OUDE WANDTEGELS met BIJBELSE
TAFERELEN
BIJBELS TAFEREEL 029

DE TOREN VAN BABEL

Genesis 11
11. En
Een grote toren in Babel
1
Ooit werd er op de hele aarde één enkele taal gesproken.
2 Toen de mensen in oostelijke richting trokken, kwamen ze in Sinear
bij een vlakte, en daar vestigden ze zich. 3 Ze zeiden tegen elkaar:
‘Laten we van klei blokken vormen en die goed bakken in het
vuur.’ De kleiblokken gebruikten ze als stenen, en aardpek als
specie. 4 Ze zeiden: ‘Laten we een stad bouwen met een toren die
tot in de hemel reikt. Dat zal ons beroemd maken, en dan zullen we niet
over de hele aarde verspreid raken.’ 5 Maar toen daalde de HEER
af om te kijken naar de stad en de toren die de mensen aan het bouwen
waren. 6 Dit is één volk en ze spreken allemaal een en
dezelfde taal, dacht de HEER, en wat ze nu doen is nog maar het begin.
Alles wat ze verder nog van plan zijn, ligt nu binnen hun bereik. 7
Laten wij naar hen toe gaan en spraakverwarring onder hen
teweegbrengen, zodat ze elkaar niet meer verstaan. 8 De HEER
verspreidde hen van daar over de hele aarde, en de bouw van de stad
werd gestaakt. 9 Zo komt het dat die stad Babel heet, want daar bracht
de HEER verwarring (11:9) Babel heet, want daar bracht de HEER
verwarring – In het Hebreeuws is er een woordspel tussen de naam
Babel en het werkwoord balal, ‘verwarring brengen’.in de
taal die op de hele aarde gesproken werd, en van daar verspreidde hij
de mensen over de hele aarde.
Het verhaal van de toren van Babel is ontleend aan de Bijbel. Het is te
lezen in Genesis 11:1-9. Van gebakken tichelen (een soort bakstenen) en
leem werd in het land Sinear een stad en een toren gebouwd. De bouwers
hadden het ideaalbeeld voor ogen om de toren zo hoog te maken dat deze
tot in de hemel zou moeten reiken. God veroordeelde deze ambitieuze
ijdele plannen en verstoorde de bouw. Wat één volk met
één taal was geweest veranderde door Gods toedoen in
talrijke volkeren die zich over de wereld verspreidden en hun eigen
talen gingen spreken. Vanaf die tijd leven de verschillende volkeren in
een Babylonische spraakverwarring met elkaar.
Hoogmoed
Volgens de Romeinse schrijver Flavius Josephus was het koning Nimrod,
achterkleinkind van Noach die de opdracht tot de bouw gaf. Veel meer
nog dan de Bijbel, benadrukt Josephus de overmoed van deze daad.
'Hoogmoed komt voor de val', luidt het spreekwoord dan ook. De
vernietiging van de stad Babel, ook wel Babylon genoemd, komt
uitgebreid ter sprake in de Openbaringen (18 en 19). De rijke
handelsstad werd in een uur verwoest voor zijn zonden die 'opgehoopt
tot aan de hemel' waren.
De toren van Babel van Bruegel
Pieter Bruegel
(ca.1525-1569) heeft deze toren van Babel geschilderd. De bouwers
hebben de toren al zo hoog gemaakt dat de wolken al zijn bereikt.
Bruegel heeft het Colosseum van het oude Rome als inspiratiebron
gebruikt. De voorstelling wordt beheerst door de geweldige monumentale
toren die bijna beeldvullend is. Daartegenover staat de minuscule
gedetailleerde registratie van menselijke bedrijvigheid, als mieren
rond een mierenhoop. Opvallend is ook het subtiele kleurgebruik. In het
bovenste gedeelte van de toren is de baksteen nog helder rood, terwijl
in de lagere etages de baksteen al verweerd is. Een opvallend
kleuraccent is ook het witte deel van de toren waar de kalk omhoog
gehesen wordt.
Bruegel heeft drie versies van dit onderwerp geschilderd. Een andere,
vroegere versie hangt in het Kunsthistorisches Museum te Wenen; de
derde is verloren gegaan.
|