Het
Geheim
STUDIE-INDEX
DE
HEILIGE SCHRIFT
CHRISTELIJKE
SYMBOLEN
De Bijbel is niet een
boek
wat je zomaar even van kaft tot kaft leest. Het kan lastig zijn om je
weg door de Bijbel te vinden, als je niet weet wat zich wanneer heeft
afgespeeld. Deze site kan je helpen om de Bijbel beter te leren kennen.
Ontdek de bron van vrede, het Woord van God:
Bijbelstudie 115 - Het Geheim
Je eigen leven leiden
(1Sam.1-l2) 'leder deed wat goed
was in zijn ogen'. Met die woorden eindigt het boek Richteren. Maar wat
in hun ogen goed was, ging vaak lijnrecht in tegen de geboden die God
gegeven had. Ze deden wat God uitdrukkelijk verboden had; en ze deden
niet wat God met nadruk van hen gevraagd had wel te doen. Maar steeds
weer als ze door hun eigen schuld in moeilijkheden kwamen, gaf
God hun een verlosser, een richter. Steeds weer opnieuw redde God Zijn
volk uit de moeilijkheden, die ze zichzelf op de hals gehaald hadden.
Waarom deed God dat steeds weer? Waarom redde God het volk Israël
steeds weer uit de nood ? Waarom heeft God, ondanks alles, toch dat
ongehoorzame volk laten voortbestaan? Het volk, dat hardnekkig Zijn
geboden in de wind sloeg, werd door God telkens weer gered. Waarom ?
Het bloed van de verzoening
God heeft Zijn volk een tent laten (Ex.25 : 1-9) bouwen waarin Hij
temidden van Zijn volk kon wonen. Het geheim van het voortbestaan van
het volk Israël was die tent: de tabernakel. Door de eredienst van
het volk in de tabernakel heeft God aangeduid dat Hij de zonden van
Zijn volk wilde vergeven. God verzoent de schuld, zodat het weer goed
wordt tussen Hem en Zijn volk. Maar de eredienst in de tabernakel
maakte ook duidelijk dat God 'niets door de vingers ziet' .Om vergeving
te kunnen ontvangen, was eerst verzoening nodig, moest er voor de zonde
'betaald' worden.
Om de weg naar God vrij te maken moesten offerdieren geslacht worden.
Het bloed van dieren bracht verzoening. De tabernakel en later de
tempel was de plaats waar God zijn volk ontmoette. Daar waren de
altaren , belangrijk, evenals de priesters, die de altaren bedienden.
Want op die altaren in de tabernakel moesten de dieren geofferd worden.
Maar het allerbelangrijkste in de tabernakel was de ark. Dat was de
gouden kist die in de heiligste kamer van de tabernakel stond. De ark
was als het ware de troon van God. Daar woonde God. En als teken van
Zijn aanwezigheid hing een grote donkere wolk (Ex.40:34-38) boven het
heiligdom. Op de gouden ark lag het verzoendeksel. Er mocht niemand in
de buurt van de ark komen, behalve eens per jaar de voornaamste
priester. Dat was op de Grote Verzoendag. De hogepriester sprenkelde
dan het bloed van een (Lev. 16) bok op het verzoendeksel. (Ex. 25: 10)
tot De hele eredienst van het volk Israël (Ex.30:38).
* Lees eens: Tabernakelstudie e De Tabernakel in het midden
In die eredienst gaat het om de offers en de verzoening door het
sprenkelen van bloed op het verzoendeksel. Het grote geheim van het
bestaan en het voortbestaan van het volk Israël is, dat God in hun
midden woont. En omdat er het bloed van de verzoening is. Dat kon door
geen mens bedacht worden. En geen mens kan uit zichzelf iets doen, om
zichzelf te redden. Daarom heeft God heel precies voorgeschreven hoe de
eredienst U van Zijn volk moest zijn.
De eredienst van het volk was een teken van het lijden en sterven van
Jezus, de Zoon van God, die op de aarde zou komen, om Zijn leven, Zijn
bloed te geven om verzoening voor het volk van God tot stand te
brengen. Het bloed van de bokken was het symbool van het bloed van
Jezus Christus. Het bloed van stieren en bokken kon de schuld niet
verzoenen (Ps. 40: 7-9) Dat wist de Israëliet ook (Hebr.10:1-10)
heel goed. Het dierenbloed diende als teken van het bloed van
verzoening dat eenmaal door Christus vergoten zou worden aan het kruis.
Het bloed van dieren was tegelijk ook meer dan alleen maar een teken
van wat komen zou: Jezus was als het ware al aanwezig. Waar de
eredienst die verzoening bracht, trouw werd onderhouden, ontvingen de
kinderen van God al de vergeving voor hun zonden. Zo echt was alles wat
werd afgebeeld. De Zoon van God gaf vooruit, wat Hij later aan het
kruis zou verdienen. God redt Zijn volk steeds weer. En het geheim ligt
in het bloed van de verzoening. De kinderen van God leven, omdat God
genadig is.
De weg naar Jezus
De geschiedenis van het volk Israël komt tot een dieptepunt dat
beschreven wordt in het boek Samuël. De twee zonen van Eli, Hofni
en Pinehas, trokken zich niets meer aan van de heel preciese geboden
die God gegeven (1 Sam. 2:11-17) had voor de eredienst. Het vlees dat
geofferd moest worden, eisten zij voor zichzelf op. Door hun goddeloze
handelingen in de eredienst, kregen de Israëlieten ook steeds
minder eerbied voor de offers. De leiders van het volk verleidden het
volk. Door te doen wat goed was in hun eigen ogen, maakten ze
verzoening met God onmogelijk.
De eredienst, waardoor het goed kan zijn tussen God en mensen, als
symbool van de werkelijke verzoening van de schuld door Jezus, wordt in
de tijd van Eli tot een schandalig spel. Zelfs de troon van God, de (1
Sam. 4) ark, wordt door de dienaars van God misbruikt. Het volk verlaat
God en veracht Hem. Dan wil God niet meer bij hen wonen. De ark wordt
dan een lege troon. Hoe erg is dan de toorn van God. God straft Zijn
volk. Maar Hij laat het niet los. In het boek Samuël, waarin de
straf van God beschreven wordt, staat ook hoe God Zijn volk opnieuw
weer redt. In de tijd waarin het volk Israël zich helemaal heeft
afgekeerd van God, wordt Samuël geboren. Zijn moeder Hanna, die
als verhoring van haar gebed moeder (1 Sam. 1) mocht worden, heeft haar
kind aan God afgestaan. Samuël werd opgevoed (1 Sam. 3) in het
heiligdom in Silo, een klein plaatsje ten noorden van Jeruzalem, waar
de tabernakel stond en waar Eli priester was. God heeft Samuël
gebruikt om Zijn afvallige volk weer terug te leiden tot Hem.
Samuël was de laatste richter van Israël. Hij kreeg later de
taak om een koning aan te stellen over Israël. Het volk verdiende
de liefde van God niet. Toch heeft Hij hun in Zijn liefde Samuël
gegeven. Als je de eerste hoofdstukken van het eerste boek Samuël
leest, worden twee dingen duidelijk. God laat Zich niet bespotten door
Zijn volk. Maar Hij laat Qet toch niet aan z'n lot over. Als de liefde
van God door Zijn volk wordt versmaad, straft Hij hard. Hofni en
Pinehas brengen de ark in hun overmoed in het leger om God te dwingen
hen te helpen. Ze gebruiken de ark als een 'mascotte' . In de ogen van
God is dat afgoderij . God doet hen beiden omkomen in de strijd. En hun
vader Eli sterft, als het het bericht ontvangt, dat de ark door de
Filistijnen is meegenomen. Maar God geeft Zijn eer niet prijs aan de
vijanden van Zijn ongehoorzame (1 Sam. 5, 6) volk. De ark wordt weer
teruggebracht. Daardoor blijkt hoe onmachtig de god van de Filistijnen
is.
Samuël mag het volk van God weer terugbrengen naar de weg van het
geloof in God. God vergeet Zijn belofte en Zijn verbond met Abraham (1
Sam. 5-12) niet. Hij verlost; Hij geeft toekomst.
Als je het Oude Testament leest moet je nooit vergeten dat het in al
die geschiedenissen gaat om de komst van de Messias. Al het
wereldgebeuren, al die mooie, maar ook al die verschrikkelijke
gebeurtenissen die in het Oude Testament be- schreven worden zijn
gericht op de komst van Jezus Christus op deze aarde. God legt steeds
weer opnieuw de weg naar de komst van Jezus.
Ook als Zijn eigen volk die weg door eigen schuld opbreekt. God doet wat Hij belooft heeft: (Ps. 130 : 7, 8 ).
'Israël hope op de Here, want bij de Here is goedertierenheid, bij
Hem is veel verlossing; Hij zelf zal Israël verlossen van al zijn
ongerechtig- heden.'



















