De
geboorte van Jezus staat in Lucas 2 vers 6-7. In de Statenvertaling
luidt deze tekst:
En
het geschiedde, als zij daar waren, dat de dagen vervuld werden, dat
zij baren zou. En zij baarde haar eerstgeboren Zoon, en wond Hem in
doeken, en legde Hem neder in de kribbe, omdat voor henlieden geen
plaats was in de herberg.
Geboorte Jezus
De
geboorte van Jezus vond plaats in het oude Judea onder de romeinse
vazalkoning Herodes, in het jaar nul van onze jaartelling. De bijbel
beschrijft deze geboorte in Lukas 2, waarbij het kindje Jezus in de
kribbe centraal staat.
De
timmerman Jozef en zijn vrouw Maria waren in die tijd vanuit Nazareth
op weg naar Bethlehem, om zich te laten registreren voor de toen
plaatsvindende volkstelling, waarbij iedere inwoner van Judea zich op
bevel van de romeinse heersers naar zijn geboortestad moest begeven.
Dit
alles vond plaats in de tijd waarin volgens de oud-testamentische
profetieën een nieuwe koning der joden zou worden geboren,
afstammeling van David, verlosser van het volk van Judea.
Volgens
het christelijke geloof verbleven Jozef en Maria tijdens die donkere
decemberdagen in een stal buiten Bethlehem, daar de stad zelf vanwege
de massale volkstelling waarschijnlijk overvol was en er nergens anders
meer een plaats was om de nacht door te brengen.
Lukas
beschrijft de geboorte van de eerstgeboren zoon, als mens onder de
mensen, met Maria als zijn maagdelijke moeder. Jezus wordt rond 25
december van het jaar nul, op een nachtelijk tijdstip en buiten de stad
geboren in een kribbe. Tegenwoordige studies gaan er echter van uit dat
het werkelijke geboortejaar van Jezus ergens moet hebben gelegen tussen
8 en 4 BC, dus enige jaren vóór het begin van
onze christelijke jaartelling.
Het
zijn de engelen Gods die de boodschap van zijn geboorte verkondigen aan
de vlakbij aanwezige herders die als enige 's-nachts waken over hun
kuddes. Herders waren in die tijd vrij laagstaande personen, arm en met
weinig rechten, hetgeen weergeeft dat Jezus werd geboren temidden van
de armere bevolking, in zeer eenvoudige en nederige omstandigheden.
En de
engel sprak tot de verschrikte herders: "Vrees niet, ik breng
vreugdevol nieuws. Vannacht is jullie verlosser geboren, de Messias.
Dit is voor jullie het teken, gaat heen en gij zult een pasgeborene
vinden in een kribbe nabij Bethlehem." Waarna de herders op weg gingen
en uiteindelijk aankwamen bij de kribbe met het kindje Jezus. Het waren
de herders die Jozef en Maria vertelden dat hun pasgeboren zoon door de
hemelse engelen was aangekondigd als de verlosser.
Boven
de plaats van Jezus' geboorte was een heldere ster verschenen, de Ster
van Bethlehem, die later ook de Wijzen
uit het Oosten de weg zou wijzen naar Jezus' kribbe.
De
aankondiging wordt vanuit de hemel met groot eerbetoon bejubeld door
een grote schare engelen: Jezus is Christus, de Messias ("Gloria in
Excelsis Deo"). Alleen op het aardse blijven de mensen stil, en ziet de
rest van het joodse volk Jezus nog niet als de beloofde verlosser...
Hoe Jezus
ook wel wordt genoemd
God
- Jezus wordt op verschillende plaatsen in de Bijbel God genoemd. Met
Zijn zondeloze leven, mirakels en herrijzenis uit de dood, staat Zijn bewering
dat Hij God is
stevig overeind (Johannes 20:28).
Heer
- In het Nieuwe Testament wordt deze term gebruikt als een
aanspreekvorm voor een eminent persoon. De discipelen gebruikten deze
term om Jezus als hun leraar en meester aan te spreken
(Matteüs 22:43-44).
Woord
- Deze titel werd door de apostel Johannes gebruikt om de missie van
Jezus te beschrijven. De titel verkondigt de goddelijkheid van Jezus en
het feit dat Hij een eeuwige en absolute godheid is (Johannes 1:1, 14).
Messias
- De lang verwachte "gezalfde" die Israël zou bevrijden. Jezus
kwam om de mensheid van zonde en dood te bevrijden (Johannes 4:25-26).
Alfa
en Omega - Deze twee karakters zijn de eerste en de laatste letters van
het Griekse alfabet. Deze beschrijvende titel geeft uitdrukking aan de
eeuwige aard van God - het begin en het einde (Openbaring 1:8; 22:13).
Verlosser
- Jezus is de persoon die de mensheid verlost van een eeuwigheid in de
hel.
Heiland
of Redder - "Iemand die iemand anders uit problemen, gevaar, of
gevangenschap redt, gewoonlijk door een losprijs te betalen." In het
Nieuwe Testament wordt Jezus als de ultieme Heiland gezien die Zijn
leven als een losprijs gaf (Marcus 10:45, Titus 2:14).
Licht
van de Wereld - Jezus is de persoon die ons ware kennis over God geeft.
Zij die dit licht afwijzen roepen een veroordeling over zichzelf af
(Johannes 8:12; 3:19-21).
Lam
van God - Deze titel refereert aan het offersysteem in het Oude
Testament waarin God het bloed van dieren accepteerde als genoegdoening
voor zonden (Johannes 1:29, 36). Het bloed van Jezus betaalde voor
zonden!
Heerser
van de Schepping - Christus bestond vóór de
Schepping van de wereld en Hij heeft hier soevereine macht over
(Openbaring 3:14).
Bemiddelaar
- Omdat Jezus volledig God is kan Hij God tegenover de mens
vertegenwoordigen. Omdat Hij volledig mens is, kan Jezus de mens
tegenover God vertegenwoordigen. Verzoening is hierdoor mogelijk
gemaakt (1 Timoteüs 2:5).
Brood
van het Leven - Jezus is de enige echte leverancier van ware spirituele
voeding (Johannes 6:35).
Weg,
Waarheid, en Leven - Jezus is de enige weg naar de hemel, de enige bron
van waarheid en de fundering voor al het leven (Johannes 14:6)!
Hoezo ? Jezus onze verlosser?
Toen
de eerste mensen in de Hof van Eden zondigden, werden zij bang en
probeerden zich voor God te verbergen. Maar God zocht hen in Zijn
liefde op en begon met hen te spreken. God zei hun, dat zij zeker
gestraft zouden worden om hun zonde, maar Hij bracht ze ook een
boodschap van hoop. Dood, lijden en moeite zouden niet het laatste
woord in hun leven hebben. Zij hoefden niet in wanhoop te leven! God
beloofde, dat eenmaal iemand op aarde zou komen, die een heerlijke
overwinning zou behalen over zonde en dood! Hoewel zij het op dat
moment niet helemaal begrepen; de persoon die God beloofde te zenden
was de Here Jezus Christus. De Here Jezus was degene, die vergeving en
vrede zou brengen. De Here Jezus zou verloren mensen terugbrengen in de
gemeenschap met God!
Lees aandachtig de geschiedenis van de Here Jezus en versta waarom
talloze mensen over de hele wereld Hem zien als de meest wonderlijke
Persoon, die ooit geleefd heeft. De Here Jezus Christus is de eeuwige
Zoon van God. Gods Zoon straalt van Gods heerlijkheid en uit alles wat
Hij is en doet, blijkt dat Hij in wezen God is. Hij beheerst alles met
Zijn machtig woord. Door voor ons te sterven, heeft Hij ons gereinigd
en al onze zonden uitgewist. Daarna is Hij naast de Almachtige God, Die
in de hemelen is. Zo is Hij groter en belangrijker geworden dan de
engelen, wat ook blijkt uit de prachtige naam die Zijn Vader Hem heeft
gegeven: Zoon van God. (Hebreeën 1: 3-4) God
zond de Here Jezus in de wereld, opdat wij door Hem het eeuwige leven
zouden kunnen verkrijgen. Want God heeft zoveel liefde voor de wereld,
dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven; zodat ieder die in Hem gelooft,
niet verloren gaat maar eeuwig leven heeft. God heeft Zijn Zoon niet
naar de wereld gestuurd om de wereld te veroordelen, maar om haar van
de ondergang te redden. (Johannes 3:16-17)
De Here Jezus werd als een mensenkind geboren uit de Joodse maagd
Maria. De engel Gabriel werd door God gezonden tot de maagd
Maria. en zei tot haar: '...gij zult bevrucht worden, en een Zoon
baren, en zult Zijn naam heten JEZUS.' (Lucas
1:26,27,30,31) De Here Jezus werd verwekt door God, de Heilige
Geest. Toen Zijn moeder Maria met Jozef verloofd was -en dus nog niet
met hem samenwoonde- bleek zij in verwachting te zijn door de Heilige
Geest. (Mattheüs 1:18b) Het was niet zo dat de hele wereld in
feestvreugde was toen de Here Jezus geboren werd, want de Here Jezus
werd geboren in een kleine plaats onder heel armoedige omstandigheden.
Toen zij in in Bethlehem waren, moest Maria bevallen. Zij bracht haar
eerste kind ter wereld, een jongen. Zij wikkelde Hem in doeken en legde
Hem in een voerbak, want in de herberg van het dorp hadden Jozef en
Maria geen onderdak kunnen vinden. (Lucas 2: 6b, 7) Hem werd Hem de
naam Jezus gegeven, omdat de naam Jezus betekent: God redt, Verlosser.
De Here Jezus is gekomen om Zijn volk te verlossen van hun zonden.
Toen de Here Jezus toen Hij op aarde was
ging Hij door het land Israël, onderwijzend, predikend, zieken
genezend, duivelen uitwerpend, zonden vergevend en helpend degenen die
in nood waren. Jezus ging alle steden en dorpen van dat gebied langs en
sprak in de synagogen. Overal vertelde Hij de blijde boodschap van het
Koninkrijk. Waar Hij ook kwam, genas Hij alle ziekten en kwalen.
(Mattheüs 9:35) Ook joeg Hij uit vele mensen boze geesten weg.
Die schreeuwden dan: 'U bent de Zoon van God!'. (Lucas
4:41a) De meeste mensen waren verbaasd en velen geloofden in
Hem. Velen geloofden in Hem en zeiden: 'Zou de Christus nog meer
wonderen kunnen doen dan deze Man?'. (Johannes 7:31). Niet iedereen die
zijn wonderen zag en Hem hoorde spreken geloofde in de Here Jezus,
want, de Here Jezus werd verworpen door de Joodse leiders, die
afgunstig waren. Zij gaven de Here Jezus over aan de Romeinse
stadhouder om gedood te worden. Vroeg in de morgen kwam de Hoge Raad
weer bijeen om te bespreken hoe de Romeinse overheid overgehaald kon
worden Jezus ter dood te brengen. Na afloop van de vergadering stuurden
zij Hem geboeid naar Pilatus, de Romeinse gouverneur.
(Mattheüs 27:1,2) Pilatus wist wel dat de Joodse
leiders Jezus uit jaloezie hadden laten arresteren. (Mattheüs
27:18)
De Here Jezus werd bespot en gemarteld door Romeinse soldaten en daarna
ter dood gebracht aan een kruis buiten de stad Jeruzalem. Zij namen Hem
mee naar de binnenplaats van de burcht en riepen het hele bataljon
bijeen. Zij deden Hem een rode mantel om, zetten Hem een kroon van
doornige twijgen op, salueerden en riepen: 'Lang leve de koning van de
Joden!' Daarna sloegen zij Hem met een stok op het hoofd en spuugden
naar Hem. Zij deden net of zij Hem vereerden door voor Hem op de
knieën te vallen. Nadat zij Hem bespot hadden, deden de
soldaten Hem de rode mantel af, trokken Hem Zijn eigen kleren weer aan
en brachten Hem weg om gekruisigd te worden. (Markus 15:16-20). De Here
Jezus werd niet gekruisigd omdat Hij iets verkeerds gedaan had, want
Hij leefde een absoluut volmaakt leven. Hij deed geen kwaad en
zei nooit iets wat niet waar was. Als Hij beledigd werd, zei Hij niets
lelijks terug. Als de mensen Hem pijn deden, dreigde Hij niet het hun
betaald te zetten. Hij liet het allemaal over aan God die rechtvaardig
oordeelt. (1 Petrus 2:22, 23) Nadat Hij gestorven was werd het lichaam
van de Here Jezus werd liefdevol begraven door een rijke man, Jozef.
Jozef nam het lichaam en wikkelde het in nieuw, schoon linnen. Daarna
legde hij het in een nieuw graf dat hij pas in de rotsen had laten
uithakken. Hij rolde een grote steen voor de ingang en ging weg.
(Mattheüs 27:59, 60) Maar het lichaam van de Here
Jezus bleef niet in het graf, na drie dagen is de Here Jezus weer
opgestaan. God, Die het voorzag, heeft Hem uit de greep van de dood
bevrijd en weer levend gemaakt. De dood kon Hem niet vasthouden.
(Handelingen 2:24)
Nadat Hij uit het graf was opgestaan bleef de Here Jezus veertig dagen
op aarde om Zijn discipelen te laten zien dat Hij leefde. Gedurende de
veertig dagen na Zijn kruisiging is Hij van tijd tot tijd bij de
apostelen geweest en bewees hun op allerlei manieren dat Hij het echt
Zelf was. Telkens weer sprak Hij met hen over het Koninkrijk van God.
(Handelingen 1:3) Na die veertig dagen ging de Here Jezus ging terug
naar de hemel, waar hij nu heerst over alles in de hemel en op aarde.
Jezus nam hen mee naar Bethanië. Hij hief Zijn handen op en
zegende hen. Terwijl Hij dat deed werd Hij opgenomen in de hemel.
(Lucas 24:50-51) Christus is uit de dood teruggekomen om de
belangrijkste plaats naast God in te nemen. Nu is Hij hoog verheven
boven elk gezag, elke macht, kracht en regering, boven alles waarvoor
men respect heeft; niet alleen in deze wereld, maar ook in de wereld
die komt. (Efeze 1:20b, 21a) Op dit moment bidt de Here Jezus
voor degene die Hem toebehoren en bereidt een plaats voor hen. Christus
is het heiligdom binnengegaan om in onze plaats voor God te
verschijnen. (Hebreeën 9:24a) Jezus zei: 'Waar Mijn Vader
woont, zijn vele woningen. Als dat niet zo was, zou Ik het u wel gezegd
hebben. Ik ga er nu heen om alles voor u in orde te maken.' (Johannes
14:2)
Maar de Here Jezus blijft niet in de hemel, eenmaal zal Hij terugkomen
op aarde en zal degene die Hem toebehoren tot Zich nemen. Jezus zei:
'Wanneer Ik daarmee klaar ben, kom Ik terug om u op te halen. Dan mag u
voor altijd bij Mij zijn.' (Johannes 14:3)
Lees verder over de terugkomst van de Here Jezus: De toekomst (Lees
alle vier de Evangeliën - Mattheüs, Markus, Lucas en
Johannes - voor een meer uitgebreid overzicht over het leven van de
Here Jezus).
Het
zou kunnen, dat het je na het lezen van de wonderlijke geschiedenis van
de Here Jezus Christus, nog niet precíes duidelijk is, wat
Hij heeft volbracht. De Here Jezus wordt genoemd de Verlosser, maar de
wereld lijkt nog altijd verloren. Lijden en verdriet hebben veelal de
overhand en voortdurend sterven er mensen. Ook de natuur en het milieu
tonen duidelijke tekenen van aftakeling en verval. In velerlei opzicht
lijkt het leven slechter te worden in plaats van beter. Wat betekent
het dan eigenlijk: Jezus redt? Lees met een gelovend hart, wat de
Bijbel zegt!
Wat het
in werkelijkheid betekent voor iemand om behouden te worden is
een kind van God te worden, vergeving van alle zonden en de gave van
het eeuwige leven te ontvangen. Allen die Hem aanvaard hebben, heeft
Hij het recht gegeven kinderen van God te worden. (Johannes 1:12). Als
wij in het licht van God leven, zijn wij één met
elkaar en wast het bloed van Zijn Zoon Jezus ons schoon van alle
zonden. (1 Johannes 1:7). God heeft gezegd dat Hij ons eeuwig leven
heeft gegeven en dat dit leven in Zijn Zoon is. (1 Johannes
5:11)
Maar
als God Zelf zegt dat het loon van de zonde de dood is, hoe kan Hij dan
onze zonden vergeven zonder ons daarvoor te straffen? De Here Jezus
stierf in de plaats van zondige mensen. Hij nam heel de straf op Zich
die wij verdiend hebben. Maar Hij werd doorstoken en verbrijzeld
terwille van onze zonden. Hij werd zwaar gestraft zodat wij vrede
konden hebben; Hij werd geslagen en daardoor werden wij genezen! Wij
zijn het, die als schapen afdwaalden! Wij verlieten Gods paden en
gingen onze eigen weg. Desondanks legde God de schuld en zonden van ons
allen op Hem! (Jesaja 53:5,6). (Zie ook Romeinen 5:6-8; 2
Corinthiërs 5:19-21; 1 Petrus 1:18,19;1 Petrus 2:24). God wil
werkelijk al onze zonden vergeven. 'Kom nu laten Wij de zaak
rechtzetten', zegt de Here; 'al waren uw zonden rood als scharlaken, Ik
maak ze wit als sneeuw. Uw vuurrode zonden zullen worden als witte
wol'. (Jesaja 1:18b)
Wat
moeten wij doen om deel te ontvangen aan deze wonderlijke verlossing?
Wij moeten komen tot berouw over onze zonden en geloven dat Jezus voor
ons gestorven is. Heb er dus berouw over en bekeer u tot God; dan zal
Hij uw zonden wegdoen, zodat een tijd van verfrissing aanbreekt als u
met de Here leeft. Handelingen 3:19a). Geloof in de Here Jezus, dan
zult u gered worden en uw gezin ook. (Handelingen 16:31). De zaligheid
kunnen we niet verdienen of verwerven door zo goed mogelijk te leven,
want wij worden behouden door Gods genade (Zijn onverdiende gunst en
liefde), niet door onze eigen prestaties. Gods Zoon heeft Zijn leven en
Zijn bloed gegeven om ons van de zonde te verlossen. Alles wat wij
hebben misdaan, is ons daardoor vergeven. Wat een genade! (Efeze 2: 7).
Er is geen andere weg om behouden te worden dan alleen door de Here
Jezus. Jezus zei: 'Ik ben de Weg, en de Waarheid, en het Leven. Ik ben
de enige weg tot de Vader'. (Johannes 14:6). Er is bij niemand anders
redding te vinden; Hij is de Enige, door wie de mensen gered kunnen
worden. (Handelingen 4:12).
Er
wordt een geweldige belofte wordt gegeven aan ieder die in de Here
Jezus gelooft, ieder die waarachtig gelooft, ontvangt het eeuwige
leven. Hij is niet langer onder het oordeel van de dood. Jezus zei:
'Wie naar Mijn woorden luistert en gelooft in Hem Die Mij gestuurd
heeft, heeft eeuwig leven. Zo iemand wordt niet veroordeeld, maar is
overgeplaatst uit de dood in het leven'. (Johannes 5:24). Dit nieuwe
leven in Christus begint zodra men gelooft. De Here Jezus zei: 'Luister
goed: wie in Mij gelooft, heeft eeuwig leven'. (Johannes 6: 47).
Degenen die niet geloven, blijven onder het oordeel van God en zullen
voor eeuwig verloren zijn. Wie zijn vertrouwen op Jezus stelt, wordt
niet veroordeeld. Maar wie niet gelooft, is al veroordeeld omdat hij
geen vertrouwen heeft gehad in de naam van Gods enige Zoon. (Johannes
3:18). Degenen die geloven kunnen er absoluut zeker van zijn, dat zij
het eeuwige leven hebben. Ik heb dit geschreven aan u, die in de Zoon
van God gelooft, om u de zekerheid te geven dat u eeuwig leven hebt. (1
Johannes 5:13).
Als
de gelovigen sterven, worden zij onmiddellijk opgenomen om bij Jezus te
zijn. Voor mij is het leven Christus Zelf, en het sterven pure winst
(...) want om bij Christus te zijn is verreweg het beste. (Filippenzen
1:21, 23). Wat gebeurt er met de lichamen van de gelovigen die sterven?
Zij zullen wederopstaan in heerlijkheid, als de Here Jezus naar de
aarde weerkomt. Door de onbeperkte kracht waarmee De Here Jezus
Christus alles aan Zich onderwerpt, zal Hij ons sterfelijke lichaam
veranderen in een hemels lichaam, dat net zo sterk en schitterend is
als het Zijne. (Filippenzen 3:21).
Ook
het overige van de schepping zal deel hebben aan de verlossing, die
Jezus bracht. Als de Here Jezus wederkomt, zal de hele schepping
vernieuwd worden. Ook de schepping zal bevrijd worden uit de macht van
dood en verval en dezelfde heerlijke vrijheid krijgen als de kinderen
van God. (Romeinen 8:21).