer was     en deed, is en doet, zal zijn en zal doen voor de Zijnen.

    “Zich bezondigen aan” is het tegenovergestelde van “de verschuldigde eer bewijzen aan”. Zij     onthouden de Heer de gedachtenis, waar Hij recht op heeft. Niet Zijn lichaam en bloed staat     in het middelpunt, maar hun eigen lichaam en bloed. Zij staan verzadigd en wel van de tafel     op maar de Heer hebben zij te kort gedaan. Een niet mis te verstaan teken daarvan zijn de     hongerige broeders.

Een ander voorbeeld van het op onwaardige wijze deelnemen aan het Avondmaal: Die zijn hand met Mij in de schotel heeft gedoopt,
die zal Mij verraden. Mat 26:23 Judas was er niet om Jezus te gedenken en eer te bewijzen.
Wie zich bezondigd aan het lichaam en bloed van de Here, is mede schuldig aan de dood van de Here aan het kruis.Hebr 6:6 Door ongepast gedrag bij het Heilig Avondmaal geeft men als het ware te kennen thuis te horen bij de moordenaars van de Here Jezus.

Zonder gehoorzaamheid aan Gods woord, het gedenken van Christus lijden, is het Avondmaal een schijnvertoning. Het is dan als iemand die een trouwring, symbool van eindeloze trouw in het huwelijk, blijft dragen, terwijl hij overspel pleegt.

28 Ieder gemeentelid is tot zelfonderzoek bevoegd. Hierbij staan niet de misstappen, die zij     gedaan hebben, in het middelpunt van hun zelfonderzoek, maar die, welke zij gevaar lopen     te zullen doen. Via dit onderzoek moeten zij bij zichzelf nagaan of het hun bij deze maaltijd     wel enkel en alleen te doen is om de Heer te gedenken en zich daardoor te laten sterken      en bewegen tot het geloven, hopen en liefhebben. Het zelfonderzoek dient niet tot het     mijden van de tafel des Heren, maar juist om er aan deel te nemen. De apostel gaat er van     uit, dat het resultaat van dit onderzoek positief zal zijn. Hij heeft er alle reden toe dit te     verwachten, omdat het leden van de gemeente Gods betreft, die door de Geest geleid     worden, ook bij deze zelftoets. Daarom zegt hij ook: en ete dan van het brood en drinke uit     de beker. Lezen Joh 6:53-58.

Paulus spoort daartoe aan, omdat we beter nu onszelf onder handen kunnen nemen dan dat we nu of later het lijdend voorwerp worden van het oordeel van de Heer.

30    Als wijzelf de zonde in de gemeente niet veroordelen, dan zal God dit doen. De eerste     tekenen zijn in Corinte reeds zichtbaar. Daarom zijn er onder u velen zwak en ziekelijk en     ontslapen niet weinigen. Paulus ziet in dit kwade verschijnsel een oordeel des Heren. Daarmee zegt hij nog niet, dat een ziekte of een sterfgeval in de gemeente altijd een signaal is van de toorn des Heren. Hij is zelf ook wel eens ziek geweest Gal 4:13 en hij droeg de doren in het vlees met zich     mee.2 Cor 12:7 Daarin heeft hij geen teken van een veroordeling door de Heer gezien, maar, althans wat betreft de doorn in het vlees, een middel om hem klein te houden. Het is vooral de veelheid van de ziekte- en sterfgevallen in Corinte, die hem argwanend heeft gemaakt en hem tot de slotsom bracht: dit is een signaal van de Heer; Hij brengt een oordeel over de gemeente, en de reden ligt in die misstand bij de maaltijden. Dit kan hij niet bewijzen, maar blijkbaar verwacht hij, dat de Corintiërs het met hem eens zullen zijn.

Als we op zondag heiliger zijn dan op de zes andere dagen, dan is onze heiligheid éénzevende van wat ze zou moeten zijn.

31 Ook vers 32
    Waarom zouden wij onszelf moeten beoordelen? Omdat hij, als hij zichzelf beoordeelt     aan     het oordeel van God ontkomt!vs.31
    God geeft de Zijnen een aparte behandeling. Hij laat ons niet zo maar onze gang gaan. Door     Zijn ingrijpen brengt Hij de gemeente weer in het gareel. De wereld is niet zo bevoorrecht.     Zij     kan nu nog ongestraft in zonde leven. Zoals God de afgodendienst bij de volken     tolereerde, maar bijzonder intolerant bleek als Israël, zijn eigen volk, zich daaraan schuldig     maakte, zo tolereert de Heer de zonden van de wereld, maar grijpt Hij krachtig in als zich in     Zijn gemeente misstanden voordoen.
    Daaraan is te danken, dat de zijnen in het     laatste oordeel vrijuit zullen gaan. Niet omdat zij     in volmaaktheid geleefd hebben, maar omdat zij reeds tijdens hun leven onder het oordeel     van de Heer zijn doorgegaan. Voor hen behoort het dan tot een verleden tijd. Wanneer dus     de Corintiërs vinden dat God hen oordeelt, moeten ze daar Gods genade in zien. Hij heeft     hen nog niet overgegeven,Rom 1:24, 26, 28 maar werkt aan hen, opdat ze zich zouden bekeren van     hun zonde.

33 Ook vers 34
    Wanneer jullie samenkomen om te eten wijst op het gemeenschappelijke liefdemaal van de     gemeente,vs 20 dat afgesloten wordt met de viering van het Avondmaal. Het wachten op     elkaar heeft in eerste instantie betrekking op het liefdemaal.
    Deze maaltijden zijn echte liefdemalen; voor de armen om liefde te ontvangen, voor de     anderen om liefde te geven. Voor allen zijn zij ook de plaats, waar zij de zichzelf     wegschenkende liefde van de Heer vieren. Op deze wijze wordt de gehele gemeente ook     door dit middel opgebouwd in het geloven, hopen en liefhebben.

Het Avondmaal dat volgt op het liefdemaal doet men tot gedachtenis van de Heer, en niet tot stilling van de honger. Alleen zo voorkomt men de gewraakte misstanden en derhalve het oordeel van de Heer. Aan het Avondmaal wordt hoop vernieuwd, krijgt een kwijnende geest nieuw leven ingeblazen en wordt nieuw leven en kracht in het Lichaam van Christus geïnjecteerd.

VERTELLING VOOR DE KINDEREN: HET LAATSTE AVONDMAAL

Jezus en zijn discipelen waren in Jeruzalem om het Pesachmaal (Pascha/Paasfeest) te vieren. Dit feest was toen een herinnering aan de tijd dat God zijn volk uit Egypte had geleid. Er werd een lam geslacht en ongedesemd brood gebakken, en saus met bittere kruiden klaar gemaakt, net zoals het toen in Egypte gebeurde. Het was een blij feest, een blijde herinnering aan de verlossing uit Egypte, een feest met dank in het hart.

"Waar gaan wij het Pesachmaal vieren?" vroegen de discipelen aan Jezus. "Ga maar naar de stad", zei Hij. "Daar zul je een man zien lopen met een kruik op zijn hoofd, volg hem maar en vraag aan de heer van dat huis waar wij het Pesachmaal kunnen vieren". De discipelen deden zoals Jezus had gezegd. Zij zagen de man lopen en volgden hem het huis binnen. De heer van het huis wees hen een zaal aan waar zij het Pesachmaal konden vieren. De discipelen maakten alles klaar wat nodig was voor het feest.

Het was een blij feest, maar de discipelen waren ook een beetje verdrietig. Jezus had gesproken over Zijn lijden en sterven en ze begrepen het niet. Wat zou er gaan gebeuren en waarom was dit nodig? Jezus zei: "Dit is de laatste keer dat ik met jullie dit Pesachmaal zal vieren, tot dat we in Mijn Koninkrijk zijn". De discipelen schrokken, de laatste maal? Waar zou Jezus dan zijn? "Het zal niet lang meer duren, dat ik gevangen genomen zal worden", sprak Jezus en dan moet ik sterven. Eén van jullie zal mij verraden". De discipelen keken elkaar verbaasd aan. Nee toch, hoe kon nu iemand van hen Jezus verraden? Johannes, die dicht bij Jezus zat vroeg zacht: "Wie is het Here, wie zal U verraden?" Degene die ik een stuk brood geeft, die zal mij verraden", antwoordde Jezus zacht, zodat alleen Johannes het kon horen. Toen gaf Hij het brood aan Judas.

Ook Judas was geschrokken van de woorden van Jezus. Zou Jezus weten wat hij van plan was. Kende Jezus zijn gedachten, het boze plan dat hij had beraamd? Wist Jezus wat er zou gaan gebeuren? Ook Judas vroeg: "Ben ik het Heer?" Jezus keek Judas heel verdrietig aan. "Ja, jij bent het. Ga maar doen wat je van plan bent", zei Hij tegen Judas. Jezus wist alles van Hem. Judas stond op en ging naar buiten, de donkere avond in om zijn vreselijke plan uit te voeren.

De andere discipelen wisten niet wat Judas ging doen. Ze dachten dat hij nog iets ging kopen voor het feest, of iets moest brengen bij de armen. Maar Jezus wist het wel.

Ze aten van het brood en dronken van de wijn. Jezus nam het brood en brak er een stuk af. "Dit moeten jullie altijd blijven doen, als herinnering aan mij. Het gebroken brood, is een herinnering aan mijn lichaam, mijn leven, dat ook voor jullie gebroken zal worden". Hij nam de beker met de wijn. "Deze wijn is een herinnering aan het bloed, mijn bloed, dat zal vloeien, ook voor jullie. Neem het brood en drink de wijn en doe dit later ook, zodat je altijd weer aan mij zult denken en aan het offer dat ik voor jullie heb gebracht. Dat mogen jullie nooit vergeten".

Jezus vertelde, dat hij deze nacht gevangen genomen zou worden en veel zou moeten lijden en sterven. "Jullie zullen me allemaal in de steek laten", zei Jezus. "Nee hoor", riep Petrus, "ik zal U nooit verlaten, maar altijd bij U blijven. Ik zou wel voor U willen sterven". "Ook jij zult me verlaten, Petrus.Vóór dat de haan in de vroege ochtend zal kraaien, zul je liegen en tot 3 x toe zeggen,dat je me nooit hebt gekend". Petrus kon het niet geloven en de andere discipelen ook niet. Jezus verraden? Dat nooit.

Jezus sprak nog veel met de discipelen. Hij vertelde dat ze erg verdrietig zouden zijn, maar dat er ook weer iets heel moois zou gebeuren. Jezus moest wel sterven, maar Hij zou ook weer leven. Hij zou niet dood blijven, maar weer opstaan uit de dood. Daarna zou Hij naar de hemel gaan en daar mochten zij later ook komen. Toen baden ze samen. Jezus bad voor Zijn discipelen en voor alle mensen. Hij bad ook voor jou en voor mij. "Vader, ik wil dat ze allemaal bij Mij in de hemel komen". Want niet alleen de discipelen mogen later bij Jezus in de hemel komen, maar alle mensen en kinderen van de hele wereld. Jezus stierf voor ons allemaal, maar dat begrepen de discipelen toen nog niet.

Jezus stond op. "Kom maar, laten we gaan, zei Hij. En ze gingen de donkere nacht in
.

DOORGEDACHT OVER HET AVONDMAAL

Wij vieren de maaltijd tot zijn gedachtenis. Om hem te gedenken. Om niet alleen te zeggen dat hij in ons midden is maar om het tastbaar te maken dat hij er is. Dat hij met ons deelt. Brood en wijn deelt, ja zijn leven deelt. Wij denken dat het woord er alleen is om te horen. Maar het is er ook om het te proeven en te ervaren. Ervaring is net zo belangrijk als kennis. Het avondmaal staat aan de kant van de ervaring. Samen met de doop. Ze zijn samen aan ons gegeven om ons het woord te laten voelen. Maar de doop is eenmalig. Je kunt hem herdenken. Maar je wordt geen tweede keer
gedoopt. Daarom wordt het avondmaal des te belangrijker. Het avondmaal is er om te koesteren.

Het is alleen jammer dat de gang naar het avondmaal voor velen onder ons zo zwaar is geworden. Ik weet wel hoe dat komt. Dat komt door Paulus die te keer is gegaan tegen rijke lui die al het eten op hadden voordat de slaven er aan toe kwamen. (1 Korintiërs 11: 17 en verder) Die moesten eerst werken, en waren altijd de laatsten. Het was in de tijd dat
de maaltijd nog echt een maaltijd was waar de honger en de dorst gestild moest worden. Paulus schrijft over die rijke lieden dat zij op onwaardige wijze van het brood eten en op onwaardige wijze uit de beker van de Heer
drinken, ja dat zij zich schuldig maken tegenover het lichaam en het bloed van de Heer. Hij zegt dan: Laat iedereen zichzelf eerst toetsen voordat hij van het brood eet en uit de beker drinkt, want wie eet en drinkt maar niet beseft dat het om het lichaam van de Heer gaat, roept zijn veroordeling af over zichzelf.

Dat zijn pittige woorden. En ze hebben veel kracht gekregen. Te veel
kracht. Want wie is er waardig? In de kerkgeschiedenis zijn de aardigste
mensen weggebleven omdat ze bleven steken in het toetsen van zichzelf.
En de kerk heeft het jammer genoeg gestimuleerd.

Waren we maar bij de oude Luther gebleven. Luther keert de woorden van Paulus om. Hij zegt dat juist wie zich onwaardig voelt naar het avondmaal  toe moet komen. Hij was een goed pastor en kenden zijn pappenheimers.
Juist de mensen die zo over hun zonden nadachten waren de besten. En hij gunde ze het avondmaal zo. Luther had het avondmaal leren kennen als een kracht in de strijd tegen zonden, boze geesten en de wereld. Juist wie moe en mat is, moet verheugd naar het avondmaal gaan om daar de steun van Christus en de heiligen te vinden. Hij schrijft aan een adellijke dame die naar de betekenis van het sacrament heeft gevraagd: En de mens mag zich welgemoed sterken en troosten en zeggen: Ben ik een zondaar, ben ik gevallen, treft mij dit of dat ongeluk, welaan dan ga ik naar
het sacrament en neem een teken van God dat de gerechtigheid van Christus, zijn leven en lijden, er voor mij is, samen met alle heilige engelen en zaligen in de hemel en vrome mensen op aarde. ( Uit: Uiteenzetting over het hoogwaardig sacrament van het heilig ware lichaam van Christus uit 1519, Luther na 500 jaar, Kampen 1983)

En denk nou niet dat Luther te gemakkelijk denkt. Het zijn toch ook de tollenaars en hoeren die Jezus bij zich aan tafel uitnodigt. En zegt hij niet tegen de malle Zacheüs in de boom dat hij bij hem in zijn huis moet zijn? Tijdens zijn leven komt Jezus op voor diegenen die hem het meest nodig hebben. Wat denkt u; dat is nu toch nog zo. Voor allen die zich bezwaard weten door de dingen van het leven heeft hij het avondmaal in gesteld en gezegd: Denk aan mij. Zie mij daar staan. Weet wat ik deed. Ik deed het; ik doe het voor u.

Christus’ lichaam is voor u gegeven; Christus’ bloed voor u vergoten. We zeggen die woorden, als we rondgaan met brood en wijn. En het is bijna vanzelf dat we denken aan Jezus kruisdood. De woorden zijn gesproken vlak voor zijn dood. Het is logisch. Maar we vergeten vaak dat zijn dood niet anders was dan zijn leven. Hij kwam voor ons. Hij kwam om met ons
gemeenschap te hebben. Die gemeenschap was er op allerlei punten. Als hij met zijn leerlingen rondtrok. Als hij at met de mensen die achter hem aan trokken. Als hij zich hun levens aantrok en genas waar levens gebroken waren. Hij is met ons, bij ons. Bij het kruis wordt het voor ieder die het wil zien zichtbaar. Zelfs in de dood laat hij ons niet alleen. Maar niet voor de dood, voor het leven geschiedt dat. In het avondmaal komt dat allemaal bij elkaar. Want het is meer dan erbij zijn. Het is inniger, closer.

Paulus, toch maar weer Paulus tegen de Korintiërs zegt: Wij zijn allen één brood en één lichaam; wij die deelhebben aan het ene brood en de ene kelk. Paulus was zo dom niet. Hij zag sommige dingen wel scherp. Maar
we moeten hem in de context van zijn tijd blijven zien. Paulus benadrukt hier terecht de gemeenschap. Luther zegt over deze gemeenschap. Deze gemeenschap bestaat in het volgende: Degene die het sacrament van brood en wijn ontvangt, deelt in alle geestelijke goederen van Christus en zijn heiligen, zodat die gemeenschappelijk bezit zijn. ( Uit: Uiteenzetting
over het hoogwaardig sacrament van het heilig ware lichaam van Christus uit 1519, Luther na 500 jaar, Kampen 1983)

Allen zullen alles gemeenschappelijk hebben. Christus wil dat wij in zijn goedheid en liefde delen. Mensen die één worden gaan op elkaar lijken. Een mens wordt een christen, een Christus. En ik kom weer terug op Luther. Luther is hier zijn
leven lang mee bezig geweest. Want hij gelooft in de eenwording. Maar hij ziet naast de liefde van Christus ook het lijden en zonden van gewone mensen. Is dat dan zo maar weg. Gemeenschap betekent delen; delen betekent in ons geval ruilen, zegt hij dan. Wat heeft Christus, wat hebben wij. Christus heeft genezing, goedheid en liefde. Wij krijgen ze van Hem.

Maar wat hebben wij. Mooie dingen, maar ook minder mooie. Christus neemt ze aan. En doet ze weg. Daarin ziet Luther dan ook de grote waarde van het avondmaal. Met je pakje kom je aan. Met je verdriet, met je zorgen maar ook met je zonden, je woede, je wraakgevoelens. In het leven weet je er geen weg mee. Aan het avondmaal kan je ze kwijt. Kom maar onwaardig, want waardig ga je terug. Kom maar boos en ongelukkig. Christus neemt het van je af. Hij strekt zijn hand naar je uit, zoals diegene naast je zijn hand uit strekt. We worden samen christen, christenen.
Gegroeid aan hem, zullen we groeien aan elkaar.


Naar begin van deze serie        

 READ THE BOOK - THE BIBLE CHANGE YOUR LIFE

Deutsch
de
English en français fr italiano it Nederlands nl español es português pt Norsk no svenska sv Polski pl čeština cz Slovák sk Magyar hu român ro Български bg hrvatski hr Pyсский ru Türkçe tr عربي ar

       

Wie zoekt zal vinden           


www Holyhome.nl

Boeiende Series :

Bijbelvertalingen
Bijbel en Kunst

Bijbels Prentenboek
Biblische Bildern
Encyclopedie
E-books en Pdf
Prachtige Bijbelse Schoolplaten

De Heilige Schrift
Het levende Woord van God
Aan de voeten van Jezus
Onder de Terebint
In de Wijngaard

De Bergrede
Gelijkenissen van Jezus
Oude Schoolplaten
De Zaligsprekingen van Jezus

Goede Vruchten
Geestesgaven

Tijd met Jezus
Film over Jezus
Barmhartigheid

Catechese lessen
Het Onze Vader
De Tien Geboden
Hoop en Verwachting
Bijzondere gebeurtenissen

De Bijbel is boeiend
Bijbelverhalen in beeld
Presentaties en Powerpoints
Bijbelse Onderwerpen

Vrede van God voor jou
Oude bijbel tegels

Informatie over alle kerken in Nederland: Kerkzoeker
 
Bible Study: The Bible alone!
L'étude biblique: Rien que la Bible!
Bibelstudium: Allein die Bibel!  

Materiaal voor het Digibord
Werkbladen Bijbelverhalen Bijbellessen
OT Hebreeuws-Engels
NT Grieks-Engels

Naslagwerken
Belijdenissen
Een rijke bron

Missale Romanum + Afbeeldingen
Stripboek over Jezus
Christelijke Symbolen
Plaatjes Afbeeldingen Clipart
Evangelie op Postzegels

Harmonium Huisorgel
Godsdiensten en Religies
Herinnering aan Kerken

Christian Country Music
Muzikale ontspanning
Software voor Bijbelstudie
Hartverwarmende Klanken
Read and Hear the Holy Bible
 Luisterbijbel

Bijbel voor Slechtzienden Begrippenlijst   -1-   -2-

Meer weten over de Psalmen, gezangen, liturgieën, belijdenisgeschriften: Catechismus, Dordtse Leerregels en veel andere informatie? . Kijk opOnline-bijbel.nl
         
  (
What's good, use it)


Waard om te weten :

Een hartelijk welkom op de site
Deze pagina printen
Sitemap
Wie zoekt zal vinden


FAQ - HELP

Kerk
Zondag
Advent
Kerstfeest
Driekoningen
Vastentijd
Goede Vrijdag
Aswoensdag
Palmzondag
Palmpasen
De stille week
Witte donderdag
Stille zaterdag
Paaswake
Pasen - Paasfeest
Hemelvaartsdag
Pinksteren
Biddag
Dankdag
Avondmaal
Doop
Belijdenis
Oudjaarsdag
Nieuwjaarsdag
Sint Maarten
Sint Nicolaas
Halloween
Hervormingsdag
Dodenherdenking
Bevrijdingsdag
Koningsdag / Koninginnedag
Gebedsweek
Huwelijk
Begrafenis
Vakantie
Recreatie
Feest- en Gedenkdagen
Symbolen van herkenning
 
Leerzame antwoorden op levens- en geloofsvragen


Hebreeën 4:12 zegt: "Want levend en krachtig is het woord van God, en scherper dan een tweesnijdend zwaard: het dringt diep door tot waar ziel en geest, been en merg elkaar raken, en het is in staat de opvattingen en gedachten van het hart te ontleden"Lees eens: Het zwijgen van God

God heeft zoveel liefde voor de wereld, dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven; zodat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat maar eeuwig leven heeft.
Lees eens:  God's Liefde

Schat onder handbereik


Bemoediging en troost

Bible-people - stories of famous men and women in the Bible
Bible-archaeology - archaeological evidence and the Bible
Bible-art - paintings and artworks of Bible events
Bible-top ten - ways to hell, films, heroes, villains, murders....
Bible-architecture - houses, palaces, fortresses
Women in the Bible -
 great women of the Bible
The Life of Jesus Christ - story, paintings, maps

Read more for Study  
Apocrypha, Historic Works
 GELOOF EN LEVEN een
          KLEINE HULP VOOR  ONDERWEG