HOME | STUDIEBIJBEL | BIJBELSTUDIES | BIJBELATLAS | BIJBELSEGESCHIEDENIS | NIEUWS

                                                    
      

Teksten van troost bij sterven

Lees de Bijbel    is de vindplaats van materiaal voor Bijbelstudie, geloofstudie, catechese, school, kring, persoonlijk geloof, studie thuis, kerk, club, nieuws, godsdienstonderwijs, zingeving en vooral heel veel mogelijkheden om je Bijbelkennis te vergroten. Blijf niet afhankelijk van anderen maar lees zelf de Bijbel. Investeer in geestelijke rijkdom.


Over hoop en verwachting nagedacht

Jezus heeft vooral 'ootmoedigen' op het oog. Mensen die erkennen dat ze tegen hun grenzen aanlopen, die vastlopen in hun eigen teleurstellingen, fouten en ambities. Mensen die bereid zijn hun trots te erkennen en als een nederig mens God aan te roepen. Mensen die eigen wanhoop niet meer camoufleren maar open staan voor herstel en woorden van hoop. 

Mensen die vanuit desillusie weer zicht willen krijgen op nieuwe wegen. Belichaamd in Jezus: De Geest des Heren HEREN is op mij, omdat de Here mij gezalfd heeft; Hij heeft Mij gezonden om een blijde boodschap te brengen aan ootmoedigen (Jesaja 61:1). Geef je gewonnen aan Hem.

Eeuwenlang is de Bijbel gelezen en overgeleverd van de ene op de andere generatie.Voor sommigen is de Bijbel een historische schat. Voor anderen een handboek vol levenswijsheid.( Teksten bijzondere gebeurtenissen)

Onze Vader die in de hemelen zijt,
uw naam worde geheiligd;
uw Koninkrijk kome;
uw wil geschiede,
gelijk in de hemel alzo ook op de aarde.
Geef ons heden ons dagelijks brood;
en vergeef ons onze schulden,
gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren;
en leid ons niet in verzoeking,
maar verlos ons van de boze.
Want Uwer is het Koninkrijk en de kracht en de heerlijkheid in der eeuwigheid. Amen.

Troost uit bijvoorbeeld de Psalmen

Bijbelstudies

Liederen en gebeden van mensen heel lang geleden, die het ook hebben meegemaakt wat wij moeten meemaken. Echte hartenkreten, uit het leven gegrepen. Ik noem u enkele:

Psalm 23:
"Zelfs al ga ik door een dal der schaduwe des doods, ik vrees geen kwaad, want Gij zijt bij mij, Uw stok en Uw staf die vertroosten mij"

Psalm 27:
"Hoor, Here, hoe ik luide roep, wees mij genadig en antwoord mij.
Gij waart mijn hulp, verwerp mij niet en verlaat mij niet!"

Psalm 31:
"Bij U, Here, schuil ik, laat mij nimmer beschaamd worden...
Mijn tijden zijn in Uw hand."

Psalm 42:
"Mijn tranen zijn mij tot spijze dag en nacht. Wat buigt ge u neder,
o mijn ziel, en wat zijt gij onrustig in mij? Hoop op God, want ik zal Hem nog loven, mijn Verlosser en mijn God!"

Psalm 46:
"God is ons een toevlucht en sterkte, ten zeerste bevonden een hulp
in benauwdheden. Daarom zullen wij niet vrezen. de Here der heerscharen is met ons."

Psalm 71:
"Bij U, Here, Schuil ik. Laat mij nimmer beschaamd worden. O God, wees niet verre van mij; mijn God, haast U mij ter hulpe."

Psalm 73:
"Nochtans zal ik bestendig bij U zijn. Gij hebt mijn rechterhand gevat. Wie heb ik nevens U in de hemel? Het is mij goed om nabij God te zijn."

Psalm 84:
"Welzalig de mens, wier sterkte in U is. Zij gaan voort van kracht tot kracht. Welzalig de mens, die op U vertrouwt!"

Psalm 90:
"Here, Gij zijt ons een toevlucht geweest van geslacht tot geslacht. Leer ons zo onze dagen tellen, dat wij een wijs hart bekomen en bevestig onzer handen over ons."

Psalm 121:
"Mijn hulp is van de Here, die hemel en aarde gemaakt heeft. De Here zal u bewaren voor alle kwaad, Hij zal uw ziel bewaren. De Here zal uw uitgang en uw ingang bewaren van nu aan tot in eeuwigheid."

Psalm 130:
"Uit de diepten roep ik tot U, o Here, Here, hoor naar mijn stem. Bij U is vergeving... Bij Hem is veel verlossing."

PSALM 102

Er zullen deze nacht geen sterren zijn,
er is geen maan, ik eet mijn brood met as
en tranen,tranen mengen zich met wijn.
Ik ben geslagen en verdord als gras;
er is geen maan, ik eet mijn brood met as.
Mijn God keer uw gezicht niet af van mij,
ik ben geslagen en verdord als gras
en alle dagen gaan als rook voorbij.
Mijn God keer uw gezicht niet af van mij:
de lucht is leeg, de weide een woestijn
en alle dagen gaan als rook voorbij.
Er zullen deze nacht geen sterren zijn.
(Psalm 102 opnieuw gedicht)

PSALM 69 (2-4,14-20 en 30)

O mijn God, haal me er door heen.
Het water staat me tot aan de lippen.
Steeds verder zak ik weg,
voel de grond onder me verdwijnen.
Ik ga ten onder, de stroom sleurt me mee.
Mijn keel is schor geschreeuwd.
Ik ben doodop en mijn ogen zijn blind
van het uitzien naar U.
Ik bid U, kom over mij.
Goed en Trouw. Laat me rusten in U.
Haal me uit het slijk
laat me niet dieper wegzinken,
niet verder mee sleuren.
Haal me uit de maalstroom, dat duistere diep
en laat geen graf zich boven mij sluiten.
Die God en Goed zijt, laat van U horen.
Kijk me aan en zie hoe het me benauwt.
Kom naar me toe en open het venster.
Ik heb pijn, voel me beroerd;
help me er boven op.
Eeuwig dankbaar zal ik u zijn
en het Uitzingen.
Wat is U meer waard dan dat?
Zij die er getuige van zijn zullen getroost
verder gaan met U,
die ons in pijn niet vergeet
en U neigt naar wie lijden

PSALM 49

Wie je ook bent en waar je ook woont
luister naar me.
Mensen van de straat, heren op hoge tronen, arm en rijk,
ik heb je iets te zeggen.
Een waarheid diep geworteld welt in mij op.
Waarom je druk maken over machten die bedreigen,
over mensen die in geld alle vertrouwen hebben?
Geluk en leven zijn niet te koop;
voor niemand, hoe vermogend ook .
Geen have en goed, geen kennis of kunde stelt in staat
het graf te ontlopen.
Hier valt niets af te kopen.
Wij zijn op genade aangewezen.
Dom en dwaas, wijs en bedachtzaam
ze gaan allemaal heen
en niets kunnen ze meenemen.
Al hebben ze een landgoed op naam,
ze gaan van vader op zoon de weg naar dat verre huis.
Geen mens blijft overeind; het is de loop van de natuur.
Hoe hooghartig ze ook zijn
en hoe ze ook pochen op zichzelf
als schapen dragen mensen de dood met zich mee
en dalen af tot ze zijn vergaan.
Er is er maar Eén die kan vrijwaren van de dood.
Maak je dus niet druk over anderen;
hoe prachtig hun huis, hoe groot hun bezit.
Want alles blijft achter, niets gaat er meer.
Niemand houdt het licht in zijn ogen;
iedereen gaat de weg
van hen die zijn voorgegaan.
Wie dit niet begrijpt is als de dood.

PSALM 13 HOE LANG NOG?

Rusten wil ik; maar, God, in wie?
Vaste bedding zoek ik;
maar waar te vinden?
Dag en nacht ben ik aan het tobben
van 's morgens tot 's avonds.
Hoelang moet dit nog duren?
Laat U toch zien, laat van u horen.
Dat mijn ogen niet sterven;
het licht in me niet dooft.
Ik wil er niet onder door gaan,
mezelf niet verliezen.
Op Liefde en Trouw
zal ik mij verlaten,
aan U mij overgeven.
Het zingt in mij.
Alles komt goed.

Oude Testament

Prediker 3, 1-8; Jesaja 40 en 54,10; Job 11,7:
"Kunt gij de geheimen van God doorgronden, de Almachtige doorgronden ten einde toe?"

Uit het boek Job (14)

Een mens, kind van een vrouw,
in dagen beperkt, met zorgen overstelpt,
is als een bloem die bloeit en verwelkt,
vluchtig als een schaduw, onbestendig.
God, hebt Gij het dan ook nog op zo iemand begrepen?
Voor een boom is er hoop:
zelfs omgehakt bot hij nog uit, komt opnieuw in blad.
Al worden zijn wortels oud in de grond,
al is zijn stam bezig te vergaan -
hij hoeft maar water te voelen en loopt uit,
wordt weer groen als een jonge plant.
Wanneer een mens sterft, dan is het gedaan;
geeft hij de geest dan is het voorbij.
Als water verdampt, als een rivier verdroogd.
Of blijft wie sterft toch nog leven bij U?
Dan is mijn hele bestaan,
een wachten tot U, die naar mij uitziet, komt.

Psalm 73

Verbitterd was ik en geraakt,
gekwetst tot in mijn ziel;
redeloos, mezelf niet meer.
Wees bij me.
Ga met mij hand in hand
en breng me waar Gij mij hebben wilt.
Zonder U is er geen hemel;
wat moet ik op aarde als Gij niet zijt?
Al breekt mijn lichaam
en bezwijkt mijn hart,
Gij zijt de rots waarop ik bouw;
Gij zijt de toekomst die mij wacht.
Buiten U is het geen leven;
voor wie U opgeeft is alles verloren.
Gij zijt mijn hoogste goed.
In U mag ik rusten
voor eeuwig en altijd.

Psalm 32

God is niet een mens die in slaap valt.
Je raakt bij hem niet uit het oog.
Hij gaat met je mee en blijft bij je,
zo zeker als je schaduw bij je blijft
en je niet verlaat.
Hij bewaart je als de zon schijnt overdag
en 's nachts als de maan schijnt.
Je raakt niet verloren,
zelfs niet in het duister van het kwaad.
Hij zal je bewaren
die je bent: je diepste zelf.
God zal je bewaren in leven en dood,
tot in eeuwigheid. Amen.

Psalm 139

God, Gij peilt mijn hart en Gij kent mij,
mijn God, Gij weet waar ik ga of sta.
Gij doorziet mijn gedachten van verre.
Gij hebt mijn reizen en rusten bepaald,
en wat ik ook doe, Gij zijt ermee vertrouwd.
Uw schepping ben ik in hart en nieren.
Gij hebt mij geweven in de schoot van mijn moeder.
Ik was nog niet geboren, Gij had mij al gezien
en al mijn levensdagen stonden in uw boek,
nog voordat Gij er een van had gemaakt.
Hoe moeilijk zijn uw gedachten voor mij.
Wat een machtig geheel; ga ik ze tellen,
ze zijn zo talrijk als het zand van de zee
en dan nog, dan weet ik nog altijd niets van U.
Peil nu mijn hart, O God, en ken mij,
toets mij en weet wat er in mij omgaat.
Ik ben toch niet op een doodlopende weg?
Leid mij voort op de weg van mijn voor-ouders.

Psalm 90

Gij, van geslacht op geslacht,
zijt ons veilig thuis,
sinds mensenheugenis tot in lengte van dagen.
Mensen vergaan tot stof;
weg zijn ze, verdwenen.
Voor U zijn duizend jaar
als de dag van gisteren,
als een uur wakker liggen in de nacht.
Wij vervagen als een droom in de morgen.
Als gras zijn wij:
's ochtends komt het op en 's avonds valt het neer.
Een mensenleven duurt luttele jaren;
tachtig voor wie sterk zijn.
Veelal pijn en moeite.
Dan is het uit; gaan we heen.
Wie kan U peilen en beseft wie Gij zijt?
Laat Gij ons zó onze dagen waarderen?
Leert Gij ons zó wijs te zijn?
Hoelang nog wachten op U?
Kom ons tegemoet; neem ons op in vrede.
Talm niet langer; dat wij ons verheugen in U.
Breng geluk na alle ellende.
Laat zien hoe Gij met ons doende zijt.
Sla Uw armen mild om ons heen.
En bestendig wat we deden; bevestig wie we zijn.

Uit het tweede boek Makkabeeën (7,22-23.27-29)

Kort voor zijn dood sprak zijn moeder hem zó toe:
Hoe je in mijn schoot bent gevormd, weet ik niet;
wel dat niet ík je levensadem gegeven
en zo gaaf geschapen heb.
Er is een Schepper die zoals alles
ook de mens tot leven roept.
Wie uit eerbied voor Hem, vader en oorsprong van alles,
zichzelf niet ontziet
zal opnieuw adem en leven worden gegeven.
Negen maanden heb ik je in mijn schoot gedragen;
ik heb je gevoed, grootgebracht tot op vandaag;
ik heb je gestreeld.
Zie hemel en aarde aan met alles wat bestaat
en besef dat Hij die dit schiep uit het niet,
ook de mens heeft geboetseerd.
Wees daarom niet bang; aanvaard de dood.
En op de dag waarop de waarheid aan het licht komt,
zullen wij weer samen zijn.

Uit het boek Prediker (3)

Alles heeft zijn uur,
alle dingen onder de hemel hebben hun tijd.
Er is een tijd om te baren en een tijd om te sterven,
een tijd om te planten en een tijd om wat geplant is te oogsten.
Een tijd om te doden en een tijd om te genezen,
een tijd om af te breken en een tijd om op te bouwen.
Een tijd om te huilen en een tijd om te lachen,
een tijd om te rouwen en een tijd om te dansen.
Een tijd om stenen weg te gooien en een tijd om stenen te verzamelen,
een tijd om te omhelzen en een tijd om van omhelzen af te zien.
Een tijd om te zoeken en een tijd om te verliezen,
een tijd om te bewaren en een tijd om weg te doen.
Een tijd om stuk te scheuren en een tijd om te herstellen,
een tijd om te zwijgen en een tijd om te spreken.
Een tijd om lief te hebben en een tijd om te haten,
een tijd voor oorlogen een tijd voor vrede.
Wat heeft iemand dan aan al zijn werken en zwoegen?
Ik overzag de bezigheden die God de mensen heeft opgelegd
om er zich mee af te tobben.
Alles wat Hij doet is goed op zijn tijd;
ook heeft Hij de mens besef van duur ingegeven,
maar toch blijft Gods werk voor hem
van het begin tot het eind ondoorgrondelijk.
Daarom lijkt het mij voor de mens nog het beste vrolijk te zijn
en het er goed van te nemen.
Als hij kan eten en drinken en genieten van wat hij
met al zijn zwoegen bereikt heeft,
is dat immers een gave van God.

Nieuwe Testament

Mattheüs 5, 4:
"Zalig die treuren, want zij zullen vertroost worden."
Dat wil niet zeggen, dat het goed is om verdriet te hebben. Dat begrijpt u wel. God wil ons toch niet expres verdriet aandoen? Maar het betekent veeleer troost: dat degene, die weeklagen, huilen, treuren, troosters zullen vinden, u en mij en bovenal de Grote Trooster! Zij die treuren worden "zalig" genoemd, omdat ze getroost worden.

Mattheüs 10, 29-30, 38-40, 42. Mattheüs 11, 28-29:
"Komt allen tot Mij, die vermoeid en belast zijt..."

Mattheüs 25, 38-40:
"In zoverre gij dit aan één van deze mijn minste broeders gedaan hebt, hebt gij het Mij gedaan."

Lukas 18, 7-8:
"Zal God dan Zijn uitverkorenen geen recht verschaffen, die dag en nacht tot Hem roepen, en laat Hij hen wachten?"

Rom.8, 31-35 en 37-39. 1 Kor.15 en natuurlijk ook 1 Kor 13
het loflied der liefde.

2 Kor.4,16 - 5,10:
"Daarom verliezen wij de moed niet"
"Mijn genade is u genoeg."

1 Thess.4, 13-18: Phil.4, 4-7:
"Weest in geen ding bezorgd."

Jak.5, 13-18 Hebr.13,5:
"Want Hij heeft gezegd: Ik zal u geenszins begeven, Ik zal u geenszins verlaten."

Openb.21,1-7:
"Hij zal alle tranen van hun ogen afwissen...en de dood zal niet meer zijn."

Uit het evangelie volgens Mattheüs (14,22-32)

Nadat de vijfduizend van zo goed als niets te eten hadden gekregen,
gaf Jezus aan zijn vrienden de opdracht om scheep te gaan
en over te steken naar de overkant.
Toen de boot reeds vele mijlen uit de kust was,
werd het zwaar weer en hoog water; de wind zat tegen.
Het werd een lange bange nacht voor de mensen aan boord.
Tegen de morgen kwam Jezus door de storm naar hen toe.
Zijn vrienden zagen Hem over het water lopen en raakten van streek.
Zij zagen Hem aan voor een spook
en begonnen van angst te schreeuwen.
Maar Hij riep hun toe: Rustig maar,
Ik ben het; niet bang zijn.
Petrus antwoordde: Heer, als Gij het zijt,
laat mij dan over het water naar U toe komen.
Hij riep: Kom.
Petrus waagde de sprong en liep over water.
Maar toen hij merkte hoe hevig de wind was en hoe hoog de golven, werd Petrus bang.
Hij voelde zich wegzinken en riep: Heer, red me!
Jezus greep hem bij de hand en zei:
Vertrouw er maar op, niet bang zijn.
De wind ging liggen en ze kwamen veilig aan de overkant.

Uit het Evangelie volgens Lucas (5)

Eens stond Jezus aan de rand van het meer van Gennésaret,
terwijl de mensen om hem heen drongen om zijn woord te horen.
Jezus zag daar aan de oever twee boten liggen;
de vissers waren eruit gegaan en spoelden hun netten.
Hij stapte in een van de boten
en vroeg aan de visser om een eindje van de wal te steken.
Hij ging zitten en vanuit de boot
ging hij verder met zijn onderricht aan het volk.
Toen hij zijn toespraak geëindigd had, zei hij tot de visser:
"Vaar nu naar het diepe en gooi uw netten uit voor de vangst."
Maar deze antwoordde: Meester,
de hele nacht hebben we gezwoegd zonder iets te vangen,
maar op uw woord zal ik de netten daar uitgooien."
Ze deden het en vingen zoveel vissen in hun netten
dat ze bijna scheurden.
Hij moest zijn maats in een andere boot erbij halen om te komen helpen.
Toen die gekomen waren, vulden zij de beide boten tot zinkens toe.
Ze schrokken er van.
Maar Jezus zei tot de visser: "Je moet niet bang zijn,
zo zul je voortaan mensen vangen."

Uit het evangelie volgens Lucas (7, 11-17)

In die tijd begaf Jezus zich naar een stad die Naïn heette;
zijn leerlingen en een grote groep mensen gingen met hem mee.
Hij was juist in de nabijheid van de stadspoort gekomen
toen daar een dode werd uitgedragen,
de enige zoon van een moeder, die weduwe was.
Een groot aantal mensen uit de stad vergezelden haar.
Toen Jezus haar zag, voelde hij medelijden met haar en sprak:
' Schrei maar niet.'
Daarop trad hij op de lijkbaar toe en raakte die aan.
De dragers bleven staan en Hij sprak:
'Jongeling, ik zeg je: sta op!'
De dode kwam overeind zitten en begon te spreken
en Jezus gaf hem aan zijn moeder terug.
Allen werden door ontzag bevangen,
zij verheerlijkten God, en zeiden:
'Een groot profeet is onder ons opgestaan' en
'God heeft genadig neergezien op zijn volk'.
En dit verhaal over hem deed de ronde
door heel het Joodse land en de wijde omtrek.

Uit het Evangelie volgens Lucas (12, 16-21)

Er was een man met heel veel land, met oogst op oogst.
Het baarde hem zorgen,
want hij wist niet waar het allemaal te laten.
Ten einde raad besloot hij zijn oude schuren te slopen
en grotere te bouwen met ruimte genoeg voor al zijn gewin.
Hij haalde zijn rijkdom binnen en dacht bij zichzelf:
"Kerel, je hebt je schaapjes op het droge;
ga maar lekker op je lauweren rusten en neem het er van."
Maar nog diezelfde avond kreeg hij te horen:
"Dwaas die je bent; vannacht loopt het af met je
en van al wat je hebt gaat er niets mee in het graf.
Zo vergaat het mensen die almaar vergaren.
Zij blijven arm in de ogen van God."

Uit het Evangelie volgens Johannes: (14,1-6)

Bij zijn afscheid, vlak voor zijn dood, zei Jezus:
Laat uw hart niet verontrust worden.
Gij gelooft in God, gelooft ook in Mij.
In het huis van mijn Vader is ruimte voor velen.
Ware dit niet zo dan zou Ik het u hebben gezegd,
want Ik ga heen om een plaats voor u te bereiden.
En als Ik ben heengegaan en een plaats voor u heb bereid,
kom Ik terug om u op te nemen bij Mij,
opdat ook gij zult zijn waar Ik ben.
Gij weet waar Ik heenga en ook de weg daarheen is u bekend.
Thomas zei tot Hem: "Heer, wij weten niet waar Gij heengaat:
hoe moeten wij dan de weg kennen?"
Jezus antwoordde hem:
"Ik ben de weg, de waarheid en het leven.
Niemand komt tot de Vader tenzij door Mij.

Uit het Evangelie volgens Lucas (laatste hoofdstukken)

Het was omtrent het zesde uur;
er viel duisternis over heel de streek
tot aan het negende uur toe doordat de zon geen licht meer gaf.
Het voorhangsel van de tempel scheurde middendoor.
Toen riep Jezus met luide stem:
'Vader, in uw handen beveel ik mijn geest.'
Nadat hij dit gezegd had, gaf hij de geest.
Nu was er een zekere Jozef, lid van de Hoge Raad,
een welmenend en rechtschapen man.
Deze ging naar Pilatus en vroeg om het lichaam van Jezus.
Na het van het kruis genomen te hebben
wikkelde hij het in een lijkwade.
Vervolgens legde hij hem in een graf dat in steen was uitgehouwen
en waarin nog nooit iemand was neergelegd.
Op de eerste dag van de week
gingen de vrouwen zeer vroeg in de morgen naar het graf
met de welriekende kruiden die zij klaargemaakt hadden.
Zij vonden de steen weggerold van het graf, gingen er binnen
maar vonden er het lichaam van de Heer Jezus niet.
Terwijl zij niet wisten wat daarvan te denken,
stonden er plotseling twee mannen voor hen in een stralend wit kleed.
Toen zij van schrik bevangen, het hoofd naar de grond bogen,
vroegen de mannen haar:
'Waarom zoekt ge de levende bij de doden?
Hij is niet hier, Hij is verrezen.'

Uit de brief van Paulus aan de christenen van Rome (14, 4-9)
Broeders en zusters,
Niemand van ons leeft voor zichzelf alleen,
niemand sterft voor zichzelf alleen.
Zolang wij leven, leven wij voor de Heer,
en sterven wij, dan sterven wij voor de Heer:
of wij leven of sterven,
Hem behoren wij toe.
Daarvoor is Christus gestorven en weer levend geworden:
om Heer te zijn over doden en levenden.

Uit de eerste brief van Paulus

aan de christenen van Corinthe (15, 51-57)
Broeders en zusters,
Ik zal u een geheim vertellen.
Wij zullen niet allen sterven,
maar wij zullen allen veranderen,
opeens, in een oogwenk,
bij de laatste bazuinstoot.
Want de bazuin zal weerklinken
en de doden zullen verrijzen als eeuwige mensen
en wij, wij zullen veranderen.
Want dit vergankelijk lichaam
moet met onvergankelijkheid worden bekleed,
en dit sterfelijke lichaam met onsterfelijkheid.
Dan zal het woord van de Schrift in vervulling gaan:
De dood is verslonden, de zege is behaald!
Dood, waar is uw overwinning?
Dood, waar is uw angel?
De angel van de dood is de zonde
en door de wet wordt de zonde een overtreding.
Maar God zij gedankt
die ons de overwinning geeft
door Jezus Christus, onze Heer.

Uit de Openbaring van Johannes (21, 1-6)

De evangelist zegt:
Ik ging op reis.
En toen heb ik een nieuwe hemel en een nieuwe aarde gezien.
De oude hemel en de oude aarde waren verdwenen
en de zee bestond niet meer.
Ik heb een heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, zien neerdalen uit de hemel,
zo mooi als een bruid die zich voor haar man heeft opgemaakt.
En ik heb toen een machtige stem horen roepen:
Hier is God. Hij komt je tegemoet;
Hij zal bij jou zijn en jij met Hem.
En alle tranen waren afgewist
en de dood zal niet meer bestaan.
Geen rouwen, geen klagen, geen smart, zal er zijn;
want al het oude is voorbij.
En God vanuit de hemeltroon sprak: "Zie, Ik maak alles nieuw."
Ik hoorde zeggen: "Schrijf deze woorden op,
ze zijn betrouwbaar en absoluut waar."
Nog zei God tegen mij: Het is gebeurd!
Ik ben de Alfa en de Omega, de oorsprong en het einde.
Wie dorst heeft, zal Ik voor niets te drinken geven
uit de bron van het levenswater.

Uit de eerste brief van Paulus

aan de Christenen van Corinthe (15,35-44)
Je vraagt je af hoe de mens zal overleven,
wat je je daarbij moet voorstellen.
Een begrijpelijke vraag, maar toch...
Met eigen ogen zie je dagelijks om je heen
dat al wat je zaait en rust in de grond
door te sterven openbaart wat er in leeft.
Uit wat je zaait, gras of graan,
groeit heel iets anders dan het zaad deed vermoeden.
Uit gras groeit geen koren en uit koren geen gras.
Want alle zaad kent zijn eigen wasdom
zoals iedere boom zijn eigen vrucht.
Zo is het ook met de mens.
Minnetjes en teer,
kwetsbaar en voor korte tijd komt hij op de wereld.
Als zaad is hij aan de aarde gebonden.
Maar door te sterven wordt openbaar wat verborgen ligt in hem:
het nieuwe leven - van de hemel,
geheeld, voorgoed.

Uit de tweede brief van Paulus

aan de Christenen van Corinthe (4,16 - 5,1)
Ik spreek, omdat ik geloof;
ik spreek, omdat ik weet,
dat God, die Jezus niet in de dood liet,
ook ons allen bij zich zal opnemen.
Daarom raken wij niet ontmoedigd.
Want terwijl het lijkt alsof wij ten onder gaan,
vernieuwt het leven in ons zich van dag op dag.
Wij gaan dan ook niet af op wat zich afspeelt voor onze ogen,
maar op wat leeft in het verborgene.
Wat wij zien gaat voorbij;
het eeuwige dat blijft zien wij niet.
Wij weten toch dat, wanneer ons lijf als een tent wordt neergehaald,
God ons blijvend onderdak verleent.
Geen mens heeft daarvan durven dromen.

Uit liederen van Johannes de Heer

Veilig in Jezus armen.
Vaste rots van mijn behoud.
Als gín nood gezeten.
't Scheepken onder Jezus' hoede.
Ga niet alleen door het leven.
Ik heb geloofd en daarom zing ik.
Heer, ik hoor van rijke zegen.
Ga mij niet voorbij, o Vader.
Alle roem is uitgesloten.
Welk een vriend is onze Jezus.
Beveel gerust uw wegen.

Ook het Liedboek der Kerken bevat woorden van troost

Gez.267; 390,3:
"Ik weet, aan Wie ik mij vertrouwe."

Hier een mooie handreiking : Werkboek voor uitvaartliturgie

 READ THE BOOK - THE BIBLE CHANGE YOUR LIFE

                                

INFO: DE WEG - DE WAARHEID HET LEVEN FILM

Handige Bijbel

Remember all victims of violence worldwide   

GEBED  LEEFREGEL  BELIJDENIS  

DE WEG | DE WAARHEID HET LEVEN | FILM | AUDIO

CREATOR

HOLYHOME.NL USE NO COOKIES - REPORT DEAD LINKS

Waard om te weten :

Een hartelijk welkom op de site
Deze pagina printen
Sitemap

Wie zoekt zal vinden

FAQ - HELP

Kerk
Zondag
Advent
Kerstfeest
Driekoningen
Vastentijd
Goede Vrijdag
Aswoensdag
Palmzondag
Palmpasen
De stille week
Witte donderdag
Stille zaterdag
Paaswake
Pasen - Paasfeest
Hemelvaartsdag
Pinksteren
Biddag
Dankdag
Avondmaal
Doop
Belijdenis
Oudjaarsdag
Nieuwjaarsdag
Sint Maarten
Sint Nicolaas
Halloween
Hervormingsdag
Dodenherdenking
Bevrijdingsdag
Koningsdag / Koninginnedag
Gebedsweek
Huwelijk
Begrafenis
Vakantie
Recreatie
Feest- en Gedenkdagen
Symbolen van herkenning
 
Leerzame antwoorden op levens- en geloofsvragen


Hebreeën 4:12 zegt: "Want levend en krachtig is het woord van God, en scherper dan een tweesnijdend zwaard: het dringt diep door tot waar ziel en geest, been en merg elkaar raken, en het is in staat de opvattingen en gedachten van het hart te ontleden"Lees eens: Het zwijgen van God

God heeft zoveel liefde voor de wereld, dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven; zodat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat maar eeuwig leven heeft.
Lees eens:  God's Liefde

Schat onder handbereik


Bemoediging en troost

Bible-people - stories of famous men and women in the Bible
Bible-archaeology - archaeological evidence and the Bible
Bible-art - paintings and artworks of Bible events
Bible-top ten - ways to hell, films, heroes, villains, murders....
Bible-architecture - houses, palaces, fortresses
Women in the Bible -
 great women of the Bible
The Life of Jesus Christ - story, paintings, maps

Read more for Study  
Apocrypha, Historic Works
 GELOOF EN LEVEN een
          KLEINE HULP VOOR  ONDERWEG
 

Wie zoekt zal vinden           


www Holyhome.nl

Boeiende Series :

Bijbelvertalingen
Bijbel en Kunst

Bijbels Prentenboek
Biblische Bildern
Encyclopedie
E-books en Pdf
Prachtige Bijbelse Schoolplaten

De Heilige Schrift
Het levende Woord van God
Aan de voeten van Jezus
Onder de Terebint
In de Wijngaard

De Bergrede
Gelijkenissen van Jezus
Oude Schoolplaten
De Zaligsprekingen van Jezus

Goede Vruchten
Geestesgaven

Tijd met Jezus
Film over Jezus
Barmhartigheid

Catechese lessen
Het Onze Vader
De Tien Geboden
Hoop en Verwachting
Bijzondere gebeurtenissen

De Bijbel is boeiend
Bijbelverhalen in beeld
Presentaties en Powerpoints
Bijbelse Onderwerpen

Vrede van God voor jou
Oude bijbel tegels

Informatie over alle kerken in Nederland: Kerkzoeker
 
Bible Study: The Bible alone!
L'étude biblique: Rien que la Bible!
Bibelstudium: Allein die Bibel!  

Materiaal voor het Digibord
Werkbladen Bijbelverhalen Bijbellessen
OT Hebreeuws-Engels
NT Grieks-Engels

Naslagwerken
Belijdenissen
Een rijke bron

Missale Romanum + Afbeeldingen
Stripboek over Jezus
Christelijke Symbolen
Plaatjes Afbeeldingen Clipart
Evangelie op Postzegels

Harmonium Huisorgel
Godsdiensten en Religies
Herinnering aan Kerken

Christian Country Music
Muzikale ontspanning
Software voor Bijbelstudie
Hartverwarmende Klanken
Read and Hear the Holy Bible
 Luisterbijbel

Bijbel voor Slechtzienden Begrippenlijst   -1-   -2-

Meer weten over de Psalmen, gezangen, liturgieën, belijdenisgeschriften: Catechismus, Dordtse Leerregels en veel andere informatie? . Kijk opOnline-bijbel.nl
         
  (
What's good, use it)