Is de kerk een tijdelijke zaak?

Lees de Bijbel   De Bijbel is niet een boek dat je zomaar even van kaft tot kaft leest. Het kan lastig zijn om je weg door de Bijbel te vinden, als je niet weet wat zich wanneer heeft afgespeeld. Deze site kan je helpen om de Bijbel beter te leren kennen. Ontdek de bron van vrede, het Woord van God: 

Bijbelstudie 319 - Is de kerk een tijdelijke zaak?

Zal de kerk eens ophouden te bestaan?

Hoe oud is de kerk van de Here Jezus Christus de kerk die in de bijbel ook genoemd wordt "de gemeente van de levende God"? En zal die kerk eens ophouden te bestaan?

Er zijn heel wat mensen die denken, dat de kerk nog niet zo erg oud is en dat ze over niet al te lange tijd wel tot het verleden zal behoren. Men denkt dan dat de kerk is gesticht door Jezus Christus, of ook wel dat zijn leerlingen dat na Hem hebben gedaan: dus een kleine 2000 jaar geleden. Vroeger nl. in de tijd vóór Christus zou je dan alleen het jodendom hebben gehad en daarna kwam er iets anders: de kerk.

Als dat waar is, is de kerk eigenlijk maar een tijdelijke zaak, die ook wel gauw zal aflopen. Men spreekt immers nu al van het post-christelijke tijdperk: de na-christelijke tijd. De kerk van Jezus Christus, de gemeente van de levende God is dan niet anders dan een stervende kerk.

De bijbel spreekt anders De kerk heeft zelf daarover altijd anders gesproken. In de apostolische geloofsbelijdenis staat immers: "ik geloof een heilige, algemene, christelijke kerk". Niet: ik zie een kerk of: ik ontdek een kerk. Ook al zouden we van de kerk totaal niets zien, dan geloven we dat die kerk er is. En we belijden nog meer. In de Heidelb. Catechismus wordt gezegd: "dat de Zoon van God Zich een gemeente vergadert, beschermt en onderhoudt van het begin van de wereld tot aan het einde (H.C. vr./antw. 54) de ervan". Zo ook de Nederl. Geloofsbelijdenis: "deze kerk is er geweest van het begin der wereld af en zal er zijn tot het einde toe.

Want Christus is een eeuwig Koning, die niet zonder onderdanen zijn kan hoewel zij soms een tijdlang zeer klein en ogenschijnlijk (Art. 27 NGB) verdwenen is".

Hoe kan de kerk in haar belijdenisgeschriften zo spreken? Omdat de bijbel zo spreekt. De kerk was er al voordat de Zoon van God mens werd; ze is er nu en ze zal er blijven. Een post-christelijke tijd? Een verdwijnende, stervende kerk? De schijn bedriegt ook hier. Want we leven in een christelijke tijd, omdat Jezus Christus Koning is.

Hoe indrukwekkend zegt de apostel Paulus dat in de brief aan de Efeziërs: "Christus is gezet aan Gods rechterhand, boven alle overheid en macht. Alles is onder zijn voeten gesteld. En Hij is als Hoofd boven al aan de gemeente gegeven". (Efeze 1 : 15-23) En in de brief aan de Colossenzen:..." Hij is vóór alles en alle dingen hebben hun bestaan in Hem: en Hij is het Hoofd van het lichaam, de gemeente". (Col. 1: 15-18)

Heel het boek Openbaring spreekt over de Koningsmacht van Jezus (Openb. 1-3) Christus als Hoofd van zijn gemeente. Eerst wordt de Here Jezus Christus daar getekend midden tussen de zeven kandelaren, met de zeven sterren in zijn rechterhand: Hij is het Hoofd van de kerk en die zeven plaatselijke kerken zijn aan Hem verbonden en dóór Hem aan elkaar. In Hem zijn ze één. Hij zorgt ook voor de bediening van het evangelie: die sterren in zijn rechterhand zijn immers de "engelen", de boodschappers, de predikers die verbonden zijn aan die afzonderlijke kerken. (Openb. 4, 5)

Vervolgens lezen we in dit bijbelboek hoe de Here Jezus Christus nu regeert in het midden van de troon van God de Vader, over alles wat in de wereld gebeurt. Hij zal de satan en al de satanische machten overwinnen. Daarna komt Hij terug om levenden en doden te oordelen (Openb. 21, 22) en dan spreekt dit bijbelboek weer over de gemeente, het nieuwe Jeruzalem, de kerkstad, "getooid als een bruid, die voor haar man versierd is". Over de gemeente als bruid van Christus spreekt ook Efeze (5 : 25-27) Paulus: "Christus zal haar voor zich plaatsen, stralend, zonder vlek of rimpel".

De kerk blijft, al lijkt ze soms klein
Het is erg bemoedigend de bijbel zó te horen spreken


Ná de zondeval sprak God zijn Woord tot Adam; zo werkte Hij in Adam het geloof. Dát geloof zal er nog zijn op de jongste dag, om- dat het Woord van God stand houdt in eeuwigheid. Dat éne Woord van God blijft en wordt gehoord de eeuwen door. Daarvan getuigt (Jes. 40 : 6-8) zowel het Oude als het Nieuwe Testament. Daarvoor zal Jezus (1 Petr. 1 : 22-25) Christus zorgen. Alle macht is Hem gegeven en daarom zal geen (Matth. 28 : 20) macht ter wereld dat Woord kunnen wegwerken uit de wereld. En (Matth 16: 18) daarom ook niet de kerk van Jezus Christus, waar dat Woord wordt (Rom. 9: 22-29) verkondigd.

Ja, soms schijnt de kerk hier op aarde erg klein. Na de zondvloed telde (1 Petr. 3 : 20) ze slechts acht leden (Noach en zijn gezin); en Elia dacht dat hij alleen was overgebleven. (1 Kon. 19 : 9-18) Voordat de Here Luther de bijbel deed hervinden, werd dat Woord van God bijna nergens meer gekend. De kerk was toen doordrenkt van ongeloof en bijgeloof. En toch ook toen was er geloof. Er waren ook toen altijd nog mensen die hetzelfde geloofden als Abraham, Isaac en Jacob; als Petrus, Johannes en Paulus.

De bijbel noemt dat (Titus 1 : 3) "ons gemeenschappelijk geloof" of "het geloof dat eenmaal aan de (Judas 3) heiligen is overgeleverd', (Efeze 4 : 4-6) Daarom is de kerk er altijd: want ze wordt niet vergaderd door mensen, maar door de Zoon van God. En wie nu niet naar Hem hebben willen luisteren, wie spreken over "het einde van het Christendom (Joh. 5 : 24-29) of over "het einde van de kerk" of over een "post-christelijke (Openb. 1 : 4-7) tijd", die zullen straks naar Hem moeten luisteren. .

De kerk vóór Pinksteren

We kunnen als we spreken over de manier waarop de Zoon van God Zich een gemeente vergadert daarbij twee hoofdperioden onder" scheiden. .

Hij deed dat vóór Pinksteren, vóór zijn dood en opstanding, anders dan ná Pinksteren. En ook in die hoofdperioden is er nog weer verschil te ontdekken. We kunnen de tijd vóór Pinksteren weer in verschillende perioden verdelen.

Het eerste kerkgezin

Het eerste kerkgezin was tegelijk ook de kerk. Adam geloofde de belofte van God, uitgesproken in wat we noemen de "moederbelofte". (Gen.3 : 15) Dat blijkt hieruit, dat hij zijn vrouw 'mannin', na de zondeval EVA, (Gen. 2 : 23) 'leven' noemt. Hij noemt haar niet meer naar zichzelf, naar de "man", maar als antwoord op Gods belofte: naar haar nageslacht. Ze wordt "moeder van alle levenden".

Daarbij treedt Adam zelf terug. Hij erkent dat hij het heeft bedorven en wijkt terug voor de laatste Adam, de komende Christus. (I Cor. 15 : 45) De huiselijke eredienst is hier de kerkdienst.

Van Adam tot Noach

Geloof staat tegenover ongeloof. In Kaïn en diens geslacht groeit het (Gen. 4) ongeloof. Maar tegenover het geslacht van Kaïn staat dat van Seth. (Gen. 4 : 26) En in de tijd van Enos begint daar de publieke eredienst: het aanroepen (Gen. 5 : 24) van de naam van de HERE. De kerk groeit, maar ze dreigt onder (Gen. 6 : 1, 2) te gaan in de ongelovige wereld. Henoch profeteerde daar tegen naar het schijnt tevergeefs. En toch: het geloof blijft en er blijft een kerk, ook al wordt ze erg klein. Slecht acht mensen worden gered.

Van Noach tot Abraham

Ook na de zondvloed gaat de vergadering van de kerk door. Er blijft eenheid van het ware geloof. Maar het lijkt een "post-gelovig" tijdperk. Van het geloof en van de kerk schijnt niets meer te zien. Zelfs (Joz. 24 : 2, 3 en 14) in het gezin van Terah, de vader van Abraham is de afgodendienst binnengeslopen. Het lijkt even erg te worden als vóór de zondvloed. Maar een zondvloed zal er volgens Gods belofte niet meer komen. (Gen. 8 : 21) Toch bewaart de HERE zijn kerk. Hij roept Abraham weg uit zijn "beschermde omgeving", die voor hem en dus voor de kerk een gevaarlijke omgeving is. Abraham moet met alles breken en alleen op de HERE zijn God vertrouwen: alleen geloven wat God heeft beloofd. God kiest Abraham uit. Dat heeft Abraham ook niet verdiend. Die uitverkiezing van Abraham is alleen maar genade. De andere volken heeft de HERE laten gaan op hun eigen gekozen wegen.

Wel zegt de (Hand. 14: 16) HERE dat deze noodzakelijke afzondering van Abraham tijdelijk zal (Efeze 2 : 11, 12) zijn. Het volk dat uit Abraham zal voortkomen: Israël, zal tijdelijk alleen de kerk zijn van het oude verbond.

Maar als de beloofde Zoon van Abraham komt , het nageslacht, de (Gen. 12: 1-3) Messias , zullen alle volken der aarde in Hem gezegend worden. Dat (Gen. 22 : 18) betekent echter ook dat de haat van de volken zich zal richten tegen (Gal. 3 : 6-9) de Messias en tegen allen die Hem als hun Heer erkennen. Maar het geloof zal blijven , en dus ook: de kerk zal blijven.

Van Sinaï tot de wegvoering in ballingschap

God maakt het volk uit Abraham tot zijn volk. Hij richt met Abraham en zijn nageslacht zijn verbond op. Ook dat is uitverkiezing. Want dit volk gaf niet de geringste aanleiding tot Gods verkiezing. (Deut. 4: 37) Van Sinaï tot de wegvoering in ballingschap was Israël , tijdelijk , een (Deut. 7: 6, 7, 8) door God afgezonderd volk, midden tussen de andere volken. De (Deut. 9 : 4, 5) HERE beveiligde het door allerlei wetten tegen afdwaling van Hem. (Ex. 19 : 3-6)

Hij gaf ook de dienst van de verzoening. Bij die dienst in de tabernakel (Efeze 2 : 14, 15)  (later de tempel) waar de ark van het verbond was, en de hogepriester en de andere priesters de offers brachten, wees alles op de Messias die komen zou. Zo bewaarde God zijn volk tot de komst van Christus. En tegelijk begeleidde en beschermde Hij het door zijn wet, zodat het de Christus zou kunnen verwachten en ontvangen. De wet moest het volk, dat zichzelf nog niet redden en bewaren kon, in die tijd naar de Christus leiden. Paulus zegt dat de wet een (Gal. 3 : 23-25) “tuchtmeester" is geweest tot Christus. Tuchtmeester (letterlijk pedagoog) was de naam van een slaaf die b. v. de zoon van zijn heer naar school moest brengen en toezicht op hem moest houden. De jongen zou anders kunnen verdwalen of zich misdragen.

Zo leidde de HERE zijn volk; Hij hield die oudtestamentische kerk in stand, ook als door het ongeloof en de ongehoorzaamheid van Israël het geloof en de kerk verdwenen schenen te zijn. Maar zelfs in de sombere tijd van de profeet Elia zegt de HERE: "Ik zal in Israël (1 Kon. 19 : 18) zevenduizend overlaten, alle knieën die zich niet hebben gebogen voor de Baal." Daaruit blijkt weer heel sterk dat God in zijn genade kiest wie Hij wil. Israël was niets beter dan de omringende volken. Maar het werd door God uitgekozen om de Messias voort te brengen, (Ps. 147 : 19, 20) terwijl andere volken werden gepasseerd. Dat is Gods recht en zijn genade.

Van de ballingschap tot de komst van Jezus Christus

Ook in en na de ballingschap houdt God zijn kerk in stand. Hij geeft profeten als Jeremia, Ezechiël en Daniël vóór en tijdens de ballingschap. Gelouterd door de ballingschap mag een deel van het volk terugkeren naar Kanaan. Opnieuw geeft Hij dan profeten: Haggaï en Zacharia. Door hun woord bemoedigt Hij het volk en roept het terug tot zijn dienst.

Er is wel veel tegenstand in die tijd en veel slapheid in de dienst van (Haggaï 1) de HERE. (Zach. 1 : 1-6) Veel strijd, verdrukking en grote vijandschap kenmerken de eeuwen (2 Kron.. 36 : 22, 23) vóór de geboorte van Christus. Maar God gebruikt zelfs heidense (Ezra 1 .1-4) vorsten om zijn kerk in stand te houden (b. v. de Perzische koning Cyrus (Kores).

Zelfs een heel bijbelboek gaat over die wonderlijke bescherming van de kerk van de HERE: het boek Esther. De jodenhater Haman staat Esther fel tegenover de Jood Mordechaï. Mordechaï, die weigert de Joden- hater eer te bewijzen, geeft door zijn houding deze Haman gelegen- heid, om van de koning toestemming te krijgen het volk van de Jo- den uit te roeien, ook dat deel dat naar Kanaan is teruggekeerd. Op hoe wonderlijke wijze Iaat God dat plan mislukken!

Veel vijandschap tegen de kerk dus en daarnaast in die tijd het opko- mend farizeïsme, dat de kerk dreigde te vernielen omdat het alle heil verwachtté van eigen prestaties en van het stipt vervullen van allerlei (Luc. 1 : 6) geboden. Maar er bleven altijd mensen die gelovig uitzagen naar de (Luc. 2: 25, 36, 37, 38) komst van de Messias: de kerk werd bewaard.

De kerk na Pinksteren

Dan vervult God zijn beloften. Hij geeft zijn eigen Zoon tot verlossing van zijn volk. (Hand. 2) Na zijn hemelvaart stort de Christus zijn Geest uit in de gemeente. (Rom. 10 : 14, 15) Door zijn Geest en door middel van het gepredikte woord vergadert de Zoon van God nu zijn gemeente uit alle volken.

Vóór Pinksteren viel de kerk samen met één volk: Israël. Jeruzalem met de tempel was het middelpunt waarheen de Israëlieten gingen op de grote feesten. Daar immers was de HERE in het bijzonder tegen- woordig in het binnenste heiligdom, waar de ark van het verbond stond. Daar bracht de hogepriester het offerbloed binnen voor de zonden van het volk.

Maar op Goede Vrijdag is het tempelgordijn gescheurd. Het scheurde (Matth. 27: 51) van bóven naar beneden: een duidelijk bewijs dat Gods hand dat deed. Dat betekende het einde van de tempel en van de priesterdienst. (Joh. 4 : 19-24)

Voortaan woont de HERE niet meer op één plaats: De Heilige Geest (I Cor. 3: 16, 17) komt en maakt op alle plaatsen waar een kerk is, die kerk tot zijn (Efeze 2 : 19-22) tempel.

Elke kerk zelfstandig: maar één in Christus

De kerk van de Here is nu verspreid onder alle volken. Ze vormt nu niet meer een zichtbare nationale eenheid, zoals toen. Elke gemeente is nu zelfstandig: Zo spreekt de Christus in het boek Openbaring elke kerk afzonderlijk aan: de kerk in Smyrna, in Sardes, in Tyathira. Hun eenheid is nu onzichtbaar. Maar ze zijn wel één door de band  (Openb. 1: 13) aan Jezus Christus. Hij staat temidden van de kandelaren.

De eenheid is er door zijn Woord, door het geloven van dat Woord, door het leven naar dat Woord en door de kerk te vergaderen zoals dat Woord het zegt. Vroeger scheen het licht van een zevenarmige kandelaar (Ex. 25 : 31-40) in tabernakel en tempel. Dat was een symbool van het licht van (2 Kron. 4 : 7) verzoening en verlossing dat uitstraalde over het volk. Nu schijnt dat licht overal waar Gods Woord zuiver wordt gepreekt. En zoals we in een vorige studie zagen: als de apostel Paulus een brief schrijft aan een landstreek waar een aantal kerken is, dan richt hij die brief niet aan de kerk bv. in Galatië, maar aan de kerken, de gemeenten. (Gal. 1 : 2)

Elke kerk is zelfstandig en ontvangt een eigen kerkeraad, die voor die (Hand. 14 : 23) gemeente verantwoording schuldig is aan Christus

Tussen Christus en de plaatselijke kerk, tussen Christus en de kerkeraden is er geen enkele instantie die de kerk regeert. Christus heeft de zeven "sterren", dat zijn de ambtsdragers van de afzonderlijke gemeenten, in de zijn rechterhand. Zo regeert Hij. Daarbij let Hij (Openb. 2, 3) scherp op elke ge.meente afzonderlijk. In tere zorg kent Hij van elke (Openb. 2 : 5) gemeente de moeiten, zwakheden en zonden. De ene gemeente kan kwijnen, zelfs verdwijnen, omdat Hij de kandelaar van zijn plaats neemt, terwijl andere gemeenten tot bloei kunnen komen. Dáár ligt de grote verantwoordelijkheid van de ambtsdragers van een gemeente. Wat worden de ouderlingen in de kerk in Efeze ernstig door Paulus (Hand. 20: 17-38) aangespoord, acht te geven op de gemeente die hun is toevertrouwd.

Elke christen: profeet, priester en koning

Er zijn in elke gemeente ambtsdragers (dominees, ouderlingen en diakenen) die leiding geven. Maar er zijn geen priesters meer nodig als bemiddelaars tussen de Here en de leden van de kerk. Want alle gelovigen hebben de Heilige Geest ontvangen. Ze zijn geen "leken" zoals in de roomskatholieke kerk onderscheid gemaakt wordt tussen' , cle- rus", (de geestelijkheid, nl. de priesters), én de "leken". De gelovigen zijn geen onmondigen, maar begaafd met de Geest en bekwaam 1 Joh. 2 : 27 I 4 : 1 om te oordelen "waar het op aan komt". Ze zijn christen en als (Hand. 17: 11) zodanig profeet, priester en koning. (Hand. 2 : 17)In de nieuwtestamentische kerk zijn alle leden volledig verantwoordelijk (1 Petr. 2: 5, 9) en ze kunnen die verantwoordelijkheid dragen.

 Na Pinksteren breekt de kerk dan ook uit de omheining van het volk (Hand: 1 : 8) Israël: Ze gaat via Jeruzalem, Judea, Samaria, Antiochië almaar verder "tot aan het uiterste der aarde". Ze breidt zich uit onder alle volken, alle talen.

De tijdelijke afscheiding van Abraham en het tijdelijk afgezonderd zijn van de Joden als Gods volk is voorgoed voorbij: in Abrahams (Hand. 2: 39) nageslacht, Jezus Christus de zoon van Abraham, worden nu alle volken gezegend. Het evangelie gaat over heel de aarde.

De Nieuwtestamentische kerk: een verdwijnende kerk?

We kunnen ook hier enkele perioden onderscheiden, al kunnen we dat slechts kort samenvatten:

 Na Pinksteren 'van strijd tot inzinking'

De kerk wordt eerst door het heidendom vervolgd en moet daartegen ook voortdurend strijden. Daarna is er vooral strijd van binnenuit door het optreden van dwaalleraars. Van de vele dwaalleraars uit die tijd zijn de meeste bekenden Arius en Pelagius. Arius leerde dat alleen de Vader volkomen God is, maar dat de Zoon een schepsel is, wel een éérste of hoogste schepsel, maar niet eeuwig God. Pelagius leerde dat de mens niet geheel verdorven is en zelfs een vrije wil heeft om het goede te doen. De strijd was zwaar. Maar de leer van Arius is gelukkig verworpen in de geloofsbelijdenis van Nicea. En tegenover Pelagius heeft vooral Augus- tinus zich opgesteld: Hij kwam op voor de souvereine genade van God.

Van inzinking tot Hervorming

Ongeloof en bijgeloof grijpen om zich heen. Dwaalleraars verscheuren opnieuw de kerk. De bisschop van Rome noemt zich "stadhouder van Christus" en dreigt het enige Hoofd, Jezus Christus van zijn plaats te dringen. Net alsof Christus als de grote Hogepriester zijn leven niet gegeven heeft, plaatsen de priesters zich weer -alsof we nog tijdens het Oude Testament leven -tussen de Here en de gelovigen. Opvattingen van het avondmaal als .een hernieuwd offer (de mis), verering van beelden, van Maria als "Koningin des Hemels", onschriftuurlijke ascese in het monniken- en nonnenleven, het kwijtschelden van de zonden tegen betaling (aflaathandel) en andere heidense insluipsels verduisteren de waarheid van het evangelie.

Maar de Here houdt zijn belofte. Het wereldwerk van Jezus Christus gaat door. Toen de kerk hoe langer hoe verder afdwaalde van het evangelie, werden Maarten Luther en Johannes Calvijn en anderen .door de Heilige Geest aangegrepen en overwonnen. Wat Adam en Noach en Abraham en Petrus en Paulus geloofden werd opnieuw pu- bliek geloofd. De Reformatie was geen breuk, maar het wonder van de voortgang van de kerk. Overal waren er in stilte, verborgen, gelo- vigen gebleven. Zelfs waar de ambtsdragers in alles ontrouw geworden waren, daar bleven gelovigen: ouders, moeders leerden hun kinderen nog uit Gods woord -zo bleef "het geloof dat eenmaal de heiligen is overgeleverd" bewaard!

Van de Hervorming tot vandaag

Als we alleen aan Nederland denken: na de hervorming scheen het ook alsof telkens het Woord van God niet meer zou gelden: het licht van de kandelaren (de kerken) scheen te worden uitgeblust. Maar ook toen bewaarde de Here zijn kerk: Hij werkte wonderen.

Om één voorbeeld te noemen: God gebruikte als een instrument o.a. een turfschipper, een zekere Klaas Kuijpenga ,een ongeletterde' , zouden we zeggen ,om een afgedwaalde dominee, Hendrik de Cock, weer op het rechte spoor te brengen. Die ging weer het Woord van God preken in plaats van een mensenwoord. Het evangelie van Gods vrije genade werd weer gebracht. Er kwam weer terugkeer naar de eenheid van het ware geloof (Afscheiding 1834). Het Woord werd weer gebracht, gehoord en werkte overal door: een vuur ging branden en breidde zich uit.

Dat was weer een reformatie van de kerk, niet een breuk met de (Judas 3) kerk, geen nieuwe kerk. Het was terugkeer tot en bewaring van het (Gal. 1 : 6-9) ene geloof, het ene evangelie. Een ander evangelie is er niet.

Zo is het telkens gegaan en zo zal het gaan. De kerk is in wording. Ze wordt vergaderd. Door de Zoon van God. Hij werkt dat wonder en daarom zal de kerk nooit verdwijnen. Het post-christelijke tijdperk zal er niet komen. Waarom niet? Omdat de Goede Herder (Openb. 22 : 13, 16) vergadert én regeert. Hij is de Eerste én de Laatste.

Soms schijnt de kerk in bepaalde landen verdwenen te zijn. En we zien er nooit veel van. Een groot deel van de kerk is in de hemel: (Hebr. 12 : 22-24) daar zijn al die levende leden die er hier op aarde vóór ons geweest zijn. Een ander deel moet nog geboren worden. Hoeveel? We weten het niet. Een betrekkelijk klein deel is vandaag op aarde. Door het geloof kun je daar iets van zien. Je kunt zien waar ouderlingen en diakenen trouw hun werk doen zoals de bijbel het voorschrijft.

Je kunt horen en zien waar dominees trouw het evangelie preken, het duidelijke evangelie van God die in zijn vrije genade de zonde vergeeft. Je kunt zien waar gelovigen leven bij de doop en naar Christus' opdracht het avondmaal vieren. Je kunt zien waar moeders hun kinderen van de Heiland en van het koninkrijk vertellen...

Maar je kunt dat alleen maar zien door het geloof, in het licht van de Schriften, dat wil zeggen: door het licht van de Heilige Geest. De hele geschiedenis , al het gewoel van de volken , heeft één spil waar alles (Efeze 1 : 20-23) om draait: de kerk van Jezus Christus.

Vóór dat Abraham er was, lang voordat de "zonen van Israël er waren (Col. 1) en het volk Israël (de kerk van toen) was ontstaan, had de HERE (Matth. 28 : 18) de plaats van de volken, en dus van de kerk al bepaald, toen hij de (H.C. vr ./antw .50) volken over de aarde verstrooide vanwege de torenbouw van Babel. (Deut.) En daarom, wie gelooft en levend kerklid is, heeft altijd goede moed.

Deutsch
de
English en français fr italiano it Nederlands nl español es português pt Norsk no svenska sv Polski pl čeština cz Slovák sk Magyar hu român ro Български bg hrvatski hr Pyсский ru Türkçe tr عربي ar

       

Heer, wees mijn Gids

                              

INFO: DE WEG - DE WAARHEIDHET LEVENFILM - AUDIO


Wie zoekt zal vinden           


www Holyhome.nl

Boeiende Series :

Bijbelvertalingen
Bijbel en Kunst
Bijbels Prentenboek
Biblische Bildern
Encyclopedie
E-books en Pdf
De Heilige Schrift
Aan de voeten van Jezus
Onder de Terebint
In de Wijngaard
De Bergrede
Gelijkenissen van Jezus
Oude Schoolplaten
De Zaligsprekingen van Jezus
Vakantie tijd
Recreatie tijd
Goede Vruchten
Geestesgaven
Tijd met Jezus
Film over Jezus
Barmhartigheid
Catechese lessen
Het Onze Vader
De Tien Geboden
De Bijbel is boeiend
Bijbelverhalen in beeld
Presentaties
Bijbelse Onderwerpen
Bible Study Tools (meertalig)
Vrede van God voor jou
Oude bijbel tegels
Kijk ook eens op:

Godsdienstles
Bijbelmobiel
Bijbel Movies Online Free
Christendom Startpagina
Zingeving Startpagina
Informatie over alle kerken in Nederland: Kerkzoeker
* Bible Study: The Bible alone!

* L'étude biblique: Rien que la Bible!

* Bibelstudium: Allein die Bibel!


Materiaal voor het Digibord
Werkbladen Bijbelverhalen
OT Hebreeuws-Engels
NT Grieks-Engels
Naslagwerken
Belijdenissen
Missale Romanum + Afbeeldingen
Stripboek over Jezus
Christelijke Symbolen
Plaatjes Afbeeldingen Clipart
Evangelie op Postzegels
Harmonium Huisorgel
Godsdiensten en Religies
Prachtige klanken
Chritian Country Music
* Software voor Bijbelstudie

Read and Hear the Holy Bible in over 40 languages:


De Statenvertaling is opgenomen in de canon van de Nederlandse geschiedenis. Het boek der boeken Een stempel gedrukt op de Nederlandse cultuur:


  Webmaster    Assistente



Waard om te weten :

Een hartelijk welkom op de site
Deze pagina printen
Sitemap
Wie zoekt zal vinden



Zondag
Advent
Kerstfeest
Driekoningen
Vastentijd
Goede Vrijdag
Aswoensdag
Palmzondag
Palmpasen
De stille week
Witte donderdag
Stille zaterdag
Paaswake
Pasen - Paasfeest
Hemelvaartsdag
Pinksteren
Biddag
Dankdag
Avondmaal
Doop
Belijdenis
Oudjaarsdag
Nieuwjaarsdag
Sint Maarten
Sint Nicolaas
Halloween
Hervormingsdag
Dodenherdenking
Bevrijdingsdag
Koninginnedag
Gebedsweek
Huwelijk
Begrafenis
Vakantie
Recreatie
Feest- en Gedenkdagen
Symbolen van herkenning

Vragen naar de weg
Leerzame antwoorden op levens- en geloofsvragen

Hebreeën 4:12 zegt: "Want levend en krachtig is het woord van God, en scherper dan een tweesnijdend zwaard: het dringt diep door tot waar ziel en geest, been en merg elkaar raken, en het is in staat de opvattingen en gedachten van het hart te ontleden"Lees eens: Het zwijgen van God

God heeft zoveel liefde voor de wereld, dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven; zodat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat maar eeuwig leven heeft. Lees eens:  God's Liefde

Meer weten over de Psalmen, gezangen, liturgieën, belijdenisgeschriften: Catechismus, Dordtse Leerregels en veel andere informatie? . Kijk opOnline-bijbel.nl

Bible-people - stories of famous men and women in the Bible
Bible-archaeology - archaeological evidence and the Bible
Bible-art - paintings and artworks of Bible events
Bible-top ten - ways to hell, films, heroes, villains, murders....
Bible-architecture - houses, palaces, fortresses
Women in the Bible -
 great women of the Bible
The Life of Jesus Christ - story, paintings, maps


Read more for Study - (Apocrypha, Historic Works, Pseudepigrapha, Old Testament Apocrypha, New Testament Apocrypha, New Testament Discoveries, Commentary, New Testament Pseudepigrapha, Egyptian, Babylonian, Ugaritic, Dead Sea Scrolls (NL-uitleg over de rollen)

Bijbel voor Slechtzienden Online       en ook:  Begrippenlijst   -1-   -2-



Spirit24 omdat er meer is