De ziekte van het lood, ook wel loodglans genoemd, is een schimmelaandoening die vooral bij steenfruit zoals pruimen, kersen en perziken voorkomt. Het opvallendste symptoom is een metaalachtige, zilverachtige glans op de bladeren. Die glans ontstaat doordat de schimmel de bovenste cellaag van het blad aantast, waardoor de lucht tussen de cellen verdwijnt en het licht anders weerkaatst. Als je een aangetast blad tegen het licht houdt, lijkt het bijna alsof er een dun laagje lood op zit. De bladeren worden daarnaast vaak smaller, brozer en krullen aan de randen omhoog. In een later stadium drogen ze uit en vallen ze voortijdig af. De boom verzwakt, de vruchtzetting neemt af en bij een zware aantasting kunnen takken helemaal afsterven.
Hoe verspreidt de schimmel zich?
De schimmel Chondrostereum purpureum leeft meestal op dood hout, zoals snoeiafval of oude stronken. Van daaruit verspreiden de sporen zich via de wind. Ze dringen de boom binnen via verse wonden, bijvoorbeeld na een snoeibeurt, hagelschade of een barst in de schors. Eenmaal binnen groeit de schimmel in het hout en blokkeert de sapstroom. Daardoor krijgen de bladeren niet genoeg water en voedingsstoffen, wat de zilverachtige verkleuring veroorzaakt. De schimmel kan ook via de wortels van besmette bomen naar gezonde bomen overgaan, vooral als ze dicht bij elkaar staan. De infectie blijft vaak lange tijd onzichtbaar: het duurt maanden tot meer dan een jaar voordat de eerste bladsymptomen verschijnen. Dat maakt de bestrijding lastig, want tegen de tijd dat je de glans ziet, zit de schimmel al diep in het hout.
Verschil met andere bladproblemen
Niet elke zilverachtige glans wijst meteen op de ziekte van het lood. Bij droogtestress of een teveel aan zon kunnen bladeren ook wat gaan glanzen, maar dan zijn de randen vaak bruin en verschrompeld, niet omgekruld zoals bij loodglans. Ook een tekort aan bepaalde voedingsstoffen, zoals magnesium, kan bleke bladeren geven, maar die verkleuring is doffer en meer geel dan zilver. Het echte loodziekte-blad voelt dun en papierachtig aan en de glans is intens, bijna als aluminiumfolie. Als je twijfelt, knip dan een aangetaste tak af en controleer de doorsnede: bij loodglans vertoont het hout een bruine tot paarse verkleuring, vooral in de buitenste jaarringen. Bij andere oorzaken blijft het hout licht of groenachtig.
Hoe grijp je in als de boom al is aangetast?
Wegsnoeien van zieke delen
Het eerste wat je doet, is alle aangetaste takken weghalen. Zaag tot minimaal 30 centimeter onder het punt waar de bladeren nog gezond lijken, want de schimmel zit vaak verder in de tak dan je aan de buitenkant ziet. Gebruik een scherpe, schone zaag en desinfecteer het gereedschap na elke snede met alcohol of een ander ontsmettingsmiddel. Verbrand het snoeiafval of voer het af; laat het niet in de tuin liggen, want de schimmel kan op dood hout sporen blijven vormen. Snoei bij voorkeur in de zomer bij droog weer, omdat de wonden dan sneller helen en de kans op nieuwe infecties kleiner is. Snoei nooit in de herfst of winter: de boom is dan in rust, wonden genezen trager en de sporendruk is hoger.
Behandeling van de wonden
Grote snoeiwonden met een diameter van meer dan 2 centimeter kun je afdekken met een wondafdekmiddel op basis van een fungicide of met een speciale boomverf. Dat voorkomt dat nieuwe sporen via de verse snede naar binnen dringen. Kleine wonden hoef je niet te behandelen; die drogen vanzelf op. Let wel: wondafdekmiddelen zijn geen geneesmiddel tegen een bestaande infectie, ze beschermen alleen tegen nieuwe indringers. Als de schimmel al in de stam zit, heeft afdekken geen zin meer.
Chemische bestrijding
In de professionele fruitteelt worden soms fungiciden gebruikt, maar voor particulieren zijn er weinig toegelaten middelen. De meeste schimmelwerende sprays werken preventief, niet curatief. Ze beschermen alleen tegen sporen die op een verse wond landen, niet tegen een schimmel die al in het hout groeit. Spuiten heeft dus alleen zin als je het combineert met zorgvuldig snoeien en het verwijderen van besmet hout. Lees altijd het etiket van het product en volg de dosering en veiligheidsvoorschriften. Overleg bij twijfel met een boomverzorger of een goed gesorteerd tuincentrum.
Wat kun je doen om de ziekte te voorkomen?
Snoeihygiëne en timing
De belangrijkste preventie is goede snoeihygiëne. Snoei alleen bij droog weer en bij temperaturen boven 10°C, want bij lagere temperaturen genezen wonden slecht. Gebruik altijd schoon gereedschap en desinfecteer het tussen verschillende bomen. Snoei niet te rigoureus; grote wonden zijn een open uitnodiging voor de schimmel. Verwijder jaarlijks dood hout en takken die tegen elkaar schuren, want die beschadigen de schors en creëren toegangspunten. Houd de omgeving van de boom vrij van snoeiafval en oude stronken, die fungeren als broedplaats voor de schimmel.
Voeding en weerbaarheid
Een gezonde, goed gevoede boom is beter bestand tegen infecties. Geef in het vroege voorjaar een evenwichtige meststof met voldoende kalium en fosfor, die de celwanden versterken en de wondgenezing bevorderen. Stikstof kun je beter beperken: te veel stikstof geeft zachte, weelderige groei die juist vatbaarder is voor schimmels. Zorg ook voor een goede waterhuishouding, vooral bij jonge bomen. Langdurige droogte verzwakt de boom, terwijl te natte grond de wortels kan beschadigen. Mulch de stamvoet met een laag organisch materiaal, zoals houtsnippers of compost, om de bodem vochtig te houden en de wortels te beschermen tegen temperatuurschommelingen.
Rassenkeuze en standplaats
Sommige fruitrassen zijn gevoeliger voor loodglans dan andere. Kies bij voorkeur rassen die bekend staan om hun weerstand, zoals bepaalde pruimen- en kersensoorten die minder snel wonden oplopen of sneller genezen. Vraag advies in een gespecialiseerde fruitkwekerij. Plant de boom op een lichte, luchtige plek met voldoende ruimte, zodat de bladeren snel kunnen opdrogen na regen. Een dichte, vochtige standplaats bevordert schimmelgroei. Houd een plantafstand van minimaal 4 tot 5 meter aan, zodat de kronen elkaar niet raken en de lucht goed kan circuleren.
Wanneer heeft ingrijpen geen zin meer?
Als de schimmel de stam of de hoofdtakken heeft bereikt, is de boom meestal niet meer te redden. Je herkent dit aan afstervende takken aan verschillende kanten van de kroon, een dunner wordend bladerdek en scheuren in de schors waaruit donkerbruin vocht kan sijpelen. Ook als de boom elk jaar opnieuw zware symptomen vertoont en steeds minder vruchten geeft, kun je beter overgaan tot rooien. Laat de stronk wel verwijderen of laat hem frezen, want de schimmel kan nog jaren op het dode hout overleven en naburige bomen besmetten. Plant op die plek de eerste vijf jaar geen steenfruit meer, maar kies voor een niet-gevoelige soort zoals een appel of peer. De sporen van de schimmel blijven namelijk lang in de bodem aanwezig.
Een praktische aanpak voor de lange termijn
De ziekte van het lood is een sluipende aandoening die je niet met één enkele maatregel onder controle krijgt. Het vraagt om een combinatie van goed snoeibeheer, hygiëne, voeding en een kritische blik op je bomen. Controleer je fruitbomen minstens twee keer per jaar: in het voorjaar als de bladeren net uitlopen en in de nazomer. Zo zie je een beginnende aantasting vroeg en kun je snel ingrijpen. Als je een zieke boom hebt, wees dan niet te terughoudend met het wegsnoeien van takken. Liever een tak te veel weg dan een tak te weinig. En als de boom onherstelbaar is, aarzel dan niet om hem te rooien. Een nieuwe, gezonde boom levert op termijn meer vruchten op dan een zieke boom die elk jaar verder achteruitgaat.

