OUDE WANDTEGELS met BIJBELSE
TAFERELEN
BIJBELS TAFEREEL 017

TOBIAS EN DE ENGEL

En de engel zeide tot hem: Ik zal met u trekken, want
ik heb bij Gabaël onze broeder geherbergd.
En Tobias zeide tot hem: Wacht op mij, ik zal het
mijn vader aanzeggen; en hij sprak tot hem: Ga heen, en vertoef niet.
En ingegaan zijnde, zeide hij tot zijn vader: Zie ik
heb een gevonden die met mij reizen zal. En hij sprak: Roep hem tot mij, opdat
ik mag verstaan van welke stam hij is, en of hij trouw is om met u te reizen; en
hij riep hem.
En hij kwam in, en zij groetten elkander.
Tobit en Tobias
Het
verhaal van Tobit en Tobias is in vele opzichten een wonderlijk
verhaal. Het is een avontuur van een jonge man die met zijn reisgezel
Azarias (de aartsengel Rafaël in menselijke vermomming) een lange
reis maakt om geld op te halen voor zijn blinde vader Tobit. Het is een
verhaal over opgroeien: Wanneer Tobias vertrekt is hij nog een jongen,
bij thuiskomst in Nineveh is hij getrouwd en, door zijn huwelijk, nog
rijk ook.
Het is ook een verhaal over demonen en wonderbaarlijke genezingen. Maar
meer nog is het een verhaal over God's genade. Wanneer Tobit en Sara,
beide getroffen door groot ongeluk, God om hun dood vragen, stuurt God
de aartsengel Rafaël om hen te helpen.
Het verhaal van Tobias was een populair bijbelverhaal gedurende een
lange periode. Het werd gebruikt om jongeren te onderwijzen. De Duitse
onderwijzer Georg Rollenhagen, rector van het gymnasium in Magdeburg
(Duitsland), maakte in de 16de eeuw van het verhaal een toneelstuk dat
op school werd gespeeld. In Mechelen werd in 1522 een voorstelling van
Tobias gegeven. Elementen uit het verhaal vormden populaire motieven
voor schilders uit de Nederlandse Gouden Eeuw, ook nog toen, of
misschien wel juist omdat, het verhaal zelf verdween uit de Nederlandse
protestantse bijbel.
Wat zijn de bouwstenen of ingrediënten die je nodig hebt voor een wonderlijk verhaal als dat van Tobit en Tobias?
Allereerst
een flinke dosis rampspoed en ellende. Tobit is een vrome Jood die
wordt getroffen door ongeluk: Een poepje van een zwaluw maakt hem blind
en het gezin raakt in geldnood. Sara verliest al haar echtgenoten door
een demon. Verder: een lange reis. Tobias onderneemt een lange reis om
geld voor zijn vader op te halen. Een trouwe helper. Azarias (de door
God gezonden de aartsengel Rafaël in vermomming) is een handig
baasje. Hij weet overal wat op: De ingewanden van de vis kun je
gebruiken om Tobit te genezen en de demon te vangen. En een happy end.
Tobias komt weer veilig thuis, getrouwd met Sara, hij is nu rijk en hij
geneest zijn vader Tobit.
Tobit is een vrome Jood die zich, zelfs nu hij in ballingschap in
Nineve woont, aan de wetten van de Joodse religie houdt. Hij voedt de
hongerigen, kleedt de naakten en begraaft de doden. Op een dag vertelt
zijn zoon Tobias hem dat er in de straat een vermoorde man ligt. Tobit
begraaft de man tegen zonsondergang. Omdat Tobit zich onrein voelt,
slaapt hij die nacht buiten, tegen de muur. 's Nachts krijgt hij
vogelpoep uit een zwaluwnest in zijn ogen (afb. 1). Zijn ogen raken
bedekt met een witte laag en Tobit kan niet meer zien.
Anna, de vrouw van Tobit, onderhoudt nu het gezin met spinnen. Tevreden
met haar werk, krijgt zij van haar baas een jonge geit als extraatje.
Tobit denkt dat Anna het geitje heeft gestolen en beveelt haar het dier
terug te brengen. Ondanks Anna's aandringen weigert Tobit haar te
geloven. Anna wordt kwaad en noemt haar man een huichelaar. Tobit legt
dit uit als een teken van God's toorn en vraagt God om dood te mogen
gaan.
Diezelfde dag, in het verre Ekbatana, wil een jonge vrouw ook sterven.
Het is Sara, de dochter van Raguël. Sara is zeven maal getrouwd,
maar telkens stierf haar echtgenoot in de huwelijksnacht door toedoen
van een demon.
God hoort de gebeden van de twee ongelukkigen en stuurt Rafaël, zijn aartsengel, om hen te helpen.
Tobit roept zijn zoon Tobias bij zich en vertelt hem hoe hij zich moet
gedragen: wat hij wel en wat hij niet moet doen. Hij vraagt Tobias geld
op te halen dat hij nog tegoed heeft van een man in Medië. Hij
raadt Tobias aan een reisgezel te zoeken voor deze lange reis. Tobias
gaat naar buiten en treft, hoe kan het ook anders, Rafaël die
zichzelf Azarias noemt. Tobias ziet niet dat Azarias eigenlijk de
aartsengel Rafaël is. Tobit bespreekt met Azarias het salaris en
Tobit stelt Azarias een bonus in het vooruitzicht bij een behouden
thuiskomst.
Tobias en Azarias vertrekken vergezeld door het hondje van Tobias. Bij
de rivier de Tigris wordt Tobias aangevallen door een vis (afb. 2).
Azarias laat Tobias de vis vangen. Ze ontdoen de vis van galblaas, hart
en lever; de rest eten ze op. Azarias vertelt Tobias dat hart en lever
van de vis gebruikt kunnen worden om slechte geesten te verdrijven. De
gal is een goed geneesmiddel bij blindheid. Alle ingrediënten voor
een happy-end zijn nu aanwezig en het verhaal ontwikkelt zich nu rap.
In Ekbatana gaan onze twee reizigers direct naar het huis van
Raguël. Hij is familie van Tobit. Na wat nieuws te hebben
uitgewisseld, wordt Tobias de achtste echtgenoot van Sara. Het huwelijk
vindt nog diezelfde dag plaats. Wanneer het jonge echtpaar alleen is,
verbrandt Tobias het hart en de lever van de vis en de reuk ervan
verdrijft de demon. Tobias en Sara bidden en gaan daarna slapen.
Raguël, voorbereid op het ergste, is al begonnen met het graven
van een graf. Wanneer hij van een dienstmeid hoort dat alles goed gaat,
is hij erg blij. Nu wordt het huwelijk pas echt gevierd. Tobias vraagt
aan Azarias het geld in Medië op te halen. Na twee weken
festiviteiten ontvangt Tobias de helft van Raguëls bezittingen en
beginnen ze aan de terugtocht (afb. 3).
In Nineve hebben Tobit en Anna al bijna de hoop op de terugkeer van
Tobias opgegeven. Anna is dan ook verrukt wanner ze Tobias en Azarias
ziet. Tobit loopt, in zijn haast om buiten te komen, tegen de deur aan.
Tobias loopt naar zijn vader en smeert de gal van de vis op zijn ogen.
Nu kan de witte laag weggehaald worden en kan Tobit weer zien. Ook in
Nineve wordt het huwelijk van Tobias en Sara nog een week gevierd.
Tobit dringt er bij Tobias op aan Azarias te betalen. Wanneer Tobias
hem de helft van zijn bezittingen aanbiedt, maakt de engel bekend wie
hij is. Tobit en Tobias knielen vol ontzag en bedekken hun gezicht uit
angst. Wanneer ze opkijken is Rafaël / Azarias verdwenen (afb. 4).
Het verhaal eindigt met een dankgebed van Tobit die, zo lezen we, acht jaar blind is geweest.
Hoe beeld je een engel uit?
Als
iemand met vleugels? Als man, vrouw, of er tussenin? Het grote probleem
is natuurlijk dat we nog nooit een engel gezien hebben. In de context
van het verhaal van Tobit en Tobias is er nog een ander probleem.
Gedurende het verhaal treedt de aartsengel Rafaël op in
vermomming, als mens. Tobit en Tobias weten niet dat de man die zij
kennen als Azarias eigenlijk de engel Rafaël is (Tobit 5, 5):
"Tobias ging iemand zoeken en hij vond Rafaël; dit was een engel,
maar Tobias wist dat niet." Wanneer Tobias zijn toekomstige reisgezel
aan Tobit voorstelt, noemt Rafaël zich Azarias (Tobit 5, 12-13):
"Daarop zei Tobit: 'Ik zou toch graag weten, broeder, tot welke familie
u hoort en hoe u heet.' Toen zei hij: 'Ik ben Azarias, de zoon van de
grote Ananias, een volksgenoot.'" Pas aan het eind van het avontuur,
wanneer Tobias weer thuis is en Azarias de helft van zijn bezittingen
heeft aangeboden als dank voor diens hulp, maakt Azarias bekend wie hij
eigenlijk is (Tobit 12, 15): "Ik ben Rafaël, een van de zeven
heilige engelen die de gebeden van de heilige opdragen en toegang
hebben tot voor de heerlijke troon van de Heilige."
Meestal wordt Azarias/Rafaël afgebeeld als een engel met vleugels.
De eerste afbeelding laat een typische oplossing van het probleem zien:
Rafaël leidt Tobias nadat zij de vis in de rivier de Tigris hebben
gevangen. De grote vleugels van Rafaël zijn duidelijk zichtbaar.
De boodschap is duidelijk: Een engel leidt een kleine jongen die een
vis vasthoudt: Rafaël en Tobias. Stel nu dat de engel zonder
vleugels was afgebeeld, als mens, wat zou dan het onderwerp van de
illuminatie zijn? Vader en zoon na het vissen?
Om de boodschap duidelijk over te kunnen brengen, moest de illuminator
zich soms vrijheden permitteren ten opzichte van het bijbelverhaal.
Niet alleen trad Rafaël op als mens, Azarias, in het verhaal en
niet als engel, maar ook vertelt het verhaal dat Tobias werd
aangevallen door een grote vis, tenminste dat moet wel want de vis
dreigt Tobias te verslinden (tobit 6, 2): "De jongeman liep de rivier
in om zich te baden, toen er opeens een vis uit het water opdook en hem
dreigde te verslinden."
De vis die Tobias draagt in afbeelding 1 is veel meer een vis die je
bij de visboer koopt. Het bijbelverhaal vertelt verder dat Rafaël
Tobias instructies geeft de vis te fileren en hart, lever en gal te
verwijderen. De rest aten ze op. Op afbeelding 1 zie je dat Rafaël
en Tobias op pad gaan, Tobias met de vis onder de arm. De illuminatie
is dan ook geen illustratie van een een bepaald deel van het verhaal,
maar een samengebald beeld van verschillende elementen van het verhaal:
de gevangen vis, de reis: Rafaël (als engel) en Tobias (met vis en
hond) op pad, de relatie: Rafaël leidt Tobias en het doel: de stad
in de verte (Ekbatana?). Dit samengebalde beeld bleef tot ver in de
17de eeuw populair.
Je moet dit type afbeeldingen kennen, om de originele oplossing van de
maker van afbeelding 2 te kunnen waarderen. Afgebeeld is hier het
vertrek van Rafaël en Tobias uit Nineve, Tobit blijft achter bij
het huis. Rafaël is hier wel als mens (Azarias) afgebeeld. Azarias
(Rafaël) wordt geleid door een engel, een illustratie van het
gebed van Tobit (Tobit 5, 17): "Dat God, die in de hemel woont, jullie
langs de goede weg geleide en moge zijn engel jullie vergezellen." Door
nu Azarias en de engel samen af te beelden, wordt heel slim de dubbele
natuur van Azarias/Rafaël uitgebeeld.
Uit het begin van het leven van Tobias ("la vita de Tubia"), een gebed:
("Oh, stuur me Rafaël als gids en metgezel,
hij die u stuurde om de enige zoon van Tobias
op onbekende wegen te vergezellen.
Hij wist hoe hij hem moest beschermen zodat
hij veilig kon vertrekken en terugkeren;
en hij gaf hem een vrouw van nobele afkomst.
Hij kreeg zijn goud en zilver terug;
hij ontving evenveel schapen als ossen en kamelen,
alles kwam goed en hij was tevreden.
Zo vergaat het allen die God dienen
totdat zij een hoge leeftijd hebben bereikt,
en zij beloond worden door hun goede Heer.")
Het
is opmerkelijk te zien dat 300 jaar later, in Amsterdam in 1743, drie
van de verhalen die Lucrezia Tornabuoni koos, nog steeds samen in een
boek voorkomen: Esther, Susanna en Tobias. Deze populaire verhalen
behoren tot de groep van zogenaamde apocriefe bijbelboeken. Geleidelijk
verdwenen deze boeken uit de Protestantse bijbel in Nederland. Vandaar
dat er een markt was voor een uitgave van deze verhalen door Gysbert de
Groot Keur.
Uit de titel van het boek kunnen we al afleiden waarom het verhaal van
Tobias werd gebruikt om jongeren te onderwijzen. Ten eerste was Tobias
een goed voorbeeld van een gehoorzame zoon die voor zijn vader een
lange en gevaarlijke reis onderneemt. Verder wordt hoofdstuk 4 van het
boek van Tobit, getiteld de afscheidsrede van Tobit, gebruikt als
voorbeeld voor wijze lessen van een vader aan zijn zoon.
Welke wijze lessen geeft Tobit aan Tobias? Om te beginnen vraagt Tobit,
hij denkt immers weldra te zullen sterven, Tobias voor Anna te zorgen.
Dan volgt de algemene regel: "weest de Heer onze God gedachtig en wacht
je ervoor zijn geboden te overtreden." Tobit behandelt een aantal
regels in het bijzonder: Geef, zonder te bedenken , aalmoezen aan de
armen (kleed de naakte, deel je brood met de hongerige); Houd je verre
van ontucht; Houd van je volk en neem een vrouw uit het geslacht van je
voorvaderen. Verder, gedraag je als een welopgevoed man: Wat jij niet
wilt dat jou geschiedt, doe dat ook een ander niet. Tenslotte wijst
Tobit op God's voorzienigheid, hetgeen zo goed tot uitdrukking komt in
het verhaal, God beschikt (want geen mens heeft iets te beschikken).
Een aantal van de lessen moet gezien worden tegen de achtergrond van
het verhaal: Tobit en zijn familie die als ballingen in Babylonië
leven. Het gaat vooral om de regels omtrent naleven van God's wetten,
armenhulp, zorg voor de doden, familiezin en het trouwen met iemand uit
het geslacht van je voorvaderen

Parallelen tussen het
verhaal van Tobias en delen van het Nieuwe Testament
In de tabel onderaan deze webpagina hebben we een aantal parallelen tussen het
verhaal van Tobias en delen van het Nieuwe Testament verzameld. Tobias werd
gezien als een voorafbeelding van Christus. Tobias genas de blindheid van zijn
vader, zoals Christus licht bracht aan het verblinde volk van God.
Ook de vis verwijst naar Christus (het Griekse woord "ixthus" betekent vis en de
eerste letters van het woord staan voor: "Iesous Xristos
THeou Uios Soter", Jezus Christus Zoon van God), maar vaak
ook wordt de vis gezien als een verwijzing naar de wonderbaarlijke spijziging
met vis en brood (Mattheus 14,13-21; 15,32-39). St. Augustinus schreef dat de
vis die Tobias ving voor Christus staat en dat de brandende lever van de vis,
waarmee de duivel werd verjaagd, brandde door de Passie van Christus.
| Tobit |
Biblia Pauperum |
Speculum Humanae Salvationis |
Concordantia Caritatis |
| Afscheidsrede van Tobit (Tobit 4) |
|
|
"Maar Ik zeg u: Bemint uw vijanden en bidt voor wie u vervolgen ..." (Matth.
5,44)
"Vrouw, zie daar uw zoon ..." (Joh. 19,26)
"Gij kunt niet God dienen
én de mammon." (Matth. 6,24) |
| Tobias en de engel met Tobit (en Anna) (Tobit 5) |
de ontmoeting op de weg naar Emmaus |
|
de verkondiging aan de herders |
| Het vertrek van Tobias; Anna's rouw (Tobit 5) |
|
Mater Dolorosa |
|
| de vis wordt gekookt en gegeten (Tobit 6) |
|
|
verschijnin bij het meer van Gennesaret (Tiberias) |
| Raguël geeft Tobias Sara tot vrouw (Tobit 7) |
het huwelijk van Maria en Jozef |
het huwelijk van Maria en Jozef |
|
| de genezing van Tobit (Tobit 11) |
|
|
Christus geneest de blinden |
Verscholen
in het sprookjesachtige verhaal van Tobias zitten elementen uit een ver
verleden. Versteende folkloristische motieven die, onder de oppervlakte
van het verhaal, wachten op een nieuw leven.
Eén van die motieven is dat van de dankbare dode: Schuldeisers
verhinderen de begrafenis van een man met schulden. Een held betaalt de
schulden van de dode man en begraaft hem. Later ontmoet onze held een
vreemdeling die hem helpt. Zij komen overeen om de winst van hun
gezamenlijke inspanningen te delen. De vreemdeling (die natuurlijk de
"dankbare dode" is) helpt onze held op velerlei manieren.
Een ander motief is dat van de behekste huwelijkskamer: De held, die
merkt dat vroegere minnaars van de prinses stierven tijdens de
huwelijksnacht, doodt de schuldige demon.
Weer een ander motief is dat van de draken-doder: men geeft een monster
maagden te eten. Wanneer een prinses aan de beurt is om naar het
monster gebracht te worden, belooft de koning haar redder een huwelijk
en de helft van zijn koninkrijk. De held, vergezeld door drie honden,
doodt het monster.
De elementen van het motief van de dankbare dode zijn wat verspreid in
het Tobias verhaal terechtgekomen. Tobit begraaft de vermoorde man die
op straat ligt. God zendt Azarias/Rafaël (niet de vermoorde man)
om de door rampspoed en ellende getroffen Tobit en Sara te helpen. Aan
het eind van het verhaal biedt de dankbare Tobias Azarias de helft van
zijn bezittingen aan.
Het motief van het "behekste bruidsvertrek" is nog heel duidelijk
aanwezig. Zeven maal trouwde Sara en even zovele malen doodde de demon
haar echtgenoot in de huwelijksnacht. Tobias, de achtste echtgenoot van
Sara, weet wel raad met de demon (Tobit 8,2-3): "Bij het binnengaan
[van het bruidsvertrek] dacht Tobias aan wat Rafaël gezegd had.
Hij pakte de wierookpan en legde het hart van de vis en de lever op de
gloeiende as en er onstond rook. Toen de demon de rook bemerkte, nam
hij de wijk naar Opper-Egypte, waar de engel hem in de boeien sloeg".

Op het eerste gezicht lijkt het vreemd dat bijbeltekst en gebruik van
elkaar verschillen. In hoofdstuk 8 van Tobit lezen we (Tobit 8,8-9),
nadat Tobias heeft gebeden: "En Sara zei: `Amen'. Daarop brachten zij
samen de nacht door." De tekst van het bijbelverhaal in de Vulgaat
kende echter een uitbreiding van hoofdstuk 6 die nu uit het verhaal
verdwenen is. Azarias en Tobias zijn aangekomen bij het huis van
Raguël in Ekbatana. En Azarias, die altijd recht op zijn doel
afgaat, stelt voor dat Tobias met Sara zal trouwen. Tobias, die weet
van de ontijdige dood van zijn zeven voorgangers, brengt in dat hij
niet wil sterven. Azarias wuift dit bezwaar terzijde (Tobit 6,16): "En
maak je over die demon geen zorg: vanavond zal zij jou ten huwelijk
worden gegeven". Azarias legt dan uit hoe Tobias de demon moet
verdrijven. Daarna moet Tobias het volgende doen (Tobit 6,18): "Maar
wanneer je dan tot haar wilt gaan, roep dan samen staande de genadige
God aan". Van deze laatste raadgeving van Azarias stond in de Vulgaat
een uitgebreidere versie. Daar zegt Azarias: "Ik zal je uitleggen over
wie de demon macht heeft. Dat zijn de mensen die na het huwelijk niet
aan God denken maar zich als dieren overgeven aan hun passie. Over hen
heeft de demon macht". Wanneer Tobias de eerste nacht hart en lever van
de vis verbrandt en daarna nog twee nachten zich onthoudt van sex, dan
zal de macht van de demon gebroken zijn. Na de derde nacht zal er zegen
op het huwelijk rusten en zullen de kinderen die uit die huwelijk
geboren worden gezond zijn. Er is wel eens geschreven dat het gebruik
om tijdens de bruiloft overmatig alcohol te gebruiken verband houdt met
de aanwijzing niet direct na het huwelijk sex te hebben, maar drie
nachten te wachten.
Terwijl het motief van de "behekste bruidskamer" een prominente plaats
heeft in het Tobias verhaal, is het motief van Tobias als "drakendoder"
wat meer verscholen. In het verhaal dreigt de vis Tobias te verslinden.
In de meeste verbeeldingen van het verhaal is geen sprake van een
monsterlijke vis die op het punt staat Tobias te verslinden. In
Florence was het motief van de reizende Rafaël en Tobias (met de
vis) erg populair. Een van de redenen daarvoor is dat dergelijke
schilderijen als ex-voto dienden. Kinderen van Florentijnse kooplieden
werden vaak in het buitenland opgeleid. Met deze beelden wilden ouders
een veilige thuiskomst bewerkstelligen. Vaak wordt gesuggereerd dat
Tobias dan een portret is van deze jonge kooplieden. In elk geval is de
monsterlijke vis uit het bijbelverhaal bij Pollaiuolo (afb. 3) meer een
onschuldige forel geworden, door Tobias gedragen in een elegant tuigje.
Soms tref je afbeeldingen aan, zoals die van Lastman bovenaan deze
pagina, waarop een monsterlijke vis te zien is en de betekenis van
Tobias als "drakendoder" weer gevisualiseerd wordt. Maar meestal zijn
het alleen de tekst van het bijbelverhaal en de aanwezigheid van het
hondje van Tobias, dat verder in het verhaal geen enkele rol speelt,
maar wel een attribuut is van de "drakendoder", die wijzen op de rol
van Tobias als "drakendoder".
|