HET ONZE VADER - 03
GEBED VAN VERTROUWEN
De vindplaats van materiaal
voor Bijbelstudie, geloofstudie, catechese, school, kring, persoonlijk
geloof, studie thuis, kerk, club, nieuws, godsdienstonderwijs,
zingeving en vooral heel veel mogelijkheden om je Bijbelkennis te
vergroten. Blijf
niet afhankelijk van anderen maar lees zelf de Bijbel. Investeer in
geestelijke rijkdom.
LEEF EN BID ALS BURGER VAN GOD's KONINKRIJK
Bid voor de geestelijke,
politieke en militaire leiders, dat ze wijze beslissingen nemen.
Bid voor het volk in benauwdheid.
Bid voor
de militairen die hun werk moeten doen.
Bid voor de slachtoffers en hun families, in het bijzonder voor die
families die doden betreuren.
| 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 |
Bid-Integratie - je eigen IK inleveren
Intergratie komt van het werkwoord integreren, dit betekent letterlijk iets tot een geheel maken.
Dat woord kennen we uit de politiek. Het gaat over ‘nieuwkomers in Nederland’.
Asielzoekers, vluchtelingen, mensen die hier werk komen zoeken.
Ze komen uit heel andere culturen. Ze eten anders, ze ruiken anders, ze
leven anders. We verstaan ze niet en zij verstaan ons niet. Ze zijn wel
welkom in Nederland. Maar dan moeten ze wel integreren. Ze moeten zich
aanpassen. Nederlanders worden. Onze taal leren, onze gewoontes.
Meedoen met wat wij gewoon vinden.
Niet
met hun hart en hun hoofd helemaal bij hun oude vaderland blijven, maar
dat zo ongeveer loslaten en helemaal opgaan in de Nederlandse
samenleving.
Dat noemen we integratie.
Nu gaat het helemaal niet om alle politieke keuzes rond dat onderwerp. Maar ik maak een vergelijking
Wij vinden het normaal dat Marokkanen, Irakezen, Somaliërs en
Congolezen zoveel mogelijk integreren. Het is goed als ze zich
aanpassen aan onze samenleving.
Maar Jezus zegt tegen zijn volgelingen: jullie moeten niet integreren.
Jullie moeten je niet helemaal aanpassen aan de samenleving waarin je leeft.
Blijf juist apart. Blijf anders.
Als je Jezus volgt, ben je ook iemand uit een ander volk.
Je bent burger van een ander rijk. Het hemelse koninkrijk.
En dat moet je vooral blijven!
Ook al leef je hier, in het koninkrijk Nederland, net als alle andere
Nederlanders, blijf toch vooral burger van het hemelrijk. Integreer
niet volledig, maar leef en bid als burger van het koninkrijk van God.
Waar gaat dat over: het koninkrijk van God?
Het is de samenvatting van wat Jezus begint te preken.
Matteus 4:17, Vanaf dat moment begon Jezus zijn verkondiging.
‘Kom tot inkeer, ‘zei hij, ‘want het koninkrijk van
de hemel is nabij!’
Het koninkrijk van de hemel komt.
Dat had kort daarvoor Johannes de Doper ook al gezegd.
Matt.3:1,2, In die tijd trad Johannes de Doper op in de woestijn van
Judea. Hij verkondigde: ‘Kom tot inkeer, want het koninkrijk van
de hemel is nabij!’
Johannes kon daarin aansluiten bij wat de Joden wel wisten uit de
profeten. Bijvoorbeeld uit de profetie van Daniël 7:13,14,
In mijn nachtelijke visioenen zag ik dat er met de wolken van de hemel
iemand kwam die eruitzag als een mens. Hij naderde de oude wijze en
werd voor hem geleid.
Hem
werden macht, eer en het koningschap verleend, en alle volken en
naties, welke taal zij ook spraken, dienden hem. Zijn heerschappij was
een eeuwige heerschappij die nooit ten einde zou komen, zijn
koningschap zou nooit te gronde gaan.
Vanuit z’n bijbel, het Oude Testament, kon Israël het
verwachten: God komt met een nieuw rijk. Een nieuwe toekomst waar God
aan werkt.
Een rijk met een grote Koning, de grote Zoon van David.
De HEER leerde zijn volk om uit te zien naar dat rijk.
Johannes de Doper zei: dat rijk komt eraan en is heel dichtbij. Na mij komt iemand die sterker is dan ik
Hij wees naar Jezus: het hemelrijk komt.
Maar ook Jezus preekte: het hemelrijk komt.
Want hij wist dat er nog veel moest gebeuren.
Hij wist dat het hemelrijk pas echt komt langs de weg van lijden en dood.
Na zijn opstanding gingen zijn leerlingen preken. En ook hun boodschap
was: het rijk van God komt. Want Jezus komt terug als de grote koning.
Zo zie je heel de bijbel door dat grote uitzien naar het hemelrijk. Het rijk van God dat komt.
Er ligt nog iets voor ons.
We hebben iets om naar uit te kijken.
Jezus leert ons zo te bidden.
Jezus leert je UITZIEN naar dat hemelrijk.
Vader, laat uw koninkrijk komen, zoals in de hemel, zo ook op aarde.
Laat het koninkrijk van de hemel hier op aarde komen.
Jezus leert ons daar naar verlangen en er om bidden
En dat niet als laatste. Als je alles al hebt in dit leven,
bijvoorbeeld als je oud geworden bent en moe van het leven - ja, dan ga
je verlangen naar dat hemelrijk.
Of als je niets meer te verwachten hebt van het leven, omdat je ziek
bent, of vastgelopen in psychische problemen - dan ga je er om bidden.
Nee, Jezus leert ons om dat voorop te zetten.
Vader, ga door met uw grote plan. Laat uw hemelrijk op aarde komen.
Gebruik het gebed, ook het Onze Vader, als thermometer van je geloof.
Steek hem er maar in: hoe leeft dat bij u, bij jou?
Zie je uit naar de komst van het hemelrijk? Bid je er om dat Jezus terugkomt?
Leer de les van Jezus
En Hij onderwijst zijn discipelen over de toegang tot het koninkrijk
van God: Laat de kinderen bij me komen, houd ze niet tegen, want
het koninkrijk van God behooort toe aan wie is zoals zij.
Wat moeten we, wij jongeren die geen kind meer willen zijn, en wij
ouderen die nog niet kinds zijn, met deze uitspraak van de Heer. In de
eerste plaats niet zoals de leerlingen zeggen of denken: och, die
kinderen die weten nog niet wat het is om bij Jezus te komen.
Dat is voor later. En verder luisteren we naar onze Heer Jezus. Want Hij gaat verder met dat onderwijs:
Ik verzeker jullie: wie niet als een kind openstaat voor het koninkrijk van God, zal er zeker niet binnengaan
Het vaste vertrouwen van een kind missen we als volwassenen vaak. Wat
vader of moeder tegen het kind hebben gezegd, daar rekent het op. Het
is er vast van overtuigd dat wat beloofd wordt ook gebeurt. Nu, zulk
een vast vertrouwen vraagt Jezus ook van ons allemaal.
De
kinderen waarover het ging worden door Jezus in de armen genomen en
door Hem gezegend. Hoe groot is de liefde van God voor al Zijn
kinderen. Hij neemt ze aan de hand mee naar het Hemelse Koninkrijk. Dat
geldt voor ieder die zijn/haar vertrouwen op de Heer Jezus stelt. Hem
op zijn Woord gelooft.
Nu terug naar dat integreren
Stel je voor dat je in gesprek komt met een Marokkaan. Hij spreekt goed
Nederlands, maar het eerste wat hij tegen je zegt is: ‘ik ben een
Marokkaan, Marokko is mijn vaderland en ik woon maar tijdelijk hier -
ik ga weer naar terug naar Marokko.’ Dan weet je meteen: zo
iemand zal nooit helemaal integreren, hij zal nooit helemaal opgaan in
onze samenleving. Want z’n hart is bij Marokko. En sommige dingen
zullen hem dus ook nooit echt interesseren. Hij woont hier toch maar
tijdelijk.
Jezus leert ons dat wij zo ook moeten leven
Je leeft hier, maar het is maar tijdelijk. Je gaat naar het hemelrijk. Laat daar je hart dan ook zijn.
In het gebed zet hij het voorop.
Maar dat moet ook doorwerken in je leven.
We
lazen net in Matteus 6. Daar beschrijft Jezus wat de normale manier van
leven is voor mensen die niet in hem geloven. Dan ben je vooral bezig
met ‘wat zullen we eten, wat zullen we drinken, wat trekken we
aan’. ‘Waar gaan we op vakantie, wanneer verbouwen we ons
huis, waar kan ik een betere baan krijgen, zit ik nog wel strak in
m’n vel’, enzovoort....
Het leven van de reclamefolders.
Daar moet je niet in opgaan, zegt Jezus.
Zoek liever eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, dan zullen al die andere dingen je erbij gegeven worden.
Zoek het koninkrijk. Bid dat dat koninkrijk komt. Zorg dat je bij dat koninkrijk hoort. Neem anderen daarin mee
Geef daar veel aandacht en energie aan.
En leer daardoor heel veel andere dingen minder belangrijk te vinden.
Dingen als eten en drinken en kleren en huis en status en verre vakanties en de nieuwste technologie in huis...
Jezus leert je KEUZES MAKEN vanwege dat hemelrijk.
Hij leert je allerlei dingen minder belangrijk te vinden.
Paulus schrijft dat ook. Lees 1 Korintiërs 7:29-31 maar eens
Je mag leven in deze wereld. Maar integreer er niet zo in, dat het alles voor je wordt.
Dat is de kritische vraag aan jou en mij: waar besteed je al je aandacht aan?
Waar gaat je tijd in zitten?
Ben je helemaal geïntegreerd in wat Jezus noemt ‘de dingen die de heidenen najagen’?
Leg bij jezelf die thermometer maar aan: wat betekent het in jouw leven dat je uitziet naar het koninkrijk van de hemel?
Werkt dat door in hoe je tijd en aandacht gebruikt?
Nog een ander gedeelte van Paulus, Filippenzen 3:17-21
Velen leven als vijand van het kruis van Christus. Waar merk je dat in:
ze leven voor hun eigen genot, hun eigen buik, de seks, geld enzovoort.
Dat staat bij hen boven aan. Paulus zegt: dan leef je je ondergang
tegemoet.
Maar wij zijn burgers van het rijk in de hemel.
Niet totaal geïntegreerd in deze wereld. We blijven vreemdelingen hier.
Dan wordt het misschien een minder mooi leven. Een armzalig bestaan
volgens anderen. Wat zou het? Christus zal ons armzalig lichaam gelijk
maken aan zijn verheerlijkt lichaam.
Beter
nu wat minder aandacht geven aan je lijf, je luxe enzovoort (omdat je
je aandacht geeft aan het koninkrijk van God) en dan straks een
verheerlijkt lichaam; dat is beter dan met heel veel aandacht voor je
leven hier-en-nu je ondergang tegemoet gaan.
Jezus leert je uitzien naar zijn hemelrijk.
JEZUS LEERT JE LEVEN ALS BURGER VAN DAT RIJK
Dat rijk komt in z’n totaliteit pas later, als Jezus terugkomt als Koning van dat rijk.
Maar de stijl van dat koninkrijk moet nu al zichtbaar zijn in mensen die Jezus volgen.
Dat heeft weer met dat integreren te maken.
Je
kunt je voorstellen dat die Marokkaan (waar ik het net over had) heel
duidelijk een Marokkaan blijft. Je merkt dat in alles: hij is anders
dan een Nederlander.
Jezus leert u en jou en mij om anders te zijn dan andere mensen.
De stijl van zijn koninkrijk moet merkbaar zijn in hoe wij leven.
En als Jezus ons leert bidden om de komst van het koninkrijk, dan
betekent dat ook dat hij ons leert bidden dat dat steeds meer merkbaar
zal zijn.
Een groot deel van de Bergrede gaat daarover
BERGREDE VAN JEZUS
Dat is toespraak die Jezus hield, waarin hij ook het ‘Onze Vader’ aan zijn leerlingen geleerd heeft.
Jezus noemt daar heel praktische voorbeelden.
Een burger van het hemelse koninkrijk scheldt niemand uit.
Een burger van het hemelse koninkrijk probeert het goed te maken als hij weet dat een ander iets tegen hem heeft.
Als
je zo’n burger bent, laat je je oog niet verleiden om te kijken
naar mooie vrouwen. Dan haal je je oog eruit, of je haalt de TV uit je
slaapkamer of je laat een ander meekijken welke sites jij bezoekt (daar
heb je handige programma’s voor).
Burgers van het hemelrijk slaan niet terug als ze geslagen worden, maar accepteren het onrecht.
Hemelburgers zijn zachtmoedig, barmhartig, door en door zuiver van hart. Het zijn vredestichters, weldoeners.
Werken aan meer gerechtigheid en dienstbaarheid.
Een eerlijke verdeling in de wereld.
Armoede echt bestrijden en daar zelf voor inleveren als je in het rijke
deel van de wereld woont. Je serieus druk maken om het onrecht in de
wereld.
Leven als burger van het hemelrijk
Misschien denk je: dat kan niet. Als je zo wilt leven, ben je wereldvreemd.
Inderdaad.
Dan val je uit de toon. Dan ben je niet geïntegreerd.
Zo leert de Heer je leven en bidden.
Hier nog heel veel valt te leren. En te bekeren. Bij onszelf.
Kijk maar eerlijk naar jezelf. Leef je in alles als burger van dat hemelrijk?
Ga er biddend mee aan het werk
Vader, laat uw koninkrijk komen, laat de stijl van uw koninkrijk nu al
zichtbaar zijn, zoals in de hemel, zo ook in mijn leven, in mijn
tijdsbesteding, in mijn portemonnee, in mijn hart.
Leven en overvloed mogen wij ontvangen. Leven en overvloed heb ik door
U, Jezus, mijn Herder, mijn steun en mijn toevlucht, alles, ja alles,
geeft God in U. Gij hebt uw leven gesteld voor de schapen, hebt hen
gekocht en betaald met Uw bloed. 'k Ben een verloste, een door U
gekochte, waardoor ik God als mijn Vader ontmoet.
Zo
kan ik dankbaar van alles genieten, zien op de toekomst, de eeuwige
vreugd. Wat Gij Heer Jezus voor ons hebt verworven maakt in beproeving
mijn hart toch verheugd, want na Uw lijden, Uw sterven op 't kruishout
zijt G' uit de dood, uit het graf opgestaan. 'k Zal U in heerlijkheid
eenmaal aanschouwen, U die voor mij op het kruis hebt voldaan.
Wat Jezus zegt over onze toekomst
Joh. 5:24 - 29: “Waarachtig, ik (Jezus) verzeker u: wie luistert
naar wat ik zeg en hem gelooft die mij gezonden heeft, heeft eeuwig
leven; over hem wordt geen oordeel uitgesproken, hij is van de dood
overgegaan naar het leven. Ik verzeker u: er komt een tijd, en het is
nu al zover, dat de doden de stem van Gods Zoon zullen horen en dat wie
hem horen, zullen leven.
Zoals
de Vader leven heeft in zichzelf, zo heeft ook de Zoon leven in
zichzelf; dat heeft de Vader hem gegeven. En omdat hij de Mensenzoon
is, heeft hij hem ook gezag gegeven om het oordeel te vellen. Wees
hierover niet verwonderd, er komt een moment waarop alle doden zijn
stem zullen horen en uit hun graf zullen komen: wie het goede gedaan
heeft staat op om te leven, wie het slechte gedaan heeft staat op om
veroordeeld te worden”.
De bazuin zal klinken
We hebben op aarde onze verantwoording als dienstknechten van God. Maar
met Paulus mogen we uitzien naar de dag van onze verlossing als de
bazuin zal klinken.
(Paulus)
1 Kor. 15:51-52: “Ik zal u een geheim onthullen: wij zullen niet
allemaal eerst sterven – toch zullen wij allemaal veranderd
worden, in een ondeelbaar ogenblik, in een oogwenk, wanneer de bazuin
het einde inluidt. Wanneer de bazuin weerklinkt, zullen de doden worden
opgewekt met een onvergankelijk lichaam en zullen ook wij
veranderen”.
De bazuin die hier genoemd wordt kan niet slaan op de bazuinoordelen
van Openbaring 8 en 9 die ons midden in de Grote Verdrukking zouden
plaatsen. Het boek Openbaringen is geschreven na de brief aan de
Korintiërs die dus helemaal niets afwisten van de bazuinoordelen.
In Numeri lezen we over bazuinen die werden geblazen als men verder
ging trekken. Er waren er altijd twee: de eerste om te dienen tot
‘het samenroepen van de vergadering’ en de tweede tot
‘het opbreken van de legerplaatsen‘. Wij moeten altijd
klaar zijn voor de komst van de Heer voor zijn Gemeente.
1 Tess. 4:13,14: “Broeders en zusters, wij willen u niet in het
ongewisse laten over de doden, zodat u niet hoeft te treuren, zoals zij
die geen hoop hebben. Want als wij geloven dat Jezus is gestorven en is
opgestaan, moeten wij ook geloven dat God door Jezus de doden naar zich
toe zal leiden, samen met Jezus zelf. 16: Wanneer het signaal gegeven
wordt, de aartsengel zijn stem verheft en de bazuin van God weerklinkt,
zal de Heer zelf uit de hemel neerdalen. (tweede komst van Christus)
Dan zullen eerst de doden die Christus toebehoren opstaan, 17: en
daarna zullen wij, die nog in leven zijn, samen met hen worden
weggevoerd op de wolken en gaan we de Heer in de lucht tegemoet. Dan
zullen we altijd bij hem zijn”.
Opgenomen om te kunnen afdalen
Het zijn bij de Heer is geen ‘zalig niets doen’. Mensen
hebben vaak de gedachte dat de hemel een plaats is waar we de tijd
alleen maar doorbrengen met zalig niets doen. Maar een eeuwigheid niets
doen lijkt niet erg aantrekkelijk. In Openbaring lezen we trouwens dat
het druk is in de hemel. We moeten ook aannemen dat de opgenomen
gemeente een rol speelt met betrekking tot het eindtijd gebeuren dat
zich tijdens haar afwezigheid op de aarde afspeelt. In Openb. 4:4, 10
zijn de oudsten aan het werk. Zij werpen zich neer voor hem die op de
troon zit, en aanbidden hem.
Openb. 19:7: “Laten we blij zijn en jubelen, laten we hem de eer
geven! Want de bruiloft van het lam is gekomen en zijn bruid staat
klaar”. (NBG: zijn vrouw heeft zich gereedgemaakt)
Deze laatste vermelding zou kunnen inhouden dat er in de hemel de
nodige instructie plaatsvindt voor de regerende taken die de gemeente
krijgt toebedeeld op de nieuwe aarde.
2 Tim 2:12: “…als wij volharden, zullen we ook met hem heersen…
Openb. 5:9,10: “U verdient het om de boekrol te ontvangen en zijn
zegels te verbreken. Want u bent geslacht en met uw bloed hebt u voor
God mensen gekocht uit alle landen en volken, van elke stam en taal. U
hebt voor onze God uit hen een koninkrijk gevormd en hen tot priesters
gemaakt. Zij zullen als koningen heersen op aarde”.
Openb. 20:4b: “… Het zijn de zielen van hen die onthoofd
waren omdat ze van Jezus hadden getuigd en over God hadden
gesproken…. Zij waren tot leven gekomen en heersten duizend jaar
lang samen met de messias”.
Om straks voldoende bruikbaar te zijn, zullen we ernst moeten nemen met
het leven dat we hier voor de Heer leven. Er liggen de opgenomen
gemeente dus taken te wachten waarmee pas begonnen kan worden als
Christus de zaken hier op aarde in handen heeft genomen. Daarvoor is
het nodig dat zowel Jezus als de gemeente weer afdalen naar de aarde.
De afdaling
Wat er dan gaat gebeuren is wat de wereld zal gaan ervaren als de
wederkomst van Christus (de 3e). De opname van de gemeente vond plaats
bij de 2e wederkomst van Christus voor de gelovigen. Deze wederkomst
van Christus met zijn gemeente zal zichtbaar zijn voor iedereen:
Zach. 14:5b: “En de HEER, mijn God, zal verschijnen met al de zijnen”. (op de Olijfberg)
Openb. 19:14: “De hemelse legermacht, gekleed in zuiver, wit linnen, volgde hem op witte paarden”.
Het Duizendjarig vrederijk (Millennium = periode van duizend jaar)
De heiligen die met Jezus terugkomen op aarde, hebben verheerlijkte
lichamen en zijn dus duidelijk te onderscheiden van de volken die zich
dan op de aarde bevinden. Deze volkeren zijn zij die de eindoordelen en
de slag bij Armageddon overleven. Niet iedereen is opgetrokken naar
Armageddon (meeste vrouwen, kinderen en bejaarden).
De
overlevenden blijven achter in een onvoorstelbare chaos, maar op de
puinhopen van deze beschaving richt de Heer een nieuwe wereld op, waar
men opnieuw moet gaan leren leven. God wil graag dat ook de volkeren
Hem vrijwillig dienen en over het algemeen zal dat volgens de O.T.
profetieën het geval zijn.
De dan levende leden van het Joodse volk zullen massaal tot bekering
komen. De gemeente vormt dan het hemelse volk van God, Israël het
aardse.
Zach. 8:20-23: “Dit zegt de HEER van de hemelse machten: Er
zullen opnieuw mensen komen uit allerlei landen en steden. De inwoners
van de ene stad zullen naar de volgende stad gaan en zeggen: ‘Ga
met ons mee. Wij zijn op weg om eer te bewijzen aan de HEER van de
hemelse machten en zijn gunst af te smeken’. Grote en machtige
volken zullen naar Jeruzalem komen om daar de HEER van de hemelse
machten te vereren en zijn gunst af te smeken.
En
dit zegt de HEER van de hemelse machten: Als die tijd is gekomen,
zullen tien mannen uit volken met verschillende talen een Joodse man
bij de slip van zijn mantel grijpen met de woorden: ‘Wij willen
ons bij u aansluiten, want we hebben gehoord dat God bij u
is’.”
De Bijbel laat ons zien hoe de situatie op aarde zijn zal:
Er is een blijvende toestand van vrede onder de heerschappij van de Vredevorst (Jes. 2:4; 9:4-7)
Er is geen onderdrukking meer (Jes. 9:4; 14:3-6)
Het is een vreugdevolle tijd (Jes. 9:2; 12:3-6; 14:7-8; 35:10)
De bijbelse begrippen van heiligheid en reinheid gelden voor de hele samenleving in de volle betekenis (Jes. 4:3; Ez. 36:24-31)
Recht en gerechtigheid worden door de Heer volkomen toegepast (Jes. 9:6; 11:5)
De volken zullen eindelijk aan de Heer vragen om hen te leren welke
wegen zij moeten bewandelen. Van Sion gaat de wet uit en het Woord van
de Heer uit Jeruzalem. De aarde is vol van de kennis van de Heer (Jes.
2:2-4 en 11:9)
Aan de vervloeking van de aardbodem komt een einde. Flora en fauna
herstellen zich in de oude paradijstoestand (Gen. 3:17-19; Jes. 11:6-9;
35:1-9; 65:25; 30:26; 60:19-20)
Er is geen ziekte meer. Blinden gaan zien, doven gaan horen, stommen
gaan spreken, lammen gaan lopen (Jes. 33:24; Jer. 30:17; Jes. 35:5-6;
61:1-2)
De mensen komen, zoals voor de zondvloed, tot hoge ouderdom. Iemand van 100 jaar heet nog jongeling (Jes. 65:20-22)
Er vindt voorplanting van het menselijk geslacht plaats; er worden kinderen geboren (Jes. 65:23)
Er wordt werk verricht. De mens zal de volle vrucht van zijn arbeid
genieten. De oogsten zijn overvloedig (Jes. 62:8,9; 30:23-24;
65:21-22).
Deze situatie wordt gezien als een inleiding op de eeuwige toestand. De
principes van het Millennium gelden in grote lijnen ook voor een
verdere toekomst (Joël 3:20; Amos 9:15; Ez. 43:7-9; Hosea 2:18-19)
DE WEG
- DE WAARHEID - HET
LEVEN


















