Bijbel
alléén absolute norm !
STUDIE-INDEX
DE
HEILIGE SCHRIFT
CHRISTELIJKE
SYMBOLEN
De Bijbel is niet een
boek
wat je zomaar even van kaft tot kaft leest. Het kan lastig zijn om je
weg door de Bijbel te vinden, als je niet weet wat zich wanneer heeft
afgespeeld. Deze site kan je helpen om de Bijbel beter te leren kennen.
Ontdek de bron van vrede, het Woord van God:
Bijbelstudie
035 - De Bijbel alléén absolute norm !
God vraagt maar één ding van ons. Hij vraagt gehoorzaamheid aan Zijn Woord
De Bijbel alléén is
de absolute norm voor ons leven. In dat boek staat, hoe God door ons
gediend wil worden. Het staat je dus niet vrij om zelf te bepalen, op
welke manier je God wilt dienen. Je mag niet zelf kiezen langs welke
weg je denkt God het beste gehoorzaam te kunnen zijn.
Eigenwijsheid
Koning Saul, de eerste koning van Israël, was een knap strateeg en
een heel bekwaam legeraanvoerder. Saul had zijn koninklijke waardigheid
te danken aan de God van Israël, die (1 Sam. 10) hem voor dat ambt
had uitgekozen. Dat hield in, dat Saul onderworpen was aan de
koningswet. Die wet (Deut. 14-20) staat in het boek Deuteronomium.
De koningen van andere volken konden zelf bepalen, hoe hun volk zijn
god moest dienen. Maar in Israël was dat precies andersom. Daar is
het de Gód die voorschrijft hoe volk én koning Hem moeten
dienen. Daarmee heeft Saul het zijn leven lang erg moeilijk mee gehad.
Heel duidelijk blijkt dat bijvoorbeeld uit de geschiedenis van de
veldtocht tegen Amalek. Amalek was het eerste (I Sam. 15) volk dat na
de uittocht uit Egypte het volk Israël probeerde te vernietigen.
God had daarom besloten, 'de herinnering aan Amalek onder de hemel (Ex.
17: 8-16) volledig uit te wissen' .Saul moet, eeuwen later, die
banvloek van God ten uitvoer brengen.
Maar de koning houdt zich niet
aan het nauwkeurig omschreven bevel van God. Hij maakt er een
verdelgings-oorlog van door naar de gewoonte , van die dagen het
overwonnen volk af te slachten. Hij houdt de koning van Amalek in leven
als een overwinningstrofee, het beste deel van de oorlogsbuit wordt
verdeeld onder de soldaten. De profeet Samuël veroordeelt namens
God Saul voor zijn ongehoorzame handelingen. Maar Saul heeft een vrome
verontschuldeging. De buit is gespaard om die aan God te kunnen
offeren: Saul had het zo goed bedoeld. Samuël maakt hem dan
duidelijk, dat God niet gesteld is op goede bedoelingen als die
rechtstreeks tegen Zijn uitdrukkelijk bevel ingaan. 'Gehoorzamen is
beter dan slachtoffers, luisteren beter dan het vette der rammen. ,
Vrij algemeen bestaat de mening dat .het ieder mens vrij staat zelf de
manier te bepalen waarop hij God wil dienen. De een doet dat met
offers, de ander legt alle nadruk op het bidden. Er zijn mensen die God
willen dienen door allerlei vormen van medemenselijkheid en de mensen
die zich in hun leven ingespannen en stipt houden aan veel regels en
geboden. En we zeggen dan tegen elkaar , dat we elkaar helemaal vrij
zouden moeten laten in de mallier waarop ieder voor zich denkt God het
beste te kunnen dienen. Maar die oude geschiedenis van Saul laat heel
duidelijk zien, dat een dergelijke verdraagzaamheid voor God
onverdragelijk is. God vraagt van ons dat we onvoorwaardelijk Zijn
Woord gehoorzamen. De Bijbel alléén. Dat is de absolute
norm voor je leven. Want alleen daarin staat, hoe God gediend wil zijn.
De Bijbel zélf
De Bijbel zelf laat daarover geen enkel misverstand bestaan. Zoals Saul
door Samuël in opdracht van God bestraft wordt over zijn
ongehoorzaamheid, zo bestraft Jezus de Farizeeën. De
Farizeeën aanvaardden naast de wetten van Mozes ook de
overlevering, de traditie, als gezaghebbend voor het godsdienstig
handelen. Met als logisch want menselijk gevolg dat de traditie
bóven de Bijbel werd gewaardeerd. Jezus zegt tegen de
Farizeeën: 'Zo hebt gij het (Matth. 15;1-9) Woord Gods van kracht
beroofd terwille van uw overlevering' .
Als mensen de producten van hun eigen denken gaan aanprijzen als
religie, zonder hun gedachten te onderwerpen aan wat in de Bijbel
staat, dreigt het gevaar van 'valse leer' , van eigen-wijze-
godsdienstigheid. De apostel Paulus zegt dan, dat zelfs al zou er een
engel uit de hemel komen, dan nog moet je zijn boodschap toetsen aan
wat in de Bijbel staat. 'Indien iemand u een evangelie (Gal. 1; 8, 9)
predikt, afwijkend van hetgeen gij ontvangen hebt, die zij vervloekt.'
De Bijbel hélemaal
God Zelf heeft Zijn Woord beschermd tegen de macht en willekeur van
mensen. Dat is te merken uit de manier waarop de Bijbel tot stand
gekomen is. Dat blijkt ook uit de inhoud van de Bijbel zelf. Daarin
wordt ons met nadruk verboden nieuwe woorden of gedachten toe te
voegen; en ook om er gedeelten uit te schrappen. Dat staat met name
heel indrukwekkend aan het eind (Openb.22:18,19) van de Bijbel: 'Ik
betuig aan een ieder die de woorden der profetie van dit boek hoort:
Indien iemand hieraan toevoegt, God zal hem toevoegen de plagen, die in
dit boek beschreven zijn; en indien iemand afneemt van de woorden van
het boek dezer profetie, God zal zijn deel afnemen van het geboomte des
levens en van de heilige stad, welke in dit boek beschreven zijn' .
Die waarschuwing slaat natuurlijk in de eerste plaats op het boek, de
boekrol, waarin de tekst staat opgenomen. Maar hetzelfde geldt voor
(Deut. 12 : 32) alle Bijbelboeken; dit gebod is (Deut. 4 : 2) immers al
met dezelfde nadruk door Mozes verkondigd aan de Israëlieten.
Waarom krijgt de unieke plaats van de Bijbel in ons leven zoveel
nadruk? Omdat God dat boek gebruikt om Zich bekend te maken als de God,
die door Zijn Zoon Jezus het leven van mensen verlost van de zonde.
Alleen door het Woord van God kan (Rom. 10: 14) het geloof in Jezus
Christus in mensenharten bewerkt worden. Daarom: de Bijbel
alléén. Daarom ook: de Bijbel hélemaal.
In de tijd rond de Reformatie in 1520, waren drie spreuken algemeen
bekend. Sola Fide, alleen door het geloof; (Rom. 1:16, 17) (Rom. 3:22,
28) Sola Gratia, alleen door genade, (Rom. 3 : 24), en Sola Scriptura,
alleen de Schrift. (Rom. 6: 14).
Deze drie vormen het hoofdthema van de brief van Paulus aan de
Romeinen. In alle drie de spreuken gaat het om één en
dezelfde zaak: de verlossing door Jezus is een geschenk dat de mens
niet uit zichzelf bedenken of verdienen kan. De mens ontvangt die
verlossing alleen uit genade, voor niets. Door middel van het gelovig
luisteren naar het Woord van God, de Bijbel. In de Bijbel wordt de wil
van God volmaakt tot uitdrukking gebracht; in de Bijbel staat alles wat
mensen moeten geloven om gered te worden. Daarom mag ook niemand
daarover iets anders schrijven of zeggen, iets dat afwijkt van wat in
de Bijbel staat. Dat maakt de Bijbel méér dan zomaar een
boek als andere boeken: geen enkel menselijk geschrift, van welke
schrijver dan ook, mag op één lijn gesteld worden met de
Bijbel. Alles wat niet in overeenstemming is met de onfeilbare norm, de
Bijbel, moet je afwijzen. De apostel Johannes zegt: 'Ga na of de
geesten van God afkomstig zijn' . (1 Joh. 4 : 1) ' Als er iemand bij u
komt die een (2 Joh. 1 : 10) andere leer uitdraagt, ontvang hem dan
niet' .
De Bijbel: daar kun je van op aan
Alleen dat wat God zelf gezegd heeft en heeft laten opschrijven is
volkomen betrouwbaar. Dat is het enige waar je werkelijk op aan kunt.
Zo betrouwbaar zijn de woorden van mensen bepaald niet. Alle mensen
(Ps. 62 : 10) zijn uit zichzelf leugenaars. Dat betekent natuurlijk
niet, dat iedereen met opzet niets anders en niets liever doet dan
liegen en bedriegen. Maar omdat het hart van de mens door de zonde is
beschadigd, ondeugdelijk is geworden, is ook alles wat uit dat hart
voortkomt ondeugdelijk. Wat Paulus zegt over de mens zoals hij door de
zonde geworden is, is duidelijke taal (Rom.3 : 9-18) Lees dat maar eens
na in Romeinen 3 : 9-18.
Alles wat door mensen beweerd wordt, zullen we moeten vergelijken met
wat God daarover in Zijn Woord zegt. Zo deden de mensen in Berea dat
ook. Toen ze door de prediking van Paulus Jezus hadden leren kennen,
hebben ze de woorden van Paulus nauwkeurig vergeleken met de Schriften
(het Oude Testament), om na te gaan 'of deze dingen zo waren'. Alleen
op die manier kun je het goede van het kwade onderscheiden. Wie met de
Bijbel in de hand alles nauwkeurig onderzoekt, wat als geestelijke
waarheid gebracht wordt, kan zelf de leugens herkennen. De Bijbel zelf
vraagt je keer op keer toch vooral dat onderzoek naar de waarheid te
doen. God is betrouwbaar. (Judas 3, 4) Zijn Woord is het ook.
De Bijbel is gezaghebbend op alle levensterreinen
Dit betekent dat de Bijbel richtsnoer is voor al ons persoonlijk en maatschappelijk handelen en dat de daarin vervatte geboden onopgeefbare uitgangspunten zijn, ongeacht of deze stroken met de maatschappelijke opvattingen. Daarom ligt ook ten aanzien van het onderwerp homoseksualiteit ons toetsingskader ten eerste in de waarden en normen van de Bijbel.



















