Nieuwjaarsdag - 1 januarie
Door het jaar heen staan
er
bijzondere dagen op onze kalender. sinds jaar en dag gaat dat zo. daar
ook zo onze aandacht aan besteden. Om je enig houvast te geven op deze
site een overzicht van de christelijke feesten. Niet dat ze allemaal
even indringend worden gevierd, maar meer dan de moeite waard om er
niet alleen mee op de hoogte te zijn maar je ook eens nader in te
verdiepen. Hieronder én hiernaast een schat aan informatie.
Veel genoegen ermee.
Nieuwjaarsmorgen
Denken van 'hoe zal ik het
dit jaar gaan inrichten'? Onderwerpen zoals vakantie, gezondheid, gaan
we verhuizen, goede voornemens en wensen, financiële
verwachtingen...
Maar ook: geestelijk keuzes maken aan de hand van het woord van God
Numeri 6,22-27 en Lucas 2,15-22
Tegenwoordig wordt het begin van het nieuwe jaar op 1 januari gevierd.
Maar dit is niet altijd zo geweest. In de oude Romeinse tijd werd
nieuwjaar gevierd op 1 maart. Zelfs in vrij recente geschriften van de
laatste 2 eeuwen vinden hier nog wel sporen van terug. Vaak werd de
maand september aangeduid als 7e maand, en op deze wijze doortellend
was december de 10e maand. Het jaar telde ook maar 10 maanden. 6
Maanden kenden 31 dagen en 4 maanden 30 dagen. Maar door het
verschuiven van de jaargetijden door het jaar heen werden telkens
aanpassingen gepleegd. Al in de 6e eeuw v. Chr. werden pogingen
ondernomen om een goede kalender te maken die synchroon liep met de
jaargetijden. Als een van de eerste veranderingen werden een tweetal
maanden toegevoegd: Januari (genoemd naar de Romeinse God Janus) en
Februari (Februarius = reiniging; genoemd naar de reinigingsrituelen in
de deze maand).
Eerst onder Julius Ceasar
werd in 46 v. Chr. trad er enige verbetering op. Omdat men gevonden had
de aarde niet in 365 dagen rond de zon draaide, maar in 365,25 kwam men
elke 4 jaar een dag te kort om de kalender gelijk op te laten gaan met
de jaargetijden.
Bij behandeling in de
Romeinse senaat in 44 v. Chr. werd uit dankbaarheid de maand Quintilis,
de geboortemaand Julius Ceasar omgedoopt in Julius (om Ceasar te eren)
en wat later Sextilis in Augustus. Om de maand Augustus dezelfde status
te geven als Juli (alle keizers gelijk) kreeg deze maand, ten koste van
februari er een dag bij en ging naar 31 dagen. Deze dag werd bij
Februari weggehaald.
In 325, op een concilie in Nice, werd de Juliaanse kalender aangenomen als grondslag voor de Christelijke jaartelling.
In 153 v.Chr. ging de nieuwjaarsviering terug van 1 maart naar 1
januari. Zo liep de jaartelling gelijk met de benoeming en
ambtsperioden van de perfecten. Maar op een concilie in 576 te Tours
vond men dat het begin van het jaar niet op 1 januari, maar op 1 maart
gevierd moest worden, vanwege het heidense karakter van de januari
viering. Pas in de 13e eeuw werd het langzamerhand gangbaar nieuwjaar
weer op 1 januari te vieren. Maar het duurde tot 1575 voordat in ons
land, onder het juk van de Spanjaarden, de jaarwisseling van maart naar
januari
verschoof

Gezegend Nieuwjaar
Ik heb altijd een eigenaardig gevoel op de nieuwjaarsmorgen: alles is zo mooi en zo pril.
Zeker, op de straten is het één grote troep -excuseer de uitdrukking- maar toch: alles is nieuw:
zou het dit jaar anders worden op de aarde en staat er niet geschreven:
ZIE IK MAAK ALLES NIEUW.
Een
beetje argeloos lopen wij zo met die idee het nieuwe jaar in. Net als
de herders waar het evangelie over vertelt. die de blijde boodschap van
de vrede op aarde rond een kind dat ze hebben mogen zien, gaan
vertellen.
Zij waren argeloos maar hebben iets goeds gezien: een nieuw begin van
Godswege dat gemaakt is. Een nieuw begin met de zijnen,met zijn oude
getrouwden in Israël.
De evangelist Lucas is de enige die ons vele verhalen vertelt over
Jesus als trouwe zoon van het oude Israël. Hij vertelt ons als
enige dat Jesus op de achtste dag, de oktaafdag van kerstmis -en dat is
het vandaag- besneden is.
Een feit waar wij als christenen nooit goed raad mee geweten hebben.
Daarom veranderde men de naam van het feest van besnijdenis des Heren
in 'feest van de zoete naam' later: dag van de vrede en weer later: dag
ter ere van het moederschap van Maria.
Men heeft kennelijk nooit goed raad geweten met Jesus' opname in het
joodse volk waar de besnijdenis het teken van was en daarom is die maar
gauw weggemoffeld.
Maar gelukkig: het oude evangelie van het feest van 's Heren
besnijdenis is gebleven en daarin horen we dat Jesus wordt besneden op
de achtste dag.
Het is heel zinvol om op 1 januari te vieren dat Jesus een trouw zoon van de Wet wilde zijn.
Voor vele christenen is het besnijdenisritueel (de inkerving van het mannelijk lid van een baby)
dat daarbij hoort een onherkenbaar ritueel.
Zo'n inkerving zonder inspraak van de betrokkene lijkt niet meer van
deze tijd. In onze tijd verkondigen wij immers de vrijheid van
godsdienst voor iedereen. Terecht. Maar je kunt het ook anders zien.
Een mens kan het behoren tot een geloofsgemeenschap
gaan ontdekken als een uitverkiezing, iets wat hem overkomt van buitenaf naar ons toe,
een gebaar van God naar ons toe: een nieuwe levensopdracht.
De mens die staan wil in het verbond met de God van Abraham, Isaak en
Jakob zal getekend moeten worden -volgens de wet van Mozes- met het
teken van de besnijdenis
op de plaats die met de voortplanting te maken heeft. Het gaat niet
alleen om die kleine markering van een menselijk orgaan maar het gaat
daarbij om heel de mens, ook de oren, de lippen en het hart zullen
-zeggen de profeten en Paulus spreekt hen na- besneden moeten worden in
geestelijke zin.
Het verbond kent geen splijting van de mens in een hoger en een lager deel. Heel de mens is van God.
Lucas vertelt ons nog meer verhalen over Jesus' intrede in het volk van
God. Naast de 8e dag waar het vandaag over gaat spreekt hij ook over de
40e dag, de dag waarop Jesus aan de Heer wordt voorgesteld in de
tempel. En ook vertelt hij hoe Jesus op 12-jarige leeftijd met zijn
ouders naar Jeruzalem gaat en daar zijn discussie voert met de
rabbijnen.
Een verhaal waar wij vroeger nooit goed weg mee wisten omdat het toen
nog niet duidelijk was waarom Jesus als 12 jarige in de tempel was. Hij
was daar om gevormd te worden als het ware,
bij de joden heet dat BAR MITZWAH te worden, zoon van de wet.
Lucas leert ons deze dingen. Niet om roerende details te vertellen over de kleine Jesus
maar om ons te vertellen wie Jesus wil zijn voor zijn volk: -Hij wil
een trouw zoon van zijn volk zijn -Hij wil zich onderwerpen -als alle
andere joodse jongens-
aan het juk van de wet -Hij wil zijn opdrachten horen en daarna gaan doen.
De eerste schriftlezing van vandaag was uit het boek Numeri, ook wel
'in de woestijn genoemd. Daarin klonk een prachtige zegenspreuk. Een
opklimmende reeks van drie zegeningen.
In het ziekenhuis vroeg een bekende aan mij: 'kunt u mij de zegen geven
maar dan niet zo'n korte maar die mooie, die lange, die van Aäron.
En ze bedoelde deze. De naam van God, de Enige, IK ZAL BIJ U ZIJN
klinkt al in de aanhef. Israëls heilige is in alle zegenspreuken
aanwezig.
Bij die God zijn wij veilig: van die God zeggen we: Moge de Heer u zegenen en behoeden.
Zegenen en behoeden: dat wil Hij, zijn mensen beschermen en bewaren,
daarvan getuigt heel de schrift.
De tweede regel luidt: Moge de Heer de glans van zijn gelaat over u spreiden en u genadig zijn:
de gelovige mag zich aanvaard weten, hij mag zich koesteren in de zon van Gods genade.
En de laatste zegenspreuk gaat over onze gezamenlijke toekomstdroom:
Moge de Heer zijn gelaat naar u toekeren U ZIJN VREDE SCHENKEN !
Zijn vrede, de Sjalom, de vrede waar wij allen zo hartstochtelijk naar verlangen en om smeken
en- als het goed is- onze eigen bijdrage aan leveren.

Jesus zelf heeft die zegen vaak gehoord. Bij zijn besnijdenis is die zegen over Hem uitgeroepen.
Hij is, gezegend en al, op weg gegaan. Hij is op eigen benen zelf die
weg gegaan van trouw aan God en de mensen en heeft iets van die God
uitgestraald naar ons toe. Hij is de aanvoerder van allen die op weg
willen gaan met God en die Hem willen dienen en aanbidden.
Hij zal niet welkom zijn in onze menselijke maatschappij met al haar harde ordeningen.
Hij zal veroordeeld worden: zogenaamd om zijn wilde actie maar het ging
het om iets anders. Het ging om die kennelijk voor anderen
hinderlijkein de ogen van velen onuitstaanbare trouw
aan de Wet van Mozes: Gods programma van Sjalom en Gerechtigheidtot het uiterste toe.
Zijn keuze was er een voor solidariteit met de armen en de weerloze;
zijn verkondiging was een kritische verkondiging aan het adres van de
rijken, zijn manier van leven was een aanklacht
tegen alles wat zich breed maakt ten koste van anderen.
Voor al zijn volgelingen geldt -wat het teken van de besnijdenis ons symbolisch wil aanduiden-
het leven is meer dan de gewone menselijke voortplanting alleen; in de trant van vader en zoon en dat gaat maar door.
Er zal iedere dag weer -als het goed is- een nieuw begin gemaakt moeten
worden door de individuele mens die door God geroepen wordt zijn
bijdrage te leveren aan Gods nieuwe wereld
waar ZIJN ECHTE SJALOOM zal wonen.
God sterke ons om dat nieuwe begin te maken,
iedere dag opnieuw. AMEN.
Om nog eens goed over na te denken
... vrede op aarde voor de mensen die Hem lief zijn (Lucas 2:14).
Dit is eigenlijk de kern va de hemelse boodschap. Het begin en einde
van de boodschap aan een donkere en in zonden verloren wereld!
Mensen die streven naar wereldse dingen en niet op zoek zijn naar God.
Hoe is het mogelijk dat God een welbehagen heeft in mensen die
vervreemd zijn van Hem. Mensen zoals u en ik. Als we terugkijken, en
dat doen we wel eens, dan zien we vaak ons eigen rusteloos en
ontevreden hart.
Als we terugkijken naar de wegen die we het afgelopen jaar hebben
bewandeld dan stamelen we "hoe is het mogelijk dat God mij zo genadig
is geweest?". Heeft Hij ook mij liefgehad, ik die niet op zoek ben naar
Hem?
Heeft Hij Zijn Zoon naar de aarde gestuurd voor mij, om mij zalig te
maken? Als dat zo is, dan moet het ook mogelijk zijn dat mijn leven
beantwoordt aan datgene waarvoor Hij het bedoeld heeft.
Laat "vrede op aarde" klinken in de harten van de mensen
Laat de wereld zien dat de vrede ook in ons hart is nedergedaald. Hebt elkaar lief.
Als we van onze broeders en zusters houden, blijkt daaruit dat we van
de dood naar het leven zijn overgegaan. Maar wie niet van zijn broeders
en zusters houdt, blijft in de dood (1 Joh 3:14).
Hoe weet je of je een kind van God bent? Als je liefhebt. Dit is het
bewijs dat de Heilige Geest in je hart woont. Laten we ons hart in
aanbidding neerbuigen en ons gewonnen geven aan de hoogste liefde,
Jezus Christus.
De Broederraad en het bestuur wensen u en de uwen gezegende Kerstdagen en veel heil en zegen voor 2004 toe. De Here zegene u.
Tot slot
In Efeze 5:10 is te lezen:
... en toetst wat de HERE welbehaaglijk is ... denkt u bij alles wat u
doet ook: hoe zou de Heer het doen? Probeer te ontdekken wat de Heer
graag wil.
Nog niet genoeg van het vuurwerk?

Al heel lang is de mensheid
gefascineerd door het spelen met vuur en het afsteken van
vuurwerk. Eenmaal per jaar, tijdens de jaarwisseling, kunnen we
ons een paar uur lang helemaal' uitleven. Dat is op 31 december vanaf
22.00 uur tot 1 januari 02.00 uur. Het is een internationale traditie
on het nieuwe jaar in te luiden met oorverdovende knallen en
uiteenspattende vuurpijlen .. In ons land mogen hard knallende rotjes
en dergelijke niet meer worden gebruikt. Iedereen weet wel dat
vuurwerk in het oosten is ontstaan. Echter niet in China, zoals vaak
wordt gedacht, maar in Bengalen, het huidige Bangladesh. Het
Bengaals vuur dat al in de zesde eeuw voor Christus werd ontdekt
is nog altijd zeer gewaardeerd. Het was wel het Chinese Keizerrijk
dat het maken van vuurwerk tot grote bloei bracht. Vuurwerk is trouwens
in Azië enorm populair. Dit komt omdat het een vast onderdeel
vormt bij veel religieuze ceremoniën.
Maar vuurwerk is allang niet meer een oosterse exclusiviteit. Nadat de
recepten voor het vervaardigen van vuurwerk in de Be eeuw via
Arabië naar het westen kwamen heeft zich hier een eigen
vuurwerkcultuur ontwikkeld. Op allerlei festiviteiten worden
grote vuurwerkshows gegeven die altijd veel toeschouwers
trekken.
Zoals we weten bestaat vuurwerk uit een lading die tot ontbranding wordt gebracht via een lont.
De lading bestaat uit een
mengsel dat we een 'sas' noemen. Het bestaat uit oxidatie- en
reductiemid· delen. Door het lont aan te steken kan zonder
toevoer van zuurstof het mengsel verbranden en dan krijgen we
lichteffecten, geluid of beweging. Door de verschillende
samenstellingen van het 'sas' krijgen we de prachtige
kleurencombinaties en door vertragende stoffen toe te voegen
kan de vuurwerkmaker er voor zorgen dat een vuurwerk in
verschillende fasen uiteenspat.
Gelukkig Nieuwjaar

Overal weerklinkt
oorverdovend vuqrwerk om de boze geesten op de vlucht te drijven.
Zij moeten natuurlijk geen kans krijgen het prille begin van een nieuw
jaar te bederven en daarmee wellicht het hele nieuwe jaar. "De
beste wensen!" toepen de mensen elkaar toe, nog voordat er iets
anders kan worden gezegd dat een ongunstige uitwerking zou kunnen
hebben. De eerste januari is een officië· le feestdag. Er
zijn echter bij het Sinterklaasfeest en ook bij de Kerst al zoveel
cadeaus gegeven, dat. dit op. Nieuwjaarsdag niet gebeurt.
De Romeinen
In de Oudheid vierden de Romeinen het begin van een nieuw jaar ook
op uitbundige wijze. In die tijd werden er echter wel geschenken
overhandigd. Er bestond zelfs een apart woordje voor: ze werden
"strenae" genoemd. Goede wensen werden vooral tot
overheidspersonen gericht en het ontvangen van geschenken was in
de eerste plaats het voorrecht van de vooraanstaanden. Om verzekerd te
zijn van de ontvangst van de hem toekomende gaven hief de keizer
een soort schatting van al zijn onderdanen in Rome.
De hoogste gekozen gezagsdragers, de twee consuls, aanvaardden op die
dag hun ambt, Er werd uitgebreid feest gevierd. Groepen
bedelaars en kinderen gingen van deur tot deur om met grote
vasthoudendheid een gift te vragen en soldaten trokken met
een praalwagen door~de stad. Zij waren vermomd als de 'keizer en zijn
gevolg en gaven een satirisch beeld van de betere kringen. Er
werd door de bevolking op ruime schaal gezongen (vaak ongepaste
teksten), gedobbeld en natuurlijk gedronken. Veelal was het
feestvieren al op Oudejaarsavond begonnen.
De Romeinen lieten het
echter niet bij één feestdag. De tweede dag van het
nieuwe jaar werd vooral in huis doorgebracht. Er moest nog heel wat
overgebleven voedsel (om van drank niet te spreken) worden weggewerkt.
De derde januari had een officieel religieus karakter. Er
werden dan offers gebracht om de goden voor het komende jaar
gunstig te stemmen. Zelfs 4 en 5 januari werden door sommigen nog bij
het feest betrokken.
De benaming
We zijn eraan gewend het nieuw< jaar op 1 januari te beginnen; di
gebruik stamt uit 153 v. Chr. Daar, voor was 1 maart nieuwjaarsdag Men
kan dat nog zien aan he merkwaardige feit dat februari (toen de laatste
maand) echt een' restantje is. Deze maand is korter dan de andere en
heeft geen vast aantal dagen. Februari moet het doen met wat er
toevallig nog over, is ...
De vijfde maand heette bij de Romeinen Quinctilis (quinque =
vijf). Deze maand werd naar Julius Caesar, die in die maand
geboren was, ,"juli" genoemd. Natuurlijk kon
Keizer Augustus niet achterblijven: de maand Sextilis (sex = zes)
werd naar hem genoemd. En omdat zijn maand vanzelfsprekend niet
korter mocht zijn dan die van zijn oudoom, kreeg ook augustus
eenendertig dagen. De Latijnse woorden septem, octo, novem en decem
betekenen respectievelijk zeven, acht, negen en tien.
Tot in onze tijd heet de
twaalfde maand nog steeds december (de tiende). Overigens is voor lang
niet alle mensen 1 januari nieuwjaar. Joden en Moslims hebben
andere data. In China begon het nieuwe jaar op de dag van de
nieuwe maan wanneer de zon in het teken staat van de Waterman (tussen
20 januari en 18 februari). Dit was tot 1872 'ook in Japan het
geval. In 1752 werd in Engeland 26 maart als begin van het niellwe jaar
afgeschaft.
In de late Oudheid kreeg het Christendom eén steeds grotere
invloed in de Romeinse wereld. Veel kerkvaders ergerden zich aan
het uitbundige en vaak loszinnige nieuwjaar:sfeest van hun
"heidense" medeburgers. "Hoe kun je jezelf een Christen
noemen, als je op 1 januari, net als de heidenen, geschenken
uitwisselt, dobbelt en je bedrinkt?" vraagt Augustinus zich af, terwijl
Caesarius van Arles zich keert tegen lieden, "die zich te buiten
gaan aan goddeloze bras- en danspartijen
Losbandige optochten
De tafel op de laatste dag van het jaar overvloedig volladen en dat
laten staan tot .de eerste morgen van het nieuwe jaar, in de heop dat
die tafel gedurende het hele jaar overvloedig voorzien zal zijn, is een
heidens gebruik dat bestreden moest worden. Toen het Romeinse
Rijk niet meer bestond en West- Europa geheel Christelijk werd, bleef
het 1 januari-feest toch bestaan, vaak als doom in het oog van
'kerkbestuurders. In
het midden van de zevende eeuw wordt ernstig gewaarschuwd tegen
heilloze grappenmakerij, vermommingen en overdadige drankpartijen.
Men ging de geboortedag van Jezus (25 december) als nieuwjaar
hanteren, of het Paasfeest (de opstanding van Jezus). Maar 1
januari bleef populair. Toen Willebrord (de eerste bisschop van
Utrecht) en Bonifatius (die in 752 bij Dokkum werd vermoord) de
mensen in onze streken trachtten te bekeren tot het Christendom en tot
gepaste zeden en gewoonten, werd er achter hun rug in Rome feest
gevierd.
Bonifatius constateert, tot
zijn niet geringe ergernis, dat in Rome, vlakbij de Sint Pieter, op 1
januari losbandige optochten worden gehouden en dat men op die dag
(en in die nacht) de tafels volstouwt met heerlijkheden, terwijl hij
juist zijn best doet de heidenen tot een betere levensstijl te brengen.
Franken en Alle mannen, schrijft Bonifatius aan Paus Zacharias, die
naar Rome reizen zien daar dingen, die hijzelf nu juist verbiedt.
Zij beweren dat dit alles door de priesters wél wordt toegestaan
en nemen een schandalige levenshouding aan.
Het is maar goed dat de brave Bonifatius niet meer hoeft mee te
maken, met welk een overdaad en verkwisting in onze tijd Oud-en
Nieuw wordt gevierd: hij zou daar vast en zeker zeer misprijzende
kritiek op leveren ...
En dan is het weer voorbij.... ...Kerstdagen, Oud- en Nieuwjaarsdag...
Nog een beetje aan het bijkomen van de drukte van de kerstdagen?
Ja beste mensen, elk feest heeft zijn prijs, hoe mooi het ook is.
Inkopen, koken, gasten, organiseren, tijd vrijmaken voor toch maar
één kerkdienst. Dat hoort er toch wel bij, het liefst
natuurlijk op de avond voor kerst: de kerstnachtdienst.
Hè, hè, dat zit er weer op,.nu nog even oud en nieuw.
Hebt u al vuurwerk en champagne in huis? Geknald en gedronken moet
er natuurlijk worden ...
En dan is het 2 januari en dan is alles weer voorbij. En dan is het
nieuwjaar en gaat alles weer door zoals het ging in het oudejaar: oude
zorgen om gezondheid komen weer terug, geldzorgen zijn niet
overgegaan, verdriet om een groot gemis is nog even heftig als vorige
week in het voorbije jaar.
Is nieuwjaar wel echt nieuwjaar?
Vroeger toen we (bijna) allemaal nog naar de kerk gingen kenden we zo
onze tradities. Op oudjaar zongen we bijvoorbeeld "Uren, dagen,
maanden, jaren" en we lazenbijvoorbeeld Psalm' 90: "Leer ons alzo
onze dagen tellen, dat wij een wijs hart bekomen". En op nieuwjaarsdag
lazen we bijvoorbeeld Openbaring 21: "En zie ik zag een nieuwe hemel en
een nieuwe aarde, want de eerste hemel en de eerste aarde waren
voorbij gegaan".
Op die eerste aarde leven we nog steeds: pijn, moeite, verdriet, dood.
Op de tweede aarde was dat alles (samengevat in dat ene woordje "zee":
"en de zee was niet meer") voorbij.
Bij ons is al dat oude nog volop aanwezig. We hebben de moed al zo'n
beetje opgegeven. Niet zo lang geleden verscheen er eens een rapport,
waarin we konden lezen dat de groep, "onverschilligen" aan het
groeien is. Mensen die nergens meer voor te porren zijn dan enkel
voor hun eigen huisje met hun eigen beeldbuisje, mensen die bang zijn
voor alles wat vreemd is, anders, alles wat van buiten komt.
Mensen die gewoon met rust gelaten willen worden.
Daar wordt ik niet vrolijk van. Het staat zo haaks op wat mijn diepste
hoop en verwachting is: dat alles ooit zal worden zoals het ten diepste
bedoeld is: helemaal nieuw, helemaal heel, mensen die om elkaar
geven, die naar elkaar willen luisteren, die niet uit zijn op
macht, geen pijn, geen ziekte, geen armoede, geen onrecht en geweld
meer. Natuurlijk twijfel ik ook wel eens of dat visioen ooit
werkelijkheid zal worden. Maar loslaten, dat is wel het laatste wat ik
wil. Dan zou ik mijn richtingsgevoel volkomen kwijt zijn. "Zonder
visioen verwildert het volk" lezen we in het boek "Spreuken".
Laten we proberen dat visioen vast te houden en laten we - als we dat
moeilijk vinden - bondgenoten vinden in de hoop, want die hoop doet ons
leven, zonder hoop kan er ook geen liefde meer zijn, of zoals
Liselore Gerritsen ooit zong: "Hoop op geloof in de liefde".
Zullen we dat devies voor het nieuwe jaar maar eens tot het onze maken.
Laten we elkaar zoeken, laten we plaatsen van hoop in het leven roepen
of opzoeken, want ze zijn er. Vaak in het verborgene, maar blijf
zoeken, opdat "onze lieve aarde, nog kans óp redding
heeft".
Ik wens u allemaal, beste lezeressen en lezers nogmaals een gezegend en hoopvol nieuwjaar toe.
Laat de toekomst niet aan de onverschilligen!
Wij zijn een nieuw jaar binnengegaan. Een onbekende toekomst tegemoet
Ook Israël trekt een nieuwe wereld binnen. Verlost uit de
slavernij. Op weg naar het beloofde land. Wat een heftige tijd heeft
het volk achter de rug. Na 400 jaar slavernij komt Mozes met het
bericht dat de Heer omziet naar zijn volk. Mozes had zelf z'n
bedenkingen bij het hele plan van God. 'Ze zullen me vast niet geloven
en niet naar me luisteren' had hij gezegd (Ex. 4: 1).
Maar na het horen van de boodschap van Mozes en het zien van de tekenen
bogen de oudsten van Israël zich diep neer voor de HEER (Ex. 4:
31).
Daarna volgde een tijd van grote spanning: hoop en wanhoop wisselden
elkaar af in hetzelfde tempo als de plagen die Egypte troffen.
Uiteindelijk trekt Israël weg uit de slavernij.
Rijk voorzien. 'Onbevreesd vertrokken zij' (Ex. 14: 8). Maar dat duurt niet lang.
Want het volk strandt aan de oevers van de Schelfzee. De Egyptenaren
komen eraan. 'Doodsbang roepen ze de HEER luidkeels om hulp (Ex. 14:
10). Wég is het moreel. Mozes toont zijn leiderschap door het
volk toe te spreken: 'Wees niet bang, wacht rustig af, dan zult u zien
hoe de HEER vandaag de overwinning behaalt ... De HEER zal voor u
strijden, u hoeft zelfs niets te doen' (Ex. 14: 13,14).
Als maker van Holyhome.nl heb ik de afgelopen maanden heel sterk de
waarheid van deze tekst ervaren ook voor ons allemaal vandaag. Het is
wonderlijk zoals de HEER voorzien heeft in allerlei behoeften die ik
als Webmaster had. Hoe er ongevraagd hulp kwam, mogelijkheden groter
werden. Wat is het goed om te weten, dat wij niet in eigen kracht
hoeven te werken!
Israël ervaart de werkelijkheid van Gods belofte ook. Wat een
avontuur: tussen een muur van water droog door de Schelfzee trekken!
Vervolgens zien ze hoe de HEER hen verlost van hun achtervolgers. In
Ex. 15 zingt het volk de pijn van 400 jaar slavernij en verdrukking
eruit.
Die jubelzang eindigt met een belijdenis: 'De HEER is koning voor eeuwig en altijd'.
Met diezelfde jubelzang mogen wij het nieuwe jaar intrekken. Wij mogen
ons verheugen op nieuwe kansen die de de Heer ons wil geven, ook in het
komende jaar!
Ook u, bezoekers van de site wens ik geloof en vertrouwen toe, dat de
Koning ook voor u een weg heeft die begaanbaaris, ook al lijkt de
situatie soms nog zo ingewikkeld.
Een hartelijke groet van de Webmaster

Voor alle mensen: Veel Heil en Zegen
Hoeveel mensen hebben u in
de afgelopen dagen weer begroet met het maatschappelijk gangbare, maar
o zo vlakke 'beste wensen'? Woorden waar heel vaak de beleefdheid van
afdruipt, maar meer ook niet. Willen wij eigenlijk wel meewerken aan de
vervulling van die wensen? Zo af en toe hoor je iemand echter nog
zeggen: 'Veel heil en zegen'. Een wens met twee voluit bijbelse
woorden. Heil en zegen. Betekent dat niet zoiets als 'geluk'? Zullen we
dat dan maar gewoon zeggen? 'Gelukkig nieuwjaar'...
Tja, natuurlijk mag dat. Maar het is goed om die bijbelwoorden eens
apart te wegen. Heil en zegen: dat zijn dure woorden. Woorden waar het
bloed van afdruipt. En het is slordig als je zegt: het komt op
hetzelfde neer. Want dat is niet zo. Ze hebben allebei een eigen
betekenis. En toch... horen ze samen.
Op de bodem van het bestaan
Het psalmboek zegt:
‘De verlossing is van de Here, uw zegen zij over uw volk’
(Ps. 3: 9). Verlossing mag je weergeven met 'redding' en met 'heil'. te
kort om de zegen van de HERE te verwerken Met die ene nieuwjaarswens
komen we zo dicht in de buurt van zulke psalmwoorden. ‘Het heil
is van de Here, uw zegen zij over uw volk’. 'Heil' en 'zegen' en
nog wel in dezelfde volgorde! En in psalm 28 komt daar nog bij dat
innige woord 'erfdeel'. 'Veel heil en zegen voor Gods eigen volk' is
het gebed waarmee die psalm afsluit. Een gebed in grote nood. Op de
bodem van het bestaan. Juist daar krijgen die woorden betekenis.
Wijzen we elkaar op zegen
'Zegen' heeft te maken met
de oogst, met eten en drinken, een plaats om te slapen, kinderen die
geboren worden. (Ps. 67: 7). Al die dingen waarop je hoopt in een nieuw
jaar. Let wel: dingen die de Hére ter beschikking stelt. Waarbij
we bedenken dat die zegen niet enkel in materiële dingen opgaat.
Want: ‘Op Sions berg gebiedt de Here de zegen: leven tot in
eeuwigheid!’ (Ps. 133). Misschien wordt je maar 25 jaar oud,
misschien wel 100. Maar ook 100 jaar is te kort om de zegen van de HERE
te verwerken. Daarvoor is nodig een 'leven tot in eeuwigheid'. Dan is
de wereld te klein. Gaan de sluizen van de hemel open.
Wijzen we elkaar op heil
Maar, als 'zegen' zoiets
geweldigs is, wat zou 'heil' daar nog aan toe kunnen voegen? Wel, dat
is de bedoeling ook niet. Dat 'heil' komt niet achter de 'zegen' aan.
Je moet het zo zien: de zegen van de Here, die kún je eigenlijk
niet meer krijgen. Die is geblokkeerd door de zonde. En nu slaat het
woord 'heil' op dát werk van God, waardoor die zegen vrijkomt
voor ons. En wij voor de zegen. Daarom vind ik die volgorde zo mooi.
Eerst 'heil', dan 'zegen'. 'Heil' is immers verlossing. Bv. het
bevrijdende gebeuren waardoor Israël uit het slavenhuis uit Egypte
werd geleid. (Vgl. Exodus 15: 2).
Heil en beweging
In Egypte was Israël
ver verwijderd van de zegen. Het leven zat verstopt. Maar God bracht
Israël naar Kanaän, naar Sion. Dáár gebood de
Here de zegen. Leven tot in eeuwigheid. Zo is er 'heil' nodig om bij de
'zegen' te komen. 'Heil' heeft dan ook met 'geschiedenis' te maken. Met
beweging, inspanning, de vaart van de werkweek. Jezus zei: ‘Mijn
Vader werkt tot nu toe en Ik werk ook’. Er moet 'beweging' zijn
wil er 'heil' zijn.
Zegen en rust
'Zegen' daarentegen is een
woord dat 'rust' ademt. ‘In zes dagen schiep God hemel en aarde
en Hij rustte op de zevende dag. Daarom zegende de Here de
sabbatdag’.
'Rust'. En dáárom... zegen. Je zou kunnen zeggen: 'zegen' is rust. Maar 'heil' brengt in die rust.
Heil en de gezalfde
Nu het verband van Ps. 28.
In vs. 8 gaat het om het volk: ‘De HERE is hun
krácht’. Maar dan: ‘Een burcht van heil is Hij voor
zijn gezalfde’. Dat zie je telkens in de psalmen. Heil, daar is
'de gezalfde' verantwoordelijk voor. De messiaanse koning. David bracht
de ark naar Jeruzalem. Salomo bouwde de tempel. Dat is 'heilswerk'.
Mensen verlossen van hun vijanden. Ze brengen naar de plaats van de
verzoening. En dáár stroomt dan de zegen in brede golven
over het leven uit.' Heil' brengt naar God. 'Zegen' komt van God.
brengt ons verder
'Heil' daar zit hetzelfde
woord in dat ook de naam Jezus vult. 'Heiland' betekent dat, Redder.
God redt door Hem. Jezus is de man van het heil. Hij is heel die
afmattende weg gegaan om ons bij de Vader te brengen. Uit ons zelf
zouden we nooit bij de Vader komen. Want uit Egypte bevrijd lopen we
mopperend door de woestijn, en ons hart is ons niet vooruit in
Kanaän en Sion. Het verlangt terug naar de vleespotten van Egypte.
Ik wens u heil toe
Wat betekent het daarom als
we elkaar deze dagen 'heil' mogen toewensen? Het betekent dat we graag
zien dat de Here Jezus ons trage, onwillige mensen bij de hand zal
nemen om ons bij zijn Vader te brengen. En dat Hij daarvoor alles
gebruiken zal wat ons overkomen gaat. Het komende jaar. 'Ga niet aan de
kant zitten', zegt Hij. 'Niet bij de pakken neerzitten'. 'Heil' is
immers een woord waarin beweging zit. De beweging van de Exodus.
Egypte, dat is: terug naar af! Wie naar Egypte wil, laat zich niet
meenemen in de grote beweging van het volk van God. Die is terug in de
slavernij van eigen ik. Van de wanhoop. En de leugen. Dan levert het
komende jaar je een leven zonder God. Zonder zin. Zonder vreugde. Dan
het je niets al heb je alles.
Ik wens u zegen toe
En 'zegen' in het komende
jaar wat zeg ik daarmee als ik u dat toewens? Dit: dat er op uw
trektocht achter de Here Jezus aan telkens weer plekken van rust zullen
zijn, net zoals bij Elim in de woestijn. Waar je je ontspannen kunt.
Waar je zingt: ‘Hier wordt de rust geschonken’.
Totdat Jezus komt... Zomaar, midden in de week, temidden van alle
beslommeringen, kan opeens iets van de 'sabbat' doorbreken. Zomaar een
moment dat je je baadt in de zegen van Boven. Want Jezus is niet alleen
een Heiland die je in de rust brengt. Hij is ook Zélf de rust.
Hij is Zelf brénger van zegen. De Herder. Hij ‘weidt en
draagt ons tot in eeuwigheid’.
'Veel heil en zegen': het is geen bijbeltekst. Maar wel een wens op
bijbelse bodem. Best mogelijk dat u het volgende keer toch weer als een
cliché gedachteloos tegen elkaar zegt. Maar grote woorden hebben
er recht op dat we af en toe naar hun herkomst vragen. 'Veel heil en
zegen in dit nieuwe jaar'.
Dat is: moge Christus u brengen bij de rust die Hij ìs en gééft.




















