holyhome
bijbelstudie 108

God stelt op de proef !
Natuurlijk
kunnen we God niet zomaar de schuld geven van alle verkeerde dingen die
in de wereld gebeuren. "Verbeter de wereld en begin bij jezelf" is het
antwoord op veel schuldvragen. Verder is het zo dat God de mens vrij
laat in wat hij of zij doet of wil doen. God heeft ons mensen niet
willen maken als robots die precies doen wat Hij zegt, we zijn zelf
verantwoordelijk voor wat we doen. Als we Hem daarom vragen wil Hij ons
graag helpen om te voorkomen dat we dingen doen die verkeerd zijn. Ook
heeft God voorschriften gegeven (bijvoorbeeld de Tien Geboden) die
iedereen kan lezen in de Bijbel. Deze voorschriften zijn niet bedoeld
om ons allerlei pleziertjes te onthouden, maar om ons te helpen te
voorkomen dat onze pleziertjes vroeg of laat ten koste van iemand
anders of onszelf gaan.
Hiermee zijn beslist niet alle vragen over al het onrecht op de wereld
beantwoord. Er blijven (ook voor gelovige mensen) moeilijke vragen
over. In het boek Job in de Bijbel lezen we over een man die alles wat
hem lief is kwijtraakt en die veel vragen heeft aan God. Als u
werkelijk met de bovenstaande vraag worstelt dan zult u in dit boek
zeker een aantal van uw eigen vragen herkennen en hopelijk heeft u ook
iets aan de antwoorden.
(Gen.21-23) God doet wat Hij belooft. Dat heeft hij wel heel duidelijk
laten zien aan Abraham en Sara. Ze kregen de zoon die God hun beloofd
had. Maar die kregen ze pas toen zij, menselijk gesproken, geen
kinderen meer zouden kunnen krijgen. God heeft zo lang gewacht met de
vervulling van Zijn belofte, om hen te laten zien, dat die vervulling
alleen van Hem kwam. Maar hoe lang het ook geduurd heeft, voordat de
zoon van Abraham en Sara geboren werd, God zorgde, dat zij steeds
vaster overtuigd werden, dat God zou doen wat Hij beloofd had. Paulus
zegt dat zo in zijn brief aan de Romeinen: 'En zonder te verflauwen in
het geloof heeft hij (Abraham) opgemerkt, dat zijn eigen lichaam
verstorven was, daar hij ongeveer honderd jaar oud was, en dat Sara's
moederschoot was gestorven; maar aan de belofte Gods heeft hij niet
getwijfeld door ongeloof, doch hij werd versterkt in zijn geloof en gaf
Gode de eer, in de volle zekerheid, dat Hij bij machte was hetgeen Hij
beloofd had ook te volbrengen.
Door het geloof
Na de wonderlijke geboorte van de zoon van Abraham en Sara wordt het
geloof van Abraham opnieuw op de proef gesteld. God had gezegd dat Hij
uit Isaäk het geslacht van Abraham zou doen voortkomen. Uit
Isaäk alleen . Abraham moet daarom zijn andere zoon Ismaël
samen met zijn moeder Hagar wegsturen. Ismaël en Isaäk
mochten niet blijven samenwonen in het gezin van Abraham.
Dat bevel van God dat Ismaël en Hagar moesten vertrekken is
Abraham erg zwaar gevallen. Maar toch gehoorzaamt hij ook nu weer. Hij
gelooft zeker dat God ook met alleen Isaäk in staat zal zijn Zijn
belofte van een groot nageslacht na te komen. God geeft Abraham wel
beloften die gelden voor Ismaël. Uit Ismaël en uit andere
stammen zijn later de Arabische volken voortgekomen.
De vijandschap tussen Ismaël en Isaak heeft zich voortgezet tussen
de nakomelingen van beide: de Arabieren en de Israëlieten. Uit de
Arabieren komt later Mohammed voort, de "leugenprofeet". Hij beweerde:
Allah (God) is groot en Adam is door God verkoren; Abraham de vriend
als God is groot evenals Mozes en groot is Jezus. Maar groter dan die
allen is Mohammed, de apostel van God.
De leugen van Mohammed staat tegenover de waarheid van de Bijbel. Niet
Ismaël is de zoon van de belofte, maar Isaak, opdat Jezus Christus
zou kunnen komen.
Abraham heeft nu wel bewezen dat hij vast vertrouwt op wat God had
beloofd, zouden wij zeggen. Maar toch stelt God hem opnieuw op de proef
.
Het geloof
Vertrouwt Abraham God onvoorwaardelijk? Ziet hij misschien in de jonge
Isaak alleen maar de zoon die zijn geslacht zal voortzetten? Of ziet
hij dat Isaak God toebehoort. Om de vervulling mogelijk te maken van de
belofte dat de Verlosser komen zal? Is Isaak in de eerste plaats de
zoon van Abraham óf is hij de zoon van de belofte? Daarover
stelt God Abraham op de proef .
Abraham ontvangt een vreemd bevel. Hij moet Isaak offeren: verbranden
als een offer aan God. Abraham gaat dan met zijn zoon op weg. Drie
dagen lang heeft hij de gelegenheid over het bevel van God na te
denken. Drie dagen lang worstelt hij met God. Dan komen vader en zoon
in het land Moria waar de berg ligt die God als offerplaats heeft
aangewezen.
Er zullen vast veel vragen zijn gerezen in het hart van Abraham. Is God
gelijk aan de afgoden aan wie zelfs kinderoffers werden gebracht om ze
gunstig te stemmen? Hoe kan God zijn beloften vervullen als zijn enige
zoon moet sterven ?
Toch is Abraham blijven geloven in de trouwen de macht van God. Dat
blijkt uit de woorden: Tot de knechten: "wij zullen tot u terugkeren";
tot Isaak: "God zal zichzelf voorzien van een lam ten brandoffer.
Abraham blijkt volkomen gehoorzaam: Hij is bereid zijn zoon af te staan
aan God. Maar God maakte dat hij gehoorzaam bleef; Abraham kon dat niet
uit zichzelf . Toen Abraham het mes nam om zijn zoon te doden was het
genoeg: de stem van de engel des HEREN klonk: "Nu weet Ik dat gij
godvrezend zijt en uw zoon, uw enige Mij niet hebt onthouden".
God zorgde toen zelf voor een offer; een ram dat afgedwaald was van de
kudde en verward was in de struiken. Abraham gelóófde. De
schrijver van Hebr. 11: 17- de brief aan de Hebreeën zegt later:
"Door het geloof heeft Abraham, toen hij verzocht werd, Izak ten offer
gebracht, en hij, die de beloften aanvaard had, wilde zijn enige zoon
offeren, hij, tot wie gezegd was: Door Izak zal men van nageslacht van
u spreken. Hij heeft overwogen, dat God bij machte was hem zelfs . uit
de doden op te wekken, en daaruit heeft hij hem ook bij wijze van
spreken teruggekregen.
Toen Abraham de proef doorstaan had gebeurde er iets geweldigs. De
engel des HEREN riep Abraham (Hebr. 6: 13) opnieuw en toen zwoer God
bij Zichzelf dat zijn belofte zou worden vervuld: alle volken van de
aarde zullen gezegend worden in Abraham, omdat hij naar de stem van God
heeft gehoord. En God doet wat Hij belooft: eeuwen later ziet Johannes
de Doper Jezus tot zich komen. (Joh.1: 29) Johannes zegt dan: "Zie het
Lam Gods dat de zonden der wereld weg- neemt." God voorziet Zelf in het
offer voor de zonden der wereld. God offert zijn eigen Zoon, doet Hem
sterven aan het kruis, opdat ieder die dat gelooft behouden wordt.
Door het geloof
Omdat Abraham geloofde werd hij rechtvaardig verklaard; God rekent hem
als een rechtvaardige. Dat betekent: (Gen.15, 16) God rekende hem zijn
zonden (Rom. 4 : 11) niet meer toe. Daarom wordt hij de vader van de
gelovigen genoemd.
Wie gelooft in de vergeving van de zonden door Jezus Christus, het Lam
van God, wordt gerechtvaardigd samen mét de gelovige Abraham.
Bij de beloften van God gaat het niet om Abraham zelf, ook niet om zijn
zoon Isaak, maar om de Verlosser die komen gaat.
Abraham heeft, door zijn zoon Isaak, een begin van de vervulling
gezien. Jezus zegt later zelf: " Abraham heeft zich erop verheugd mijn
dag te (Joh. 8 : 56) zien en hij heeft die gezien en zich (Hebr.11: 13)
verblijd." Die volledige vervulling zag hij alleen in de toekomst, door
het geloof. Een vreemdeling was hij in het land dat hem was beloofd.
Dat bleek ook toen Sara stierf. Om haar te kunnen begraven moet hij een
grafspelonk kopen. De erfgenaam van het land bezit er nog geen stukje
van. "Door het geloof heeft hij (Abraham) vertoefd in het land (Hebr.
11: 9,10) der belofte, als in een vreemd land, waar hij in tenten
woonde met Izak en Jakob, die medeërfgenamen waren van dezelfde
belofte; want hij verwachtte de stad met fundamenten, waarvan God de
ontwerper en bouwmeester is.
Wie hetzelfde geloof heeft als Abraham, hetzelfde ontwankelbaar
vertrouwen in wat God belooft, verwacht met hem "de stad met
fundamenten' , het nieuwe Jeruzalem, de nieuwe hemel en de (Openb. 21)
en nieuwe aarde, waar al de beloften van God zullen worden vervuld.
Nog even tijd...? Lees dan eens verder :
Over engelen en demonen
De Bijbel toont ons naast de zichtbare wereld ook een onzichtbare
wereld welke voor een groot deel buiten de normale, menselijke,
waarneming ligt: de geestelijke wereld; de wereld van engelen en
demonen.
Naast mensen heeft God ook engelen geschapen. Het zijn intelligente
wezens, welke Hem ten dienste staan. Een deel van deze engelen is van
Hem afgevallen: satan en zijn demonen. Zij vormen de anti-wereld van
God, een bedriegelijke schijnwereld.
Hoe weten wij van de geestelijke wereld
· De wereld om ons heen leert ons over deze wereld. Door de hele
geschiedenis heen hebben mensen geweten van de wereld van 'machten' of
'krachten'. Denk hierbij aan hekserij, afgoderij, geestenverering,
occultisme, etc. De tegenwoordige, moderne, mens houdt zich hier in
toenemende mate mee bezig. De wereld om ons heen ontkent deze
'geestelijke wereld' dus niet, integendeel: denk aan bijv.
verschijnselen als "paravisie", "jomanda", alternatieve (occulte)
genezers, etc., etc.
· De Bijbel leert ons over deze wereld. De Bijbel geeft veel
informatie over deze wereld, maar waarschuwt ons tevens ons er niet mee
in te laten. Lev.19:26-31
· Niets met bloed eten had alles te maken met gebruiken uit de
occulte wereld, waar bloed als symbool van leven gezien werd en daarom
genuttigd werd. Zie ook Hand. 15:28, 29.
Deut. 18:9-12
· Het zijn gruwelen welke bedreven werden door de volken om hen heen.
· Wat weten wij van de geestelijke wereld
Er zijn twee soorten verschillende 'openbaringsvormen', twee bronnen, welke ons over deze wereld vertellen.
· De Bijbeldeze toont ons dat de engelen geschapen wezens zijn:
Hebr. 1:7, dit in tegenstelling tot "de Zoon", Hebr.1:8, deze is niet
geschapen. Tevens leert de Bijbel, Hebr. 2:2-9, dat zij ten dienste van
God staan, ten dienste van Zijn heilsplan. Zij zijn zijn boodschappers.
· De gevallen engelenzij openbaren zichzelf aan de mensen als
'goden', bijvoorbeeld in de godendienst van het Hindoeisme. Ook
manifesteren zij zich even als hun Meesterals 'engelen des lichts': 2
Kor. 11:4. Het zijn engelen welke zich voordoen als gezanten van de
'goddelijke wereld', welke het zogenaamd goed voor hebben met de
mensheid, maar als enig doel hebben de mensen aan zich te binden, of,
beter gezegd: te binden aan hun heerser: satan.[lees hierover bijv. het
boekje "Irene, Jezus heeft je lief"].
· Resumerend: er zijn twee verschillende soorten engelen;
engelen welke tot God's Rijk behoren en Hem ten dienste staan en
engelen welke ten dienste van een andere wereld staan: het rijk van
satan. Beide zijn echter ooit door God geschapen.
Kenmerken van engelen zijn:
-Verstand;
-Wil;
-gevoel (blijdschap e.d.);
-tijd kennen zij niet;
-geschapen voor de aarde!;
-ontelbaar;
-zij huwen niet (geslachtsloos?) en
-zijn onsterfelijk.
· Vergelijk onder andere: Lukas 15:7, Matt. 22:30, Hebr. 12:22, Lukas 20:36.
De gevallen engelen
Aangezien er een tweedeling is binnen de wereld van engelen, is het van
belang te weten met welke engelen wij, als mensen, te maken hebben.
Oorsprong en toekomst van de gevallen engelen
De ontstaansgeschiedenis van de gevallen engelen ligt in de zondeval
van satan; hij was de hoogste engel, de lichtdrager: Lucifer. In de
Bijbel komen wij hem onder andere tegen in Ezechiel 28:14-15 (ev). De
satan word hier de koning van Tyrus genoemd. Deze vergelijking is niet
zo vreemd als wij kijken naar het karakter van Tyrus: geldzucht, leugen
en bedrog zijn zijn kenmerken. Toen satan viel, zijn talloze engelen in
opstand tegen God hem gevolgd. Vgl. ook Mat. 12:24. Hieruit blijkt dat
ook de Farizeeën wisten van het feit dat Beëlzebul een andere
naam voor satande 'overste der geesten' was. Met andere woorden: in
zijn val was hij niet alleen gevallen.
· De gevallen engelen zijn hun oorsprong ontrouw geworden: Judas vrs. 6;
· Zij rebelleren niet alleen tegen God hiermee, maar strijden
ook met Gods trouwe dienaren: Daniël10:13, 20, 21. De engel welke
Daniel komt inlichten over de toekomst heeft 21 dagen gestreden met de
'vorst van het Koninkrijk der Perzen', en moet daarna weer strijden met
de 'vorst van Griekenland'. Dit gaat niet over letterlijke vorsten maar
geestelijke machten aangezien de betreffende engel zélf ook een
boodschapper uit de geestelijke wereld is.Terzijde: Michaël is "uw
vorst" (vrs. 21). Met andere woorden: Michaël is de engel welke in
de Hemelse gewesten Israël vertegenwoordigd. De engel welke Daniel
komt boodschappen 'stond Darius de Meder tot een helper en toevlucht'.
Het is ook deze Darius de Meder welke Daniël in de leeuwenkuil
wierp maar.. tot erkenning van God kwam; uit het feit dat een engel van
God hem terzijde stond kan geconcludeerd worden dat Darius de Meder een
bijzonder man moet zijn geweest.
· Zij worden uiteindelijk door Michael en zijn strijdengelen uit
de hemelse gewesten geworpen.Openbaringen 12:7-12. Hieruit blijkt,
zoals ook uit het boek Job, dat zij nog steeds toegang tot de hemelse
gewesten hebben, sterker: satan klaagt ons dag- en nacht aan bij God.
Vgl. ook Job1:6-11.
· De oorsprong en woning van de gevallen engelen ligt dus in de hemelse gewesten!!
Zij zijn als hemelse wezens geschapen, maar zijn volkomen verdorven
geraakt. Voor hen is geen redding mogelijk, zij zijn voor het eeuwige
vuur voorbestemd: Matteus25:41. Zij hebben er zelf voor gekozen deze
hemelse woning en hun oorspronkelijke bestemming te verlaten. Zij
worden sindsdien 'demonen' genoemd.
Demonen zijn dus niet --zoals bijvoorbeeld de spiritisten of animisten
beweren/geloven-- de geesten van overledenen, deze bevinden zich in het
dodenrijk, maar gevallen engelen.
Actieve- en gebonden demonen
Er is in de demonenwereld een verschil te maken tussen de actieve- en gebonden demonen.
Actieve demonen zijn demonen welke nu dagelijks de mensen verleiden. De
gebonden demonen zijn demonen welke reeds door God zijn gebonden. Een
voorbeeld hiervan is denk ik de vier engelen uit Openbaringen 9:14,
welke gebonden zijn door God, maar natuurlijk ook het eerder gelezen
Judas vrs. 6 laat ons zien dat er engelen zijn welke door God gebonden
zijn:
"En dat Hij engelen, die aan hun oorsprong ontrouw werden en hun eigen
woning verlieten, voor het oordeel van de grote dag met eeuwige banden
onder donkerheid heeft bewaard gehouden".
Vergelijk ook 2 Petrus 2:4.
Rangorde en taak van engelen
Over de rangorde onder de engelen is weinig bekend, maar deze is er
wel. De engelenwereld is ordelijk georganiseerd en dit is niet
verwonderlijk. Zoals in de Gemeente het Lichaam van Christusorde
behoort te zijn (1Kor.14:40), er in de schepping orde is zal er ook
orde zijn in de Hemelse gewesten: "Want God is geen God van wanorde"
(1Kor.14:33).
Zoals we al eerder zagen kent elk volk zijn eigen engel: Michael is de
engel voor Israel. Het is ook de engel welke als aartsengel wordt
aangeduid en is duidelijk een van de machtigste en hoogst geplaatste
engelen. Uit de Bijbel kunnen wij niet lezen dat er meer engelen zijn
welke deze aanduiding hebben en daarbij is hij de engel welke waakt
over God's uitverkoren volk. Michael is ook de engel welke twist met de
duivel over het lichaam van Mozes (Judasvrs.9). De conclusie kan bijna
niet anders zijn dan dat Michael de plaats bekleed welke de satan
bekleede voordat hij tegen God in opstand kwam?
Een andere hoogstaande engel is Gabriël: een van de voornaamste
boodschappers; af te leiden uit het soort boodschappen welke hij bracht
(bijv. Dan. 8:16 e.v., 9:21 e.v., Luk. 1:26 e.v.): het bekendmaken van
Gods heilsplan (de 70 jaarweken, de geboorte van Christus).
Dit zijn dus de bekendste engelen, engelen welke met name genoemd
worden. Daarnaast zijn er nog heel veel andere engelen, welke allemaal
hun eigen taak hebben binnen de Hemelse rangorde van 'overheden' en
'machten'; Efeze1:21, 3:10. Ook noemt de Bijbel nog de 'troonengelen'
(cherubs, o.a. Ez.10:1) waarop God troont (o.a. 1Samuel4:4, 2Kon.19:15,
Psalm80:2) en de serafs welke alleen in Jesaja 6:2, 7 genoemd worden.
Zij roepen God lof toe. Samen met de Cherubs zijn zij dus voortdurend
in Gods aanwezigheid. Daarnaast worden Cherubs ook genoemd als bewakers
van de hof van Eden.
De taak van engelen is veelomvattend; onder andere:
-zij verheerlijken God;
-zij dienen Christus;
-voor zijn geboorte: Luk. 1:26;
-beschermden hem als kind: Matt. 2:13;
-dienden hem na de verzoeking in de woestijn: Matt. 4:11;
-rolden de steen weg van het graf bij de opstanding: Matt. 28:2;
-waren boodschappers van Zijn opstanding: Matt. 28:5, 6
-dienen de gelovigen in het algemeen: Hebr. 1:14;
· daarnaast zijn zij betrokken bij:
-de verhoring van het gebed: Gen. 19:5 (op voorspraak van Abraham), Hand. 12:6-12;
-Bemoediging van gelovigen: Hand. 27:23, 24;
-Zorg voor gelovigen bij het sterven: Luk. 16:22 (door engelen 'gedragen');
-Zij staan ten dienste van de volken, denk aan eerdere 'vorsten' van
volken, dit kan zowel in de bewaring als "tot verderf" (oordelen van
God) zijn, afhankelijk van het karakter van een volk: Dan. 10:13,
10:20-21, Openbaringen 8, 9, 10.
· De Engel des Heren
Een Bijbelstudie over engelen is niet compleet zonder aandacht te
besteden aan de "Engel des Heren". Deze naam komt alleen voor in het
oude Testament en het heeft betrekking op de verschijning van Christus
op aarde voordat Hij "in het vlees" (als mens) geopenbaard is geweest.
Het is dus een verschijnen van God of Christus (deze zijn immers
één), in de gedaante van een mens- of engel-achtig
persoon.
Voorbeelden hiervan zijn:
-verschijning aan Hagar: Gen. 16:7-10. Alleen al aan de belofte welke
de 'Engel des Heren' hier geeft aan Hagar kunnen wij zien dat het hier
geen gewone engel betreft; immers: deze hebben niet de macht dergelijke
beloften te doen. Het moet dus God zelf zijn geweest;
-verschijning aan Abraham: Gen. 22:11, 12. Ook hier blijkt uit de tekst
dat het hier absoluut niet om een "gewone" engel kan gaan maar dat dit
God Zelf was;
-verschijning aan Manaoch en zijn vrouw: Richteren13:19-22.
· God openbaart zich in deze situaties rechtstreeks aan gelovigen, wat uiteraard zeer bijzonder is.
Aanvulling op het voorgaande over de Engelen
De mens is niet het hoogste wezen dat God geschapen heeft, maar Gen. 1
gaat stilzwijgend voorbij aan de schepping van de wezens waarmee God
spreekt (Gen.1:26; 3:22; vgl. 11:7). Volgens de Joodse voorstelling
waren de wezens die de troon van God omringen en zijn raadsbesluiten
kennen, geschapen voor de schepping van het heelal (1 Kon.22:19-22;
Ps.89:6,8; Jes.6:8; Dan.7:10; vgl.4:13). In dit laatste vers hier heten
zij irin, wachters, nl. voor de aarde.
Engelen heten in het Hebreeuws malachim (Mykalm, boden). Hun algemene
bijnaam is 'kinderen (zonen) van God' (Job 1:2; 38:7; Dan.3:25;
Ps.29:1; 89:7; mogelijk ook Gen.6:2). Maar de aanduiding 'kinderen van
God' heeft geen rechtstreeks ethische betekenis. Zij heten ook
'heiligen' vanwege hun volmaaktheid (Job 5:1; Ps.89:6; Dan.8:13). Maar
in relatie tot God is die volmaaktheid slechts relatief (Job 15:15;
4:18).
De cherubim en de serafim worden hier niet besproken omdat zij niet bij
de 'zonen van God' horen, maar een afzonderlijke klasse vormen (Cherubs
en Serafim). Zij hebben vleugels, maar de 'zonen Gods' verschijnen in
menselijke gedaante verschijnen. De christelijke kunst geeft de engelen
ten onrechte vleugels, wel met een beroep op het verkeerd in het Latijn
vertaalde Dan.9:21. Alleen de zonen van God die in zijn omgeving
verkeren, heten engelen.
De Septuaginta laat op verscheidene plaatsen, waarvan er twee in
Hebreeën aangehaald worden (1:6; 2:7), de Godsnaam Elohim op
engelen slaan. Maar het staat niet vast dat Elohim in het Oude
Testament, behalve God, ook de wezens in zijn omgeving aanduidt.
De Israëliet was er diep van doordrongen dat God en deze wezens
nauws bij elkaar horen. Toch werden ze nooit aanbeden. Integendeel, als
geschapen wezens aanbidden zij met de overige schepselen God.
Hebreeën noemt ze geesten (1:14) en kenmerkt ze zo als bezielde
wezens. Het Oude Testament noemt ze echter nooit zo, want in Ps.104:4
betekent ruchot (twxwr) winden, en in 1 Kon.22:21 is 'de geest' niet
een geest maar de geest van de profetie die zich in het visioen van de
profeet manifesteert.
Het Oude Testament noemt vóór de ballingschap geen enkele
naam van een engel (Gen.32:30; Richt. 13:18). God als wereldbestuurder
maakt hen tot werktuigen en organen van zijn wil. Zij worden engelen
als God zich bij de regering van de wereld van hen bedient. In alle
delen van het Oude Testament lezen wij over openbaringen van God door
middel van engelen.
De voornaamste engelverschijning is die van 'de engel des HEEREN', die
in de tijd van de aartsvaders en van Mozes optreedt. Het is de vraag of
hij een geschapen engel was of de HEERE Zelf in de gestalte van een
mens-engel. De Schrift beslist voor de eerste opvatting: in de
visioenen van Zacharia (1:12; 3:2; vgl. Judas vs.9) wordt de Engel des
HEEREN uitdrukkelijk van de HEERE Zelf onderscheiden. Hij is aan Hem
ondergeschikt.
Ook de 'engel van het verbond' (Mal.3:1) is niet de HEERE Zelf, maar de
engel (bode) in wie Hij Zich openbaart. Soms heet de Engel van de HEERE
'het aangezicht' van God (Ex.33:14; Deut.4:37). Hij gaf het gezicht van
God natuurlijk alleen indirect te zien, zodat de aanblik niet dodelijk
was (Gen.32:31; Richt.13:21vv; Jes.63:9). Wel noemt hij zich HEERE,
Elohim en El ('God', bijv. Gen.18:33; 32:25vv; 31:13) omdat Gods naam
in hem was (Ex.23:21). Zijn optreden is te vergelijken met dat van de
engel die zich in Opb.22:13 de Alfa en de Omega noemt en toch weigert
goddelijke eer te ontvangen. De Engel van de HEERE noemt zich 'vorst
(sar) van het leger van de HEERE' als hij aan Mozes bij het brandende
braambos en aan Jozua voor Jericho verschijnt (Joz.5:15; Ex.3:5).
Tenslotte is er in het tweede deel van Jesaja nog de 'engel van zijn
aangezicht'. Dit kan zowel 'engel in wie de HEERE Zich laat zien' als
'engel die Gods aangezicht ziet' betekenen.
Op al deze benamingen bouwde men later een hemelse hiërarchie, een
indeling van engelen in klassen en rangen. In het boek Daniël
staan 'vorsten van de eerste rang' aan het hoofd van de talloze wezens
die voor God staan en Hem dienen (7:10). Een van hen, Michaël, is
Israëls beschermer (10:13,21; 12:1); een ander, Gabriël,
verklaart de profeet de gezichten die hij ziet (8:15v; 9:21). De latere
Joodse theologie kende zeven aartsengelen. Tobit noemt als de derde
Rafaël (12:15); het boek Henoch en het 4e Boek Ezra noemen als de
vierde Uriël.
In Daniël komen de aartsengelen alleen voor in het visioen, maar
in Tobit vergezelt Rafaël de jonge Tobit. In de brief van Judas
vs.9 beschermt Michaël het lijk van Mozes tegen de satan. Judas
volgt een traditie die we ook vinden in het nß 4 v.Chr.
geschreven boek Assumptio Mosis.
Dat elk mens een beschermengel heeft lezen we nog niet in Matt. 18:10
en Hand.12:15. Dat elk volk zijn beschermengel heeft, leert het boek
Daniël. De gedachte dat God elk volk een wacht van engelen heeft
gegeven, maar Israël onder bijzondere bescherming heeft genomen
(Sir.17:14; vgl. Deut.32:8 in het Grieks) wordt in Daniël het
duidelijkst aangetroffen; hier heet Israëls beschermer tegen de
vorsten van Perzië en Griekenland Michaël, maar de ware
beschermer is volgens Dan.10:13 een ander, die Michaël helpt.
Jesaja profeteert (24:21-23) een gericht van engelen over de
tegengoddelijke machten die in de geschiedenis van de volken optreden.
Dat dit gericht gepaard gaat met een verbleken van zon en maan
suggereert, dat de engelen in verband staan met de sterren; beiden
heten het 'heir (leger) van de hemel' (1 Kon.22:19; Deut.17:3). Onder
deze benaming worden de sterren en de engelen zelfs samengevat
(Neh.9:6). Hetzelfde zien we in Job 38:7: hier vormen de versleden
'Toen de morgensterren te zamen vrolijk zongen' 'en al de zonen Gods
juichten' een synoniem parallellisme.
De Here God wordt in de tijd van de Koningen vaak 'HEERE Zebaoth'
genoemd. Zebaoth betekent niet 'de legers van Israël' maar 'de
hemelse legerscharen'. Dus betekent deze naam van God dat Hij voor zijn
plannen vrij over engelen- en sterrenlegers beschikt. De engelen en de
sterren worden voorgesteld als leger (Jes.40:26; vgl. Richt.5:20). Wij
krijgen de indruk, dat zij deelnemen aan de strijd tussen goed en
kwaad. Deze verbinding van engelen en sterren staat in verband met de
godsdienst van de oudste Semieten.
Satan komt in het Oude Testament weinig voor; slechts drie canonieke
boeken noemen hem, maar niet in verband met de geschiedenis van de
zondeval. Pas het apocriefe boek Wijsheid combineert hem in 2:24 met de
slang. Toch is dit de juiste oplossing van het raadsel van de sprekende
slang. De Bijbel vertelt ons verder niets over de afval in de
bovennatuurlijke wereld, maar uit Gen.3 blijkt, dat het boze daar begon
voordat het zich in de mensenwereld openbaarde.
Een bepaalde naam voor de gevallen engelen vinden we niet in het Oude
Testament, behalve sjedim (Myds, 'machtigen'). Dezelfde naam dragen ook
de Baäls (Deut.32:17; Ps.106:37). De verwante Godsnaam sjaddaj
betekent 'de Almachtige'.
De Bijbel spreekt soms anders over boze geesten of engelen dan wij
gewend zijn. Zij zijn niet altijd moreel bedorven. De geest van
droefheid die over Saul kwam wordt een boze geest genoemd (1 Sam.19:9,
en de engelen die rouw en dood over Egypte brachten 'boze engelen'
(Ps.78:49). Ook God gebruikt boze engelen om de vromen te beproeven en
te straffen (b.v. Job en Paulus, 2 Kor.12:7). Hij gebruikt ook goede
engelen om goddelozen te straffen.
In Hand.7:38,53; Gal.3:19 en Hebr.2:2 <#Heb 2.2> worden de wet en
de engelen met elkaar in verband gedacht. Dat gebeurde niet in het Oude
Testament, wel in de intertestamentaire literatuur. Ef.2:2 lijkt op de
Griekse voorstelling van geesten in de lucht die ook bij Philo en
Plutarchus voorkomt, maar het verschil is groot. Philo en Plutarchus
noemen deze wezens 'zielen zonder lichamen', een aanduiding die totaal
niet past in de denkwijze van de Bijbel.
Tot slot
Dit onderwerp wordt nauwelijks binnen gelovige kringen besproken.
Meestal omdat het niet tot de kern van de Christelijke leer hoort
én omdat het niet past binnen ons 'rationalistische denken' om
ons bezig te houden met engelen en demonen, de geestelijke,
boven-natuurlijke, wereld. Het is daarom des te opvallender dat
niet-gelovigen zich (weer) in toenemende mate bezig gaan houden met het
'mystieke'; de wereld van de demonen.
Daarom is het toch van belang kennis van deze zaken te hebben; om zodoende onderscheid te kunnen maken.
Pas op voor : Occultisme (zie ook Handelingen 8 vers 9 tot en met 23
De duivel is machtig. Hij doet zich zelfs voor in de gedaante van een
god. Dat bleek ook in Samaria. Simon de tovenaar meende van zichzelf
dat hij iets groots was. Kleinen en groten hingen hem aan en zij zeiden
zelfs van hem: 'Deze is de grote kracht Gods.' De duivel probeert er
velen te verleiden.
Ook vandaag, Je hebt vast weleens gehoord van mensen, die over
bijzondere gaven lijken te beschikken. Gaven om mensen van hun
lichamelijke kwalen af te helpen. Dat is toch wel heel bijzonder. Het
roept dikwijls veel vragen op. Hoe kan dat nu toch? Toch blijken de
wonderen die Simon doet maar namaak te zijn. De duivel is wel machtig,
maar niet almachtig.
Als Filippus komt en spreekt van het Evangelie van het Koninkrijk van
God en van de Naam van Jezus Christus, dan worden er velen overtuigd
dat dit het ware werk van God is. Daarvan geeft de Heilige Geest de
overtuiging in hun hart.
De kracht van Gods genade, waardoor deze mensen in Samaria tot Christus
werden gebracht, hielp hen uit de droom. Christus is immers de
Sterkere. Hij heeft de satan overwonnen. Als Hij komt moet de verleider
de stad mensenziel verlaten.
Heeft de Heere in jou leven ook al de voornaamste plaats?
Of ben je in de ban van de zogenaamde wonderen, die mensen doen? Vraag
of de Heere je door Zijn Heilige Geest wil overtuigen van de waarheid
van Zijn Woord.
Nota Bene
Er zijn wel eens mensen die niet geloven dat er geesten bestaan. Fijn
als ze dat denken, maar het is absoluut niet waar. Het is niet mijn
bedoeling om jullie nieuwsgierig te maken naar het occulte. Maar ik wil
jullie wel laten weten dat het occulte veel dichter bij is dan je
denkt.
Wat is occultisme
Occultisme is niet van de laatste jaren. Ook vroeger waren er al
medicijnmannen, toverdokters en waren mensen bang voor heksen. Zij
hadden boven natuurlijke krachten en konden met de geesten praten. Ze
bewogen zich in het duister, in de onzichtbare wereld van
geheimzinnigheid. Tegenwoordig zijn veel mensen op zoek naar een
antwoord voor onverklaarbare dingen. Want je kunt toch niet ontkennen
dat er bovennatuurlijke krachten zijn. Soms hoor je erover in je
omgeving en lees er soms over in de krant. Je leest van
wonderlijke genezingen en van voorspellingen die toch maar even
uitkomen….
Zijn dat nou allemaal dingen die je gelijk moet verwerpen? Als God alle
dingen leidt, kunnen zulke gaven dan niet van God komen? Maar wat zit
er achter de occulte praktijken waar de wereld deze tijd zo vol van is?
Het woordje occult betekent: wat verborgen is, geheimzinnig, duister.
Occultisme slaat op allerlei verschijnselen, die niet op een gewone
natuurlijke of wetenschappelijke manier te verklaren zijn. Dan denken
we bijvoorbeeld aan waarzeggerij, helderziendheid, contact met geesten
van de doden, uittreding uit het lichaam. Het gaat bij occultisme dus
niet alleen maar om kletspraat of om een grap.
Een voorbeeldje hiervan: in Rotterdam kwam er een hypnotiseur een
voorstelling geven. De opa van mijn moeder wilde wel eens zien
hoe die man te werk ging. Gewoon om even te kijken ging naar de
voorstelling. Hij nam op de 2e rij van achter op de 2e stoel plaats.
Maar voordat de hypnotiseur begon verzocht hij de man die op de 2e rij
van achter op de 2e plek zat te vertrekken, anders zou hij niet aan
zijn voorstelling beginnen. Zo'n soort gelijk verhaal kun je ook lezen
in het boek 'Toch gered', waar 2 christelijke vrouwen naar een
voorstelling gaan van een hypnotiseur, omdat ze op zoek
zijn naar een jongen die de hypnotiseur in zijn macht houdt. Ze denken
er zo achter te komen waar die jongen is. Als de hypnotiseur met zijn
voorstelling begint voelen ze de duivelse machten en gaan bidden, vanaf
dat moment mislukken al de kunsten die de hypnotiseur wil laten zien en
moet hij stoppen met zijn voorstelling.
Harry Potter
Ook in gewone kinderboeken
komt occultisme in voor. Denk bijvoorbeeld aan Harry Potter. Misschien
vind je het wel een heel overdreven voorbeeld… De boeken zijn
leuk om te lezen, en de films zijn ook wel grappig om te zien, wat is
daar nou mis mee? De meningen over de Harry Potter boeken zijn
ook heel uiteenlopend. De een meent dat het lezen je aanzet tot het
occulte en de ander vind dat de verhalen geen kwaad kunnen, omdat het
zich afspeelt in een fantasie wereld. Weer andere zien er allerlei
bijbelse principes in. Eigenlijk is het in de boeken van Harry Potter
een strijd tussen goed en kwaad. (Dat we kunnen onderscheiden in
2 soorten magie: witte magie en zwarte magie) Harry strijd tegen het
kwaad, hij bedoeld het allemaal goed. Maar aan de andere kant staat
Voldermord die iedereen met goede bedoelingen dood wil hebben. In de
boeken lijkt het of de witte magie goed gepraat wordt, want daarmee
word tegen het kwaad gestreden.
Occult bezig zijn
Je kunt op veel manieren
occult bezig zijn. Spiritisme is contact hebben met geesten, voor veel
mensen is dit een geweldige sensatie Je kunt zomaar communiceren met de
wereld van de geesten! En het is natuurlijk ook super spannend. Stel je
voor dat de geesten een boodschap voor jou hebben. En wat krijg je dat
te horen? Zul je trouwen en kinderen krijgen? Zul je lang leven? Of
… zul je binnenkort sterven? Want zulke boodschappen zijn er
ook! En ze schijnen nog uit te komen ook. Spannend en tegelijkertijd
ook heel eng, dat bezig zijn met occulte zaken. Hier moet je nooit mee
experimenteren, want dan speel je met de dood. Er zijn mensen die zo
bezet zijn van de duisternis, dat ze op de duur alleen maar verlangen
naar de dood om zo aan de grimmige machten te ontkomen.
Dus ga niet voor de grap glaasje draaien, of andere occulte
spelletjes spelen. De macht van satan is groot, hij heeft zo een prooi
gevonden om te verslinden.
In de bijbel lezen we ook over koning Saul die naar de waarzegster te
Endor gaat. De vrouw bracht Saul in kontact met een demon die zich
presenteert als Samuël. Deze vrouw had de gave om zich in
verbinding te stellen met satan. Saul krijgt de boodschap dat hij de
strijd tegen de Filistijnen zal verliezen.
Als Saul ziet dat de waarzegster inderdaad gelijk krijgt, vraagt hij
zijn wapendrager om hem te doden. Maar zijn wapendrager wilde dat niet,
toen nam Saul zijn zwaard en liet zich daarin vallen, hij pleegde dus
zelfmoord.
Een helderziende zegt van zijn gave: vroeger dacht ik dat het een gave
van God was. Ik wilde de mensen helpen en vroeg geen geld voor de
behandelingen. Ik had alles gedaan: hypnose, magnetisme (dat is door
aanraking genezen), spiritisme, het was allemaal pure waarzeggerij. De
demonen die in mij huisden, spraken door mij heen (…). Als
mensen zich op dit terrein begeven, doen ze zichzelf erg veel schade
aan. Er is niets schadelijker dan afgodendienst en occultisme. Er
ontstaat een totale binding en rechtstreekse band met de duivel.
Ook in de geneeskunde is het occulte aanwezig. Dan denken we
bijvoorbeeld aan alternatieve geneeswijze. (Dat zijn geneeswijze die
buiten de 'gewone' medische wetenschap om werken, met middelen waar van
de werking niet wetenschappelijk te verklaren zijn) Dat wil niet
gelijk zeggen dat alle vormen van alternatieve geneeswijze occult zijn.
Maar het is moeilijk om een grens aan te geven tussen geoorloofde en
verboden praktijken. Maar waar tijdens de genezing geheimzinnig of
wonderlijk gedaan wordt, kan je het wel vermoeden. Zeker als er bij een
behandeling bovennatuurlijke krachten of machten opgeroepen worden.
Ook hier een voorbeeld van: een vrouw had een ziekte, ze liep al
een paar jaar bij het ziekenhuis en had al een aantal onderzoeken
achter de rug. Maar de dokters konden geen ziekte ontdekken. Ze wilde
zekerheid hebben van haar toestand en besloot om naar een alternatief
genezer te gaan. Samen met haar man is ze toen naar de praktijk van de
genezer gegaan. Haar man mocht niet mee toen de genezer haar ging
behandelen. Toen de behandeling achter de rug was, had ze een heel
slecht gevoel over deze alternatieve geneeswijze overgehouden. En
besloot om nooit meer naar een alternatief genezer te gaan.
Mensen weten eigenlijk te weinig van een alternatief genezer af. Maar
dit is wel heel belangrijk om te weten, de meeste alternatieve genezers
zijn ook spiritist…! Dus dan komen die wonderlijke genezingen
helemaal niet van God, maar van de duivel. Ik wil nu niet zeggen dat
alle wonderlijke genezingen van de duivel zijn, want God kan soms op
hele bijzondere wijze genezing schenken ook al gaan die tegen alle
medische verwachtingen in.
Halloween
Veel mensen vieren halloween. Een leuk feest toch..! Vooral voor kinderen. Lekker
griezelen en verkleden zodat niemand je meer kan herkennen.
Overal waren de etalages veranderd in een griezelig halloween sfeertje.
Als je al die onzin ziet, weet je eigenlijk al dat er iets niet klopt.
Halloween is op 31 oktober. Ze zeggen dat dan de doden tot leven komen!
Als je daar even bij nadenkt, snap je dat dit dus een occult feest is
en niets te maken heeft met grappige verkleedpartijtjes en al die
andere onzin. (lees meer over Halloween)
Waarschuwingen uit de bijbel
De bijbel waarschuwt ons tegen alle vormen van occultisme en is daar heel duidelijk over.
Leviticus 19 vers 31: 'Gij zult u niet keren tot waarzeggers en tot duivelkunstenaars'.
Deuteronomium 18 vers 10 tot 13: en onder u zal niet gevonden worden,
die zijn zoon of dochter door het vuur doe doorgaan, die met
waarzeggerijen omgaat, een guigelaar, of die op vogelgeschrei acht
geeft, of tovenaar, of een bezweerder, die met bezwering omgaat, of die
een waarzeggende geest vraagt, of een duivelskunstenaar, of die doden
vraagt. Want wie zulks doet, is den HEERE een gruwel; en om dezer
gruwelen wil verdrijft hen de HEERE uw God voor uw aangezicht uit
de bezitting. Oprecht zult gij zijn met de HEERE uw God.
Ook kunnen we lezen hoe we ons het beste kunnen wapenen tegen de
boosheden van de duivel. Lees Efeze 6 maar eens, vers 11 tot 13: 'doet
aan de gehele wapenrusting Gods, opdat gij kunt staan tegen de listige
omleiding des duivels. Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en
bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de
geweldhebbers dezer eeuw, tegen de geestelijk boosheden in de lucht.
Daarom neemt aan de gehele wapenrusting Gods, opdat gij kunt
wederstaan in de boze dag, en alles verricht hebbende staande blijven.
|