Mijmeren onder de terebint - 39
Opzien
naar boven
De Bijbel is niet een
boek
wat je zomaar even van kaft tot kaft leest. Het kan lastig zijn om je
weg door de Bijbel te vinden, als je niet weet wat zich wanneer heeft
afgespeeld. Deze site kan je helpen om de Bijbel beter te leren kennen.
Ontdek de bron van vrede, het Woord van God.
Hier vind je alle
pagina’s van de ontspannende Terebint studie-serie : 1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34
35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51
52
53
(naar
begin van deze serie)
Mijmeren
- ontsnappen aan de waan van de dag
Oplaadstation
voor onze geestelijke accu. (Luister
hier)
Even mijmeren
onder de Terebint, ontsnappen aan de waan van de dag. Oplaadstation
voor onze geestelijke accu. Deze week onder het motto:
Opzien
naar boven
2 Kor. 3:18
En wij
allen, die met een aangezicht, waarop geen bedekking meer is, de
heerlijkheid des Heren weerspiegelen, veranderen naar hetzelfde beeld
van heerlijkheid tot heerlijkheid, immers door de Here, die Geest is.
Het is voor een nietig mens anno-nu een rijke genade te mogen opzien,
naar boven, daar is de Here Jezus, onze opgestane Heer, Heiland,
Verlosser. Van Hem komt ons heil en het gelovig opwaarts zien schenkt
ons het ware geluk; daar kan niets ter wereld tegenop. Zeker, er is een
zegen gelegen in het met dankbaarheid terug zien op onze levensweg tot
nu toe. Ook al is daar veel falen in, moeite en zorgen. De Here leert
ons daarin verootmoediging. We mogen ook vooruit zien, moedig
voorwaarts gaan, afleggend wat ons op de weg naar de overwinning zou
kunnen hinderen. Ook is er een zegen in het naar links en rechts zien,
het uitstrekken van de liefdehand om te helen en te steunen, leed te
verzachten. Balsemend bezig zijn voor je medemensen.
Maar dit alles is toch zonder waarde, wanneer we niet gelovig het oog
richten op Hem die onze levenskracht is. In het bekende
woord:”Als we ergens tegenop zien, moeten we
opzien”, ligt de gedachte ten grondslag: Van alle andere
dingen het oog afgericht, en alleen gevestigd op Jezus, de Overste
Leidman en Voleinder van het geloof.
In Paulus dagen waren de moeilijkheden voor de gelovigen velen, maar
hij wekt ze op, om altijd goede moed te houden. Hij richt hun gedachten
op het feit, dat christenen als in een wedloop lopen, met het doel de
heerlijke eindoverwinning te behalen. Zij moeten daartoe getraind
worden. Zij moeten afleggen alle last en de zonde, die hen omringt. Zij
moeten met volharding lopen de wedloop, en om de
vóór hen liggende vreugde hun kruis verdragen,
bedenkend dat velen hen daarin voorgingen: trouwe geloofsgetuigen, die
nog spreken nadat ze gestorven zijn. Maar dit alles zou niet mogelijk
zijn, als zij niet een Voorwerp van geloof hadden; Eén, die
voor hen de weg baande; Eén, die de weg begon en
voleindigde.
Alles wat ons verhinderen kan om op de weg naar de hemel vooruit te
komen, - onze zonden, falen en afwijkingen; onze lasten, zoals die van
bekommernis, verdriet, falen, overspanning, zorgen, moeten we wegwerpen
als of het nutteloze ballast is. Maar dit is onmogelijk als we niet
gelovig op de Here Jezus zien.
De Heer is mijn licht en zijn liefde is mijn steun.
't zijn eeuwige armen, waar 'k veilig op leun.
hij trok m'uit het duister, zijn bloed kocht mij vrij.
mijn ziel rust in jezus, mijn Redder is hij.
mijn Redder is hij, mijn Redder is hij,
mijn ziel rust in Jezus, mijn Redder is hij.
Mijn zonde was groot, maar nog groter zijn gena.
Hij troostte mijn ziel, bracht de hemel mij na;
zijn bloed schonk verzoening, mijn schuld betaalde Hij,
Hij brak al mijn banden, Hij maakte mij vrij.
Hij maakte mij vrij, Hij maakte mij vrij,
Hij brak al mijn banden, Hij maakte mij vrij.
Komt twijfel en vrees, 'k weet, de Heer is aan mijn zij
en nadert de vijand, nog nader is Hij.
Hij is mij tot burcht en tot schuilplaats t'allen tijd;
bij Jezus ben 'k veilig in 't felst van de strijd.
in 't felst van de strijd, in 't felst van de strijd,
bij Jezus ben 'k veilig in 't felst van de strijd.
Ja, Jezus schenkt vrede, zijn wil doen is genot.
'k wijd daarom mijn leven in dienst van mijn God.
en straks als de wereld verzinkt in de nacht,
zal 'k opzien naar boven, daar 'k Jezus verwacht.
daar 'k Jezus verwacht, daar 'k Jezus verwacht.
zal 'k opzien naar boven, daar 'k Jezus verwacht.
Zien op Jezus! Ik zou jou
en mij op het hart willen binden om
Jezus te kiezen als het voorwerp van onze gedachten. Ieder schepsel
moet een levensdoel hebben. Laat voor ons dat levensdoel de Here Jezus
zijn, Hij alleen. Dan, de heerlijkheid van de Heer aanschouwend, worden
we vanzelf naar Zijn beeld veranderd, en gaan we van heerlijkheid tot
heerlijkheid!.



















