Goede vrucht - Vruchten en Gaven
van de HEILIGE GEEST
De vindplaats van materiaal
voor Bijbelstudie, geloofstudie, catechese, school, kring, persoonlijk
geloof, studie thuis, kerk, club, nieuws, godsdienstonderwijs,
zingeving en vooral heel veel mogelijkheden om je Bijbelkennis te
vergroten. Blijf
niet afhankelijk van anderen maar lees zelf de Bijbel. Investeer in
geestelijke rijkdom.
GAVE VAN DE HEILIGE GEEST : ONDERSCHEID
In deze studie-serie
willen we de rijkdom ontdekken die we ontvangen als wij ons openstellen
voor het werk van God's Heilige Geest. Dit gaat alle aardse schatten te
boven. De serie bestaat uit 20 studies die je een heel eind op weg
kunnen helpen.
Ontdek
het door je eens te verdiepen in wat de Bijbel daarover te zeggen
heeft. Neem er de tijd voor. Het zal je verbazen hoezeer je leven
erdoor verrijkt zal worden. en niat alleen het leven van jezelf, maar
ook het leven van de mensen om je hee. Niet alleen jouw eigenwaarde
stijgt maar óók je kijk op de ander. Het zal je
eigen levensstijl ten goede komen. En dat alles tot eer van Hem die jou
die Geest wil schenken.
ONDERSCHEID
Het onderscheiden van geesten is een inzicht in de geestelijke wereld over de werking en het functioneren van geesten.
Het is een gave om geesten te kunnen herkennen, hun strategieën
doorzien en dus adequate tegenmaatregelen te kunnen nemen. In
Matteüs 17 vers 14 tot 21 kunnen we lezen hoe Jezus aangeeft hoe
een bepaalde boze geest uitgedreven moet worden.
Genoemd als een van de gaven van de Heilige Geest. Waar geestesuitingen
zijn zal Satan trachten door imitatie het volk van God te verleiden.
Ook de menselijke geest kan op dit terrein zeer actief zijn om - vaak
onbewust of door een verkeerde geestelijke opvoeding - de openbaring
van de Heilige Geest in de weg te staan.
De gave van onderscheiding is gegeven om te onderscheiden door welke
geest wordt gesproken of gehandeld. In het bijzonder op het terrein van
de profetie is dit belangrijk.
In 1 Thessalonicenzen 5:20, 21 volgt na de vermaning om de
profetieën niet te verachten onmiddellijk de opdracht om alle
dingen te beproeven en het goede te houden.
Deze tekst wordt veelal misbruikt door hen, die er een vrijbrief in
zien om zich op wegen te begeven waar ze als gelovigen niet thuishoren,
doch heeft in eerste instantie betrekking op het toetsen van
profetische uitingen. Niet alleen de uiting van de geest, doch vooral
door welke geest wordt gesproken, dient onderscheiden te worden.
De geschiedenis van Bileam in Numeri 22:34, 35 en 23:1-5 leert ons, dat
zelfs valse profeten door Gods Geest geïnspireerd kunnen
profeteren. In z'n geval is het belangrijk dat de geest wordt
onderscheiden, daar de geestesuiting hier geen houvast biedt. Denk ook
aan de vrouw die Paulus en zijn metgezellen nariep, dat zij
dienstknechten van God waren. Dit was volkomen juist, doch de geest
waardoor zij sprak was een waarzeggende geest - Hand. 16:17.
De duivel openbaart zich als een engel des Lichts, doch de gave van
onderscheiden der geesten maakt hem openbaar. We zien deze gave ook in
werking treden bij het openbaar komen van personen als Ananias en
Saffira (Hand. 5:1-11) en Simon de tovenaar (Hand. 8:23).
In het bijzonder waar de normale onderscheiding op grond van Gods Woord
en geestelijke kennis, alsmede natuurlijke mensenkennis, tekort
schieten, geeft de gave van onderscheiding uitkomst, omdat deze dwars
door alle schijn heen ziet.
Beproeft de Geesten
"Geliefden, vertrouwt niet iedere geest, maar beproeft de geesten, of
zij uit God zijn; want vele valse profeten zijn in de wereld uitgegaan.
Hieraan onderkent gij de Geest Gods: iedere geest, die belijdt, dat
Jezus Christus in het vlees gekomen is, is uit God; en iedere, die
Jezus niet belijdt, is niet uit God. En dit is de geest van de
antichrist, waarvan gij gehoord hebt, dat hij komen zal, en hij is nu
reeds in de wereld. Gij zijt uit God, kinderkens, en gij hebt hen
overwonnen; want Hij, die in u is, is meerder dan die in de wereld is.
Zij zijn uit de wereld; daarom spreken zij uit de wereld en hoort de
wereld naar hen. Wij zijn uit God; wie God kent, hoort naar ons; wie
uit God niet is, hoort naar ons niet. Hieraan onderkennen wij de Geest
der waarheid en de geest der dwaling" (1 Johannes 4:1-6).
Vertrouwt niet iedere geest
In deze tekst worden we gewaarschuwd om niet zomaar iedereen te vertrouwen en alles te geloven! "Gelooft niet iedere geest."
Jezus had al eerder een dergelijke waarschuwing gegeven: "Indien dan
iemand tot u zegt: Zie, hier is de Christus, of: Hier, gelooft het
niet" (Matteüs 24:23).
Beproeft de geesten, of zij uit God zijn
Welke geesten mogen we wel geloven, en welke niet? Hoe kunnen we goede en slechte geesten herkennen?
1. Paulus schreef: "Toetst alles en behoudt het goede. Onthoudt u van alle soort van kwaad" (1 Tessalonicenzen 5:21,22).
Wel dienen wij open te staan voor iedereen, steeds klaar om iets bij te
leren. Maar we mogen niet zomaar alles geloven. We moeten alles
toetsen. Het goede moeten we behouden en het overige verwerpen.
2. Waarom staat 'geesten' in deze waarschuwing? Hoe kunnen wij een geest op de proef stellen?
Wij mogen niet uitsluitend naar uiterlijkheden kijken. We moeten de
vraag stellen: Door welke geest wordt deze persoon bewogen? Door welke
kracht gedreven?
De Geest van God waarschuwt ons voor de dwaalgeesten: "Maar de Geest
zegt nadrukkelijk, dat in latere tijden sommigen zullen afvallen van
het geloof, doordat zij dwaalgeesten en leringen van boze geesten
volgen, door de huichelarij van leugensprekers, die in hun eigen
geweten gebrandmerkt zijn" (1 Timoteüs 4:1,2).
Vele valse profeten zijn in de wereld uitgegaan
De voorspelling van Jezus is wel uitgekomen: "En vele valse profeten
zullen opstaan en velen zullen zij verleiden" (Matteüs 24:11).
Verschillende soorten dwaalleraars worden in de Schrift genoemd.
1. We lezen over valse christussen.
Een valse christus is iemand die valselijk beweert Gods aangestelde Christus of Messias te zijn.
Jezus zei: "Ziet toe, dat niemand u verleide! Want velen zullen komen
onder mijn naam en zeggen: Ik ben de Christus, en zij zullen velen
verleiden" (Matteüs 24:5). "Indien dan iemand tot u zegt: Zie,
hier is de Christus, of: Hier, gelooft het niet. Want er zullen valse
christussen en valse profeten opstaan en zij zullen grote tekenen en
wonderen doen, zodat zij, ware het mogelijk, ook de uitverkorenen
zouden verleiden. Zie, Ik heb het u voorzegd. Indien men dan tot u
zegt: Zie, Hij is in de woestijn, gaat er niet heen; zie, Hij is in de
binnenkamer, gelooft het niet. Want gelijk de bliksem komt van het
oosten en licht tot het westen, zo zal de komst van de Zoon des mensen
zijn" (Matteüs 24:23-27 //Marcus 13:20-23).
2. In de brieven van Johannes lezen we over antichristen. 'Anti'
betekent 'tegen'. Een 'antichrist' is iemand die zich opstelt òf
tegen Christus (als Zijn vijand), òf tegenover Christus (als
Zijn plaatsvervanger).
"Kinderen, het is de laatste uur; en gelijk gij gehoord hebt, dat
er een antichrist komt, zijn er nu ook vele antichristen opgestaan, en
daaraan onderkennen wij, dat het de laatste ure is. Zij zijn van ons
uitgegaan, maar zij waren uit ons niet; want indien zij uit ons geweest
waren, zouden zij bij ons gebleven zijn: maar aan hen moest openbaar
worden, dat niet allen uit ons zijn" (1 Johannes 2:18,19).
"Wie is de leugenaar dan wie loochent, dat Jezus de Christus is? Dit is
de antichrist, die de Vader en de Zoon loochent. Een ieder, die de Zoon
loochent, heeft ook de Vader niet. Wie de Zoon belijdt, heeft ook de
Vader. Wat u betreft, wat gij van den beginne gehoord hebt, moet in u
blijven. Indien in u blijft, wat gij van den beginne gehoord hebt, dan
zult gij ook in de Zoon en [in] de Vader blijven" (1 Johannes 2:22-24).
"Want er zijn vele misleiders uitgegaan in de wereld, die de komst van
Jezus Christus in het vlees niet belijden. Dit is de misleider en de
antichrist. Let op uzelf, dat gij niet verliest wat wij verricht
hebben, maar uw loon ten volle ontvangt. Een ieder, die verder gaat en
niet blijft in de leer van Christus, heeft God niet; wie in die leer
blijft, deze heeft zowel de Vader als de Zoon" (2 Johannes 7-9).
3. Zoals er valse christussen zijn, zijn er ook valse apostelen. Een
apostel is iemand die gezonden is, een gezant. Een valse apostel is
iemand die valselijk beweert dat hij door God gezonden is.
"Want zulke lieden zijn schijn-apostelen, bedrieglijke arbeiders, die
zich voordoen als apostelen van Christus. Geen wonder ook! Immers, de
satan zelf doet zich voor als een engel des lichts. Het is dus niets
bijzonders, indien ook zijn dienaren zich voordoen als dienaren der
gerechtigheid; maar hun einde zal zijn naar hun werken" (2
Korintiërs 11:13-15).
Jezus liet Johannes aan de gemeente te Efeze schrijven: "Ik weet uw
werken en inspanning en uw volharding en dat gij de kwaden niet kunt
verdragen en hen op de proef gesteld hebt, die zeggen, dat zij
apostelen zijn, maar het niet zijn, en dat gij hen leugenaars hebt
bevonden" (Openbaring 2:2).
4. We worden ook voor valse profeten gewaarschuwd. Een profeet was
iemand die sprak door goddelijke inspiratie. Een valse profeet is
iemand die valselijk beweert dat God door hem een boodschap heeft
gegeven.
"Wacht u voor de valse profeten, die in schapevacht tot u komen, maar
van binnen zijn zij roofgierige wolven. Aan hun vruchten zult gij hen
kennen: men leest toch geen druiven van dorens of vijgen van distels?
Zo brengt iedere goede boom goede vruchten voort, maar de slechte boom
brengt slechte vruchten voort. Een goede boom kan geen slechte vruchten
dragen, of een slechte boom goede vruchten dragen. Iedere boom, die
geen goede vrucht voortbrengt, wordt uitgehouwen en in het vuur
geworpen. Zo zult gij hen dan aan hun vruchten kennen" (Matteüs
7:15-19).
Evenals de valse apostelen, staan valse profeten in dienst van de
satan: "En ik zag uit de bek van de draak en uit de bek van het beest
en uit de mond van de valse profeet drie onreine geesten komen, als
kikvorsen; want het zijn geesten van duivelen, die tekenen doen, welke
uitgaan naar de koningen der gehele wereld, om hen te verzamelen tot de
oorlog op de grote dag van de almachtige God" (Openbaring 16:13,14).
5. Ook zijn er valse leraars. Een valse leraar hoeft niet te beweren
een profeet of apostel te zijn. Hij zal zich gewoon voorstellen als
iemand die een boodschap uit de Schrift brengt. Maar eigenlijk brengt
hij een menselijke boodschap i.p.v. Gods woord.
"Toch zijn er ook valse profeten onder het volk geweest, zoals ook
onder u valse leraars zullen komen, die verderfelijke ketterijen zullen
doen binnensluipen, zelfs de Heerser, die hen gekocht heeft,
verloochende en een schielijk verderf over zich brengend. En velen
zullen hun losbandigheden navolgen, zodat door hun schuld de weg der
waarheid gelasterd zal worden; en zij zullen uit hebzucht met verzonnen
redeneringen u als koopwaar behandelen; maar het oordeel houdt zich
reeds lang met hen bezig en hun verderf sluimert niet" (2 Petrus 2:1-3).
6. Wij mogen ook niet denken dat valse leraars alleen buiten de
gemeente zijn. Onder de vele gevaren waarover Paulus in 2
Korintiërs 11 spreekt, vinden we ook "in gevaar onder valse
broeders" (vers 26). Een voorbeeld daarvan vinden we in Galaten 2:3-5.
"Maar zelfs Titus, die bij mij was, werd, ofschoon hij een Griek was,
toch niet gedwongen zich te laten besnijden; en dat met het oog op de
binnengedrongen valse broeders, lieden, die waren binnengeslopen, om
onze vrijheid, die wij in Christus Jezus hebben, te bespieden, en zo
ons tot slavernij te brengen. Wij zijn voor hen geen ogenblik gedwee
uit de weg gegaan, opdat de waarheid van het evangelie ook verder bij u
zou blijven."
Hoe kunnen wij ons wapenen tegen al deze gevaren?
1. We moeten de waarheid liefhebben, anders worden we bedrogen. "Want
het geheimenis der wetteloosheid is reeds in werking; (wacht) slechts
totdat hij, die op het ogenblik nog weerhoudt, verwijderd is. Dan zal
de wetteloze zich openbaren; hem zal de Here [Jezus] doden door de adem
zijns monds en machteloos maken door zijn verschijning als Hij komt.
Daarentegen is diens komst naar de werking des satans met allerlei
krachten, tekenen en bedrieglijke wonderen, en met allerlei verlokkende
ongerechtigheid, voor hen, die verloren gaan, omdat zij de liefde tot
de waarheid niet aanvaard hebben, waardoor zij hadden kunnen behouden
worden. En daarom zendt God hun een dwaling, die bewerkt, dat zij de
leugen geloven, opdat allen worden geoordeeld, die de waarheid niet
geloofd hebben, doch een welgevallen hebben gehad in de
ongerechtigheid" (2 Tessalonicenzen 2:7-12).
We moeten de liefde tot de waarheid aanvaarden, om weerstand te kunnen
bieden tegen de vernuftige aanvallen van de handlagers van de satan.
2. God heeft bepaalde mensen aan de gemeente gegeven om ons te helpen.
"En Hij heeft zowel apostelen als profeten gegeven, zowel evangelisten
als herders en leraars, om de heiligen toe te rusten tot dienstbetoon,
tot opbouw van het lichaam van Christus, totdat wij allen de eenheid
des geloofs en der volle kennis van de Zoon Gods bereikt hebben, de
mannelijke rijpheid, de maat van de wasdom der volheid van Christus.
Dan zijn wij niet meer onmondig, op en neder, heen en weder geslingerd
onder invloed van allerlei wind van leer, door het valse spel der
mensen, in hun sluwheid, die tot dwaling verleidt, maar dan groeien
wij, ons aan de waarheid houdende, in liefde in elk opzicht naar Hem
toe, die het hoofd is, Christus. En aan Hem ontleent het gehele lichaam
als een welsluitend geheel en bijeengehouden door de dienst van al zijn
geledingen naar de kracht, die elk lid op zijn wijze oefent, deze groei
des lichaams, om zichzelf op te bouwen in de liefde" (Efeziërs
4:11-16).
Tegenover allerlei wind van leer kunnen wij leren vast te staan, door
op te wassen in de kennis van God. Om ons hiermee te helpen heeft
Christus aan de gemeenten eerst apostelen en profeten gegeven, door wie
de Heilige Schrift tot stand is gekomen. In onze tijd hebben wij
evangelisten, herders en leraars, die op basis van Gods woord de
gemeente opbouwen tot volwassenheid in de kennis van Christus.
Laten we nu onze tekst herlezen: "Geliefden, vertrouwt niet iedere
geest, maar beproeft de geesten, of zij uit God zijn; want vele valse
profeten zijn in de wereld uitgegaan. Hieraan onderkent gij de Geest
Gods: iedere geest, die belijdt, dat Jezus Christus in het vlees
gekomen is, is uit God; en iedere, die Jezus niet belijdt, is niet uit
God. En dit is de geest van de antichrist, waarvan gij gehoord hebt,
dat hij komen zal, en hij is nu reeds in de wereld. Gij zijt uit God,
kinderkens, en gij hebt hen overwonnen; want Hij, die in u is, is
meerder dan die in de wereld is. Zij zijn uit de wereld; daarom spreken
zij uit de wereld en hoort de wereld naar hen. Wij zijn uit God; wie
God kent, hoort naar ons; wie uit God niet is, hoort naar ons niet.
Hieraan onderkennen wij de Geest der waarheid en de geest der dwaling"
(1 Johannes 4:1-6).
De geesten onderscheiden - Hoe herkent men een sekte?
De massa-zelfmoord van 913 volgelingen van Jim Jones in Guyana op 18
november 1978 maakte duidelijk hoe onredelijk en gevaarlijk bepaalde
bewegingen kunnen zijn.
Men is het echter lang niet eens over de kenmerken van sekten. Wat is
het verschil tussen een onschuldige groep en een gevaarlijke sekte?
Mensen geven verschillende antwoorden op deze vraag, afhankelijk van
hun eigen uitgangspunt.
Een communist beschouwt alle vormen van godsdienst als bijgeloof en als
schadelijk voor de maatschappij. Hij ziet echter niet in dat zijn eigen
systeem vele kenmerken heeft van 'sekten'. Marx en Lenin zijn de grote
onfeilbare Leiders. Het dialectisch materialisme (de wereldbeschouwing
van het marxisme) is de grote Kracht, die alles in de juiste richting
moet leiden. Geweld en dwang worden aangewend om tegenstanders uit te
schakelen en om te heersen. Alle middelen worden als toelaatbaar
beschouwd, als ze de zaak maar bevorderen. Hun eigen mensen worden zo
veel mogelijk van de buitenwereld afgezonderd en via scholen en media
d.m.v. ideologische propaganda gemanipuleerd.
Een Rooms-Katholiek is geneigd alle niet-katholieke kerken toch
enigszins als 'sekten' te beschouwen, hoewel een onderscheid wordt
gemaakt tussen echt gevaarlijke en minder erge groepen. Hij beschouwt
ze als opstandelingen tegen de éne ware moederkerk. Maar hij
ziet niet in dat vele kenmerken van sekten zeer sterk in de
Rooms-Katholieke Kerk zelf aanwezig zijn.
Het valt een niet-katholiek al meteen op dat de ergste sekten dikwijls
grote overeenkomsten tonen met de Rooms-Katholieke Kerk! Ze zijn
hiërarchisch georganiseerd met één man aan de top.
Deze grote man wordt door de leden bijna als een god vereerd. Hij wordt
met pracht en praal rondgeleid en rijdt in een imposant voertuig. Uit
hoofde van zijn 'positie' mag hij in weelde leven, terwijl van zijn
volgelingen grote offers worden gevraagd. Dikwijls wordt hij 'Vader'
genoemd en als onfeilbaar beschouwd. Men beperkt zich niet tot
godsdienstige activiteiten: wereldse macht wordt ook gebruikt. Allerlei
middeltjes worden verzonnen om aan geld te komen. Sommige sekten lijken
veel op kloosters of, erger nog, op slotkloosters.
Een maatstaf is nodig
De enige oplossing is ergens een betrouwbare maatstaf te vinden
waarnaar verschillende groeperingen en bewegingen getoetst kunnen
worden.
Is grootte een geldige maatstaf? Indien wel, dan is de
Rooms-Katholieke Kerk in België geen sekte, maar de Mormoonse wel.
In de staat Utah echter (in Amerika), waar er vele Mormonen zijn en
slechts weinige Katholieken, zou het net andersom zijn! Neen, grootte
is geen geldige maatstaf. Men mag een groep niet als sekte bestempelen
alleen omdat die klein is. Evenmin gaat een grote groep zomaar vrijuit.
Wat zijn dan wel betrouwbare maatstaven? In dit artikel zullen wij het
probleem uit twee gezichtspunten beschouwen: het maatschappelijke en
het christelijke.
Algemene erkende normen
Ongeacht welk geloof men heeft, of welke filosofische of politieke
overtuiging, zijn er toch bepaalde algemene normen waarnaar men een
beweging kan toetsen. Ondanks de vele afwijkingen, bestaat er onder de
mensen toch zo iets als een algemeen besef van goed en kwaad.
Wanneer 900 mensen gezamenlijk zelfmoord plegen, zullen weinigen hun
beweging als goed bestempelen. Het eindresultaat in dat geval was
duidelijk slecht. Maar welke slechte eigenschappen van die beweging
brachten haar tot deze massa-zelfvernietiging?
De volgelingen van Jones waren in feite gevangenen. Verschillende
vormen van dwang, het gebruik van wapens inbegrepen, werden aangewend
om te verhinderen dat iemand kon ontsnappen.
Wanneer een systeem mensen tot gevangenen of slaven maakt, is het een
slecht systeem. Mensen mogen niet lichamelijk opgesloten worden, achter
een ijzeren gordijn, of in een commune, of in een klooster.
Maar geestelijk mogen de mensen ook niet opgesloten worden. Het
geestelijk opsluiten of isoleren is soms moeilijker te herkennen. Een
minderheidsgroep moet haar aanhangers op de een of andere wijze
afzonderen om ze te kunnen opsluiten (lichamelijk afzonderen om ze
lichamelijk te kunnen opsluiten, of geestelijk afzonderen om ze
geestelijk te kunnen opsluiten). Voor een meerderheidsgroep is dat niet
altijd nodig. Familiale en sociale druk zijn soms al voldoende om
mensen onder een dwang te zetten, zodat ze niet durven weg te gaan.
Velen volgen de uiterlijke vormen van een godsdienst, hoewel ze zelf
daar niet in geloven, alleen om hun ouders en familie tevreden te
stellen.
Ik ken een geval van een jongen van ongeveer 22 jaar die, omdat hij de
Rooms-Katholieke Kerk verliet, door zijn ouders letterlijk uit het huis
werd gesloten. Liet men hem toch binnen, dan werd er voor hem geen eten
gekookt en was er voor hem geen plaats aan tafel. Zijn ouders praatten
niet met hem en deden alsof hij niet aanwezig was.
Door de zogenaamde 'heilige' inquisitie gebruikte de Rooms-Katholieke
Kerk de staat om mensen te dwingen in die kerk te blijven, of als ze in
hun 'dwaling' bleven volharden, hen te liquideren.
Alle groeperingen die zich van dergelijke middelen bedienen om slaven van mensen te maken, zijn gevaarlijke sekten.
Jones eiste van zijn volgelingen blinde en onvoorwaardelijke
gehoorzaamheid. Ook bepaalde politieke 'sekten' passen deze regel toe.
Denk maar eens aan de 'sekte' van Hitler. Doordat hun volgelingen in
onvoorwaardelijke gehoorzaamheid getraind waren, konden zowel Jones als
Hitler hun aanhangers met zich meesleuren in het verderf.
Wanneer een systeem blinde en onvoorwaardelijke gehoorzaamheid opeist,
worden de mensen beroofd van hun fundamentele hoedanigheid van vrije
wezens. Zij stellen zich dan bloot aan misbruik door hun leiders en
zijn in staat ongelooflijk walgelijke dingen te doen.
Gehoorzaamheid aan rechtmatige gezaghebbers (b.v. ouders, leraars,
werkgevers en regering) wordt hiermee niet bedoeld. Waar het gevaar
schuilt, is in de 'blinde en onvoorwaardelijke' gehoorzaamheid. Mensen
in verantwoordelijke posities mogen verwachten dat wij hen gehoorzamen,
maar niet dat wij hen blind en onvoorwaardelijk gehoorzamen.
Een groep die er oneerlijke en slinkse praktijken op nahoudt (dikwijls
om aan geld te komen) is volgens algemene normen af te keuren. Op de
parking van een grootwarenhuis drukte een jonge man mij een boek in de
hand en zei, 'Mijnheer, dit boek wordt gratis uitgedeeld aan mensen die
deze winkel bezoeken.' Maar vervolgens vroeg hij een 'bijdrage' ter
dekking van de 'onkosten'. Deze loopjongen van de Hare Krishna-beweging
was op twee punten oneerlijk. Hij wekte de indruk dat zijn boek iets
met de winkel te maken had en hij zei dat het gratis was, terwijl hij
er geld voor vroeg. Toen hij van mij niets kreeg, wilde hij het boek
dan ook terughebben. (Het boek moest hij zelf aan zijn oversten
betalen, of hij er iets voor kreeg of niet.)
De inwoners van een stad in West-Vlaanderen werden via de krant
uitgenodigd om een 'natuurwandeling' te maken. Toen de deelnemers
midden in een bos waren gekomen, maakten de leiders van de wandeling
bekend dat zij Zevende-dags Adventisten waren, en begonnen hun
boodschap aan de natuurwandelaars te verkondigen! De aanwezigen voelden
zich bedrogen, en terecht.
En wat van een kerk die aflaten verkoopt waardoor men zogezegd van de
gevolgen van zijn zonden vrijgesproken kan worden. Is zo iets stichtend
en oprecht? Grotendeels door de verkoop van aflaten werd de
St.Pieterskerk te Rome gebouwd!
Groeperingen die dergelijke oneerlijke praktijken toepassen, zijn
duidelijk af te keuren. Godsdiensten die mensenoffers brengen, of die
aansporen tot moord, tot oorlog, of tot onzedelijkheid kunnen door
ieder weldenkend mens afgekeurd worden. Er is nog meer waarover wij
zouden kunnen uitweiden.
Merk op dat dergelijke misbruiken niet beperkt zijn tot de een of
andere godsdienstige of politieke richting. Zowel links als rechts, en
onder allerlei soorten godsdiensten kan men voorbeelden van dergelijke
misbruiken vinden.
Christelijke normen
Naast de algemene waarden van goed en kwaad, heeft een christen andere
maatstaven. Hij erkent Jezus als de Zoon van God en hij gelooft dat God
door de Heilige Schrift normen heeft bekendgemaakt.
Van Dale definieert 'sekte' als volgt: "de gezamenlijke aanhangers van
een, inz. godsdienstige, gezindheid die op bepaalde punten afwijkt van
een meer oorspronkelijke waaruit zij is voortgekomen."
Een christen vraagt zich niet alleen af of de methoden en praktijken
van een beweging in het algemeen goed of slecht te noemen zijn. Hij wil
ook weten of de praktijken en leerstellingen van een bepaalde groep in
overeenstemming zijn met de oorspronkelijke leer van Christus!
Deze vraag is enigszins moeilijker te beantwoorden omdat het hier om
waarheid en waarachtigheid gaat. Maar anderzijds heeft een christen het
voordeel dat hij een geschreven norm bezit, waarnaar hij alles kan
toetsen.
Iemand zal misschien de vraag stellen: Hoe kan de Schrift een christen
helpen groeperingen te toetsen, wanneer het doorgaans juist gaat om
verschil van mening over wat de Schrift leert?
Het antwoord is eenvoudig. Verschil van mening is er niet in de eerste
plaats over wat de Schrift leert, maar over wat de Schrift niet leert.
Door te lezen wat de Schrift wel leert, komen er heus wel vele
duidelijke normen naar voren, waarnaar men groeperingen kan toetsen.
In deze beschouwing zal ik mij beperken tot zaken die in de Schrift zeer concreet en duidelijk worden onderwezen
1. Godsdiensten die Jezus niet erkennen als de Zoon van God, kunnen de
mensen niet tot God brengen. Jezus zei: "Ik ben de weg en de waarheid
en het leven; niemand komt tot de Vader dan door Mij" [Johannes 14:6].
2. Godsdiensten die Jezus wel erkennen, maar dan slechts als de
zoveelste profeet in een reeks gelijksoortige profeten, zijn valse
godsdiensten. Volgens Hebreeën, hoofdstuk 1, is Jezus de afdruk
van Gods wezen, boven alle mensen en engelen. In Handelingen 4:12 zegt
Petrus: "En in niemand anders is de behoudenis; want er is ook onder de
hemel geen andere naam onder mensen gegeven waardoor wij behouden
moeten worden."
3. Jezus zelf heeft voorspeld dat vele sekten zouden ontstaan. In
Marcus 13:6 spreekt Jezus tot zijn volgelingen: "Kijkt u uit dat
niemand u misleidt. Velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik
ben het, en zij zullen velen misleiden." [Zie ook 2 Petrus 2:1-3; 2
Johannes 7-11 en 2 Timoteüs 4:3,4.]
4. Jezus heeft zijn volgelingen tegen valse leraars en profeten
gewaarschuwd. Hij heeft ook bepaalde karakteristieken genoemd, waaraan
ze herkend kunnen worden. Natuurlijk heeft niet iedere valse leraar
alle kenmerken, maar indien iemand zelfs maar één heeft,
is dat al voldoende om hem kenbaar te maken.
5. Een valse leraar kondigt zich niet aan met een: "Dag, mijnheer, Ik
ben een valse leraar." Uiterlijk stellen valse profeten zich voor als
dienaren der gerechtigheid. Trouwens, zo stelt de satan zich ook voor!
Daarom moet men verder kijken om een valse leraar als zodanig te kunnen
onderscheiden. [Zie Matteüs 7:15-20; Romeinen 16:17,18; 2
Korintiërs 11:13-15.]
6. In Matteüs 7:15-20 zegt Jezus dat wij valse profeten aan hun
vruchten kunnen herkennen: "Past u op voor de valse profeten, die tot u
komen in schapevachten, maar van binnen zijn zij roofzuchtige wolven.
Aan hun vruchten zult u hen kennen."
7. Wie zich in geestelijke zin 'vader' of 'leermeester' laat noemen, is
geen volgeling van Christus. In Matteüs 23:8-10 zegt Jezus: "U
echter, laat u niet rabbi noemen; want één is uw Meester,
en u bent allen broeders. En noemt niemand uw vader op de aarde, want
één is uw Vader: de Hemelse. Laat u ook niet leermeesters
noemen, want één is uw Leermeester: de Christus." Zowel
de Rooms-Katholieke Kerk als vele andere sekten hebben leiders die
'Vader' genoemd worden. In vele oosterse godsdiensten heeft men een
grote leermeester, van wie al de anderen het moeten hebben. Maar voor
een christen is God zijn enige Vader, en Christus zijn enige
Leermeester.
8. Bedrieglijke wonderen worden door valse profeten verricht
[Deuteronomium 13:1-3; Matteüs 7:22,23; Matteüs 24:24; Marcus
13:21-23; 2 Tessalonicenzen 2:5-12]. Denk maar aan Lourdes en de
verhaaltjes van de pinksterbeweging.
9. Groeperingen die een gezagsorganisatie hebben, zijn niet van
Christus. In Matteüs 20:25,26 zegt Jezus aan zijn volgelingen: "U
weet, dat de oversten van de volken over hen heersen en de groten gezag
over hen voeren. Zo zal het onder u niet zijn." De gemeente van
Christus mag geen organisatie hebben, waar gezag wordt uitgeoefend
zoals bij wereldse regeringen. Eén van de duidelijkste kenmerken
van vele sekten is hun sterk centraal gezag. De Rooms-Katholieken
hebben hun paus. De Getuigen van Jehova hebben hun president en het
Wachttorengenootschap. De Mormonen hebben hun profeet en hun 12
'apostelen'. De Adventisten hebben een zeer sterk centraal bestuur.
Armstrong diende als profeet en leider in zijn 'Kerk van God'. Denk aan
Moon en Lauw en ga zomaar door. Traditionele protestantse kerken hebben
ook hun synodes, bonden en centrale comités, die voor hun leden
reglementen en wetten samenstellen.
10. Wie zegt "De tijd is nabij" (behalve in de zin dat dit al 19 eeuwen
geleden kon gezegd worden: b.v. Openbaring 22:10) is een valse profeet.
In Lucas 21:8 waarschuwt Jezus: "Kijkt u uit dat u niet wordt misleid.
Want velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben het; en: De
tijd is nabij gekomen. Gaat hen niet achterna." Vele sekten menen op
een of andere wijze te weten dat het einde van de wereld nabij is. Maar
Jezus zegt in Matteüs 24:35,36 dat niemand behalve de Vader weet
wanneer die dag zal aanbreken. Hij waarschuwt ons voor mensen die
beweren dat zij het wel weten: "Gaat hen niet achterna."
11. Wie een voorspelling doet, die niet uitkomt, is een valse profeet
[Deuteronomium 18:21,22]. Dit is zo vanzelfsprekend, dat het wonderlijk
is, hoe de mensen zich telkens weer kunnen laten misleiden. De Getuigen
van Jehova, de Adventisten, Armstrong en Hal Lindsey e.a. hebben
voorspellingen gemaakt die kennelijk niet zijn uitgekomen. Maar ze
staan dan weer klaar met andere voorwendsels en nieuwe voorspellingen
die de oude moeten vervangen.
12. Wie doden of geesten raadpleegt, is niet een dienaar van God [Jesaja 8:19,20].
13. Wie christenen reglementen inzake eten en drinken oplegt is een
valse leraar [1 Timoteüs 4:1-7; Kolossenzen 2:16-17; Hebreeën
13:9; Marcus 7:19]. De enige uitzondering hierop is dat christenen geen
bloed of gestikt vlees mogen eten [Handelingen 15:19,20; 28,29; 21:25].
14. Wie geboden uit het Oude Testament aan christenen oplegt (zoals het
houden van de sabbat, of het geven van een tiende, of andere zaken die
in het Nieuwe Testament niet vervat zijn) is een valse leraar
[Kolossenzen 2:4-19; Titus 3:8-11; Efeziërs 2:14-16].
15. Wie het huwelijk verbiedt, is een valse leraar [1 Timoteüs 4:1-7].
16. Wie het woord van God tegenspreekt, is een valse leraar [Deuteronomium 13:1-3; Jesaja 8:19,20; Romeinen 16:17,18].
17. Wie menselijke geboden, leerstellingen en tradities verkondigt, is
een valse leraar [Matteüs 15:8,9; Galaten 2:3,4; Kolossenzen
2:4-19; Titus 1:10-16].
18. Wie de Schriften verdraait, is een valse leraar [2 Petrus 3:16-18].
Vooral op dit laatste punt dienen wij goed te letten
Valse leraars en profeten verdraaien de Schrift. Ze houden zich graag
bezig met moeilijke teksten, want die zijn gemakkelijker te verdraaien.
Een volgeling van Christus heeft daarom een grote verantwoordelijkheid
om zelf met oprechtheid de Schrift ernstig te onderzoeken om
schriftmisbruik te kunnen herkennen. Wie de Schrift niet goed kent,
wordt gemakkelijk op een dwaalspoor gebracht door iemand die de Schrift
op een misleidende wijze interpreteert.
Men moet ook oppassen voor centrale bronnen van 'officiële'
uitleg. De Rooms-Katholieke Kerk maakt er aanspraak op de Schriften
voor de mensen 'uit te leggen'. Hun uitleg dient men dan eenvoudigweg
zonder bedenkingen te aanvaarden. Hetzelfde geldt voor de Getuigen van
Jehova, die via hun tijdschriften en boeken de 'juiste uitleg' van de
Schrift geven. In Armstrongs tijdschrift 'De Echte Waarheid' (januari
1983) beweerde hij dat men uitsluitend door zijn tijdschrift tot de
echte waarheid kan komen (vandaar de benaming!).
Valse leraars halen bijbelteksten aan geheel uit hun verband. Wanneer
een tekst wordt aangehaald, zoek de tekst op in de bijbel en lees gans
het verband.
Valse leraars geven ook tal van onbewezen verklaringen naast teksten
die ze aanhalen. Men moet leren onderscheid te maken tussen wat echt in
de aangehaalde tekst staat, en wat zonder enigerlei bewijs botweg door
de schrijver wordt beweerd of verklaard!
Het is niet mogelijk in een kort artikel alle aspecten van het probleem
te belichten. Als u een volledige gids wenst, waarmee u sekten kunt
onderkennen, bestudeer de Heilige Schrift!
Deze
studie-serie bestaat uit de volgende onderdelen:
| De vrucht van de Heilige Geest | De Gaven van de Heilige Geest |
|---|---|
Inleiding Hoop Liefde Vreugde Vrede Geduld Goedertierenheid Goedheid Trouw Zachtmoedigheid |
Inleiding Tongentaal Vertolking van Tongen Profetie Woord van Kennis Woord van Wijsheid Onderscheiden van Geesten Geloof Genezing Wonderwerken |
TERUG NAAR DE START VAN DEZE SERIE


















