Er is één God
De vindplaats van materiaal
voor Bijbelstudie, geloofstudie, catechese, school, kring, persoonlijk
geloof, studie thuis, kerk, club, nieuws, godsdienstonderwijs,
zingeving en vooral heel veel mogelijkheden om je Bijbelkennis te
vergroten. Blijf
niet afhankelijk van anderen maar lees zelf de Bijbel. Investeer in
geestelijke rijkdom.
BEKIJK HIERONDER EEN PRESENTATIE
Bid voor de geestelijke, politieke en militaire leiders, dat ze wijze beslissingen nemen.
Bid voor het volk in benauwdheid.
Bid voor de militairen die hun werk moeten doen.
Bid voor de slachtoffers en hun families, in het bijzonder voor die families die doden betreuren.
De heilige bijbel is het Woord
van God dat nooit is veranderd of zal worden veranderd. Die bijbel
getuigt dat er maar één God is. Het is een bekend feit
dat de bijbel het oudste boek is dat er bestaat. Dus, als er een ander
boek is dat getuigd van Gods enigheid, is de bijbel daar al in
voorgegaan. Dit zijn een paar teksten uit de bijbel rond de enigheid
van God.
Uit het oude testament:
Wees u er daarom van bewust en
laat goed tot u doordringen dat de HEER de enige God is, boven in de
hemel en hier beneden op de aarde; een ander is er niet.
(Deuteronomium. 4: 39)
Ik ben de HEER, er is geen ander,
buiten mij is er geen god. (Jesaja 45: 5)
Hebben wij niet allemaal dezelfde vader, heeft niet een en dezelfde God ons geschapen? (Maleachi 2: 10)
4 Luister, Israël: de
HEER, onze God, de HEER is de enige! 5 Heb daarom de HEER lief met hart
en ziel en met inzet van al uw krachten. (Deuteronomium. 6: 4-5)
Uit het nieuwe testament:
Want er staat geschreven: “Aanbid de Heer, uw God, vereer alleen hem.”’ (Matteüs 4:10)
…wat u zegt is waar: hij alleen is God en er is geen andere God dan hij (Marcus 12:32)
U gelooft dat God de enige is? Daar doet u goed aan. (Jacobus 2:19)
Maar bemiddeling is niet nodig wanneer er maar één is die handelt, en God handelt alleen. (Galaten 3:20)
Want er is maar
één God, en maar één bemiddelaar tussen God
en mensen, de mens Christus Jezus (1 Timoteüs 2:5)
De betekenis van Gods enigheid
Het is duidelijk dat de
eenheid van God anders is dan de eenheid van de mens. De eenheid van
een mens maakt hem beperkt. Het is namelijk niet mogelijk voor een mens
om op twee plaatsen tegelijkertijd te zijn. Maar God kan tronen in de
hemel en tegelijkertijd hier op aarde zijn. Dit is niet onmogelijk of
moeilijk voor God. We bedoelen niet dat een gedeelte van God in de
hemel is en een ander deel op aarde. We bedoelen dat God, in al zijn
glorie, tegelijk op zijn troon in de hemel en hier op aarde kan zijn.
Dat is precies wat gebeurde
toen Christus naar de aarde kwam. De bijbel vermeldt dat in Christus
“9 Want in hem is de goddelijke volheid lichamelijk
aanwezig” (Kolossenzen. 2: 9). Dit is wat we de 'menswording'
noemen. Er zijn verhalen over belangrijke mensen en koningen, die zich
vermommen in vodden om zo onder de arme mensen te kunnen zijn. Zonder
de mensen af te schrikken met hun pracht en praal kunnen ze de noden
van het volk leren kennen om de goede hulp te geven. Wij bewonderen
zulke machthebbers en we prijzen hen voor hun nederigheid en nobel
hart. Hoe belangrijker de persoon, hoe meer nobelheid hij vertoont in
zijn nederige houding.
Maar wie is de grootste van
allemaal? Is dat niet God, de almachtige? En wie is de meest nobele? Is
hij dat niet, die alle mensen geschapen heeft? Samenvattend zeggen wij
- en God verklaart het ondubbelzinnig - dat God één is!
Maar zijn eenheid is niet hetzelfde als die van de mensen, omdat hij
geen beperkingen kent. En het menselijk brein kan de diepte van zijn
wezen niet bevatten. Daarom past het de mens om vol ontzag te staan als
hij nadenkt over wat God over zichzelf heeft geopenbaard.
Wat God geopenbaard heeft
De mens kan God niet waarlijk
kennen tenzij door goddelijke openbaring. Het is voor de begrensde
geest van de mens niet mogelijk om de natuur van de oneindige God te
doorgronden. Daarom was het nodig dat God zichzelf openbaarde via
geschriften, die door hemzelf werden geïnspireerd. Hij bewaart
deze woorden en beschermt ze tegen elke poging om ook maar
één woord of één letter te veranderen. Het
is zeker dat Gods Woord voor eeuwig zal standhouden, zoals de profeet
lang geleden al zei: “HEER, voor eeuwig staat uw woord in de
hemel vast. ” (Psalm 119:89). En in het nieuwe testament spreekt
van: “ Het levende en blijvende woord van God en het woord van de
Heer blijft eeuwig bestaan ” (1 Petrus 1:23).
De natuur van de Godheid
Voordat Christus ten hemel
voer, gaf hij zijn discipelen een opdracht met de woorden: “Mij
is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde. 19 Ga dus op weg en
maak alle volken tot mijn leerlingen, door hen te dopen in de naam van
de Vader en de Zoon en de heilige Geest”(Matteüs 28:18-19).
Merk op dat hij niet tegen hen zei: 'in de namen van de Vader en de
Zoon en de heilige Geest.' Hij zei 'in de naam', want het is
één naam - de heerlijke naam van de ene en enig ware en
levende God.
Misschien zijn er mensen, die
protesteren en zeggen: Hoe kan dat? Hoe kan drie hetzelfde zijn als
één? Dit protest komt voort uit de grote fout om de
Godheid te willen vangen binnen de regels van natuur- en wiskunde.
Daarin ligt de vergissing en de oorzaak van deze verwarring. De
almachtige God, die de natuur schiep, natuurkundige regels opstelde en
andere natuurwetten ontwierp, staat Zelf altijd boven dergelijke
wetten. We kunnen niet en moeten niet proberen de regels in de
schepping toe te passen op geestelijke kwesties.
Vader, Zoon en heilige Geest: één God
De bijbel vertelt ons dus
glashelder dat er maar één God is. Laten we nu kijken hoe
dat overeenkomt met de vermelding van Vader, Zoon en Geest zoals we dat
aantreffen op zeven verschillende plaatsen in de bijbel.
“door hen te dopen in de
naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest”(Matteüs
28:19) Zoals we al zagen gaat dat om één naam van
één God.|
Over de ware gelovigen, die
Christus hebben ontvangen in hun hart en geestelijk opnieuw zijn
geboren, zegt Christus: ‘27 Mijn schapen luisteren naar mijn
stem, ik ken ze en zij volgen mij. 28 Ik geef ze eeuwig leven: ze
zullen nooit verloren gaan en niemand zal ze uit mijn hand roven. 29
Wat mijn Vader mij gegeven heeft gaat alles te boven, niemand kan het
uit de hand van mijn Vader roven, 30 en de Vader en ik zijn
één.’ ” (Johannes 10: 27-30)
“8 Daarop zei Filippus:
‘Laat ons de Vader zien, Heer, meer verlangen we niet.’ 9
Jezus zei: ‘Ik ben nu al zo lang bij jullie, en nog ken je me
niet, Filippus? Wie mij gezien heeft, heeft de Vader gezien. ... 10
Geloof je niet dat ik in de Vader ben en dat de Vader in mij is? ...
maar de Vader die in mij blijft, doet zijn werk door mij. (Johannes 14:
8-10)
“Maar u leeft niet zo. U
laat u leiden door de Geest, want de Geest van God woont in u. Iemand
die zich niet laat leiden door de Geest van Christus behoort Christus
ook niet toe.” (Romeinen. 8:9) Met hem wordt Christus bedoeld. De
heilige Geest van God wordt hier dus ook de Geest van Christus genoemd,
vanwege de eenheid van God.
“ Maar het is zoals
geschreven staat: ‘Wat het oog niet heeft gezien en het oor niet
heeft gehoord, wat in geen mensenhart is opgekomen, dat heeft God
bestemd voor wie hem liefheeft.’ 10 God heeft ons dit geopenbaard
door de Geest, (...) 13 Daarover spreken wij, ...., maar zoals de Geest
het ons leert” (1 Korintiërs 2: 9-13). In de bijbel wordt de
heilige Geest dus herhaaldelijk Gods Geest genoemd.
“3 Maar Petrus zei:
‘Ananias, waarom heb je je door Satan laten misleiden en heb je
de heilige Geest bedrogen (…) Niet de mensen heb je bedrogen,
maar God zelf.” (Handelingen. 5: 3-4). Hier zien we dat liegen
tegen de heilige Geest hetzelfde is als liegen tegen God, want de
heilige Geest is God en is één met de Vader en de Zoon.
Jezus zei tot hen: “Maar
als ik door de Geest van God demonen uitdrijf, dan is het koninkrijk
van God bij jullie gekomen.” (Matteüs 12:28) Dus we zien dat
de Zoon in de Vader is, en de Vader in de Zoon. De heilige Geest is de
Geest van God en hij is de Geest van Christus. Er zijn ook verzen, die
beginnen met: ”Zo spreekt de Heer”terwijl dat vers ergens
anders staat aangehaald met: “Zo spreekt de heilige Geest.”
Zo zien we dus dat de bijbel
ons leert dat God een is, en dat de Vader, de Zoon en de heilige Geest
de ene en enig ware en levende God zijn. De moeilijkheid is de
beperktheid van het menselijk verstand, en de verkeerde poging om God
te analyseren zoals we dat met materie doen. De wetten van natuurkunde
en scheikunde zijn toepasbaar op materie, maar moeten niet en kunnen
niet op God toegepast worden.
Wat “Vader en Zoon” betekent
Geen verstandig mens zou ooit
bedenken dat God een vrouw of een minnares nam. Zo'n uitspraak zou
zelfs erg godslasterlijk zijn. God is niet een mens zoals wij. Daarom
houdt een christen zich verre van die gedachte. De bijbel zegt:
“want God is Geest, dus wie hem aanbidt, moet dat doen in Geest
en in waarheid.” (Johannes 4:24). Met andere woorden: de
aanbidding van God moet niet gebonden zijn aan aardse rituelen, regels,
plaatsen en posities. Dit laat de context van Johannes 4:19-26
duidelijk zien.
Het zoonschap van Christus is
niet een fysieke relatie of het resultaat van voortplanting, maar het
is een geestelijke relatie met God de Vader. Het duidt de eenheid in
natuur en wezen aan. We merken op dat het niet de christenen waren die
Christus de Zoon van God noemden, maar het was God zelf die Jezus zijn
Zoon noemde:
28 Gabriël ging haar huis
binnen en zei: ‘Gegroet Maria, je bent begenadigd, de Heer is met
je.’ 29 Ze schrok hevig bij het horen van zijn woorden en vroeg
zich af wat die begroeting te betekenen had. 30 Maar de engel zei tegen
haar: ‘Wees niet bang, Maria, God heeft je zijn gunst geschonken.
31 Luister, je zult zwanger worden en een zoon baren, en je moet hem
Jezus noemen. 32 Hij zal een groot man worden en Zoon van de
Allerhoogste worden genoemd, (...) 35 De engel antwoordde:‘De
heilige Geest zal over je komen en de kracht van de Allerhoogste zal je
als een schaduw bedekken. Daarom zal het kind dat geboren wordt, heilig
worden genoemd en Zoon van God. (Lucas 1: 28-35).
Toen Christus gedoopt werd
door Johannes de Doper (bij de meeste Arabieren bekend als Jahja Ibn
Zakarijja), werd de hemel geopend en een stem kwam uit de hemel en
sprak: “Jij bent mijn geliefde Zoon, in jou vind ik
vreugde.” (Lucas 3:22/ Marcus 1:11/ Matteüs 3:17).
Over deze gebeurtenis schrijft
Johannes de Doper: “En dat heb ik gezien, en ik getuig dat hij de
Zoon van God is.” (Johannes 1:34).
Toen Christus drie van zijn
discipelen meenam naar een hoge berg, verschenen twee profeten, Mozes
en Elia, aan hen: “5 Hij [Petrus] was nog niet uitgesproken, of
de schaduw van een stralende wolk gleed over hen heen, en uit de wolk
klonk een stem: ‘Dit is mijn geliefde Zoon, in hem vind ik
vreugde. Luister naar hem!’ 6 Toen de leerlingen dit hoorden,
wierpen ze zich neer en verborgen uit angst hun gezicht. 7 Jezus kwam
dichterbij, raakte hen aan en zei: ‘Sta op, jullie hoeven niet
bang te zijn.’” (Matteüs 17:1-8/ Marcus 9: 7/ Lucas 9:
35).
Er zijn veel andere
bijbelverzen die verklaren dat Jezus Christus de Zoon van God is. Dat
zoonschap geeft uitdrukking aan een goddelijke verbondenheid die het
menselijk verstand te boven gaat. Daarom zegt de bijbel
ook:“Ongetwijfeld is dit het grote mysterie van ons geloof: Hij
is geopenbaard in een sterfelijk lichaam” (1 Timoteüs 3:16).
We zien dus dat: de Vader is God, de Zoon is God en de heilige Geest is
God. De Vader en de Zoon en de heilige Geest, ook wel de
Drieënigheid genoemd, zijn allen samen één God. Dat
is een goddelijke waarheid, en iedereen die dat ontkent, maakt God tot
een leugenaar. Maar wie het gelooft, vindt daarin een eeuwige
blijdschap en een grote zegen, zoals we nu zullen zien.
De Drieëne God en de verlossing van de mens
Het is duidelijk dat voor wat
betreft de mens zich zorgen maakt, het belangrijkste voor hem is om de
vergeving van zonden te ontvangen, zodat hij daardoor een plaats
ontvangt in de hemel en niet wordt veroordeeld tot de hel. God zei van
zichzelf, dat hij een “rechtvaardig en reddende God” is
(Jesaja 45:21). Maar hoe kan God rechtvaardig zijn - dat is heilig en
recht,en iemand die de zonden straft - en toch ook een verlosser, die
de mensen bevrijdt van zonden en straf? Met andere woorden: hoe kan hij
volmaakt rechtvaardig en tegelijk ook volmaakt genadig zijn?
Hier is het menselijk verstand
hulpeloos. Het heeft er geen antwoord op. Zal God mij vergeven en zal
hij dus genadig en meelijdend zijn, of zal hij me straffen en
rechtvaardig zijn maar niet genadig? Het is voor de mensen en engelen
samen niet mogelijk om een antwoord te vinden op dit dilemma. Maar God
heeft het antwoord, en in zijn antwoord zien we zijn wijsheid en macht.
Wij zien zijn liefde en genade, en ook zijn rechtvaardigheid en
heiligheid.
Menselijke oplossingen voor
dit probleem gaan allemaal mank en leiden tot de verdoemenis van de
mens, want zonde is een zeer serieuze zaak in Gods ogen. Zonde is een
belediging voor God want het is ongehoorzaamheid jegens hem. Wanneer je
een gewoon persoon beledigt, kun je er met een kleine straf vanaf
komen. Maar als je een koning of president beledigt, wordt de straf
veel zwaarder. Hoe veel erger is het wanneer je God ongehoorzaam bent
in gedachten, woorden of daden? Het is een volkomen foute gedachte dat
God de goede en verkeerde daden van de mens tegen elkaar afweegt en zo
de balans opmaakt. Allereerst is het fout, omdat op die manier goede
daden van de mensen geëist worden, en daarmee zijn het nog geen
gunsten voor God. Goede daden wissen de overtredingen niet uit. Zo
werkt het niet in menselijke wetten en ook niet in Gods wet. Ten
tweede, als zo'n idee al waar zou zijn, zou dat betekenen dat we het
gewicht moeten weten dat God aan elke zonde toekent. We zouden moeten
weten hoeveel een leugen, een verkeerde gedachte of hooghartigheid
weegt. En zo zouden we dat moeten weten van al die ontelbare zonden.
Hij die gelooft dat zijn goede daden tegen zijn zonden opwegen of ze
zelfs uitwissen, zal uiteindelijk alleen ontdekken dat hij voor eeuwig
verloren is. Wat is dan de oplossing van dit probleem, en hoe kan God
een “rechtvaardig God en een redder” tegelijk zijn? Het
antwoord is de menswording van Christus.
De menswording van Christus
We hebben gezien dat de bijbel
getuigt dat Christus de Zoon van God is, en we hebben uitgelegd dat dit
zoonschap niet een fysiek zoonschap noch het gevolg van voortplanting
is, want God is Geest. Het is een geestelijke en goddelijke relatie dat
het menselijk verstand te boven gaat. Maar we moeten ook onthouden dat
Christus echt en volledig mens is geworden. Hij zei van zichzelf:
“zoals de Mensenzoon niet gekomen is om gediend te worden, maar
om te dienen en zijn leven te geven als losgeld voor velen.”
(Matteüs 20:28). Christus kwam dus niet alleen om te onderwijzen
en wonderen te doen, hoewel hij zowel het ene als het andere heeft
gedaan. Hij kwam in de eerste plaats om ons te verlossen van de straf
door voor ons te sterven. Dit vereiste dat hij echt mens werd, zodat
hij werkelijk in onze plaats kon sterven. Dat is de reden van de
menswording van Christus.
Er zijn twee redenen waarom
niet iemand anders ons zou kunnen redden. Ten eerste, de verlosser moet
iemand zijn die nog nooit heeft gezondigd, anders zou hij genoeg hebben
aan het dragen van zijn eigen straf. Christus is de enige die nooit
zondigde. Al de ware profeten werden beschermd tegen het maken van
fouten in hun onderwijzingen en profetieën, maar niet in hun eigen
persoonlijke levens. Zij allen zondigden. Koning David zei: “5 Ik
ken mijn wandaden, ik ben mij steeds van mijn zonden bewust, 6 tegen u,
tegen u alleen heb ik gezondigd, ik heb gedaan wat slecht is in uw
ogen.” (Psalm 51:5-6). Maar over Christus getuigt de bijbel dat
hij “heilig, schuldeloos en zuiver is, van de zondaars
afgescheiden en ver boven de hemel verheven.”is (Hebreeën
7:26) De bijbel spreekt ook van hem als “die geen enkele zonde
beging en over wiens lippen geen leugen kwam.”(1 Petrus 2:22)
Verder dat hij “ de zonde niet kende ” (2 Korintiërs
5:21) en dat “Jezus verschenen is om de zonden weg te nemen; er
is in hem geen zonde. ” (1 Johannes 3:5). Hij is de enige
Verlosser; al de anderen hebben verlossing nodig.
Ten tweede, Christus is niet
enkel een profeet of apostel. Hij is God, verschenen in het vlees -
zowel God als mens. Hij is de Zoon van God, en de Zoon des mensen.
Daarom is zijn dood van oneindige waarde. Door zijn dood kan hij
iedereen verlossen, die in hem gelooft: “ Hij is het die
verzoening brengt voor onze zonden, en niet alleen voor die van ons,
maar voor de zonden van de hele wereld. ” (1 Johannes 2:2).
Christus is God en mens. En God is uiteraard onsterfelijk. Degene, die
stierf, is de volle mens, Jezus Christus, die God in alles diende, en
die zei dat hij kwam om zijn leven te geven als een losprijs voor
velen.
De dood van Christus is wat
ons betreft een vaststaand feit, dat tenminste vier onfeilbare bewijzen
kent. In de eerste plaats spraken de profeten erover, honderden jaren
voordat Christus op aarde kwam. Deze profetieën staan nog steeds
in het oude testament, het heilige boek van de joden. Zij hebben, noch
konden daar een enkel woord uit verwijderen. In de tweede plaats
Christus vertelde zijn discipelen vòòr zijn dood
herhaaldelijk, dat de joden hem zouden doden en dat hij op de derde dag
weer op zou staan. In de derde plaats is het voor ons beschreven door
ooggetuigen. Tenslotte, de bijbel maakt de bijbel, zowel in het oude
als in nieuwe testament, duidelijk dat Christus' dood de enige weg is
voor de mens zijn redding.
Nu komen we bij de rol van
Vader, Zoon en heilige Geest in de redding van de mens. De bijbel zegt
dat “Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft
gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar
eeuwig leven heeft.” (Johannes 3:16). We zien dus dat de Vader
van de mensen houdt en wil dat ze gered worden, de Zoon bereid was de
prijs voor die verlossing te betalen. De heilige Geest maakt het
geweten van de mens bewust en overtuigt hem van zijn zonden (Johannes
16:7-8), zodat hij Christus zal aannemen als redder. Dus God redt de
mens door zijn liefde, maar niet ten koste van zijn heiligheid en
rechtvaardigheid. Er is geen andere verlossing dan door God -Vader,
Zoon en heilige Geest- de enige ware en levende God.


















