holyhome
bijbelstudie 017

De Bijbel is zeker niet te
bewijzen
Omstreeks
april 1977 verscheen als' Boek van de Maand , een prachtig boekwerk
onder de titel 'Het Woord in beeld'. De ondertitelluidde 'Vijf eeuwen
Bijbel iin het dagelij ks leven'. In dit platenboek wordt aangetoond,
hoe groot de invloed van de Bijbel is geweest op het dagelijks leven
gedurende vele eeuwen. De Bijbel beïnvloedde de cultuur, getuige
de vele reprodukties van oude gevelstenen, tegels, postzegels, koek-
planken, enz. ""
Leven, dicht bij de Bijbel. I
Het boek doorbladerend en bestuderend, komt je onder de indruk van het
feit, dat zoveel mensen generaties lang zo dicht bij de Bijbel geleefd
hebben. Hun leven en hun levensuitingen werden door de Bijbel bepaald
en gestempeld. In heel hun dagelijks leven speelt de Bijbel een grote
en vaak beslissende rol. Toen gold nog dat Nederland zonder de Bijbel
een denkbare zaak was. De ontelbare gelovigen uit die vervlogen eeuwen
hebben de Bijbel aanvaard als het Woord van Gód in hun leven.
Zij hebben geloofd dat in de Bijbel God tot hen sprak. Ze wisten heel
zeker: de Bijbel is het Woord van God. Het is geen woord van mensen,
hoe heilig ze ook zouden mogen zijn. Ze wisten heel zeker: de Bijbel is
het boek van God.
Hoe kun je zeker zijn?
Hoe kunnen wij, vandaag de dag, met de grote kennis die we bereikt
hebben, zeker weten dat de Bijbel inderdaad het Woord van God is? Er
zijn geen logische, geen wetenschappelijke of andere bewijzen te geven
voor het antwoord dat we je in deze studie willen geven. Iedere
gelovige zal, als je hem of haar ernaar vraagt, antwoorden dat .niet te
bewijzen is dat de Bijbel het Woord van God is. Maar toch weet een
gelovige dat zekerder dan wat dan ook. Hoe kan een gelovige er zo vast
van overtuigd zijn? Wie ter wereld zal eigenlijk uitmaken of de Bijbel
nu wel of niet het Woord van God is? Niemand. Geen mens op aarde.
In de Rooms-Katholieke Kerk leeft de gedachte dat de Kerk, en met na-
me de paus, de Bijbel als het Woord van God uitroept. De kerkelijke
uit- spraak zou dan het 'bewijs' zijn. Maar dan ontleent de Bijbel zijn
gezag uiteindelijk toch weer aan de mensen, aan de kerk. Anderen zoeken
het bewijs bijvoorbeeld in de resultaten van de afgelopen eeuw in
Palestina en de omringende landen. 'De Bijbel heeft toch gelijk' wordt
dan verheugd uitgeroepen, als de opgravingen met de Bijbel
overeenstemmen. Het 'bewijs' zou geleverd zijn. Maar ook dan zou het
gezag van de Bijbelliggen bij mensen. Mensen die uitmaken, of de Bijbel
al dan niet het Woord van God is. Mensen bepalen dan, mensen beslissen.
Maar gelukkig hoeven niet van mensen afhankelijk te zijn om zeker te
weten.
Hoe kun je wel zeker weten dat de Bijbel het Woord van God is? Dat je
in dat Boek de stem van God kunt horen? Dat God zelf de Bijbel heeft
laten schrijven? Er is maar één antwoord. Gelovigen
herkennen de stem van God als de stem van hun hemelse Vader. Een stem
die uit duizenden te herkennen is.
Dat is in je alledaagse leven toch ook zo. De stem van je vader ken je
uit duizenden; als je geblinddoekt bent evengoed als op de band, of de
plaat, of voor de radio. Trefzeker kun je zeggen: 'dat is hij'. Dat kun
je niet bewijzen. Aan niemand. Toch weet je zeker , ben je rotsvast
overtuigd.
Als Jezus tijdens Zijn verblijf op aarde over deze dingen met zijn
discipelen spreekt, trekt Hij een vergelijking met een herder en zijn
schapen. Een goede herder van een grote kudde heeft zijn dieren zijn
stem leren kennen. De schapen zijn (Joh. 1~-18) helemaal 'afgestemd' op
de klank van de stem van de herder. Feilloos zeker zullen ze op zijn
stem afgaan. Maar een vreemde zullen ze zeker niet volgen; ze kennen
zijn stem niet.
Wat voor schapen geldt, geldt ook voor de kinderen van God. Zij
herkennen de stem van de Goede Herder: De (Ps.23). Heer is hun herder.
Er valt niets te bewijzen. Toch ben je rotsvast overtuigd. Hangt het
dan toch weer af van jezelf? Nee, want de Heilige Geest maakt dat je
overtuigd wordt.
Er valt helemaal niets te bewijzen.
Maar toch. Voor veel mensen is het verhaal van de herder en zijn
schapen niet voldoende. Veel mensen zijn nog niet tevreden met het
voorbeeld van de stem van je vader. Er moeten waterdichte bewijzen op
tafel komen, logische redeneringen, klinken de argumenten. Alleen dat
kan ze overtuigen.
Met die heel menselijke reactie had de apostel Paulus in zijn tijd ook
te maken. Paulus verkondigt het Woord van God, het 'Woord des kruises'
noemt hij het. Veel mensen vinden dit maar dwaasheid en malligheid. Zo
waren er een aantal Joden die van Paulus eisten dat hij maar eens met
bewijzen voor zijn opvatting voor de dag moest komen. Hij moest ze maar
eens wat laten zien: een wonder of zo. Ook waren er Grieken die vroegen
om bewijzen gebaseerd op logica, wetenschap. Het 'Woord des kruises' zo
(1 Cor.1:18-25) maar zonder meer te aanvaarden we- zen ze van de hand.
De gerenommeerde Jood, de intellectuele Griek, moest een bewijs op
tafel hebben. Een acceptabele verklaring.
Onder het gehoor van Paulus bevonden zich ook mensen die aan het Woord
dat hij sprak, nederig en vertrouwend gehoor gaven. Wat anderen eerst
nog maar eens bewezen moesten zien en wat voor hen voorlopig nog maar
dwaasheid was, werd door deze mensen aanvaard als wijsheid van God.
Het boek van alle eeuwen.
(1 Thess. 1 : 13) In zijn brief aan de Thessalonicenzen schrijft Paulus
over zijn grote dankbaarheid aan God. 'Dat gij, toen gij het gepredikte
Woord Gods van ons ontvangen hebt, het hebt aangenomen niet als een
woord van mensen, maar, wat het inderdaad is, als een Woord van God,
dat ook werkzaam is in u.'Het valt op dat Paulus over ontvangen en over
aannemen' schrijft. De Thessalonicenzen deden dat zelfs met (1 Thess.
I: 6) 'blijdschap van de heilige Geest' .En zo gaat dat met het Woord
van God. Horend, ontvangend, aannemend, word je zeker van je zaak. En
ook blij. Dit is het Woord van God!
Paulus leverde geen enkel bewijsstuk. Hij predikte het Woord. En het
werd met blijdschap ontvangen. Wat ook opvalt is dat Paulus schrijft
over zijn gepredikte Woord niet als een woord van mensen, maar wat het
inderdaad is, als een Woord van God' .Er worden heel wat woorden
gesproken; er zijn zoveel verhalen, theorieën, filosofieën.
Ook al waren er in Thessalonica in die tijd talloze andere stemmen van
wijsheidleraars, ook al waren er mensenwoorden genoeg, in de woorden
van Paulus werd door gelovigen het Woord van God herkend, de stem van
de Goede Herder.
Het hoeft helemaal niet bewezen te worden.
Als je de Bijbel eerbiedig en met liefde leest, zal je Vader er voor
zorgen dat je net als de gelovigen uit de dagen van Paulus zult zeggen:
inderdaad dit zijn geen woorden van mensen maar dit is het Woord van
God dat tot mij wil spreken. Ik kan het niet bewijzen. Maar ik weet het
heel zeker. Even zeker als alle gelovigen van alle eeuwen'.
De Bijbel: het boek van de maand, van alle maanden. Het 'Boek van de eeuwen'. Het boek van God.
|