OUDE WANDTEGELS met BIJBELSE
TAFERELEN
BIJBELS TAFEREEL 033

De Verzoeking in de woestijn

Mattheüs 4
1 Daarna werd Jezus door de Geest meegevoerd naar de woestijn om door
de duivel op de proef gesteld te worden. 2 Nadat hij veertig dagen en
veertig nachten had gevast, had hij grote honger. 3 Nu kwam de
beproever naar hem toe en zei: ‘Als u de Zoon van God bent,
beveel dan die stenen in broden te veranderen.’ 4 Maar Jezus gaf
hem ten antwoord: ‘Er staat geschreven: “De mens leeft niet
van brood alleen, maar van ieder woord dat klinkt uit de mond van
God.”’ 5 Vervolgens nam de duivel hem mee naar de heilige
stad en zette hem op het hoogste punt van de tempel. 6 Hij zei tegen
hem: ‘Als u de Zoon van God bent, spring dan naar beneden. Want
er staat geschreven: “Zijn engelen zal hij opdracht geven om u op
hun handen te dragen, zodat u uw voet niet zult stoten aan een
steen.”’ 7 Jezus antwoordde: ‘Er staat ook
geschreven: “Stel de Heer, uw God, niet op de
proef.”’ 8 De duivel nam hem opnieuw mee, nu naar een zeer
hoge berg. Hij toonde hem alle koninkrijken van de wereld in al hun
pracht 9 en zei: ‘Dit alles zal ik u geven als u voor mij
neervalt en mij aanbidt.’ 10 Daarop zei Jezus tegen hem:
‘Ga weg, Satan! Want er staat geschreven: “Aanbid de Heer,
uw God, vereer alleen hem.”’ 11 Daarna liet de duivel hem
met rust, en meteen kwamen er engelen om voor hem te zorgen.
Over verzoekingen nagedacht
In "Leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze" (Matteüs 6:13).
Een verleiding is een verlokking iets verkeerds te doen door een belofte van genot, gemak of voordeel.
Iedereen wordt verzocht. Jezus zegt dat wij om Gods hulp moeten bidden.
In het hof zei Hij aan Petrus, Jacobus en Johannes: "Waakt en bidt, dat
gij niet in verzoeking komt; de geest is wel gewillig, maar het vlees
is zwak'' (Matteüs 26:41). De discipelen verlangden te doen wat
juist was, toch hebben zij kort nadien Jezus verlaten.
Wat is de oorsprong van verzoeking? "Laat niemand, als hij verzocht
wordt, zeggen: Ik word van Godswege verzocht. Want God kan door het
kwade niet verzocht worden en Hijzelf brengt ook niemand in verzoeking.
Maar zo vaak iemand verzocht wordt, komt dit voort uit de zuiging en
verlokking zijner eigen begeerte. Daarna, als die begeerte bevrucht is,
baart zij zonde; en als de zonde volgroeid is, brengt zij de dood
voort" (Jacobus 1:13 t/m 15).
Merk op dat de verzoeking zelf nog geen zonde is. De zonde ontstaat wanneer wij aan de verleiding toegeven.
Verleidingen komen niet van God maar van de satan. Paulus was om de
Tessalonicenzen bezorgd: "Daarom kon ik het ook niet langer uithouden
en zond hem om mij te vergewissen van uw geloof, of de verzoeker u
misschien verzocht had en onze inspanning vruchteloos zou geworden
zijn" (1 Tessalonicenzen 3:5).
Christus heeft niet gezondigd, maar Hij werd wel verzocht. "En Hij werd
in de woestijn veertig dagen verzocht door de satan" (Marcus 1:13).
Jezus leert ons hoe wij verzoekingen kunnen weerstaan. Gebed is
noodzakelijk. Hij zegt dat wij moeten bidden dat wij niet in verzoeking
komen. Iedere keer dat Jezus in de woestijn werd verzocht, was zijn
antwoord: 'Er staat geschreven'. Indien wij de Schrift kennen,
begrijpen en toepassen zullen wij in staat zijn de verzoekingen te
weerstaan.
"Toen werd Jezus door de Geest naar de woestijn geleid om verzocht te
worden door de duivel. En nadat Hij veertig dagen en veertig nachten
gevast had, kreeg Hij ten laatste honger. En de verzoeker kwam en zeide
tot Hem: Indien Gij Gods Zoon zijt, zeg dan, dat deze stenen broden
worden. Maar Hij antwoordde en zeide: Er staat geschreven: Niet alleen
van brood zal de mens leven, maar van alle woord, dat uit de mond Gods
uitgaat. Toen nam de duivel Hem mede naar de heilige stad en hij stelde
Hem op de rand van het dak van de tempel, en zeide tot Hem: Indien Gij
Gods Zoon zijt, werp Uzelf dan naar beneden; er staat immers
geschreven: Aan zijn engelen zal Hij opdracht geven aangaande u, en op
de handen zullen zij u dragen, opdat gij uw voet niet aan een steen
stoot. Jezus zeide tot hem: Er staat ook geschreven: Gij zult de Here,
uw God, niet verzoeken" (Matteüs 4:1 t/m 7).
In deze tweede verzoeking, haalt de duivel een bijbeltekst aan, die hij
verkeerd toepast natuurlijk. Jezus antwoordt door te zeggen: 'Er staat
ook geschreven'! Wij moeten de Schrift goed kennen om verzoekingen te
weerstaan. Alles wat de bijbel over iets zegt, moeten wij weten, om te
vermijden dat we bedrogen zouden worden door een duivel die de Schrift
aanhaalt.
"Wederom nam de duivel Hem mede naar een zeer hoge berg en hij toonde
Hem al de koninkrijken der wereld en hun heerlijkheid, en zeide tot
Hem: Dit alles zal ik U geven, indien Gij U nederwerpt en mij aanbidt.
Toen zeide Jezus tot hem: Ga weg, satan! Er staat immers geschreven: De
Here, uw God, zult gij aanbidden en Hem alleen dienen. Toen liet de
duivel Hem met rust en zie, engelen kwamen en dienden Hem"
(Matteüs 4:8 t/m 11).
De verzoekingen in de woestijn maken de betekenis van het woord
'verleiden' duidelijk. De duivel spoort Jezus aan iets verkeerds te
doen door dingen te beloven die aantrekkelijk klinken: brood wanneer
hij honger heeft, Gods voorzienigheid, heerschappij over de hele
wereld. Geen van deze doelen waren voor Jezus verkeerd. Hij had voedsel
nodig zoals wij. God had belooft voor Hem te zorgen. En Hij kwam naar
deze aarde om Koning van koningen en Heer van heren te zijn. Maar de
duivel wou hem aanzetten om deze doelen te bereiken door dingen te doen
die verkeerd zouden zijn.
De beloften van de verzoeking, de aanlokkende beloften van genot of
winst, zijn altijd bedrieglijk. Echt genot en echte winst komen
uitsluitend door het goede te doen.
Indien wij bidden en ons vertrouwen in Gods woord plaatsen, zal God ons helpen de verzoekingen te weerstaan.
Maar wij moeten opletten: "Wordt nuchter en waakzaam. Uw tegenpartij,
de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal
verslinden. Wederstaat hem, vast in het geloof, wetende, dat aan uw
broederschap in de wereld hetzelfde lijden wordt toegemeten" (1 Petrus
5:8,9). "Onderwerpt u dus aan God, maar biedt weerstand aan de duivel,
en hij zal van u vlieden" (Jacobus 4:7).
"Daarom, wie meent te staan, zie toe, dat hij niet valle. Gij hebt geen
bovenmenselijke verzoeking te doorstaan. En God is getrouw, die niet
zal gedogen, dat gij boven vermogen verzocht wordt, want Hij zal met de
verzoeking ook voor de uitkomst zorgen, zodat gij ertegen bestand zijt"
(1 Korintiërs 10:12,13). God zorgt ervoor dat er een uitweg is,
die wij dan ook moeten benutten.
We moeten geestelijk ingesteld zijn om de verzoekingen te weerstaan,
beseffende dat eeuwige geestelijke waarden belangrijker zijn dan
tijdelijke aards genot of winst. "Als wij echter onderhoud en onderdak
hebben, dan moet ons dat genoeg zijn. Maar wie rijk willen zijn, vallen
in verzoeking, in een strik, en in vele dwaze en schadelijke begeerten,
die de mensen doen wegzinken in verderf en ondergang. Want de wortel
van alle kwaad is de geldzucht. Door daarnaar te haken zijn sommigen
van het geloof afgedwaald en hebben zich met vele smarten doorboord" (1
Timoteüs 6:8 t/m 10). Merk nogmaals op dat de belofte van wereldse
rijkdom een valse belofte is. Zij die geld liefhebben, krijgen smart.
Jezus kan ons helpen om de verzoekingen te weerstaan. Hij werd verzocht
zoals wij. Hij begrijpt wat het betekent om verzocht te worden. "Daarom
moest Hij in alle opzichten aan zijn broeders gelijk worden, opdat Hij
een barmhartig en getrouw hogepriester zou worden bij God, om de zonden
van het volk te verzoenen. Want doordat Hij zelf in verzoekingen
geleden heeft, kan Hij hun, die verzocht worden, te hulp komen"
(Hebreeën 2:17,18). "Want wij hebben geen hogepriester, die niet
kan medevoelen met onze zwakheden, maar een, die in alle dingen op
gelijke wijze [als] [wij] is verzocht geweest, doch zonder te zondigen.
Laten wij daarom met vrijmoedigheid toegaan tot de troon der genade,
opdat wij barmhartigheid ontvangen en genade vinden om hulp te
verkrijgen te gelegener tijd" (Hebreeën 4:15,16).
"Dan weet de Here de godvruchtigen uit de verzoeking te verlossen en de
onrechtvaardigen te bewaren om hen op de dag des oordeels te straffen"
(2 Petrus 2:9).
"Zalig is de man, die in verzoeking volhardt, want, wanneer hij de
proef heeft doorstaan, zal hij de kroon des levens ontvangen, die Hij
beloofd heeft aan wie Hem liefhebben" (Jacobus 1:12).
|