Gelijkenissen van Jezus - deel 29 - 'De Farizeeër en de tollenaar'

De Bijbel is niet een boek wat je zomaar even van kaft tot kaft leest. Het kan lastig zijn om je weg door de Bijbel te vinden, als je niet weet wat zich wanneer heeft afgespeeld. Deze site kan je helpen om de Bijbel beter te leren kennen. Ontdek de bron van vrede, het Woord van God: 

Een inleiding op deze serie van 29 leerzame lessen

1 2 3 4 5 6 7
8 9 10 11 12 13 14
15 16 17 18 19 20 21
22 23 24 25 26 27 28
29 A B S
   ( S = INLEIDING OP DEZE SERIE   A = SPECIAL 1     B = SPECIAL 2 )

Lees de Bijbel

Het spreken in gelijkenissen (parabels) was voor Jezus een volkomen natuurlijke manier van spreken, en was kenmerkend van zijn stijl van leren. Aan het begin van het Evangelie naar Markus – nadat Jezus maar net begonnen was met zijn bediening – staat dat Jezus “alleen in gelijkenissen tegen hen sprak”. Het moet ons dus duidelijk zijn dat, wanneer we het denken van Jezus zelf willen begrijpen, we geen beter studieobject kunnen vinden dan zijn gelijkenissen. Wij mogen deze gelijkenissen grondig bestuderen met een open verstand en hart – open om te leren en open om vreugde toe te laten.
Bijbel

Hij hield hun een andere gelijkenis voor:

De Farizeeër en de tollenaargelijkenis van 'Het huis op de rots'

Verhaal De volgende gelijkenis vertelde Hij met het oog op mensen die overtuigd zijn van hun eigen rechtvaardigheid en neerzien op alle anderen:'Twee mensen gingen naar de tempel om te bidden, de een was een farizeeër, de ander een tollenaar. De farizeeër ging daar staan en sprak in zijn gebed over zichzelf: "God, ik dank U dat ik niet ben zoals de andere mensen, hebzuchtig, onrechtvaardig en overspelig, of zoals die tollenaar daar! Ik vast tweemaal per week en geef een tiende weg van al mijn inkomsten." De tollenaar daarentegen, die op een afstand bleef staan, durfde zelfs zijn ogen niet naar de hemel op te slaan. Hij sloeg zich vol berouw op de borst en zei: "O God, genade voor een arme zondaar!" Ik verzeker jullie dat deze man gerechtvaardigd naar huis ging, en de ander niet. Want ieder die zich verheft zal vernederd worden, maar wie zich vernedert zal verheven worden.'

Tollenaar

(Latijn telonarius , Grieks telônès, letterlijk "weger",namelijk van munten, graan of andere goederen die als belastingbetalingkonden dienen).

De klassiek Romeinse term voor belastingpachter was publicanus. DeRomeinse overheid verleende belastingconcessies voor een bepaaldgebied, met een bepaalde looptijd. De concessie ging meestal naar dehoogste bieder of een "vriendje" van de regering: het systeem lijktenigszins op de huidige marktwerking in de publieke sector (vergelijkde Wet personenvervoer 2000 in het openbaar vervoer). De publicanusgarandeerde een bepaald bedrag voor de Romeinse staatskas, alles wathij meer kon heffen was winst. De tarieven werden wel van hogerhandvoorgeschreven, maar vaak willekeurig toegepast. Daardoor warentollenaren bij de bevolking niet geliefd.

In het Nieuwe Testament worden twee tollenaars met name genoemd:Mattheüs en Zacheüs. Men heeft Jezus verweten dat hij omgingmet "tollenaars en zondaren" (zie Mattheüs 9:11). Inhet licht van het bovenstaande is dat begrijpelijk, maar onterechtgetuige het volgende citaat.

9 En Jezus, van daar voortgaande, zag een mens in het tolhuis zitten,genaamd Mattheüs, en zeide tot hem: Volg Mij. En hij opstaande,volgde Hem. 10 En het geschiedde, als Hij in het huis van Mattheüsaanzat, ziet, vele tollenaars en zondaars kwamen en zaten mede aan, metJezus en Zijn discipelen. 11 En de Farizeeën, dat ziende, zeidentot Zijn discipelen: Waarom eet uw Meester met de tollenaars en dezondaren? 12 Maar Jezus, zulks horende, zeide tot hen: Die gezond zijnhebben den medicijnmeester niet van node, maar die ziek zijn.

(Mattheüs 9:9-12 Statenvertaling)

Farizeeër

Farizeeën komen meerdere malen voor in het Nieuwe Testament, zowelin de Evangelieën als in Handelingen van de Apostelen en in deBrief aan de Galaten. In het Evangelie naar Matteüs komen deFarizeeën negatief over, als extreem wettisch. Dit moet men in detijd plaatsten, de breuk tussen christendom en jodendom was reedsvoltrokken in de gemeente waar de schrijver van het MatteüsEvangelie lid van was. In het Evangelie naar Lucas komen deFarizeeën sympathieker over: ze nodigen Jezus bij hen thuis uit(Luc. 7,36-50) en waarschuwen hem voor de herodianen (Luc. 13,32-33).In het Evangelie naar Johannes gaat Jezus in debat met Nicodemus, eenoverste van de joden, die later zijn aanhanger wordt (Joh. 3,1-21;7,45-52; 19,39).

In het boek Handelingen van de Apostelen speelt Paulus, eenFarizeeër een hoofdrol. Paulus krijgt tijdens een zitting van hetSanhedrin bijval van de Farizeeën omtrent de Opstanding van dedoden, waar de Sadduceeën niet in geloofden (Hand. 23,6-7). DeFarizeeën vinden dat Paulus niet vervolgd moet worden omdat hijniets zegt wat in strijd is met de joodse godsdienst (Hand. 23:9).Paulus noemt zich niet alleen een zoon van een Farizeeër, maar ookmeldt hij dat hij een Farizeeër is (Hand. 23,6). Paulus gaatechter in tegen het wetticisme, wat vooral duidelijk wordt in de Briefaan de Galaten.

In Handelingen 15,5 wordt melding gemaakt van Farizeeën die christen zijn geworden.

De Farizeeër en de tollenaar
( Lucas 18: 9 - 14)
Jezus vertelde nog een gelijkenis. Deze was bedoeld voor mensen diezichzelf voor rechtvaardig hielden en die op alle anderen neerkeken.
"Twee mensen gingen naar de tempel om te bidden; de een was eenFarizeeër, de ander een tollenaar. De Farizeeër ging daarstaan en bad bij zichzelf: O God, ik dank u dat ik niet ben zoals deandere mensen: hebzuchtig, oneerlijk en overspelig, of zoals dietollenaar daar! Ik vast tweemaal per week en sta het tiende deel af vanal mijn inkomsten. Maar de tollenaar bleef achteraf staan en durfdezelfs zijn ogen niet naar de hemel op te slaan. Hij zei, terwijl hijzich op de borst sloeg: O God, ik ben een zondaar. Wees mij genadig!
En ik zeg u: deze man, en niet de Farizeeër ging vrij van schuldnaar huis. Want ieder die zichzelf verheft, zal vernederd worden, maarwie zichzelf vernedert, zal verheven worden."

Jezus sprak heel vaak over hoe je moet bidden, want er waren heelveel mensen die dit heel goed wilden leren. Alleen de Farizeeërsdie luisterden niet naar hem, want die vonden dat ze wel al heel goedkonden bidden, ja eigenlijk vonden ze dat ze het ook wel beter wistendan die Jezus.
Nu stonden er veel mensen bij Jezus en ook veel Farizeeën en toen vertelde Jezus hen de volgende gelijkenis:


"Twee mannen gingen eens naar de tempel om te bidden. De een was eenFarizeeër en de ander was een tollenaar. De Farizeeër wildeniet naast de tollenaar staan, die tollenaar was een minderwaardigiemand en hij was natuurlijk een belangrijk en goed mens. Daarom gingde Farizeeër vooraan staan in de tempel, hij ging helemaal rechtopstaan en begon te bidden. Hij zei: "God, hier ben ik. Ik wil u danken,dat ik zo'n goed mens ben, dat ik doe wat u van mij vraagt en dat ikbeter ben dan de andere mensen en zeker dank ik u omdat ik beter bendan die slechte tollenaar!".
De tollenaar die ook in de tempel was, bleef helemaal achteraan staanen hij knielde neer op zijn knieën en ook hij sprak tot God: "God,hier ben ik, gekomen in Uw huis. God, ik maak heel vaak fouten, maarhet is soms ook zo moeilijk! Ik wil u vragen of U mij wilt helpen, wantik wil wel veranderen, maar dat kan ik niet zonder Uw hulp! Wilt u mijde slechte dingen vergeven?"
De tollenaar kreeg een warm gevoel van binnen en hij ging naar huis meteen gevoel van blijdschap, maar de Farizeeër voelde alleen zijneigen trots."

Daarna vroeg Jezus aan de mensen: "Wie heeft er goed gebeden?" Dat wisteigenlijk iedereen wel, maar Jezus gaf zelf het antwoord: "detollenaar, want hij boog voor God en hij gaf toe dat hij fouten maakte.De Farizeeër meende dat hij veel meer waard was dan de tollenaar,maar door zijn trots zal God niet naar hem luisteren. God luistert nietnaar verwaande mensen, maar hij luistert naar de mensen die nederig hunfouten toe geven, en die om zijn hulp vragen."

Uitleg

In de tempel in Jeruzalem werd er twee keer per dag een offerdienstgehouden. 's Ochtends om negen uur en 's middags om drieuur.
Hierbij werd dan gebeden, terwijl er een offer aan God werd gebracht.
Maar tijdens het brengen van zo'n offer was het altijd erg drukin de tempel. Een tollenaar, die door mensen vaak werd veracht, wildedan niet graag gezien worden. De meeste Farizeeërs wilden graagvooraan staan, maar als het heel erg druk was lukte hen dat vaak niet.
De beide mannen waren dus in de tempel op een moment dat het er niet zodruk was. De tempel was immers de hele dag geopend om te bidden.

Farizeeërs vonden zichzelf verheven boven het volk. Zij kenden dewet tot in de puntjes, de gewone mensen niet. Ze spraken met elkaarvaak erg denigrerend over de massa, waar ze overigens weinig omgang meehadden, want door te veel omgang met niet-Farizeeën kon men zelfonrein worden. Een Farizeeër mocht dan ook niet trouwen met iemanddie niet uit een Farizeese familie kwam, het huis vanniet-Farizeeën niet betreden, studeren met gewone mensen in debuurt e.d.

De Farizeeër liep in de tempel naar voren en ging rechtop staan.Hierna begon hij met zijn gebed. In de Joodse traditie is hetgebruikelijk dat er hardop gebeden werd en de Farizeeër deed ditdan ook. En een gebed begon traditie getrouw met een dankbetuiging.Maar wat de Farizeeër dan doet is meer een dankbetuiging aanzichzelf. De vorm is wel voor God, maar hij dankt zichzelf dat hij zogoed is en eigenlijk vind hij dus dat iedereen dat moet vinden, ookGod, als het ware feliciteert hij God met zo'n geweldige dienaarals zichzelf. Hij schept op over zichzelf. Hierbij laat hij God ook nogeven weten hoe goed hij zich wel niet aan de regels houdt. Hij vasttewel 2 dagen in de week, terwijl men maar 1 dag per jaar strikt genomenmoest vasten, en dat is op de Grote Verzoendag.
Ook vertelde hij dat hij 1/10 deel van al zijn inkomsten afstaat aan dearmen. Terwijl er in die tijd alleen werd gevraagd om 1/10 deel vankoren, wijn en olie. Maar hij gaf van al zijn inkomsten.

Doordat de Farizeeër het gebed hardop zegt, hoort ook de tollenaarhoe minachtend de Farizeeër over hem en anderen praat.
Het gaan naar de tempel, zal voor deze man waarschijnlijk al moeilijkzijn geweest, omdat tollenaars overal en door iedereen met de nekwerden aangekeken. De tollenaar ging in de tempel dan ook helemaalachteraan staan. De Farizeeër die rechtop staat en zijn handenomhoog heft is het tegenovergestelde van deze man, welke zijn ogen nieteens omhoog naar de hemel durfde op te heffen. Hij knielde voor de Heeren hij sloeg zich met de rechterhand op de borst. Dit gebaar betekentdat hij door de woorden van de Farizeeër diep in zijn hart wasgeraakt en dat hij het idee had dat hij in alles had gefaald en hetniet waard was om met anderen op een lijn te worden geplaatst. Hij lietzien dat hij diep berouw heeft en vraagt aan God of het offer dat isgebracht, ook voor hem mag gelden.

Beiden lopen dan naar beneden, over het tempelplein, maar de tollenaarvoelt zich gerechtvaardigd door God, terwijl bij de Farizeeër hetschuldgevoel niet is afgenomen, want zijn trots staat hem in de weg.
Je bent niet beter dan een ander als je uit hoogmoed spreekt over hoegoed je bent. God ziet wat je doet en als je de goede dingen doet zalhij je daar voor belonen, die hoef je niet van de daken te schreeuwen.
Om bij God te zijn hoef je niet vooraan te staan, maar ook achteraan ziet God je en hoort hij je. Een leerzaam schema



De parabel van de Farizeeër en de tollenaar, voorgesteld in drietaferelen. In het midden knielt de Farizeeër voor het altaar,links verlaat de hoogmoedige Farizeeër met een duivel de tempel,rechts verlaat de tollenaar de tempel met een engel. Het doek maaktdeel uit van een reeks van parabels geschilderd voor de Lutherse kerkin Leiden

Lucas 18, 9-14

De Farizeeër en de tollenaar

Achtergrondinfo

Farizeeër

type van de rechtvaardige. Iemand die de wet van God nauwkeurig kende en er ook naar leefde. Hij nam de Wet en de toemaatjes van de traditie perfect in acht: tweemaal per week vas­ten, tienden geven van zijn inkomsten, leven in eerlijkheid en trouw: niemand bestelen, geen belastingen ontlopen, nooit echt­breuk plegen.

(De Wet schreef slechts één vastendag per jaar voor, nl. de Grote Verzoendag. Maar de Farizeeërs vastten vrij­willig iedere maandag en donderdag)

Gewone mensen keken met bewondering en ontzag naar hen op.

Een boeiende vaststelling

Het gebed van de Farizeeër in deze parabel gelijkt op rabbijnse gebeden die gebeden werden ten tijde van Jezus. B.v. :

'Ik dank U, JHWH, mijn God,

dat Gij mij deelgenoot liet zijn

van hen die in het leerhuis gezeten zijn

en niet van hen die op de straathoeken zitten;

want ik sta vroeg op en ook zij staan vroeg op:

ik sta vroeg op om de Tora te bestuderen

en zij staan vroeg op omwille van vergankelijke zaken.

Ik geef mij moeite en word beloond

en zij geven zich moeite en ontvangen geen beloning.

Ik loop en zij lopen:

ik loop voor het leven van de toekomstige wereld

en zij lopen voor de kuil van het verderf.

Nechoenje ban Hakana

Waar het om gaat

Jezus schetst met deze parabel de barmhartigheid van God t.o.v. iemand die Hem onbevangen tegemoet treedt. Iemand die zelfvoldaan is en nauwelijks plaats ruimt voor God in zijn gebed, komt voor deze barmhartigheid niet in aanmerking.

Tollenaar

type van de zondaar.

Tollenaars werkten in dienst van de bezetter en werden daarom als verraders aanzien.

Ze inden tol op het gebruik van wegen, bruggen en havens en belastingen op goe­deren die naar de markt gebracht werden. Doordat ze die tolgelden en de belastingsgelden willekeurig konden be­palen, werden ze als afpersers en oplichters aanzien.

Bidden
Toen Jezus leefde, stonden de mensen gewoonlijk rechtop bij het bidden.

Farizeeër

Gebedshouding

Hij stond met opgeheven hoofd

Inhoud van het gebed

Lange monoloog waarin hij zichzelf centraal plaatst.

Hij bewijst voor God zijn 'heiligheid' zodat het lijkt dat God in de schuld komt te staan bij de Farizeeër.

De Farizeeër wordt niet gerechtvaar­digd (= door God aanvaard) omdat hij hoogmoedig en zelfvoldaan is.

Samengevat

De Farizeeër zet God onder druk: God moet met hem rekening houden.

Tollenaar

Hij wilde zelfs zijn ogen niet opheffen naar de hemel.

Kort gebed, waarin God de centrale rol krijgt.

De tollenaar vertrekt vanuit het stand­punt dat hij een zondaar is.

De tollenaar wordt gerechtvaardigd omdat hij zichzelf erkent als zondaar en oprecht berouw heeft.

De tollenaar treedt God onbevangen tegemoet.

Een tiende

Dit was een verplichte heffing van een tiende van het bezit. Het was alleen bedoeld voor grote inkomens.

Betekenis

Jezus wilde in geen geval een leven volgens de Wet zien als bewijs van vroomheid. De reden hiervoor was dat Hij God niet op de eerste plaats zag als wetgever en rechter, maar als Vader van alle mensen.

Niet het naleven van de wet, maar de persoonlijke relatie met God staat centraal in zijn leven en prediking.

Nogmaals: Farizeeër en tollenaar.

Jezus was heel eenvoudig. Hij was immers de zoon van een timmerman. Hijhad geen geld, geen eigen huis en Hij droeg heel goedkope kleren.Dikwijls moest Hij zelfs 's nachts in de buitenlucht slapen,samen met zijn leerlingen. Jezus was niet chique. En hoewel Hij zelf dewetten tot in de kleinste lettertjes kende, keek Hij nooit of de mensendie Hij ontmoette zich allemaal precies aan die regels hielden. Nee,Hij keek de mensen regelrecht in hun hart en beoordeelde ze naar wat zededen en hoe ze over alles dachten. Ook dat was tegen het zere been vande rechtsgeleerden, die de letterlijke gehoorzaamheid aan dievoorschriften vaak belangrijker vonden dan liefde, begrip of aandachtvoor de medemensen. Zo hadden de wetsgeleerden een heleboel redenen omeen hekel te hebben aan Jezus, die bovendien nog met in hun ogen'verkeerde mensen' omging, zoals bedelaars, vissers, boerenen kroegbazen. Kortom, met heel gewone mensen waar de wetgeleerdeneigenlijk op neerkeken.
Jezus zegt in Mat 21 vers 31: "…tollenaars en hoeren gaanu voor in het Koninkrijk Gods…" Wat een heerlijkvooruitzicht!

Aan welke voorwaarden moet de mens voldoen om aangenomen, dan welachtergelaten te worden?17:34-36 Wie zal zijn leven behouden ofzal het verliezen? 17:33 Wie mogen gerekend worden tot Godsuitverkorenen? 18:7 Is dag en nacht tot God roepen op zichzelfeen kwalificatie? En, als de Zoon des mensen komt, zal Hij dan hetgeloof vinden op aarde? 18:8b Is het mogelijk op zo een manier televen, dat iemand daar volkomen aan voorbij gaat?

Dat kan! Het is voor Jezus de reden van deze gelijkenis.

vers 9.Er is blijkbaar een mentaliteit, een wijze van zijn, zelfs een wijzevan rechtvaardig-zijn, die gepaard gaat met het verachten van anderen.In de vorige gelijkenis stond het begrip recht-verschaffen centraal. Nugaat het om diegene die rechtvaardig is. Wie is dat? Jezus zegt hiera.h.w. dat er mensen zijn die zichzelf het brevet van rechtvaardigheidtoe-eigenen. Deze mensen hebben hun vertrouwen op zichzelf gesteld.

Het griekse hoti (NBG dat) kan vertaald worden met "omdat".In dat geval zijn zij dan zelf de grondslag van hun rechtvaardig-zijn.Zij zijn het dan die uitmaken, hoe het begrip rechtvaardig dient teworden ingevuld. Hiervoor waarschuwt Paulus in de Filippenzenbrief."Om zijnentwil heb ik dit alles prijs gegeven en houdt het voorvuilnis, opdat ik Christus moge winnen, en in Hem moge blijken niet eeneigen gerechtigheid, uit de wet, te bezitten, maar de gerechtigheiddoor het geloof in Christus, welke uit God is op grond van hetgeloof."Filp 3:8b,9 Dat zij de anderen verachten, is het eersteschrijnende contrast.


vers 10.Twee mensen worden ten tonele gevoerd. Beiden gaan ze op naar de tempelom te bidden. De één was een farizeeër, de ander eentollenaar. Beiden hebben dezelfde intentie: bidden in de tempel tot deGod van hun volk. Er wordt niet vermeld dat ze samen opgingen. De'afstand' tussen beiden was te groot. Deze afstand konalleen overbrugd worden door op de knieën te gaan. Twee totaalverschillende personen: tegen de éne word opgekeken en op deander wordt neergekeken.

vers 11.Het eerst wordt de farizeeër beschreven. Hij is immers debelangrijkste, althans zo weet hij zich in eigen oog. Hij bidt staande,in het volle besef van zijn goedheid. Allen mochten (moesten) hem zien.En hij bad bij zichzelf (ook te vertalen met: tot zichzelf).
Hij begint weliswaar met de naam van God, maar dat is eigenlijk hetenige: zijn gebed is één lange monoloog, waarin IKcentraal staat. Hij vraagt God nergens om. Hij is volkomen tevreden metde situatie waarin hij verkeert. Hij dankt God dat hij niet zo is alsde andere mensen. Hij, in eigen oog een rechtvaardige, van eigennietigheid en verdorvenheid had hij geen besef. Hij behoort tot eenklasse apart ten opzichte van de overige mensen. Als laatste vergelijkthij zich met de tollenaar. De tollenaar is voor hem misschien des temeer verachtelijk omdat deze in z'n onreine toestand durft tebidden. Hij is niet zo als deze tollenaar. "Deze" kan ookworden vertaald met een verachtelijk "die daar".
De aanduiding 'die daar' markeert de positie van defarizeeër t.o.v. de tollenaar extra scherp, terwijl beiden naar detempel waren gegaan om God te aanbidden. De dankbetuiging van defarizeeër aan God is eigenlijk een felicitatie aan zijn eigenadres. Hij dankt God, maar zet zich daarbij af tegen de anderen. Uitzijn gebed kunnen we misschien de conclusie trekken dat God eigenlijkhem zou moeten danken, omdat hij zo goed is. Kun je God daarvoor dankenof bedank je dan in wezen jezelf? We kunnen alleen een hoge dunk vanonszelf hebben als we ons vergelijken met op het oog"mindere" mensen. Daar hij zich niet schuldig voelt, denkthij zelfs niet aan een gebed om vergeving.

Eigenlijk had deze farizeeër zich onttrokken aan de gemeenschap.Hij had er geen deel aan. Hillel zei: zonder u niet van de gemeenschapaf en geloof niet in uzelf tot op de dag van uw dood, en oordeel uwnaaste niet totdat u in zijn positie komt te verkeren.

vers 12.Nu somt de farizeeër zijn goede werken op, weer in de IK-stijl.Hij is een klasse apart niet alleen in wat hij niet is, maar ook in wathij op zijn terrein aan extra's presteert. Vasten was voor iedereJood verplicht op Grote verzoendag, daarnaast op de dag van deverwoesting van de eerste en tweede tempel. Door tweemaal per week tevasten doet hij meer dan de wet voorschrijft. Hij zegt eigenlijk dathij een grotere prestatie levert dan ieder ander.

Hij is het die Godswet volkomen vervult. Hierbij kunnen we ook denken aan de rijkejongeling. Ook deze dacht volmaakt te zijn. Maar wie zich verbeeldtvolmaakt te zijn, verliest door zijn trots wat hij door genade heeftgekregen. De volmaaktheid bestaat uit kleinigheden; maar devolmaaktheid is geen kleinigheid. David dacht misschien volmaakt tezijn en trok niet met het leger uit. Hier ging hij in de fout. Wekunnen ook zeggen: wie geen onrecht doet, is nog altijd nietrechtvaardig.


vers 13.Nu komt de tollenaar in beeld. Er wordt niet gesproken over zijnbelevingswereld, maar dat het niet goed met hem ging is wel duidelijk.Zou het geroddel, de smaad zijn hart hebben gebroken. Had hij gewachtop een teken van medelijden, zo ja, dan tevergeefs. De mensen die hetallemaal wel wisten vonden 'zo iemand' te laag, te nietigom naar om te kijken. Misschien had hij wel gehoord dat God goed is engaarne vergeeft, rijk is aan goedertierenheid voor allen die Hemaanroepen. Ps 86:5 Maar deze tollenaar durfde vermoedelijk niet dichterte naderen, zo diep voelde hij zijn schuld, zijn onwaardigheid. Hijstond van verre, mogelijk in de buitenste voorhof. In ieder geval vervan de farizeeër, hij bewaart de afstand van de eerbied voor zoeen rechtvaardig man. De farizeeër was rechtvaardig in eigen oog,maar hoe ervoer de tollenaar het oog van de farizeeër. Het mooisteoog wordt een vloek voor wie er vernietigend door wordt aangekeken.

Deze tollenaar wilde zelfs zijn ogen niet opheffen naar de hemel.Misschien durfde hij het niet eens. In plaats daarvan sloeg hij zich opde borst. Hij was vol van schuldbesef, berouw en verlangen naargenadige ontferming. Zijn gebed is vergeleken met dat van defarizeeër uitermate kort. Misschien ontnam het schuldbesef hem demoed om een 'redelijk' gebed uit te spreken. Maar het iseen gebed van vertwijfeling en zware schuld. O God, wees mij, zondaargenadig. Zijn gebed is geheel op God gericht. Er was niets anders voorhem, dat hem zou kunnen redden, dan Gods genade alleen. Geenuitweidingen over fouten en gebreken. Hij zag niet naar en op anderen.Hij sprak niet over hen, vergeleek zich ook niet met mensen die nogerger waren dan hem. Hij had met zichzelf te doen, en aan zichzelfgenoeg. Hij vraagt eenvoudig aan God, of Hij hem genadig wil zijn. Hijkwalificeert zichzelf als 'de' zondaar.

Door het gebruik van het bepalend lidwoord (niet weergegeven door NBG) plaatst hij zichin een omschreven categorie. Hij is niet zomaar een zondaar, maar"de" zondaar.

Tollenaars hadden een bijzonder slechte reputatie. Ze golden zondermeer als bedriegers en de algemene minachting strekte zich ook uit overhun gezinnen. Ze mochten geen ere-ambten bekleden en in een rechtszaakmochten ze zelfs niet als getuigen optreden. Deze man weet dat hij totdeze verachte categorie behoort. Hij noemt zichzelf zo. Integenstelling met de farizeeër stelt de tollenaar zich geheel openvoor God en doet een beroep op Diens genade. Van zelfverheffing is bijhem niets te bespeuren. Zijn zelfrespect is klein, zijn zelfgevoel nogkleiner.

vers 14.Jezus geeft met gezag zijn conclusie: "Ik zeg u". Beidenwaren ze opgegaan naar de tempel om tot God te naderen. Beiden daaldenze weer af om naar huis terug te keren. Maar de een keerde integenstelling tot de ander gerechtvaardigd naar zijn huis terug.
Door deze gelijkenis laat Jezus zien, hoe de vanzelfsprekendheid vanwie rechtvaardig is en wie niet, wordt doorbroken. De rangorde en decategorieën waarmee de farizeeër werkt, zijn totaal andersdan die van de tollenaar.

In de denk- en leefwereld van de farizeeër was voor de tollenaargeen andere plaats dan iemand om zich tegen af te zetten en zijneigen gelijk, eigen rechtvaardigheid, eigen voortreffelijkheid teonderstrepen. De één bad voor zichzelf, in zichzelf entegen zichzelf, om zichzelf te bedanken. De ander stelde zich in zijngebed helemaal open voor God en had aan enkele woorden genoeg. Wie hijwas, wist hij maar al te goed, maar dat is voor hem een teken vannederigheid en hopen op genade. De tollenaar keerde door zijn houding,zijn hartsgesteldheid gerechtvaardigd naar huis terug.

Welke uitwerking het gebed van de farizeeër heeft, wordt buitenbeschouwing gelaten. Hij gaat naar huis zoals hij gekomen is, want hijheeft niets gevraagd, en ook niets gekregen.

Hoe komen wij naar hier, hoe gaan wij naar huis?
Hoe denken wij over anderen, over onszelf? Misschien hoog verheven?
Als wij denken dat wij voldoen aan wat Gods woord van ons vraagt, Godlief te hebben met ons gehele hart, onze naaste als onszelf, als we onsvoor 100  inzetten, overal aan mee doen, dan kunnen we zeggen: wijzijn onnutte slaven; wij hebben slechts gedaan, wat wij moesten doen.Luc 17:10

Ben ik de slaaf van mijn Meester, de slaaf van mijn Heer,
wil ik wel voor Hem werken, voor Hem buigen telkens weer?
Voel ik mij hoog verheven, een farizeeër misschien,
denkend aan m'n capaciteiten, bij anderen niet gezien.
Of ben ik verachtelijk, nietswaardig als de tollenaar,
beseffend mijn ellende, kom ik met mijzelf niet klaar.
In beide situaties is er hoop op verandering, ja op nieuw leven,
in die éne moet ik m'n hoogmoed, in de ander m'n hele repertoire aan Hem geven.
Verandert van een zondaar in een Koningskind,
is het de Vader, die mij bemint.

Lees ook eens het document:  Wat is een gelijkenis eigenlijk?

Handig Hulpmiddel:  Een overzicht van de Gelijkenissen

   Overzicht van gelijkenissen in deze serie - maak maar een keus


LEES OOK EENS OVER
: DE ZEVEN GELIJKENISSEN IN HET EVANGELIE VAN MATTHEÜS

LEES OOK EENS : DE GELIJKENISSEN VAN DE HEILAND VERKLAARD EN TOEGEPAST IN LEERREDENEN door C. H. Spurgeon

 READ THE BOOK - THE BIBLE CHANGE YOUR LIFE

Deutsch
de
English en français fr italiano it Nederlands nl español es português pt Norsk no svenska sv Polski pl čeština cz Slovák sk Magyar hu român ro Български bg hrvatski hr Pyсский ru Türkçe tr عربي ar

       

Heer, wees mijn Gids 

                              

INFO: DE WEG - DE WAARHEIDHET LEVENFILM - AUDIO


Wie zoekt zal vinden           


www Holyhome.nl

Boeiende Series :
Bijbelvertalingen

Bijbel en Kunst

Bijbels Prentenboek
Biblische Bildern
Encyclopedie
E-books en Pdf
Prachtige Bijbelse Schoolplaten

De Heilige Schrift
Het levende Woord van God
Aan de voeten van Jezus
Onder de Terebint
In de Wijngaard

De Bergrede
Gelijkenissen van Jezus
Oude Schoolplaten 
De Zaligsprekingen van Jezus

Goede Vruchten
Geestesgaven

Tijd met Jezus
Film over Jezus 
Barmhartigheid

Catechese lessen
Het Onze Vader
De Tien Geboden
Hoop en Verwachting
Bijzondere gebeurtenissen

De Bijbel is boeiend
Bijbelverhalen in beeld
Presentaties en Powerpoints
Bijbelse Onderwerpen

Vrede van God voor jou
Oude bijbel tegels

Informatie over alle kerken in Nederland: Kerkzoeker
 
Bible Study: The Bible alone!
L'étude biblique: Rien que la Bible!
Bibelstudium: Allein die Bibel!  

Materiaal voor het Digibord
Werkbladen Bijbelverhalen Bijbellessen
OT Hebreeuws-Engels
NT Grieks-Engels

Naslagwerken
Belijdenissen
Een rijke bron

Missale Romanum + Afbeeldingen 
Stripboek over Jezus
Christelijke Symbolen
Plaatjes Afbeeldingen Clipart
Evangelie op Postzegels

Harmonium Huisorgel
Godsdiensten en Religies
Herinnering aan Kerken

Christian Country Music
Muzikale ontspanning 
Software voor Bijbelstudie
Hartverwarmende Klanken
Read and Hear the Holy Bible
 Luisterbijbel

Bijbel voor SlechtziendenBegrippenlijst   -1-   -2-

Meer weten over de Psalmen, gezangen, liturgieën, belijdenisgeschriften: Catechismus, Dordtse Leerregels en veel andere informatie? .Kijk opOnline-bijbel.nl 
          
  (
What's good, use it)





Waard om te weten :

Een hartelijk welkom op de site
Deze pagina printen
Sitemap
Wie zoekt zal vinden


FAQ - HELP

Kerk
Zondag
Advent
Kerstfeest
Driekoningen
Vastentijd
Goede Vrijdag
Aswoensdag 
Palmzondag
Palmpasen
De stille week
Witte donderdag
Stille zaterdag
Paaswake
Pasen - Paasfeest 
Hemelvaartsdag
Pinksteren
Biddag
Dankdag
Avondmaal
Doop
Belijdenis
Oudjaarsdag
Nieuwjaarsdag
Sint Maarten
Sint Nicolaas
Halloween
Hervormingsdag
Dodenherdenking
Bevrijdingsdag
Koningsdag / Koninginnedag
Gebedsweek 
Huwelijk
Begrafenis
Vakantie
Recreatie
Feest- en Gedenkdagen
Symbolen van herkenning
 
Leerzame antwoorden op levens- en geloofsvragen


Hebreeën 4:12 zegt: "Want levend en krachtig is het woord van God, en scherper dan een tweesnijdend zwaard: het dringt diep door tot waar ziel en geest, been en merg elkaar raken, en het is in staat de opvattingen en gedachten van het hart te ontleden"Lees eens: Het zwijgen van God 

God heeft zoveel liefde voor de wereld, dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven; zodat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat maar eeuwig leven heeft.
 
Lees eens:  God's Liefde 

Schat onder handbereik
 

Bemoediging en troost 

Bible-people - stories of famous men and women in the Bible
Bible-archaeology - archaeological evidence and the Bible
Bible-art - paintings and artworks of Bible events
Bible-top ten - ways to hell, films, heroes, villains, murders....
Bible-architecture - houses, palaces, fortresses
Women in the Bible -
 great women of the Bible
The Life of Jesus Christ - story, paintings, maps
 
Read more for Study  
Apocrypha,Historic Works
 GELOOF EN LEVEN een 
          KLEINE HULP VOOR  ONDERWEG