DE BIJBEL BLIJFT BOEIEN
Aflevering 5
De vindplaats van materiaal
voor Bijbelstudie, geloofstudie, catechese, school, kring, persoonlijk
geloof, studie thuis, kerk, club, nieuws, godsdienstonderwijs,
zingeving en vooral heel veel mogelijkheden om je Bijbelkennis te
vergroten. Blijf
niet afhankelijk van anderen maar lees zelf de Bijbel. Investeer in
geestelijke rijkdom.
Kies hieronder een studie uit deze serie
| 01 | 02 | 03 | 04 | 05 | 06 | 07 |
| 08 | 09 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 |
"Het Woord van
God is levend en krachtig", zoals ze van zichzelf getuigd.
Begrijpelijk, want het is het Woord van de levende God. Alle dingen
zijn uit het Woord voortgekomen. De neerslag van het levende Woord
vinden we in "de heilige Schriften", dat dan ook prompt "van God
geïnsprieerd" heet. Letterlijk "God geblazen". Zoals ooit de
eerste mens door God ingeblazen en "alzo een levende ziel" werd, zo
zijn ook de heilige Schriften "van God geblazen" en daarom levend.
Gevormd door geschriften, ontstaan op zoveel plaatsen en gedurende
vele, vele eeuwen, vormt het niettemin een wonderbaarlijke eenheid..
Wat staat er in ?
deze vraag is al door velen gesteld en even zo vele malen was daar het antwoord - onderzoek alle dingen en word wijs -
De Bijbel is compleet
Er mag niets van worden afgedaan en er mag ook niets aan worden
toegevoegd. (Zie Deut.4:2; 12:32; ,19.) God wil, dat wij precies doen,
wat Hij van ons vraagt. Wij moeten niet minder doen, maar ook niet
meer. Wij moeten ook geen "eigentijdse" profetieën aan de Bijbel
toevoegen. De Bijbel is heilig, goed en compleet.
Wij mogen niet hoogmoedig zijn en denken, dat wij nog wel iets aan het
Woord van God kunnen toevoegen of dat wij de bevoegdheid zouden hebben,
om iets van Zijn woord af te doen.
Toen de zonde in de wereld kwam werd dit bij Eva ook vooraf gegaan door
het "iets toevoegen" aan het woord, dat God gesproken had. Eva zei
immers tegen de slang, dat zij van de boom niet mocht eten en hem ook
niet mocht aanraken. God had dat niet gezegd. Hij had alleen gezegd,
dat ze er niet van mochten eten.
Terwijl het leek, alsof Eva extra voorzichtig was, iets wat vandaag de
dag door velen in haar geprezen zou worden, veranderde zij feitelijk
iets aan het woord dat God gesproken had. Zo kwam de zonde reeds in
haar leven, en kon Satan verder gaan haar daar nog dieper in te
brengen. De feitelijke zondeval vond echter plaats op het moment dat
Adam van de vrucht at. God had het hem gezegd, en op het moment dat ook
hij at bemerkten ze dat ze naakt waren.
De Kanon van de Bijbel
De Kanon is die verzameling
gewijde boeken, die tot regel dienen van ons geloof en gedrag. Het
woord "kanon" is Grieks en betekent niet alleen lijst, maar ook wet of
regel.
Een boek heet Kanoniek, omdat het geplaatst is op de kanon of lijst van
de Heilige Schrift; elk boek dus dat in deze kanon is opgenomen, is
heilig, duidend op de Goddelijke ingeving.
Vandaar dat gewijde, ingegeven of kanonieke boeken, die niet tot de
kanon behoren, maar die enkele personen of gemeenten daar ten onrechte
hebben willen bijvoegen, de apocrieve boeken worden genoemd, d.i.
verborgene.
Deze is naam is deels, omdat hun oorsprong in het verborgene ligt
en deels, omdat men ze van ouds heeft verborgen gehouden om ze niet met
de van GOD ingegevene op gelijke lijn te plaatsen.
1. Kanon der Joodse kerk
De kanon der boeken van het
Oude Testament is afgesloten na de terugkeer uit de ballingschap. De
Joden geven aan dat EZRA, onder de leiding van de Heilige Geest, de
boeken van de tegenwoordige kanon, of de drie delen van het Heilige
Wetboek heeft mogen verzamelen. Heden ten dagen erkennen de Joden deze
kanon der Heilige Schrift.
2. Kanon der Christelijke kerk
De Christelijke Kerk heeft
de Joodse Kanon overgenomen en deze aangevuld met de Nieuw
Testamentische geschriften. De oorspronkelijke gemeenten hebben elkaar
deelgenoot gemaakt van de geschriften, welke zij van de apostelen en
evangelisten bezaten of ontvangen hadden. Bovendien is in een zeer
vroeg stadium een proces op gang gekomen, waarbij deze handschriften
werden gekopieerd en verspreid, zodat iedere gemeente deelgenoot werd
van deze handschriften. Reeds in de tweede eeuw was hierdoor de Kanon
van het Nieuwe Testament samengesteld en werd deze door de gehele
christelijke kerk gebruikt.
De `echtheid´ van de Bijbel
Een boek heet echt wanneer
het werkelijk opgesteld is door de schrijver, op wiens naam het staat,
en in de tijd waarin het beweert geschreven te zijn.
Wij hebben sterke en voldoende bewijzen, dat de boeken van de Bijbel echt en onvervalst zijn.
1. Echtheid van het Oude Testament.
De schriften van het Oude
Testament zijn bijeengebracht en voltooid door de nauwlettende zorg van
GODS profeten. Van oorsprong zijn deze geschriften geschreven in de
Hebreeuwse taal. Gedurende meerdere eeuwen, tot op de dag van vandaag,
zijn deze geschriften doorgegeven en vermenigvuldigd.
De bijzondere voorzienigheid GODS is vooral merkbaar in de Griekse
vertaling van het Oude Testament, welke omstreeks 285 jaren
vóór de geboorte van CHRISTUS, ten behoeve van de Joden
in griekssprekende landstreken, tot stand is gekomen.
Het getuigenis, welke de
Here Jezus Christus van het Oude Testament gaf, zoals het bij de Joden
in Judéa gebruikt werd, en de citaten, welke de nieuw
testamentische schrijvers uit de verschillende boeken van het Oude
Testament aanhaalden, kwamen veelal uit deze Griekse overzetting en
konden worden begrepen door een veel grotere groep Joden. Ondanks, dat
zij uiteindelijk de vijanden werden van de vervulling van deze
beloften, welke vijandschap ook voorspelt werd met daaraan de belofte
van God middels Paulus, dat God zijn beloften aangaande Israël
niet vergeet.
2. Echtheid van het Nieuwe Testament
Tevens is volledig bewezen,
dat de boeken van het Nieuwe Testament geschreven zijn door personen,
die geleefd hebben in de tijd van de beschreven gebeurtenissen en wiens
namen in de geschriften vermeld zijn.
Geen enkel wel onderwezen en oprecht mens kan er aan twijfelen, of de
boeken die wij onder de namen van Mathéus, Markus, Lukas en
Johannes kennen, zijn geschreven door hen naar wie zij genoemd zijn.
Van hun uitgave af is dit nimmer tegengesproken. (Met uitzondering van
de laatste jaren, waarin op basis van allerlei niet bewezen
vooronderstellingen, door bepaalde lieden allerlei zaken betreffende de
Bijbel in twijfel worden getrokken)
Ook hebben wij duidelijke grond om te geloven, dat al de
gebeurtenissen, welke in de Evangeliën worden vermeld, en al de
verhalen die daarin aangaande de daden en uitspraken van onze Verlosser
Jezus Christus voorkomen, nauwgezet de waarheid zijn.
Matthéus en Johannes waren twee apostelen van onze Heer.
Beiden waren een trouwe gezel gedurende geheel de tijd van Zijn
bediening. Bovendien ooggetuigen van de gebeurtenissen en oorgetuigen
van de gesprekken, die zij beschrijven.
Markus en Lukas, behoorden niet tot de twaald apostelen, maar waren wel
de tijd- en lotgenoten van Mattheus en Johannes. Zij allen leefden in
vriendschap en nauwe omgang met hen, die in de verhalen vermeld worden.
Algemeen onderstelt men dat Lukas tot de zeventig discipelen behoort
heeft, die door de Heer zelf geroepen werden om het Evangelie uit te
dragen. Indien dit zo is, heeft Lukas onze Heer even goed als persoon
gekend als de apostelen. Zeker is, dat Lukas gedurende vele jaren de
trouwe reisgezel van Paulus is geweest en goed onderricht was van
hetgeen hij heeft geschreven. Bij de aanhef van zijn Evangelie maakt
Lukas zijn goede en grondige bekendheid met het onderwerp aldus bekend:
"Naardemaal velen ter hand genomen hebben, om in orde te stellen een
verhaal van de dingen die onder ons volkomene zekerheid hebben; gelijk
ons overgeleverd hebben, die van den beginne zelf aanschouwers en
dienaars des Woords geweest zijn, (-) zo heeft het ook mij goed
gedacht, hebbende alles van voren aan (van het begin af) naarstiglijk
onderzocht, vervolgens (naar orde) aan u te schrijven, voortreffelijke
Theofilus! opdat gij moogt kennen de zekerheid der dingen, waarvan gij
onderwezen zijt" (#Lu 1:1-4).
Daar Lukas ook de schrijver is van de "Handelingen der Apostelen",
hebben wij tot de schrijvers van de vijf eerste boeken van het Nieuwe
Testament mannen die nauwkeurige kennis hadden van hetgeen zij
verhalen, hetzij door eigen waarneming, hetzij door onmiddellijke
mededeling van hen die al het verhaalde gehoord en gezien hebben. Zij
konden derhalve noch zelf bedrogen zijn, noch hadden er enige reden of
aanleiding toe om anderen te bedriegen. Zij waren eerlijke, eenvoudige
en zeer oprechte lieden, zoals dit ook duidelijk blijkt uit hun
schrijven. Bovendien hebben hun grootste vijanden zelf nimmer de
zuiverheid van hun karakter aangerand. Met valse berichten trouwens
zouden zij niets hebben kunnen winnen, en de leerstellingen die zij
verkondigden, bevestigen zij zelfs met hun eigen bloed. En wie is
bereid voor een leugen te sterven?
Naast dat zij in het samenstellen van hun geschriften geleid werden
door oprechte liefde voor mensen, werden zij ook door de invloed van de
Heilige Geest aangedreven, door wiens genadige en onfeilbare leidingen
zij gewaarborgd bleven van elke mogelijke dwaling en misvatting, in het
schrijven van boeken, die bestemd waren tot stichting en heiliging van
alle volken en navolgende geslachten. Dezelfde krachtdadige ingeving
van de Heilige Geest bestuurde ook de apostelen in het schrijven van
Zendbrieven aan de nieuw gestichte gemeenten, overeenkomstig de
beloften van hun Meester. #Joh 14.26 16.13 Ac 1.8
Omstreeks het begin van de tweede eeuw werden de afschriften van meestal de boeken van het Nieuwe Testament tot één boekdeel samengevoegd. In eerste instantie, toen de Evangeliën en Zendbrieven door verschillende ver van elkaar verwijderde kerken bewaard werden, werden enkele niet geïnspireerde boeken toegeschreven aan de apostelen, zonder dat dit het geval konb zijn. Hierdoor ontstond onder enkele Gemeenten twijfels omtrent de Brief aan de Hebreërs, de tweede brief van Petrus en de tweede en derde brief van Johannes, evenals het boek der Openbaringen. Op basis van deze twijfel heeft men toen nauwkeurig onderzoek verricht om vervolgens tot de conclusie te komen, dat het hier inderdaad om geschriften van Christus apostelen ging. Hierdoor werden ook deze geschriften met goedkeuring van al de kerken aangenomen, als zijnde van gelijk gezag en gelijke waarde met de andere geschriften uit het Nieuwe Testament.
Ook lezenswaardig : Het
levende woord van God
Lees
ook eens : Voorbeeld
Bijbelstudies


















