GOD DANKEN

Lees de BijbelDe vindplaats van materiaal voor Bijbelstudie, geloofstudie, catechese, school, kring, persoonlijk geloof, studie thuis, kerk, club, nieuws, godsdienstonderwijs, zingeving en vooral heel veel mogelijkheden om je Bijbelkennis te vergroten. Blijf niet afhankelijk van anderen maar lees zelf de Bijbel. Investeer in geestelijke rijkdom.

ALTIJD EEN REDEN OM TE DANKEN

Dank God voor alles,wie je ook bent
Dank God voor alles,hoelang je Hem ook Kent.

Hij help je iedere dag weer op te staan
Hij help je iedere dag door te gaan.

Soms is het leven heftig en fel
ik kom uit de wereld,het is meer de hel
Ik ben blij dat ik nu wandelen mag in het licht
al ben ik zwak en met regelmaat gezwicht
om terug te gaan in het oude leven
al heb ik mezelf aan God gegeven
De wereldse dingen blijven trekken vandaar
maar ik weet;God is met mij nog niet klaar

Bid God danken gaat aardig goed als het meezit, maar als het tegenzit danken we vaak niet ‘zomaar’. Toch staat het duidelijk in de bijbel dat we God in alles moeten danken:

1 Tessalonicensen 5: 18

Dankt God in alles; want dit is de wil van God in Christus Jezus over u.

Aangezien we willen doen wat ons door God wordt opgedragen, valt er op dit punt bij de meeste christenen heel wat te verbeteren. De verzen voorafgaand aan vers 18 roepen ook nog op tot continue blijdschap en gebed, maar in dit stukje willen we ons beperken tot het onderwerp ‘danken’.

Danken als opdracht

God wil dat we Hem danken. Waarom? Hij heeft de toekomst van de kerk op het oog! Hij wil niet dat wij koud en afstandelijk zijn, Hij wil diep dankbare mensen die Hem kunnen helpen Zijn Koninkrijk te bouwen. Daarom geeft God ons Zelf de opdracht om Hem te danken. Eigenlijk is het heel vreemd dat Hij dat nog moet zeggen. Wie geeft er nu een cadeau weg, met een kaartje eraan: Vergeet de gever van dit cadeau niet te bedanken!? Dat doet niemand, want een positieve reactie is toch eigenlijk vanzelfsprekend, alleen al dat iemand aan je heeft gedacht is al een bedankje waard! Als je iets moois krijgt, dan wil je toch niets liever dan degene die het je heeft gegeven bedanken? In de verhouding tussen God en mens gaat het op dit punt goed mis. Dit is te wijten aan de ondankbaarheid van de mens al sinds het paradijs: Het is nooit genoeg! En als je nog niet genoeg hebt gekregen, kom je niet toe aan oprechte dankzegging.
Dankbaarheid van de mens zou vanzelfsprekend moeten zijn, maar is het niet, daarom is het nodig dat God ons oproept om te danken. Het is een soort bewustwording van wat je hebt ontvangen en wat Hij je nog wil geven! Net als een vader of moeder die na hun kind iets gegeven te hebben zegt: “Wat zeg je dan???’, waarop het kind dan moet zeggen: “Dankuwel.” Het hoort dus bij onze geestelijke opvoeding, van ondankbaar kind tot volwassene die God dankbaar is in alles. God geeft de opdracht om Hem te danken en als we willen groeien, voeren wij die opdracht uit!

Schuldbelijdenis als onderpand

Wanneer zijn we nu eigenlijk op het punt gekomen dat we kunnen leren danken? En waarom lijkt het of sommige mensen nooit echt dankbaar worden? Hoe zwaar het misschien ook klinkt: levende dankzegging komt voort uit de ootmoed, het bloeit op in de diepte, in de schuldbelijdenis. Hier komt het verschil naar voren tussen het aangeleerde ‘dank-U-wel’ en de levende dankzegging. Als een kind leert ‘dankuwel’ te zeggen, betekent het nog niet dat het kind dankbaar is, er komt dan ook geen diepe blijdschap uit voort. Bij oprechte dankzegging is die blijdschap er wel. De dank komt dan heel diep uit je hart, het is helemaal echt. Die manier van danken kan alleen ontstaan als we beseffen dat we van onszelf niets hebben, maar dat we in Christus alles hebben! Dat maakt het verschil! De betekenis van danken in het leven van een christen = goedspreken van de genade. Ook is danken ‘voor Hem neervallen’, hieruit komt ook weer de schuldbelijdenis naar voren: vanuit het stof (onze menselijkheid) opzien naar Gods` goddelijkheid! Goedspreken van de genade is ook alleen nuttig als je iets hebt met die genade, als je beseft dat je zonder Gods` genade niet voor God kunt verschijnen. Als je je zonden hebt beleden en je klaar bent om God te danken, ben je nog steeds mens. God is daar gelukkig meer dan een ander van op de hoogte. Het is de wil van God dat we Hem danken en daarom geeft Hij ons dankbaarheid om dat op onze beurt weer terug te kunnen geven aan Hem.

O Here God, wij hebben gezondigd

U sprak. U openbaarde zich. U liet ons uw almacht zien.
En wij hebben het op z’n beloop gelaten.Terwijl we wisten wat uw grote daden zijn, hebben we de zonde laten gaan. We hebben ons besmet met de wereld. We hebben de afgoden binnengehaald. We hebben uw woord niet serieus genomen. U waarschuwt steeds weer dat we ons moeten heiligen en afzijdig houden van de werken van de duisternis. En wij roepen: Dat doen we toch ook! We zijn zo christelijk vinden we zelf. We doen toch goed!

Maar Here God, door de media komt dag in dag uit de liefdeloosheid onze huiskamers binnen.
Via de tv, de radio en internet en de computerspelletjes. We zeggen dat het ons niets doet, maar we laten de beelden en wat we horen op ons inwerken. En dan zeggen we dat het allemaal wel meevalt.

Maar, Here God, we weten niet eens meer dat het ons wat doet. En we weten niet eens meer wat zonde is. Dat wat zonde is, hebben we binnen onze acceptatiegrens getrokken. Als we alleen al denken aan alles wat met ontucht te maken heeft. En, o Here God, hoevelen van ons zijn niet verslaafd aan de porno. Hoeveel zijn vooral ook in hun denken al echtbrekers. De Here Jezus waarschuwt ons hiervoor heel duidelijk. Here help ons, want we vergaan. Hoereerders zullen het koninkrijk Gods niet beërven. Wij roepen U aan. Maak ons weerbaar tegen de mediaverloedering.

Onze kinderen laten we ondergaan in een afgods- en doodscultuur.
De muziek voor jongeren is verre van harmonisch met vaak sadistische, satanische teksten. Maar we laten onze kinderen de CD’s toch maar kopen. We weten het vaak niet eens. We laten hen ook maar naar disco’s en houseparty’s gaan. Wat moeten we! Anders lopen ze weg! Zaterdagavond in de kroeg en zondagmorgen lusteloos in de kerk. Here, vergeef ons, dat we hen laten verkommeren.
We leven hen het woord van God niet voor. En zij vergaan. Hoevelen hebben u de rug niet toegekeerd, omdat wij hen te slap hebben opgevoed. We hadden het lef niet, terwijl we als ouders verantwoordelijk waren. Here, vergeef ons. Here, herstel ons. Here, red onze kinderen. Help ons dat het woord van U opengaat in onze gezinnen.

Uw woord is de waarheid. U openbaart U in uw woord

 Want alzo lief heeft God
 de wereld gehad,
 dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft,
 opdat een ieder
 die in Hem gelooft,
 niet verloren ga,
 maar eeuwig leven hebbe.

Dat is Johannes 3 vers 16

Die tekst kennen we allemaal. Maar we lezen misschien op zijn hoogst nog een dagboekje of een paar verzen aan tafel of we horen in de kerk nog uit de bijbel. Dat is het voor de meesten dan ook. We kennen Uw woord niet. Here, we weten dat als de kennis van God uit het land is, het dan bergafwaarts gaat. Dan wordt het liegen, moorden, stelen en echtbreken, zoals U in Hosea 4 zegt. Uw woord is de weerhouder van het kwaad, maar het kwaad is onze huizen al binnengeslopen.

Als uw woord dicht blijft in onze huizen, zijn wij een prooi voor de satan. Here, ik wil beloven om de bijbel weer meer te gaan lezen, Here, kom mijn slapheid en zwakheid te hulp.
Hoe zouden wij kunnen leven zonder uw woord. Uw woord is een lamp voor mijn voet en een licht op mijn pad zegt U in Psalm 119. En laat ons vooral onze jonge kinderen het lezen in uw woord leren. Het ze inprenten, zoals U ons opdraagt in Deuteronomium 6.
Laten ook de voorgangers en de oudsten radicaal het roer omgooien en vooral de gemeente weiden, het woord verkondigen en de gemeenschap hebben van het gebed.
Dan zal de gemeenschap en de onderlinge liefde toenemen en de praktische handreiking aan hen die dat nodig hebben. Het lichaam koesteren. De zwakken helpen. De gehele gemeente moet opgewekt worden en een taak gegeven worden om elkaar te sterken en te behoeden in Christus. We moeten elkaar schuld belijden en elkaar vasthouden. Vergeef ons onze liefdeloosheid en eigenzinnigheid om bij alles eerst aan ons eigen belang te denken. We zijn zo door de tijdgeest beïnvloed. We willen ons daarvan bekeren. En U onze schuld belijden en ons opnieuw aan U en elkaar toewijden. Here, dank U wel. Doorzoek mij en laat me zien waar ik mijn houding en leven heb te veranderen. Help mij prioriteiten stellen en hoe ik U meer kan dienen. Dank U voor de gaven en talenten die u mij gegeven heb.

Here God, we zien de verloedering voor onze ogen. We weten dat er elke dag honderd kinderen in abortusklinieken worden gedood.
We weten dat er heel veel euthanasie gepleegd wordt. Here, we weten hoe men aan de mens zit te morrelen, omdat de mens als God wil zijn. Maar het is de dood! Het is de duivel, die zelfs al voor de geboorte het kind voor de ogen van de heilige God wegrooft. Here, wij moeten belijden, dat we het wel erg vinden, maar er verder ook niets aan doen. Maar, Here als wij het er bij laten zitten, wie komt er dan nog voor het leven op?

Toen in de Bijbel uw volk de kinderen aan de Moloch offerde, kwam U onherroepelijk met uw oordeel.
 Het rijk van Salomo werd als straf in tien en twee stammen opgedeeld. En later ging uw volk in ballingschap en tot op vandaag is het nog steeds over de hele wereld verstrooid. Uw oordeel staat vast als we onze ongeboren kinderen blijven vermoorden. Als wij ons als gemeente niet radicaal en volhardend verzetten tegen deze moordpartijen, dan komt uw oordeel. Het bloed van deze kinderen schreeuwt om leven. Here, maak ons weerbaar. Zet ons in vuur en vlam voor het leven. Help ons om op te staan tegen deze praktijken. En Here, als onze kinderen in de baarmoeder, de veiligste plaats die je kunt bedenken, niet meer veilig zijn, dan neemt het geweld toe in de samenleving en dan wordt het moord en doodslag op straat en in onze huizen en vooral ook in onze harten. Je kunt ook abortus plegen in je hart. Dan wordt het ontucht en verslaving. Dan willen we vluchten uit deze harde werkelijkheid. Dat gaat onze "bijbelgetrouwe" huizen niet voorbij. Hoeveel jongeren zijn al niet vereenzaamd, zitten met hun identiteit, lopen met zelfmoordplannen rond of zitten bij de psychiater.
Here, vergeef ons als ouders. O, God, wij hebben gezondigd.

U komt spoedig

U hebt het gezegd. U roept op om het evangelie te brengen aan een wereld verloren in schuld. Maar onze evangelisatie is op sterven na dood.
 Het is geen prioriteit. Het is een afdeling. We hebben het allemaal mooi weggeorganiseerd in onze instituten en commissies. Maar er is geen vurig verlangen in de gemeente om de verlorenen in ons eigen dorp en stad te redden van de eeuwige ondergang. We zijn verlegen met de oproep om er op uit te gaan. We preken wel goed, maar we brengen het niet in praktijk. We weten er geen handen en voeten aan te geven. En dat terwijl er een wereld om ons heen in verloedering en ellende afstoomt op de eeuwige ondergang. O Here God, vergeef ons. Geef ons nieuwe kracht en moed. We weten dat uw woord de waarheid is. Uw woord geeft richting en kracht. Help ons om nieuwe initiatieven te nemen om de verlorenen te zoeken. Here, het is fantastisch werk. Here dank U wel, dat er zovele voorgangers, ouderlingen, diakenen en werkers zijn, die dat verlangen hebben. Here, ruk ons allen los van onze vastgeroeste paden en leidt ons op die nieuwe weg om te gaan naar de heggen en steggen. Here, het zal weerstand oproepen bij hen die moeilijk wakker te krijgen zijn. Maar geef de enkeling, die de moed heeft, de kracht om vol te houden. En dank U wel voor een ieder, die dat al doet. Here, help ook onze organisaties en bewegingen om krachtiger op stap te gaan. We leven in een gezegend land, waar zoveel mogelijk is. We leven in een land waar de kerkgang het grootst is in heel Europa en toch is de verloedering ook het grootst. Here, breek en week ons los. Laat ons zien, waar we moeten veranderen. Dank U wel dat U het doet.

Here, dank U wel! Here, wat een zegen, dat U een hoorder en verhoorder van gebeden bent. Here, wat hebt U machtige dingen gedaan op het gebed.
 Grote legers deinsden terug. U hebt uw volk op wonderbaarlijke en krachtige wijze uitgeleid uit Egypte. U hebt hen door de Rode Zee geleid. Muren zijn gevallen. U omringde uw knechten met een macht van engelen. U beschermde in het vuur en in de leeuwenkuil. U verhoorde gebeden en leidde uw volk op uw belofte weer terug. U, Here Jezus, nam de tijd om te bidden. U bracht nachten biddend door op de berg. U roept op tot gebed. U zult uit de hemel horen naar het gebed van uw gemeente, zoals U zegt in 2 Kronieken 7:14. U belooft, dat als we bidden, U zult antwoorden. U roept op om te bidden en te vasten. U komt naar ons toe door het gebed en de kracht van de Heilige Geest. O Here, wat een wonder, dat U, heilige God, naar mij nietig mensenkind, vol zonden en tekortkomingen, wilt omzien om mij krachtig bij te staan, als mijn hart volkomen naar U uit gaat, zoals U zegt in 2 Kronieken 16:9! Het is een wonder! Wij kunnen er niet bij!

Het is uw grote genade, dat wij door geloof om niet gerechtvaardigd worden door het offer van onze Here Jezus Christus! Here, dank U wel!
 Here help ons. Here vergeef, als we zo weinig tot U hebben geroepen. Here, wij roepen U aan. Here, help ons trouw te zijn in het gebed. Here, wek ons op, om elkaar te zoeken en samen te bidden. Here, dank U wel, dat Uw woord vol staat van praktische aanwijzingen om te bidden. Dank U voor alle gebeden die opgezonden worden. Vermenigvuldig het gebed! Laat de bazuin geblazen worden om een plechtige samenkomst bijeen te roepen net zoals U in Joël 2 zegt. Want Here, de mensen mogen zien, dat U een machtig God bent, die zijn kinderen nooit in de steek laat.

Here, dank U wel voor uw grote kracht. Voor uw macht en majesteit. Dank U wel voor alles wat U doet in ons land.
Here, wij willen niet in onze eigen zwakheid, maar in uw kracht opstaan en voorbede doen voor ons land en voor ons volk. Dank U wel, dat U mij aanraakt om trouw te worden in de voorbede, het vasten en bidden. O, Here, ontferm U over ons land en ons volk! Zegen de Koningin en haar huis en allen die in hoogheid gezeten zijn. Dank U, dat U een vergevend God bent. Here wij geloven, dat U ook vandaag, net als zovele malen in het verleden, machtige daden doet op het gebed van uw kinderen.

In alles dankbaar zijn

God wil dat we Hem danken voor alles wat Hij geeft, maar ook in alles. Dit betekent dat heel je leven gekenmerkt wordt door dankbaarheid. In de bijbel staat niet: ‘Dankt God, ondanks alles’. Nee, er staat: Dankt God IN alles. Dit betekent niet dat je overal maar voor moet danken, want er zijn nu eenmaal dingen in het leven waar je niet voor kunt danken. Op dat moment hoef je ook geen dank-mogelijkheden op te gaan zoeken in de zin van: ‘Anderen hebben het slechter dan ik, dank U Heer!’. Nee, dat is ook niet de bedoeling! Het gaat erom dat we God temidden van alles danken, want waar je ook middenin staat: Gods` genade blijft! God is dus altijd te danken dat Hij een God van genade is. Habakuk, de profeet, deed dit ook: Er was geen oogst, maar toch bleef Hij God danken. Dat is de ware dank! Ware dankzegging berust niet op gevoel, maar op de genade die je kunt vinden in Jezus Christus.

God wil dat wij dankbaar zijn, daarom geeft Hij daartoe de opdracht in Zijn Woord. Uit onszelf kunnen wij die opdracht niet vervullen en als we dat beseffen kan God het ons geven. Hij geeft ons dankbaarheid zodat wij die dankbaarheid weer aan God kunnen geven. Dit is pure genade, we hebben het niet verdiend dat God ons iets in handen geeft om Hem iets terug te kunnen geven, namelijk onze dank! Jezus heeft ervoor gezorgd dat er weer contact is tussen God en mens en dat wij als kleine mensen God gelukkig kunnen maken door onze dankbaarheid te tonen temidden van de gebroken wereld waarin we leven!

DE WEG - DE WAARHEID - HET LEVEN

naar top van deze pagina  

mail holyhome