Afbeelding Missale Romanum - 016                                        overzicht

Lees de Bijbel  

De houtsnedes zijn gepubliceerd in 1593under onder de titel Adnotationes et Meditationes in Evangelia ("Notes and Meditations on the Gospels")
153 Afbeeldingen 1593 edition, in chronologische volgorde van Jezus' leven
klik op de afbeelding voor aanvullende informatie

JEZUS JAAGT DE HANDELAREN UIT DE TEMPEL



JOHANNES 2

Uit het evangelie volgens Johannes:

13 Kort voor Pesach, het Joodse paasfeest, reisde Jezus naar Jeruzalem. 14 Daar trof hij op het tempelplein de handelaars in runderen, schapen en duiven aan, en de geldwisselaars die daar altijd zaten. 15 Hij maakte een zweep van touw en joeg ze allemaal de tempel uit, met hun schapen en runderen. Hij smeet het geld van de wisselaars op de grond, gooide hun tafels omver 16 en riep tegen de duivenverkopers: ‘Weg ermee! Jullie maken een markt van het huis van mijn Vader!’ 17 Zijn leerlingen dachten aan wat er geschreven staat: ‘De hartstocht voor uw huis zal mij verteren.’ 18 Maar de Joden vroegen: ‘Met welk teken kunt u bewijzen dat u dit mag doen?’ 19 Jezus antwoordde hun: ‘Breek deze tempel maar af, en ik zal hem in drie dagen weer opbouwen.’ 20 ‘Zesenveertig jaar heeft de bouw van deze tempel geduurd,’ zeiden de Joden, ‘en u wilt hem in drie dagen weer opbouwen?’ 21 Maar hij sprak over de tempel van zijn lichaam. 22 Na zijn opstanding uit de dood herinnerden zijn leerlingen zich dat hij dit gezegd had, en zij geloofden de Schrift en alles wat Jezus gezegd had.


De tempelreiniging (1)

Naast de gewone bezoekers van de tempel, waren er anderen die met een duidelijke reden kwamen. De een kwam om een offer te brengen, de ander om te bidden, terwijl de volgende ook meteen zijn bijdrage voor de dienst des Heren kwam brengen. Voor al deze mensen moet het een bijzondere ervaring geweest zijn, dat zij zo dicht bij God aanwezig waren. Zij wisten, dat zij op heilige grond stonden, omdat God Zelf daar woonde. Het hele tempelterrein was heilige grond, gewijd aan de aanwezigheid van God en aan de dienst van God. Daarom moest dit ook op een bijzondere wijze gestalte gegeven worden.  
De bezoekers van de tempel die een offer kwamen brengen, konden onmogelijk van huis een rund of schaap meenemen. Stel u voor, dat iemand uit Galilea naar de tempel in Jeruzalem, Judea kwam om een offer te brengen en de hele weg een schaap met zich mee liet lopen. Offerdieren moesten verkocht worden. Je kon moeilijk 100 kilometer komen lopen met een koe of een schaap achter je aan. Dat kon niet en dat hoefde ook niet. Bij de tempel waren handelaren die deze dieren verkochten. Van hen kocht je het dier dat je wilde offeren en dit bracht je naar de tempel.

Bezoekers van de tempel die hun jaarlijkse bijdrage kwamen betalen, hadden vaak niet de juiste muntsoort. Zoals wij in Zwitserland of Amerika niet met euro ‘s kunnen betalen, zo konden Joden uit Rome (of andere landen) hun bijdrage aan de tempel niet met de Romeinse munt (nota bene met het beeld van de keizer er op!) betalen. Daarom moest dit geld gewisseld worden. Ook dit kon bij de tempel gebeuren en ook dit was niet verkeerd. Vreemde valuta van Joden die uit andere landen naar Jeruzalem gekomen waren moest omgewisseld worden in de munt van de voorgeschreven tempelbelasting.

Wat wel verkeerd was, was dat de handelaren hun plekje buiten de tempelvoorhof verwisseld hadden voor een plekje in de voorhof. Zij leken zichzelf te beschouwen als ook in de heilige dienst te staan en daarom ook hun werk te mogen verrichten binnen de muren van de voorhof. Handel bij de tempel was absoluut noodzakelijk. Het ging hier echter niet om handel bij de tempel, maar handel in de tempel, dat is op het tempelterrein: de voorhof van de heidenen. De gezagsdragers, priesters en Sanhedrin hadden dit toegestaan. Nu was de tempel niet langer een plaats waar gebeden en geofferd werd, maar waar ook handel gedreven werd. Tegen de handel op deze plaats kwam de Here Jezus in opstand. Hij kwam niet in opstand tegen de handel, maar tegen de handel op het tempelterrein. Deze mensen behoorden hun werk buiten het tempelterrein te doen.

Deze handel was toegestaan op de pleinen en de andere plaatsen bij de tempel (dus buiten de tempelmuren). De handel was echter verplaatst naar het terrein binnen de muren. Waar de ene mens stond te bidden, stond de andere mens een rund te kopen of te verkopen. De waardigheid en de heiligheid van de tempel als woonplaats van God en plaats van gebed voor de mensen werd aangetast. Het was absoluut nodig dat er ten behoeve van de tempel handel gedreven werd. Het mocht echter niet op deze plaats.

Het derde dat er gebeurde was het feit, dat mensen die van buiten de ene kant van het tempelterrein naar een plaats buiten de andere kant van het tempelterrein moesten, niet de eerbied in acht namen om even om te lopen, maar gewoon over het tempelterrein liepen. Als zij van de stad naar de Olijfberg of omgekeerd moesten, was de snelste route via het tempelplein. Dat deden zij dan ook! Zij gebruikten het tempelterrein als doorgangsweg, als sluiproute (Marcus 11:16). Zo liepen zij hier soms met allerlei bagage te zeulen. Ze waren op het tempelterrein, maar niet om er te bidden, maar omdat het de kortste weg was.

De overheid moet geweten hebben, dat de door de Here Jezus uitgevoerde reiniging terecht was. Het is namelijk opmerkelijk, dat de levitische tempelwacht niet in actie kwam om de Here Jezus te beletten bij Zijn reinigingswerkzaamheden.

Jezus veroordeeld de gebruiken op grond van de Bijbel

De Heer verklaarde Zijn daden door te wijzen op het feit, dat de tempel bedoeld is als gebedshuis voor alle volken. De profeet Jesaja had aangekondigd, dat in het komende Messiaanse vrederijk een gebedshuis zou zijn niet alleen voor het volk Israël, maar voor alle volken. “En de vreemdelingen die zich bij de HERE aansloten om Hem te dienen, en om de Naam des HEREN lief te hebben, om Hem tot knechten te zijn, allen die de sabbat onderhouden, zodat zij hem niet ontheiligen, en die vasthouden aan mijn verbond: hen zal Ik brengen naar mijn heilige berg en Ik zal hun vreugde bereiden in mijn bedehuis; hun brandoffers en hun slachtoffers zullen welgevallig zijn op mijn altaar, want mijn huis zal een bedehuis heten voor alle volken.” (Jesaja 56:6,7)

In dit verband moeten wij ook letten op een bepaalde profetie van Zacharia. De profeet Zacharia had van het Messiaanse vrederijk en van de tempel in die tijd geprofeteerd: “En er zal te dien dage geen Kanaäniet meer zijn in het huis van de HERE der heerscharen.” (Zacharia 14:21)

In onze vertaling staat, dat er in de eindtijd, dat is in de Messiaanse tijd, in de tempel geen Kanaäniet meer zal zijn. Het woord “Kanaäniet” is het woord dat letterlijk door Zacharia gebruikt wordt. Opmerkelijk is het echter, dat het door de joden vaak als “handelaar” vertaald wordt. Het waren namelijk vaak de Kanaänieten die dit soort handel dreven. Deze mensen zaten er alleen maar om handel te drijven en geld te verdienen, zoals de Arabieren in onze tijd ook graag allerlei Joodse souvenirs verkopen. Handel is handel. Maar zij dienen de God van de Joden niet. Zo waren in de tijd van de Bijbel de ongelovige Kanaänieten degenen die handel dreven in of bij de tempel. In feite verontreinigden zij als ongelovigen de dienst van God. In Nehemia 13:16-21 zien wij al een vergelijkbare situatie. Ook daar blijkt, dat het gaat om niet-joodse handelaren, die nota bene op sabbath hun waren aan de man brengen!

Realiseer u hierbij, dat de joden van nature geen handelaren zijn. Van oudsher hielden zij zich bezig met landbouw en veeteelt. Als gevolg van de antisemitische bepalingen konden zij, nadat zij uit hun land verdreven waren, hun eigen beroep niet meer uitoefenen en werden zij gedwongen in de handel te gaan.

Waarschijnlijk heeft het gebruikte woord beide betekenissen en deelt Zacharia ons mee, dat in het komende Messiaanse rijk er geen kooplieden meer zullen zitten in de tempel en dat er dan ook geen Kanaänieten meer in de tempel zullen zijn.

Geen heidense handelaren meer, wel gelovige heidenen in de dienst van God

In de tijd van het Messiaanse vrederijk zullen er geen handelaren meer in het huis des Heren gevonden worden. Terwijl er in vroeger tijden Gibeonieten (Kanaänieten!) in de tabernakel en in de tempel waren als waterdragers en houthakkers (zie Jozua 9), zal dat in het vrederijk niet meer het geval zijn. Uit de niet-joodse volken zullen er mensen zijn die met vreugde het geringste werk ten behoeve van de priesters en ten behoeve van de dienst van God gaan doen.

Jesaja kondigt dit aan: “En zij (de niet-joden) zullen al uw broeders brengen uit alle volken als een offer voor de HERE; op paarden en op wagens, op draagstoelen; op muildieren en op snelle kamelen, naar mijn heilige berg, naar Jeruzalem, zegt de HERE, zoals de Israëlieten het offer in rein vaatwerk naar het huis des HEREN brengen. En ook uit hen zal Ik er nemen tot priesters, tot Levieten, zegt de HERE.” (Jesaja 66:20,21) Jesaja zegt, dat God mensen zal nemen uit de niet-joden, die voor Hem bepaald werk in de toekomstige tempel zullen mogen verrichten. Zoals de Gibeonieten in de tempel mochten assisteren, zo zullen er opnieuw assistenten zijn uit de volkeren. Wat een eer zal het zijn, om als niet-jood dit prachtige werk voor God te mogen verrichten. Zoals er in onze tijd ook uit ons land jongens en meisjes zijn die als niet-joden een bepaalde tijd in een kibboets of in het Israëlische leger dienst doen om het volk van God terzijde te staan en dit als een hoge eer beschouwen, zo zal dit blijkbaar in het vrederijk op veel hoger niveau eveneens geschieden. Het zal dan zo’n hoge eer zijn om dit werk voor God te mogen verrichten, dat rabbijn Redak verwacht, dat het de aanzienlijken uit de volken zullen zijn, die dit werk gaan doen.

Wij zijn er sterk van overtuigd, dat wij aan de vooravond staan van de algehele terugkeer van de Israëlieten, de herbouw van de tempel en de wederkomst van de Here Jezus als Koning in het Messiaanse vrederijk. De Talmoed is ervan overtuigd, dat dit rijk zal komen als er 6000 jaar van de geschiedenis van de aarde verstreken is. De Talmoed zegt zelfs, dat vóór dat dat moment aanbreekt, de aardbodem van het land Israël weer gecultiveerd zal zijn. In onze tijd zien wij, dat dit voor een groot deel gebeurd is. Spoedig zullen, zoals de Bijbel zegt, de volkeren gaan meewerken om de ontheemde joden vanuit de gehele wereld naar Israël te brengen.



De tempelreiniging (2)

Samen met Zijn discipelen kwam Hij in de tempel, zoals dat al door Maleachi was voorzegd (Maleachi 3:1). Daar stuit hij op ergerlijke toestanden.  Op het grote binnenplein, het zogenaamde  'voorhof der heidenen', werd markt gehouden. Daar werden zaken gedaan, waarvan de leiders van het volk stellig geducht profiteerden. Zonder hun toestemming zou een dergelijke handel nooit hebben kunnen plaatsvinden).

Heiligschennis.

Handelen doe je op de beurs, niet in de tempel.
De liefde voor het geld heeft al wat ellende veroorzaakt.
Erger nog wordt het als de gódsdienst misbruikt wordt om zich te verrijken. Ook dat komt voor. Dan maakt iemand van de godzaligheid zijn gewin (1 Timotheüs 6:5 en 10).
"De geldgierigheid is een wortel van alle kwaad", zegt Paulus, "tot welke sommigen lust hebbende, zijn afgeweken van het geloof, en hebben zichzelf met vele smarten doorstoken". 
Wel moest er volgens de wetten van Mozes elk jaar door elke mannelijke Israëliet boven de 20 jaar een halve sikkel aan belasting voor de taber-nakel, dus - naar ik aanneem - ook voor de tempel worden betaald, waaruit de kosten van onder andere de offers konden worden bestre¬den. (Bij voorbeeld het hefoffer - Exodus 30:12-14 en Mattheüs 17:24-27).
Die belasting bedroeg één didrachme. Deze moest in de maand vóór Pasen worden afgedra¬gen. (Een didrachme is een dubbele drachme en dat is een halve stater - Mattheüs 17:24-27. Een drachme is hetzelfde als wat in Mattheüs 20 : 2 'een penning' genoemd wordt, het dagloon van een arbeider).
Deze moest in Hebreeuws of Tyrisch geld betaald worden. Anders moest men het geld omwisselen.

Vroeger bracht men de offerdieren van huis mee.  Maar had de godsdienst in de praktijk wat gemakkelijker gemaakt. Nu kon men de dieren bij de tempel kopen.(Deuteronomium 14:24-26)
Toen Jezus dat alles zag, was Hij ontsteld.
Onmiddellijk begon Hij deze door de overheid toegelaten goddeloos-heid te bestrijden en het volk te wijzen op een noodzakelijke geestelijke eredienst (4:24), een waarachtige bekering van het hart.
Van de touwen die op deze veemarkt her en der verspreid lagen, maakte Hij een zweep, een soort gesel. Daarmee dreef Hij het vee buiten de poort.
Omdat deze handel plaatsvond in het huis van Zijn Vader, had Jezus het volste recht om op een dergelijke wijze te werk te gaan.

Jezus veegde het tempelplein schoon. De kooplui volgden hun dieren

Wat we bij dit optreden van Jezus kunnen leren, is, dat hij in deze geestelijke  kwestie voorzich¬tig te werk gaat. Hij mag dan  de ossen en schapen  weggejaagd hebben, maar Hij gaf de verkopers  volop de gelegenheid hun dieren te volgen.
Hij had de duiven - het offer van de armen - kunnen laten wegvliegen, maar tegen de eigenaars zegt Hij: "Neemt deze dingen van hier weg".
En dat betrof ook voor de geldwisselaars, van wie Hij het geld over het tempelplein had uitgestort. Ze kregen de kans het geld weer op te rapen.

De discipelen zullen aanvankelijk wel verwonderd zijn geweest toen ze dit alles aanzagen, maar ineens gaan ze te midden van deze situatie het woord verstaan, dat David - als type van Christus - eens gesproken had, toen ook hij ijverde voor het huis van Zijn God. Hij was daar toen door in grote ellende gekomen. (Psalm 69:10).
De boze blikken, die de discipelen opvingen, maakten hen bezorgd, dat een dergelijk lot ook hun Meester vroeg of laat zou treffen.
  
Het optreden van Jezus trok de aandacht van de tempelpolitie. Een politie-officier vroeg Hem naar Zijn bevoegdheid. Of Hij Zijn legitimatiepapieren maar eens even wilde tonen.
Ze dachten er niet aan, zómaar te capituleren, ook al zullen ze best begrepen hebben, dat alles, wat daar in dat voorhof gebeurde, niet kon.
Ze vroegen om een teken, waaruit moest blijken, dat Hij het recht had op een dergelijke wijze in te grijpen. En Jezus gaf een teken. Geen teken dat onmiddellijk gezien werd. Ook geen teken, dat duidelijk omschreven werd.  Maar een teken dat overdrachtelijk, figuurlijk, werd aangeduid.
Een teken ook, dat later zelfs tégen Hem gebruikt zou worden, als ze Hem voor een Godslasteraar uitmaken (Mattheüs 26:60 en 61). Hij weet dat ze Hem eens uit haat zullen overleveren in moordenaarshanden.

De eigenlijke tempel van God is Christus zelf (Johannes 1:14 en Colossensen 2:9)

En deze tempel zou in overeenstemming met Gods Raad door de Joden worden afgebroken en door de Heere in drie dagen weer worden opgericht (Handelingen 4:28).
Dat verstonden de Joden niet.  Zij dachten alleen maar vleselijk. Zij betrokken het woord van Jezus uitsluitend op de tempel die onder hun opzicht stond.
Tijdens het 18e jaar van de regering van Herodes de Grote (van 37-4 v. Chr.) was deze prachtlievende vorst met de bouw ervan begonnen. De oude tempel van Zerubbabel moest op zijn bevel van de grond af herbouwd worden.
Zes en veertig jaar had de bouw nu al geduurd en nog was hij niet af.
Pas 35 jaar later, in het jaar 63 zou hij worden voltooid. Het werd één van de wereldwonderen van de oudheid. Een Joods spreekwoord uit die tijd luidde: "Wie de tempel van Herodes niet gezien heeft, heeft nooit iets moois gezien."
De tempel was de plaats, waar de Heere wilde wonen te midden van Zijn volk.
In feite was Chrístus de ware tempel, en van Hem was de tempel te Jeruzalem slechts een voorafschaduwing. Ook de discipelen hebben het woord van Jezus niet ten volle verstaan. Pas na Zijn opstanding zouden zij begrijpen wat hun Meester bedoeld had.
 
Hieruit kunnen we leren, hoe nuttig het is jonge kinderen de dingen rond het Woord van God te leren, die ze in eerste instantie wellicht nog niet begrijpen, maar die ze later - als ze groot geworden zijn - zullen verstaan.
 
Jezus bleef die week in Jeruzalem. Hij getuigde daar van Zichzelf en zette Zijn woorden kracht bij door veel tekenen. Daardoor kwamen velen tot de belijdenis dat Jezus de Messias was.
Maar van een waarachtige bekering was geen sprake. Men zag in Jezus niet meer dan een groot profeet. Men had alleen maar een geestdriftige bewondering voor Zijn daden.  En....misschien zou Hij het land ook nog wel eens van de Romeinse overheersing verlossen. Maar Hij, Die weet wat er in de harten van mensen opgaat en hun nieren proeft, gaat Zijn eigen weg. 
Hij wist ook hoe onbewogen en onveranderd het hart van deze mensen gebleven was, ondanks de woorden die Hij gesproken en de wonderen die Hij gedaan had.
Wat gaat hiervan een waarschuwende stem ook naar ons uit.
We mogen het David wel telkens weer nazeggen: “Doorgrond mij, o God, en ken mijn hart; beproef mij, en ken mijn gedachten. En zie, of bij mij een schadelijke weg zij; en leid mij op de eeuwige weg”.


Naar begin van deze serie        

 READ THE BOOK - THE BIBLE CHANGE YOUR LIFE

Deutsch
de
English en français fr italiano it Nederlands nl español es português pt Norsk no svenska sv Polski pl čeština cz Slovák sk Magyar hu român ro Български bg hrvatski hr Pyсский ru Türkçe tr عربي ar

       

Wie zoekt zal vinden           


www Holyhome.nl

Boeiende Series :

Bijbelvertalingen
Bijbel en Kunst

Bijbels Prentenboek
Biblische Bildern
Encyclopedie
E-books en Pdf
Prachtige Bijbelse Schoolplaten

De Heilige Schrift
Het levende Woord van God
Aan de voeten van Jezus
Onder de Terebint
In de Wijngaard

De Bergrede
Gelijkenissen van Jezus
Oude Schoolplaten
De Zaligsprekingen van Jezus

Goede Vruchten
Geestesgaven

Tijd met Jezus
Film over Jezus
Barmhartigheid

Catechese lessen
Het Onze Vader
De Tien Geboden
Hoop en Verwachting
Bijzondere gebeurtenissen

De Bijbel is boeiend
Bijbelverhalen in beeld
Presentaties en Powerpoints
Bijbelse Onderwerpen

Vrede van God voor jou
Oude bijbel tegels

Informatie over alle kerken in Nederland: Kerkzoeker
 
Bible Study: The Bible alone!
L'étude biblique: Rien que la Bible!
Bibelstudium: Allein die Bibel!  

Materiaal voor het Digibord
Werkbladen Bijbelverhalen Bijbellessen
OT Hebreeuws-Engels
NT Grieks-Engels

Naslagwerken
Belijdenissen
Een rijke bron

Missale Romanum + Afbeeldingen
Stripboek over Jezus
Christelijke Symbolen
Plaatjes Afbeeldingen Clipart
Evangelie op Postzegels

Harmonium Huisorgel
Godsdiensten en Religies
Herinnering aan Kerken

Christian Country Music
Muzikale ontspanning
Software voor Bijbelstudie
Hartverwarmende Klanken
Read and Hear the Holy Bible
 Luisterbijbel

Bijbel voor Slechtzienden Begrippenlijst   -1-   -2-

Meer weten over de Psalmen, gezangen, liturgieën, belijdenisgeschriften: Catechismus, Dordtse Leerregels en veel andere informatie? . Kijk opOnline-bijbel.nl
         
  (
What's good, use it)



Waard om te weten :

Een hartelijk welkom op de site
Deze pagina printen
Sitemap
Wie zoekt zal vinden


FAQ - HELP

Kerk
Zondag
Advent
Kerstfeest
Driekoningen
Vastentijd
Goede Vrijdag
Aswoensdag
Palmzondag
Palmpasen
De stille week
Witte donderdag
Stille zaterdag
Paaswake
Pasen - Paasfeest
Hemelvaartsdag
Pinksteren
Biddag
Dankdag
Avondmaal
Doop
Belijdenis
Oudjaarsdag
Nieuwjaarsdag
Sint Maarten
Sint Nicolaas
Halloween
Hervormingsdag
Dodenherdenking
Bevrijdingsdag
Koningsdag / Koninginnedag
Gebedsweek
Huwelijk
Begrafenis
Vakantie
Recreatie
Feest- en Gedenkdagen
Symbolen van herkenning
 
Leerzame antwoorden op levens- en geloofsvragen


Hebreeën 4:12 zegt: "Want levend en krachtig is het woord van God, en scherper dan een tweesnijdend zwaard: het dringt diep door tot waar ziel en geest, been en merg elkaar raken, en het is in staat de opvattingen en gedachten van het hart te ontleden"Lees eens: Het zwijgen van God

God heeft zoveel liefde voor de wereld, dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven; zodat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat maar eeuwig leven heeft.
Lees eens:  God's Liefde

Schat onder handbereik


Bemoediging en troost

Bible-people - stories of famous men and women in the Bible
Bible-archaeology - archaeological evidence and the Bible
Bible-art - paintings and artworks of Bible events
Bible-top ten - ways to hell, films, heroes, villains, murders....
Bible-architecture - houses, palaces, fortresses
Women in the Bible -
 great women of the Bible
The Life of Jesus Christ - story, paintings, maps

Read more for Study  
Apocrypha, Historic Works
 GELOOF EN LEVEN een
          KLEINE HULP VOOR  ONDERWEG